2008.10.19

Spel en ontwikkeling

Auteur: Frea Janssen-Vos
Titel: Spel en ontwikkeling. Spelen en leren in de onderbouw.
Uitgeverij: Koninklijke Van Gorcum/APS
Plaats: Assen/Utrecht
Jaar: 2004
Pagina's: 198
ISBN-13: 978-90-232-4003-7
Prijs: € 27,-

spel en ontwikkelingSpel en ontwikkeling is een boek dat door iedereen moet gebruikt worden die door middel van spel de ontwikkeling van kinderen uit de kleuterklas wil stimuleren. Zeker voor kinderen uit achterstandssituaties kunnen de doordachte activiteiten uit dit boek een grote meerwaarde hebben. Ook dit boek is een onderdeel van het onderwijsconcept Ontwikkelingsgericht onderwijs zoals het werd uitgewerkt door het Nederlandse onderwijsbureau APS. Wie hierover meer wil weten, mag contact opnemen met Ellen Zonneveld (e.zonneveld@aps.nl). Zij geeft je graag alle nodige informatie.

Het uitgangspunt van dit boek is duidelijk: anders dan vroeger, kunnen kinderen van nu vaak niet meer spelen. Het is de taak van de volwassenen om hen dat spelvermogen terug te geven. Waarom? Omdat er in een goed ontwikkeld spel heel veel gebeurt:

  • Kinderen worden sociaal vaardiger.
  • Kinderen leren de taal gebruiken.
  • Kinderen gebruiken en ontwikkelen hun voorstellingsvermogen. 

Kortom, door het spel ontwikkelen ze zich op sociaal-emotioneel en cognitief gebied.

Het eerste hoofdstuk van het boek bestaat uit praktijkvoorbeelden die meteen geduid worden en rijkelijk geïllustreerd zijn. Meteen worden ook de twee niveaus waarop het boek geschreven werd duidelijk: het eerste niveau is dat van het jonge kind, het tweede dat van de leerkracht. Deze twee niveaus zijn verder in alle hoofdstukken van het boek expliciet aanwezig. Het tweede hoofdstuk sluit hier onmiddellijk op aan en geeft een meer theoretische achtergrond voor het spelen en de spelactiviteiten. De conclusies van dit tweede hoofdstuk spreken voor zichzelf:

  • Volwassenen doen ertoe: spelen heeft een ontwikkelende waarde als leerkrachten spelactiviteiten organiseren en dat spel begeleiden in de richting die zij belangrijk vinden.
  • Begeleide activiteiten bevorderen de ontwikkeling meer dan het vrije spel, omdat begeleide activiteiten zich kunnen richten op de zone van de naaste ontwikkeling. Daardoor garanderen ze een meer intense stimulering van de ontwikkeling.
  • Samen spelen is zeer belangrijk. Kinderen leren meer uit het contact met elkaar dan uit individueel spel. Ze leren ook om te communiceren, taal te gebruiken en hardop na te denken.

De volgende hoofdstukken richten zich telkens op een bepaald ontwikkelingsaspect en zijn relatie met het spel. Volgende thema's komen aan bod:

  • Manipuleren en bewegend spel.
  • Rollenspel.
  • Constructiespel.
  • Thematisch spel.

De structuur is telkens hetzelfde. Eerst wordt de relatie tussen het soort spel en de ontwikkeling scherpgezet. Daarna worden de mogelijke ontwikkelingsgerichte spelactiviteiten heel concreet beschreven. Ook het aandeel van de leerkracht in het beschreven soort spel wordt toegelicht. Er wordt aangegeven wat de mogelijkheden zijn om te observeren tijdens het spel en hoe een en ander kan geregistreerd worden.

In het zevende en laatste hoofdstuk wordt het boek als het ware nog eens geannoteerd samengevat. Hierbij is er speciale aandacht voor de noodzakelijke leerkrachtvaardigheden enerzijds en de opbrengsten van spel als didactische en inhoudelijk middel anderzijds.

