2010.05.30

Mijn zusje heeft Downsyndroom

Auteur: Jon Doppen
Titel: Mijn zusje heeft Downsyndroom
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2010
Pagina's: 18
ISBN-13: 978-90-7767-149-8
Prijs: € 8,95

mijn zusje heeft downsyndroomHoe leg ik mijn kleuter uit dat zijn nieuwe zusje het Downsyndroom heeft? Met deze vraag zag moeder Jon Doppen zich geconfronteerd. Omdat ze daar niets over kon vinden, schreef zij zelf de tekst uit dit boekje. Jeffrey van Gemeren maakte er de prachtige tekeningen bij. Het resultaat? Een sprankelend prentenboek dat je zowel thuis als op school kunt gebruiken om aan kleuters uitleg te geven over het Downsyndroom. Want in het kader van het inclusief onderwijs is de kans reëel dat er een kind met dit syndroom in het regulier kleuteronderwijs meedraait. En dan is er vroeg of laat een woordje uitleg op kleutermaat nodig.

In versvorm en met heel mooie, sprekende tekeningen krijgt de kleuter alle informatie die hij "nodig" heeft:

  • de oorzaak
  • de uiterlijke kenmerken
  • de medische problematiek
  • het tragere leertempo en het "anders" zijn
  • de reactie van andere kinderen op een kind met Downsyndroom
  • de relatie met een kind met het Downsyndroom

Een boekje om bij de hand te hebben!

afdrukken

21:39 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Tags: downsyndroom | |

2010.05.24

Omdat ze het waard zijn

Auteur: Mone Bennekens
Titel: Omdat ze het waard zijn. Verhalen van kinderen en jongeren gebracht door de Kinder- en Jongerentelefoon
Uitgeverij: Kinder- en Jongerentelefoon/Abimo
Plaats: Mechelen/Sint-Niklaas
Jaar: 2009
Pagina's: 96
ISBN-13: 978-90-5932-513-5
Prijs: € 10,95 + € 2,- verzendkosten

omdat ze het waard zijnWil je weten waarvoor kinderen en jongeren naar de Kinder- en Jongerentelefoon bellen? Lees dan Omdat ze het waard zijn. Dit boek bevat enkele van hun anonieme en moedig vertelde verhalen. De auteur liet hen zelf aan het woord, waardoor de werking van de Kinder- en Jongerentelefoon heel concreet tot leven komt.

Vergis je niet. Dit is niet zomaar een verhalenbundel. Elk verhaal is een persoonlijke getuigenis. Daarom is het kleine briefje dat bij het boek zit geen overbodige luxe. Ik citeer:

Een verhaal uit dit boek kan soms heel beklijvend zijn omdat je ofwel zelf in zo'n situatie zit, omdat je ook iets ergs hebt meegemaakt of gewoon omdat je een gevoelig iemand bent. Word je triest van een verhaal of voelt het verhaal beklijvend aan (alsof het aan je vel blijft plakken) en kan je er moeilijk afstand van nemen, dan raden we je aan het boek een tijd opzij te leggen. Dat is niet flauw of zwak. Wij noemen dit 'zorgen voor jezelf'. Je zal merken dat, wanneer het beter gaat, je het boek vanzelf weer opneemt om verder te lezen.

Waarover deze verhalen dan wel gaan? Over thema's zoals angst, depressie, echtscheiding, pesten, verliefdheid en zelfverwonding. Je begrijpt meteen waarom de waarschuwing in dit boekje bijgesloten is. Het is trouwens niet de bedoeling dat je deze verhalen vrijblijvend leest. Om dat te vermijden heeft de auteur doorheen het boek voor een vijftal 'verwerkingsopdrachten' gezorgd:

  • Doener: zet aan tot actie
  • Denker: zet aan tot (zelf)reflectie
  • Durver: daagt de lezer uit om op zoek te gaan naar de best mogelijke manier om iets aan iemand duidelijk te maken.
  • Wist je dat: geeft enkele speciale weetjes
  • Slip of de tong: helpt elke durver op weg naar de best mogelijke manier om iets te zeggen

Dit boek kan helpen om deze thema's in een klas bespreekbaar te maken. Daarvoor heeft men twee reeksen lessen ontwikkeld (voor de 3e graad basisonderwijs en voor de 1e graad secundair onderwijs) die je gratis kunt afhalen van http://www.kjt.org/omdatzehetwaardzijn. Men heeft er bewust voor gekozen om deze lessenreeksen niet te laten gaan over de hierboven vermelde thema's, maar wel over de gemeenschappelijke deler ervan, de weerbaarheid van het kind of de jongere. Een absolute aanrader!

