2009.05.29

Toetspakket Beginnende geletterdheid

Auteur: Cor Aarnoutse (red.), Joke Beerninck & Wim Verhagen
Titel: Toetspakket Beginnende geletterdheid
Uitgeverij: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: 2008
Pagina's: -
ISBN-13: 978-90-6508-597-9
Prijs: € 95,00

toetsenbeg.geletterdheidOm goed te leren lezen in het eerste leerjaar (groep 3) is het van belang dat de kinderen al in de 2e en 3e kleuterklas (groepen 1 en 2) kennis hebben gemaakt met klanken en letters. De map Fonemisch bewustzijn van het CPS voorzag al in gebruiksklaar materiaal om daar systematisch aan te werken.

Het Toetspakket Beginnende geletterdheid van het CPS is de ideale - om niet te zeggen: noodzakelijke - aanvulling op deze map. Dit pakket biedt toetsen aan om mogelijke taalzwakke kinderen op te sporen. Het geheel bestaat uit 10 kindvriendelijke toetsen die de beginnende geletterdheid van kinderen vertaalt naar de volgende domeinen:

  • woordenschat
  • fonologisch bewustzijn
  • letterkennis
  • benoemsnelheid

Alle toetsen zijn genormeerd. Hierdoor kunnen de resultaten in om het even welk kindvolgsysteem verwerkt worden. Aangezien er in Vlaanderen in de kleuterklas echter niet zo systematisch aan de beginnende geletterdheid gewerkt wordt dan in Nederland, is voorzichtigheid bij de interpretatie van bepaalde onderdelen wel geboden. Nederland heeft immers de Tussendoelen beginnende geletterdheid die uitgewerkt werden door het Expertisecentrum Nederlands en die in weinig te vergelijken zijn met de aanbevelingen voor de kleuterklas zoals deze in de ontwikkelingsdoelen en eindtermen voor het Vlaamse basisonderwijs zijn opgenomen.

De handleiding beschrijft niet alleen de aard van elke toets en de manier waarop hij dient afgenomen te worden (standaardisatie) maar ook hoe de score en het niveau van elke leerling moet berekend worden. Ze bevat de normen van de verschillende toetsen en de psychometrische gegevens.

De tien toetsen zijn:

  • analysetoets (3e kleuter/groep 2)
  • benoemsnelheid cijfers en letters (3e kleuter & 1e leerjaar/groepen 2 & 3)
  • letterkennistoets 1 (3e kleuter/groep 2)
  • letterkennistoets 2 (3e kleuter/groep 2)
  • rijmtoets (2e kleuter/groep 1)
  • synthesetoets 1 (3e kleuter/groep 2)
  • synthesetoets 2 (3e kleuter/groep 2)
  • synthesetoets 3 (1e leerjaar/groep 3)
  • woordenschattoets 1 (2e kleuter/groep 1)
  • woordenschattoets 2 (3e kleuter/groep 2)

Bij de woordenschattoetsen dient er gezegd dat het zonder uitzondering om woorden gaat die ook in Vlaanderen courant zijn.

De handleiding bevat eveneens suggesties om taalzwakke kinderen te helpen. Hierdoor heeft het geheel meteen ook een preventieve en proactieve waarde.

De boeken van uitgeverij CPS worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

17:00 Gepost door Lieven Coppens in CPS | Permalink | Tags: lezen, taal, kleuters, basisonderwijs, geletterdheid, taalbewustzijn, beginnende geletterdheid, fonemisch bewustzijn, fonologisch bewustzijn | |

2009.05.22

Dyscalculie in discussie

Auteur: Maarten Dolk & Mieke van Groenestijn (red.)
Titel: Dyscalculie in discussie
Uitgeverij: Koninklijke Van Gorcum
Plaats: Assen
Jaar: 2008 (tweede druk)
Pagina's: 84
ISBN-13: 978-90-232-4248-2
Prijs: € 15,-

dyscalculie in discussieDit boekje bevat een verzameling van artikels die geschreven werden door leden van een expertgroep die gevormd werd door de Nederlandse Vereniging tot Ontwikkeling van het Reken/Wiskunde Onderwijs (NVORWO). Alle auteurs belichten vanuit hun perspectief een aspect van dyscalculie. In zijn geheel biedt het boekje een vrij volledig overzicht van de huidige kennis over dyscalculie. Dit boekje is een aanrader voor iedereen die op een vlugge manier zijn kennis over het onderwerp wil actualiseren.

Maarten Dolk schetst in een eerste bijdrage de doelstellingen van de expertgroep. Hierbij wordt het belang van een consensus over dyscalculie benadrukt. Ook staat de auteur stil bij het doel, nut en effect van een dyscalculieverklaring.

Ernest van Lieshout brengt in zijn bijdrage enkele niet-specifieke cognitieve verklaringen van rekenstoornissen en dyscalculie onder de aandacht. Hij bespreekt een drietal recente onderzoeken waaruit volgens hem blijkt dat de moeite die kinderen bij het rekenen ervaren kunnen verklaard worden vanuit het problematisch werken van een aantal cognitieve processen zoals het gebrek aan automaticiteit en een beperkt werkgeheugen.