Een waardevol boek!

afdrukken

15:14 Gepost door Lieven Coppens in APS, Van Gorcum | Permalink | Tags: aps, basisonderwijs, gok, kleuteronderwijs, kleuters, observeren, onderbouw, ontwikkeling, peuters, spelontwikkeling, stimuleren, taalontwikkeling, zorg | |

2008.07.18

HOREB-PO

Auteur: Frea Janssen-Vos & Bea Pompert
Titel: HOREB-PO. Handelingsgericht Observeren, Registreren en Evalueren van Basisontwikkeling
Uitgeverij: Koninklijke Van Gorcum/APS
Plaats: Assen/Utrecht
Jaar: 2007
Pagina's: 60 + webapplicatie
ISBN-13: 978-90-232-4343-4
Prijs: € 140

horeb-poEerder dit jaar besprak ik op deze blog het boek Startblokken van Basisontwikkeling en Basisontwikkeling in de onderbouw. [Horeb-PO is het observatie- en planningssysteem dat daarbij hoort. Dit systeem bevat naast aanwijzingen ook instrumenten die door de kleuterleerkrachten kunnen gebruikt worden om ontwikkelingsgericht te werken. Dit instrument bestaat uit een papieren handleiding en een webapplicatie waarmee men alle observaties per kleuter (en per klas) kan registreren. Deze webapplicatie is enkel toegankelijk voor wie het systeem zelf eerst aangekocht heeft. Dit systeem bestaat al enkele jaren en werd onlangs vernieuwd. Voor Vlaanderen is dit systeem een inspirerend werk, zeker nu het handelingsgericht werken op de basisschool vanuit verschillende hoeken gepromoot wordt. Het kan ook een aanzet zijn om eens buiten de gebaande wegen van welbevinden en betrokkenheid te onderzoeken welke mogelijkheden er toch zijn. We bespreken dit systeem aan de hand van de handleiding. Wie meer wil weten over dit systeem kan en mag contact opnemen met Ellen Zonneveld. Zij geeft je graag alle nodige informatie.

In het inleidende gedeelte leggen de auteurs uit wat men moet verstaan onder basisontwikkeling. Ze doen dat aan de hand van de belangrijkste kenmerken:

  • de brede persoonlijkheidsontwikkeling, geconcretiseerd in 3 lagen:
    • de psychologische voorwaarden voor ontwikkeling en leren
    • de brede persoonlijkheidsontwikkeling doorheen het hele menselijke handelen
    • de specifieke kennis en vaardigheden die nodig zijn voor een brede ontwikkeling
  • een op spel georiënteerd werkplan met de volgende kernactiviteiten
    • manipulerend spel en rollenspel
    • constructiespel en beeldende activiteiten
    • gespreksactiviteiten
    • lees- en schrijfactiviteiten
    • reken- en wiskundeactiviteiten
  • de leerkracht als bemiddelaar die
    • het onderwijsaanbod ontwikkelt en plant
    • zorgt voor een sterke pedagogische basis
    • deelneemt aan de activiteiten en begeleiding en instructie geeft
    • reflecteert op de activiteiten van de kinderen en de eigen rol daarin
  • het thematische onderwijs en het thematiseren

Verder wordt er een kort overzicht gegeven van de verschillende instrumenten:

  • het activiteitenboek
  • de observatiemodellen
  • de registratiemodellen
  • de evaluatie-instrumenten

In het eerste hoofdstuk hebben de auteurs het over het ontwerpen, voorbereiden en plannen van het aanbod. Ze lijsten de vragen op die een kleuterleerkracht zich samen met zijn collega's moet stellen bij het kiezen en uitwerken van nieuwe thema's en leggen ze uit hoe je het aanbod dan moet plannen én tussentijds bijsturen.

Het tweede hoofdstuk verduidelijkt hoe je de basisontwikkeling van jonge kinderen kunt observeren, welke modellen je daarvoor kunt gebruiken en wat je nu precies kunt observeren. Het derde hoofdstuk legt dan uit hoe je de observatiegegevens kunt registreren, wat je er als leerkracht voor jezelf kunt uithalen en hoe je dit dan vertaalt in een nieuw aanbod.