Het boek is ook te verkrijgen bij uitgeverij Abimo.

afdrukken

22:56 Gepost door Lieven Coppens in Abimo, Kinder- en Jongerentelefoon | Permalink | Tags: angst, automutilatie, pesten, verliefdheid, depressie, echtscheiding, weerbaarheid, methodiek, zelfverwonding | |

2010.05.16

Hoogbegaafde kinderen opvoeden

Auteur: Carl D'hondt & Hilde Van Rossen
Titel: Hoogbegaafde kinderen opvoeden. Praktische gids voor de sociaal-emotionele begeleiding van hoogbegaafde kinderen en jongeren.
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen/Apeldoorn
Jaar: 2009
Pagina's: 180
ISBN-13: 978-90-441-2426-2
Prijs: € 19,60

hoogbegaafde kinderen opvoeden - praktische gids voor de sociaal-emotionele begeleiding van hoogbegaafde kinderen en jongerenHoogbegaafde kinderen maken een heel snelle cognitieve ontwikkeling door die vaak ver voorloopt op de ontwikkeling op andere domeinen. Dit zorgt bij hen voor gevoelens van irritatie en onzekerheid. Hierdoor voelen velen onder hen zich al vanaf de kleuterjaren niet goed in hun sas. Ouders en leerkrachten die hen begrijpen en om hen geven kunnen op dat moment veel voor hen betekenen. Op voorwaarde dat ze zich bewust zijn van hun specifieke behoeften en hen actief begeleiden. Volgens de auteurs is het belangrijk dat deze begeleiding zelfs voor de leeftijd van 4 of 5 jaar start.

De auteurs brengen in het eerste hoofdstuk de specifieke begeleidingsbehoeften van hoogbegaafde kinderen en jongeren in kaart. Deze situeren zich op verschillende domeinen:

  • behoefte aan begrip en aanvaarding;
  • nood aan respect voor hun individualiteit;
  • behoefte aan stimulering en aanmoediging;
  • nood aan een luisterend oor;
  • behoefte aan troost;
  • nood aan een vaste en consequente disciplinering;
  • behoefte aan diplomatiek inzicht van hun ouders;
  • een flinke portie gezond verstand bij hun ouders.

Ze werken elk van deze noden en behoeften uit en geven duidelijk aan waarom dit belangrijk is. Concrete uitspraken van hoogbegaafde kinderen en jongeren illustreren dit. De aandachtige lezer zal er zich snel bewust van zijn dat daarmee de specifieke kenmerken van hoogbegaafde kinderen en jongeren nog eens de revue passeren. Dit hoofdstuk kun je dan ook lezen als een minicursus over hoogbegaafdheid.

In het tweede hoofdstuk lijsten de auteurs een aantal dingen op die je best niet doet bij de begeleiding van hoogbegaafde kinderen en jongeren. Het zijn er vijfentwintig. Om jullie een voorsmaakje te geven, lijst ik er willekeurig een vijftal op:

  • Spreek nooit negatief over school of CLB in aanwezigheid van je kind;
  • Vergelijk je kind niet met anderen;
  • Vermijd dooddoeners;
  • Zit je kind niet voortdurend op de hielen, geef het voldoende vrijheid;
  • Beslis niet over je kind, maar samen met je kind.

De auteurs leggen steeds uit waarom je iets beter kunt laten. Daarbij richten ze zich niet alleen op het welzijn van het kind, maar ook op dat van zijn ouders en/of opvoeders.

Wat je eigenlijk wel moet doen om de persoonlijkheidsontwikkeling van hoogbegaafde kinderen en jongeren te stimuleren en begeleiden, vind je in het derde hoofdstuk. Dit laat zich hier niet samenvatten. Voor mij is dit, samen met het vijfde hoofdstuk, de ruggengraat van het boek. Bovendien slagen de auteurs er in alles heel herkenbaar weer te geven.

Het vierde hoofdstuk bevat een selectie van 40 vragen die ouders over hun hoogbegaafde kind of jongere gesteld hebben en de antwoorden daarop. De vragen zijn zo gekozen dat ze de inhoud van de andere hoofdstukken niet overlappen maar aanvullen.

In het vijfde hoofdstuk behandelen de auteurs enkele specifieke vraagstukken uit de sociaal-emotionele ontwikkeling van hoogbegaafde kinderen. Aan bod komen onder andere:

  • beloning, straf en aanmoediging;
  • pedagogische tact;
  • zelfvertrouwen;
  • overgevoeligheid voor demotivatie;
  • hoogbegaafdheid en puberteit;
  • de symbiotische relatie.