Erik van Loosbroek heeft het dan weer over de biologische basis van ontwikkelingsdyscalculie. Hij weerhoudt een specifiek numeriek informatieverwerkingsprobleem als verklaring voor rekenproblemen en dyscalculie.

Hans van Luit bespreekt de achtergronden, betekenis en handelingsconsequenties van dyscalculie. Hij staat in het bijzonder stil bij de ontwikkeling van het getalbegrip bij jonge kinderen om het belang van het voorbereidende en het vroege rekenen te onderstrepen. Belangrijk zijn zeker ook zijn stukjes over de diagnostiek en behandeling van rekenproblemen.

Koeno Gravemeijer bespreekt dyscalculie en ernstige rekenproblemen vanuit het perspectief van de vakdidactiek. Bij momenten is hij zeer kritisch over het gebruik van de term dyscalculie. Dit valt beter te begrijpen als je in zijn besluit leest dat hij het betreurt dat de term dyscalculie zo veel en zo gemakkelijk wordt gebruikt terwijl er heel wat mogelijke onderwijsgebonden oorzaken van rekenproblemen zijn.

Jo Nelissen pleit in zijn bijdrage voor een open onderzoek naar rekenproblemen waarbij men niet uitgaat van een theorie over dyscalculie. Hij stelt voor hierbij uit te gaan van een theorie over het leren van rekenen en wiskunde.

Annemie Desoete en Pol Ghesquière geven in hun bijdrage uitgebreid de stand van zaken in verband met de kennis en inzichten in verband met dyscalculie in Vlaanderen weer.

Mieke van Groenestijn gaat in haar bijdrage op zoek naar een antwoord op de vraag of dyscalculie een probleem is van het kind of van het onderwijs.

Het nawoord is van de hand van professor Wied Ruijssenaars. Hierin gaat hij dieper in op het gebruik van een dyscalculieverklaring.

In het laatste hoofdstukje legt Mieke van Groenestijn (onder de titel Hoe verder?) uit hoe het werk van de NVORWO zal verder gezet worden.

afdrukken

17:00 Gepost door Lieven Coppens in Van Gorcum | Permalink | Tags: leerprobleem, rekenen, dyscalculie | |

Het didactische werkvormenboek

Auteur: Piet Hoogeveen en Jos Windels
Titel: Het didactische werkvormenboek. Variatie en differentiatie in de praktijk.
Uitgeverij: Koninklijke Van Gorcum
Plaats: Assen
Jaar: 2008 (achtste druk)
Pagina's: 224
ISBN-13: 978-90-232-4067-9
Prijs: € 32,50

het didactische werkvormenboekGoed gekozen werkvormen helpen de zorg in de klas organiseren. Zij sluiten immers aan bij de inhoud van de les en doen ook recht aan de verschillen tussen de leerlingen. Dat is het uitgangspunt van dit boek. De auteurs brachten de diversiteit aan werkvormen samen. Ze beperkten zich daarbij niet tot een loutere opsomming maar droegen er tegelijk zorg voor dat het verband met de theorie zichtbaar bleef. Hierdoor vervult het boek een dubbele functie. Enerzijds is het een leerboek voor studenten in de diverse lerarenopleidingen, anderzijds is het een verfrissend naslagwerk voor leerkrachten die (al geruime tijd) in de praktijk staan.

In het eerste deel van het boek worden theorie en achtergrond uit de doeken gedaan. De auteurs bakenen het begrip didactische werkvormen nauwgezet af en leggen het verband met het pedagogische handelen (lees: opvoeding en doorgeven van waarden) en het didactisch handelen (lees: onderwijzen). Ze geven een woord uitleg bij het gebruik van groeperingvormen en de inzet van verschillende media. Verder staan ze iets uitgebreider stil bij de activerende didactiek, die zijn grondslag vindt in het constructivisme. Deze theorie houdt in dat de leerling zelf verantwoordelijk is voor zijn leerproces. Hij moet immers de eigen kennis opbouwen door nieuwe informatie te integreren in de kennis die hij al beheerst. Tot slot van het eerste deel wordt de keuze en het gebruik van didactische werkvormen besproken waarbij de keuze in functie van de beoogde lesdoelen of in functie van de verschillende lesfasen extra aandacht krijgt.

Het tweede deel staat helemaal in het teken van de verschillende werkvormen. Deze werden in de volgende categorieën ondergebracht:

  • instructievormen
  • interactievormen
  • opdrachtvormen
  • samenwerkingsvormen
  • spelvormen

Alle werkvormen worden beschreven aan de hand van acht kenmerken:

  • groepsgrootte
  • tijdsduur
  • docenttijd
  • hulpmiddelen
  • uitvoering
  • leerlingactiviteit
  • sterke kanten
  • zwakke kanten

Het boek sluit af met een zeer handige alfabetische lijst van de beschreven werkvormen. Bij elke werkvorm staat duidelijk aangegeven waarvoor deze geschikt is.

afdrukken

17:00 Gepost door Lieven Coppens in Van Gorcum | Permalink | Tags: didactiek, differentiatie, werkvormen | |

2009.05.15

Dood. Mijn boek over verdriet en verder gaan

Auteur: Atrid Tulleners
Titel: Dood. Mijn boek over verdriet en verder gaan.
Uitgeverij: Ninõ
Plaats: Amsterdam
Jaar: 2007 (tweede druk)
Pagina's: 80
ISBN-13: 978-90-8560-534-8
Prijs: € 13,50

dood - mijn boek over verdriet en verder gaanDit is een hulpboek voor kinderen van ongeveer tien jaar die geconfronteerd worden met de dood. Het wil hen helpen om deze ingrijpende gebeurtenis een plaats te geven en verder te gaan met hun leven.