Het vierde hoofdstuk gaat over het evalueren: wat hebben de inspanningen nu opgebracht? De auteurs staan stil bij de eerste evaluatie na 3 maanden, de halfjaarlijkse evaluatie en het gebruik van toetsen. Er wordt ook nagedacht over de verslaggeving en het doorgeven van de bevindingen.

Het vijfde hoofdstuk staat kort stil bij de invoering van Horeb, het zesde hoofdstuk bij de vernieuwingen die Horeb ondergaan heeft.

Samen met de boeken Startblokken van Basisontwikkeling en Basisontwikkeling in de onderbouw is dit instrument een zeer waardevolle inspiratiebron, een boeiend naslagwerk en een aantrekkelijk doe-boek voor iedereen die de ontwikkeling van de jonge kinderen nog beter wil volgen en vooral stimuleren.

afdrukken

12:00 Gepost door Lieven Coppens in APS, Van Gorcum | Permalink | Tags: aps, gok, kleuters, observeren, ontwikkeling, peuters, spelontwikkeling, stimuleren, taalontwikkeling, zorg, onderbouw, basisonderwijs, kleuteronderwijs | |

2008.07.11

Basisontwikkeling in de onderbouw

Auteur: Frea Janssen-Vos & Bea Pompert
Titel: Basisontwikkeling in de onderbouw
Uitgeverij: Koninklijke Van Gorcum/APS
Plaats: Assen/Utrecht
Jaar: 2003
Pagina's: 240
ISBN-13: 978-90-232-3257-7
Prijs: € 29,90

basisontwikkeling in de onderbouwDit boek gaat verder op de geestdrift van Startblokken van Basisontwikkeling en is een werk dat eveneens door iedereen moet gebruikt worden die de ontwikkeling van jonge kinderen actief wil stimuleren. Zeker in die klassen/scholen waar er kinderen uit achterstandssituaties zitten, kan men dit boek heel goed aanwenden. Het boek zelf is slechts één onderdeel van het onderwijsconcept Ontwikkelingsgericht Onderwijs zoals het werd uitgewerkt door het Nederlandse onderwijsbureau APS. Wie meer wil weten over dit onderwijsconcept kan en mag contact opnemen met Ellen Zonneveld. Zij geeft je graag alle nodige informatie.

Basisontwikkeling in de onderbouw is geschreven voor de kinderen uit de tweede en derde kleuterklas en het eerste en tweede leerjaar. Het uitgangspunt van dit boek wordt ruim geschetst in het eerste hoofdstuk.

In het tweede hoofdstuk geven de auteurs toelichting bij het onderwijspedagogisch concept van het Ontwikkelingsgericht Onderwijs. Ze geven een antwoord op de volgende vragen:

  • Wat zijn de inspiratiebronnen voor het Ontwikkelingsgericht Onderwijs?
  • Wat zijn de ontwikkelingstheoretische uitgangspunten?
  • Wat zijn de onderwijspedagogische uitgangspunten?
  • Hoe kun je ontwikkelingsgericht werken aan basisontwikkeling?

Het derde hoofdstuk geeft zeer concreet en uitgebreid uitleg bij de doelen van het Ontwikkelingsgericht Onderwijs, met als basisdoelen:

  • emotioneel vrij zijn
  • zelfvertrouwen
  • nieuwsgierigheid

Deze basisdoelen zijn noodzakelijke voorwaarden om te komen tot een brede ontwikkeling waardoor kinderen gaandeweg meer zelfstandig worden. Hiervoor moet men aandacht hebben voor een aantal competenties maar ook voor de onder- en naastliggende specifieke kennis en vaardigheden. Het uiteindelijke doel is immers de emancipatie van deze kinderen.