Vooral het stuk over de symbiotische relatie bevat een aantal belangrijke inzichten en aanbevelingen.

Als - en dat bedoel ik zeker niet negatief - hoogbegaafde kinderen en jongeren personen zijn "met een handleiding", dan kun je deze handleiding zeker vinden onder de vorm van dit boek. Een aanrader voor ouders, leerkrachten en ieder ander die te maken krijgt met hoogbegaafde kinderen en jongeren.

afdrukken

2010.05.08

De Dyslexie Survivalgids

Auteur: Annemie De Bondt in samenwerking met Luc Descamps
Titel: De Dyslexie Survivalgids
Uitgeverij: Abimo/Schoolsupport
Plaats: Sint-Niklaas/Zuidhorn
Jaar: 2009
Pagina's: 80
ISBN-13: 978-90-593-2516-6
Prijs: € 10,95

de dyslexie survivalgidsEen van de dingen die uitgeverij Abimo sterk maakt, is haar kunst en kundigheid om mensen die inhoud willen brengen voor kinderen te koppelen aan een jeugdschrijver. Op deze manier brengt ze wetenschappelijk juiste informatie op een prettige en zeer toegankelijke manier in het bereik van jeugdige lezers. De Dyslexie Survivalgids is daar een mooi voorbeeld van. Alleen al daardoor is dit boekje, ondanks een aantal bedenkingen die ik hierna formuleer, een aanrader.

In de inleiding leggen de auteurs uit hoe het kind dit boekje kan gebruiken. Om dan meteen in het eerste hoofdstuk haarfijn en duidelijk uit te leggen wat dyslexie is. Thema's zoals, het voorkomen, de verklaring van dyslexie, de rol van de erfelijkheid en de kenmerken van dyslexie op verschillende leeftijden passeren de revue. De gegeven informatie is wetenschappelijk correct onderbouwd.

Het tweede hoofdstuk beschrijft de mogelijke emotionele gevolgen van dyslexie. Dit is geen theoretische lijst maar een zeer concrete beschrijving van aspecten zoals het zich anders voelen, demotivatie, het verlies van zelfvertrouwen en faalangst. Een sterk hoofdstuk!

In het derde hoofdstuk schetsen de auteurs een deeltje van het hulpverleningsproces. Ik schrijf bewust "een deeltje", omdat de rol die het CLB in het verwijzingsproces speelt, helemaal niet aan bod komt. In de praktijk is het in de goede traditie van zorgoverleg tussen school en CLB op de basisschool zo dat het team pas na uitgebreid overleg en verantwoorde diagnostiek door het CLB besluit tot doorverwijzing naar een logopedist. In het licht van de diagnostische protocollen voor de CLB's die de afgelopen tijd zijn ontwikkeld en binnenkort in werking treden, wekt dit hoofdstukje een verkeerde en te oppervlakkige indruk: school en CLB verwijzen kinderen nooit na het afnemen van "een onderzoekje". Daarenboven doet het ook afbreuk aan de deskundigheid van de leerkrachten en de remediërende kracht van de basisscholen. Als een kind met dyslexie beter leert lezen en schrijven is het niet dankzij de logopedist, maar mede door het toedoen van de logopedist.

Het vierde hoofdstuk "School" probeert het kind te overtuigen om open te zijn over zijn dyslexie. Het legt heel kort uit wat sticordimaatregelen zijn en welke vorm ze kunnen aannemen. Het geeft een mooi overzicht van concrete maatregelen. Ook de praktische "Tips voor jezelf" zijn zeer goed. In dit hoofdstuk komen ook de softwarepakketten Sprint en Kurzweil heel summier aan bod. Helaas is de beschrijving van deze softwarepakketten niet gelijkwaardig. Je bespeurt doorheen de beschrijving de voorkeur van de logopediste. Dit had objectiever gekund. Daarenboven doet de beschrijving onrecht aan beide pakketten.

Het vijfde hoofdstuk over bekende personen met dyslexie is stilaan een klassieker in dergelijke boekjes. Het toont de kinderen met dyslexie meer dan terecht aan dat zij ook veel kunnen bereiken.

De auteurs vullen het vijfde hoofdstuk aan met het verhaal van een kind en het verhaal van een ouder. Ook hierin negeren de auteurs de rol van het CLB volkomen. In de praktijk is het zelden zo dat een leerkracht een kind rechtstreeks naar de logopedist verwijst.