In het eerste hoofdstuk staat het kind stil bij zichzelf. Het schrijft op wat het over zichzelf vindt, wat zijn talenten zijn, wat het graag en niet graag doet. Het brengt verder ook in kaart wat het zoal in een week doet.

Het tweede hoofdstuk gaat over de overledene. Aan de hand van gerichte vragen schrijft het kind neer wie is overleden en onder welke omstandigheden. Het denkt na over een aantal eigenschappen van die persoon en mag enkele herinneringen opschrijven. Tot slot van dit hoofdstuk wordt het gemis ter sprake gebracht en het vaak onbegrijpelijke van het waarom.

In hoofdstuk drie komt de dood ter sprake. Wat denkt het kind bij het woord 'dood'? Heeft het dit al eens eerder meegemaakt? Het kind wordt geholpen om het begrip dood beter te begrijpen. Er wordt ook gepeild naar wat het kind denkt dat de betekenis van het leven en de dood is.

Er zijn geen verkeerde of rare gevoelens. Dat is het uitgangspunt van het vierde hoofdstuk. Het kind krijgt hier de kans om zijn gevoelens onder woorden of tekeningen te brengen. Ook het onderwerp 'schuldgevoelens' krijgt hier een duidelijke plaats. Het kind wordt geholpen om in zijn omgeving te kijken hoe andere mensen op verschillende manieren met de dood van een geliefde omgaan en hoe het kan beluisterd worden en zelf naar anderen luisteren. Er is ook aandacht voor het feit dat men niet voortdurend verdrietig moet zijn, dat men best wel eens vrolijk mag zijn of pret hebben.

Het vijfde hoofdstuk gaat in over afscheid nemen. Het belang van bepaalde rituelen of activiteiten wordt uitgelegd. Er is eveneens uitleg bij de begrafenis zelf en het gebeuren er rond.

In het voorlaatste hoofdstuk gaat het kind op zoek naar manieren om na het afscheid verder te gaan. Wat heeft het zelf nodig? Wat kan het doen? Wat met bijzondere momenten waarbij het gemis zeer nadrukkelijk wordt aangevoeld?

Tot slot wordt er nog kort gezegd dat iemand die overleden is, niet echt vergeten wordt, ook al lijkt het soms zo.

Net zoals bij de andere helpboeken van deze auteur wordt het kind met duidelijke uitleg en een goede afwisseling van schrijf-, denk- en creatieve opdrachten geholpen om de dood van een overledene plaats te geven. Volwassenen die een kind in een dergelijke situatie willen begeleiden kunnen uit de aanpak uit dit boek inspiratie putten om hun begeleidingsproces te ondersteunen.

De boeken van uitgeverij Ninõ worden in België verdeeld door uitgeverij Epo.

afdrukken

17:00 Gepost door Lieven Coppens in Niño, SWP | Permalink | Tags: rouw, verdriet, verlies, sterven | |

Sanne. Over mishandeling en negatief zelfbeeld

Auteur: Martine Delfos
Titel: Sanne. Over mishandeling en negatief zelfbeeld.
Uitgeverij: Ninõ
Plaats: Amsterdam
Jaar: 2003 (derde druk)
Pagina's: 36
ISBN-13: 978-90-774-5501-2
Prijs: € 12,50

sanne - over mishandeling en negatief zelfbeeldDit therapeutisch boekje van Martine Delfos wil een hulpmiddel zijn om aan kinderen uit te leggen wat kindermishandeling is en dit bespreekbaar te maken. Zoals alle boekjes van Martine Delfos is dit boekje niet alleen bestemd voor de kinderen zelf, maar ook maar ook voor volwassenen die het kind willen helpen.

Om dit doel te bereiken vertelt Martine Delfos het verhaal van Sanne. Op haar vertrouwde manier brengt Martine Delfos de onvoorspelbaarheid van het gedrag van de ouders aan en hoe dit voor veel onzekerheid en een negatief zelfbeeld bij het kind zorgt. Ook de druk die dat op het gezin legt blijft niet onbesproken.

Ook voor dit boek kon Martine Delfos putten uit de ervaringen van haar eigen praktijk. Dit maakt dat het verhaal in het boekje zeer herkenbaar is voor kinderen.

De boeken van uitgeverij Ninõ worden in België verdeeld door uitgeverij Epo.

afdrukken

17:00 Gepost door Lieven Coppens in Niño, SWP | Permalink | Tags: mishandeling, zelfbeeld | |