Het vierde hoofdstuk lijst die vijf kernactiviteiten op die het bereiken van de beschreven doelen moet mogelijk maken. Het zijn:

  • de spelactiviteiten
  • de constructieve en beeldende activiteiten
  • de gespreksactiviteiten
  • de lees- en schrijfactiviteiten
  • de reken- en wiskunde activiteiten

Alle kernactiviteiten worden toegelicht met een voorbeeld uit de praktijk, hun specifieke waarde, de ontwikkelingsprocessen die parallel lopen met de ontwikkeling van de spelactiviteit, een greep uit het mogelijke activiteitenaanbod en de bespreking van de rol van de leerkracht bij dit alles.

De rol van de leerkracht wordt trouwens hernomen in het uitgebreide vijfde hoofdstuk. Niet alleen de ontwikkelingsgerichte principes zoals onder andere de zone van de naaste ontwikkeling komen hier aan bod, maar ook de pedagogische basis van het leerkracht zijn en het ontwerpen van een gepast onderwijsaanbod. Het didactische handelingsmodel met zijn vijf mogelijke leerkrachtimpulsen verduidelijkt hier veel.  Dit model doet trouwens een beroep op het pedagogisch-didactisch handelen van de leerkracht, meer bepaald op een aantal specifieke vaardigheden.

Het zesde hoofdstuk is helemaal gewijd aan het observeren, registreren en evalueren van de basisontwikkeling. Het zevende hoofdstuk legt dan weer haarfijn uit hoe je dit alles moet organiseren. Deze hoofdstukken laten zich omwille van hun compact- en concreetheid zeer moeilijk samenvatten.  Lezen dus!

Het achtste en laatste hoofdstuk, Basisontwikkeling Plus, onderstreept de nood aan een verbreding én een verdieping van het concept van de Basisontwikkeling op diverse terreinen.

afdrukken

12:00 Gepost door Lieven Coppens in APS, Van Gorcum | Permalink | Tags: aps, gok, kleuters, observeren, ontwikkeling, spelontwikkeling, stimuleren, taalontwikkeling, zorg, onderbouw, basisonderwijs, kleuteronderwijs | |

2008.05.10

Startblokken van basisontwikkeling

Auteur: Frea Janssen-Vos & Bea Pompert
Titel: Startblokken van Basisontwikkeling. Een goed begin voor peuters en jongste kleuters.
Uitgeverij: Koninklijke Van Gorcum/APS
Plaats: Assen/Utrecht
Jaar: 2003
Pagina's: 217
ISBN-13: 978-90-232-3704-4
Prijs: € 33,50

startblokken van basisontwikkelingStartblokken van Basisontwikkeling is een boek dat door iedereen moet gebruikt worden die de ontwikkeling van peuters en kleuters tot 4 jaar actief willen stimuleren. Zeker in die klassen/scholen waar er kinderen uit achterstandssituaties zitten, kan men dit boek heel goed aanwenden. Het boek zelf is slechts één onderdeel van het onderwijsconcept Ontwikkelingsgericht onderwijs zoals het werd uitgewerkt door het Nederlandse onderwijsbureau APS. Wie meer wil weten over dit onderwijsconcept kan en mag contact opnemen met Ellen Zonneveld. Zij geeft je graag alle nodige informatie.

Het uitgangspunt van dit onderwijsconcept is dat je kansen van kinderen niet kunt vergroten door alleen maar uit te gaan van wat ze later zullen nodig hebben in het onderwijs of in de samenleving. Het is de taak van de volwassenen om het hier en nu van die kinderen zo stimulerend, uitdagend en inspirerend te maken en hen te helpen om dat te doen wat ze graag willen doen. Zij zijn als het ware de mediatoren die kinderen helpen en sturen naar de ontwikkelings- en leerprocessen die er aan komen. Een goed begin voor peuters en jongste kleuters betekent dan dat:

  • kinderen geholpen worden om te doen wat ze zelf willen en (bijna) kunnen in activiteiten die gericht zijn op hun persoonsontwikkeling
  • hun betrokkenheid, interesse en motivatie gestimuleerd wordt
  • er bemiddeld wordt tussen wat kinderen zelf belangrijk vinden en wat de volwassene nodig vindt voor een optimale ontwikkeling
  • kinderen, leerkrachten en ouders de ontwikkeling en het leren samen opbouwen