In het achtste hoofdstuk geven de auteurs een lijst met nuttige websites. Ook hier ontbreekt elke verwijzing naar de deskundigheid van het CLB in verband met dyslexie. Dit is uitermate jammer, zeker omdat in dit lijstje enkel de website van de Vlaamse Vereniging voor Logopedisten voorkomt. Bij een eventuele herdruk van dit boekje is het wenselijk dat de auteurs het hulpverleningsproces juister en onpartijdiger in beeld brengen. Dan kan dit een boekje zijn met een heel grote meerwaarde.

afdrukken

22:19 Gepost door Lieven Coppens in Abimo, Schoolsupport | Permalink | Tags: lezen, spelling, taal, dyslexie, zorg, compenseren, basisonderwijs, stimuleren, remedieren, dispenseren, leerprobleem, leesprobleem, spellingprobleem | |

2010.05.02

Je huiswerk maken zonder ziek te worden

Auteur: Walter Dons
Titel: Je huiswerk maken zonder ziek te worden
Uitgeverij: Abimo/Schoolsupport
Plaats: Sint-Niklaas/Zuidhorn
Jaar: s.d.
Pagina's: 112
ISBN-13: 978-90-593-2412-1
Prijs: € 9,95

je huiswerk maken zonder ziek te wordenDit boekje uit de reeks Lach en leer is bedoeld voor leerlingen van het derde tot en met het zesde leerjaar. Het bevat heel wat ideeën rond het leren van lessen en het maken van toetsen en proefwerken. Op een speelse en leuke manier komen heel wat principes uit de traditionele lessen "Leren studeren" aan bod.

De ludieke inleiding over het niet maken van huiswerk is zeer herkenbaar voor kinderen en ouders. Toch blijft de boodschap duidelijk: huiswerk maken heeft zin! De volgende twee hoofdstukken gaan meteen over enkele belangrijke voorwaarden om dit in de beste omstandigheden te kunnen doen. Aan bod komt onder andere het belang van:

  • een pauze tussen school en huiswerk;
  • breinvriendelijke tussendoortjes;
  • een vast beginuur;
  • een huiswerkvriendelijke werkplek;
  • ...

De auteur geeft hier vanzelfsprekend concrete tips bij. Vervolgens staat hij stil bij het plannen van de huiswerkmomenten. Hierbij gaat hij uit van een vaste weekplanning waarin je eerst alle structurele ontspanningsmomenten (muziekschool, tekenacademie, jeugdbeweging, sportclub, ...) invult. Daarna geeft hij een woordje uitleg bij de meer flexibele dagplanning. Zeven tips moeten de leerling daarbij helpen. In het vijfde hoofdstuk maakt de auteur het nog eens duidelijk dat actief aanwezig zijn in de klas het maken van huiswerk gemakkelijker maakt.

Heel belangrijk is het hoofdstuk over het werken aan een langlopende taak. Voor veel schoolkinderen is dit een aartsmoeilijke opdracht. De auteur biedt hen een heel gestructureerde manier van werken aan.

Hoofdstukken zeven en acht behandelen typische onderwerpen van het "Leren studeren", zoals:

  • het belang van herhalen;
  • het maken van schema's;
  • het gebruiken van gedachtekaarten;
  • het belang van samenvattingen;
  • strategieën om een tekst te leren...

Het negende hoofdstukje geeft nog meer tips zoals het gebruiken van ezelsbruggetjes. Het benadrukt ook dat het belangrijk is om te (willen) leren uit de resultaten van een toets of proefwerk.

In het voorlaatste hoofdstuk werkt de auteur een strategie uit om een proefwerk te maken. Voor veel leerlingen uit de lagere school is ook dit geen overbodige luxe.

Het boekje eindigt met een aantal tips voor leerkrachten en ouders.

Net zoals de andere boekjes uit de reeks Lach en leer is dit boekje zeer vlot en licht geschreven met heel wat knipoogjes naar leerlingen, leerkrachten en ouders. Heel wat tekeningen en schema's ondersteunen de tekst. Samen met dat andere boekje uit dezelfde reeks Organiseer jezelf zonder je hoofd te verliezen, is het een krachtige ondersteuning voor alle schoolkinderen

afdrukken.

14:33 Gepost door Lieven Coppens in Abimo, Schoolsupport | Permalink | Tags: examens, leren, plannen, leren leren, samenvatten, mindmap, structureren, huiswerk, organiseren, leertips, leren studeren, studiemethode, studietechnieken | |