Concreet betekent dit dat de volwassenen meer doen dan enkel maar de ontwikkeling volgen. Ze zijn de ontwikkeling van de kinderen altijd één stap vooruit en leiden hen naar de volgende stap in hun ontwikkeling. Dit betekent dat men uitgaat van een visie waarbij de ontwikkeling van kinderen in doorgaande lijnen wordt uitgezet doorheen de volledige basisschool. En hierin ligt juiste de grote waarde voor kinderen in achterstandssituaties. Door deze kijk op onderwijs krijgen ook zij de stimulans, motivatie en betrokkenheid die ze anders zouden missen. Dit alles wordt nog uitgebreider beschreven in het eerste hoofdstuk.

Het tweede hoofdstuk gaat uitgebreid in op de ontwikkeling van peuters en jongste kleuters. Heel specifiek blijft het stilstaan bij de spelontwikkeling, de sociale ontwikkeling, de taalontwikkeling en de beginnende geletterdheid als de belangrijkste kenmerken van de ontwikkeling. Het derde hoofdstuk beschrijft dan op welke manier dit allemaal kan verwerkt worden in een pedagogisch werkplan. Een van de belangrijktse bouwstenen van dit werkplan zijn de doorgaande lijnen.

Het vierde hoofdstuk bespreekt het activiteitenaanbod voor de peuters en jongste kleuters. De kernactiviteiten voor die periode zijn de spelactiviteiten, het constructief spel en het werken met verhalen, boeken en teksten. De ontwikkelingsperspectieven die hierbij zijn uitgetekend maken voor mij het boek extra waardevol: ze verduidelijken niet alleen waarom men met iets bezig is, maar tonen glashelder aan dat hier de fundamenten gelegd worden voor de volledige latere ontwikkeling. Daarnaast beschrijft men in dit hoofdstuk zeer uitgebreid hoe men dit alles op een praktische manier in de klas kan uitwerken.

Het pedagogisch en didactisch handelen is het onderwerp van het vijfde hoofdstuk. Centraal hierbij staan de volgende aspecten, met als rode draad de actieve betrokkenheid van de leerkracht:

  • een veilige basis en een goed contact
  • het ontwerpen en plannen van activiteiten
  • het organiseren van activiteiten
  • het begeleiden en leiden van activiteiten
  • de taalverwerving en het Nederlands als tweede taal

Dit hoofdstuk is zo rijk dat het zich onmogelijk laat samenvatten.

Het zesde hoofdstuk gaat dieper in op het observeren, registreren en evalueren van de ontwikkeling van de kinderen. Centraal hierbij staan de observatiemodellen: men geeft aan hoe men naar de ontwikkeling kan kijken. Screeningslijsten waarbij men kruisjes moet zetten hebben hierin geen plaats.

Wie zich afvraagt hoe men dit alles moet vorm geven, kan terecht in het zevende hoofdstuk. Hier gaat men dieper in op de organisatie van een dergelijke manier van werken. Hierbij aansluitend gaat het achtste hoofdstuk dieper in op de plaats van de ouders bij dit alles. Het laatste hoofdstuk benadrukt de noodzaak van het verderzetten van deze manier van werken in het vervolgonderwijs.

Dit boek heeft ook het Vlaamse onderwijs heel wat te bieden. Het toont nog maar eens aan dat men vanaf de peuterklas preventief en proactief kan werken. Op die manier is het boek zeker ook aan te bevelen in het kader van de gelijke onderwijskansen. De inhoud zelf is een mooi uitgebalanceerde mengeling van theorie en praktijk en daardoor niet alleen geschikt voor de leerkrachten zelf, maar ook voor alle onderwijsbegeleiders die willen bijdragen tot het stimuleren van de ontwikkeling van jonge kinderen.

afdrukken

12:31 Gepost door Lieven Coppens in APS, Van Gorcum | Permalink | Tags: kleuteronderwijs, ontwikkeling, taalontwikkeling, spelontwikkeling, peuters, kleuters, stimuleren, aps, zorg, observeren, gok | |