2012.02.25
Voorbij de vraagtekens?!
| Auteur: | Elisabeth De Schauwer, Caroline Vandekinderen & Inge Van de Putte |
| Titel: | Voorbij de vraagtekens?! Perspectief van leraren op inclusief onderwijs |
| Uitgeverij: | Garant |
| Plaats: | Antwerpen/Apeldoorn |
| Jaar: | 2011 |
| Pagina's (handleiding + cd-rom): | 130 |
| ISBN-13 (set): | 9789044122381 |
| Prijs (set): | € 17,10 |
De afgelopen maanden is de inclusiegedachte in Vlaanderen sterk op de voorgrond getreden. Het afblazen van het leerzorgkader en de beleidsnota betreffende de dringende maatregelen voor kinderen met specifieke onderwijsnoden – en zeker ook de bedenkingen die daarbij werden geformuleerd – zijn daar niet vreemd aan. Alsof ze dit wisten hebben de auteurs een profetisch boek geschreven. Hiervoor gingen ze op zoek naar voorbeelden van gelukte inclusie in de onderwijspraktijk. Om die grondig te analyseren en daaruit passende besluiten te trekken. Het werd een interessant boek dat de voor- en tegenstanders –want die zijn er ook – van inclusief onderwijs zeker niet onberoerd zal laten. De moeite waard om met een open geest te lezen.
In het eerste deel komen zeventien leerkrachten uit het kleuter-, lager en secundair onderwijs aan het woord die inclusie hebben zien en/of doen werken. Ze werden op een systematische manier geïnterviewd waardoor de auteurs op zoek konden gaan naar gelijkenissen en verschillen in de verhalen. Dit stelde hen in staat om enkele concrete besluiten te formuleren.
In het tweede deel van het boek spinnen de auteurs de rode draad die doorheen de zeventien verhalen loopt. De antwoorden die ze hierbij vinden nestelen zich rond de volgende thema’s:
- Hoe verloopt de keuze voor een kind met een beperking?
- Wat doet men met de onzekerheid die deze keuze met zich meebrengt?
- Wat is het belang en het gevolg van inclusie?
- Hoe zit het met de sociale relaties binnen de klas?
- Hoe zit het met de communicatie en de werking van het team?
In het derde en laatste deel sommen de auteurs de leerpunten op die uit de verschillende interviews naar voren kwamen. Bij elk punt staan ze even stil. De conclusies zijn vaak even verrassend als vanzelfsprekend. Hoe dit samengaat, lees je beter zelf.
19:13 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Email dit
| Tags: inclusie, inclusief onderwijs, kleuteronderwijs, lager onderwijs, onderwijskansen, secundair onderwijs, zorg |
|
Opvoedwijzer ADD & ADHD
| Auteur: | Edward Hallowell & Peter Jensen |
| Titel: | Opvoedwijzer ADD & ADHD Tips en strategieën voor ouders van kinderen met aandachtsproblemen |
| Uitgeverij: | Hogrefe |
| Plaats: | Amsterdam |
| Jaar: | 2009 |
| Pagina's: | 204 |
| ISBN-13: | 9789079729111 |
| Prijs: | € 19,95 |
Zie jouw kind met een aandachtsprobleem graag (hoe moeilijk dat ook soms kan zijn). Kijk niet naar zijn of haar tekortkomingen, maar naar het kenmerk dat daaronder verborgen zit en leer jouw kind om dat kenmerk positief te gebruiken. Dat is wat mij betreft het centrale idee van dit boek. In zich houdt het boek dan ook kritiek in op het medische deficiëntiemodel en sluit het aan bij een van de uitgangspunten van het handelingsgericht werken, namelijk het actief op zoek gaan naar de positieve en protectieve factoren om deze aan te wenden bij het aanpakken van het probleem. De ouders zijn de doelgroep van het boek. Wat niet wel zeggen dat andere opvoeders en professionelen er niets aan zullen hebben. Wel in tegendeel. Daarvoor zijn de aangereikte tips en strategieën te belangrijk.
In de eerste hoofdstukken (1 tot en met 3) duiden de auteurs het belang van de aanvaarding en het graag zien door de ouders. Ook al is dat niet altijd even gemakkelijk. Een belangrijk middel hiervoor is het zich kunnen inleven in wat het is om een kind met een aandachtsprobleem te zijn. Bovenop die aanvaarding en dat graag zien is en blijft de juiste hulp belangrijk. Voor de auteurs betekent dit dat je het kind en zijn ouders niet confronteert met een opsomming van de te verwachten problemen, maar dat de diagnose hen hoop geeft. Hierbij gaan ze het thema medicatie niet uit de weg. Wie echter denkt dat ze, vanuit hun visie, de medicatie ontraden, komt toch bedrogen uit. Met deze positieve boodschap uit het vierde hoofdstuk eindigt voor mij het eerste deel van het boek.
Een scharnierpunt is het vijfde hoofdstuk als inleiding op het tweede, virtuele deel van het boek. Hierin tonen de auteurs de tekortkomingen van het medische deficiëntiemodel aan. Om daarna een ander model voor te stellen. Ik laat hen zelf aan het woord (blz.71):
Het is tijd om het medische model achter ons te laten en het op sterkten gebaseerde model te omarmen. Daarmee kunnen we verlammende gevoelens als schaamte, angst, hopeloosheid en onvervulde dromen voorkomen. Bepaal zo snel mogelijk de sterke punten, (mogelijke) talenten, (mogelijke) interesses, potentiële sterke punten, verwachtingen, dromen, passies, verlangens en wensen. Richt daar de schijnwerper op. Laat dat verlichte landschap de geest van jouw kind – en de jouwe – vullen.
Hoofdstukken zes en zeven gaan op dezelfde geestdrift door. De auteurs tonen aan hoe men in de praktijk het positieve kan benadrukken en hoe men het goede in het slechte kan zien. Praktijkvoorbeelden en concrete tips maken dit duidelijker. De suggesties die ze geven, misstaan al evenmin in een traject van handelingsgericht werken.
In het achtste hoofdstuk wordt de cyclus van uitmuntendheid uitgelegd. Dit komt neer op een soort van vijfstappenaanpak om de positieve kenmerken achter het aandachtsprobleem naar boven te halen. Op dit punt aangekomen introduceren de auteurs in het negende hoofdstuk het Kolbe-model waarin de aangeboren intuïtieve manieren waarop mensen op een creatieve manier problemen oplossen en beslissingen nemen, een plaats krijgen. In het tiende hoofdstuk illustreren ze hoe dit model in de praktijk werkt.
De volgende hoofdstukken vormen samen het derde en laatste deel van het boek. Ze behandelen specifieke thema’s zoals de begeleiding op school en de diagnose van en het behandelingsplan voor een aandachtstoornis.
Het boek eindigt met een bijlage over het gebruiken van gedragsstrategieën. Een bijlage die je echt niet zonder meer mag overslaan.
18:50 Gepost door Lieven Coppens in Hogrefe | Permalink | Email dit
| Tags: aandacht, add, adhd, behandeling, concentratie, handelingsplan, methodiek, werkhouding |
|
2012.02.11
PION Peuters in Ontwikkeling
| Auteur: | Cecile Kuijpers & Lianne Vermeulen |
| Titel: | PION Peuters in Ontwikkeling Een observatielijst voor peuters met spraak- en taalproblemen |
| Uitgeverij: | Acco |
| Plaats: | Leuven/Den Haag |
| Jaar: | 2011 |
| Pagina's: | 102 |
| ISBN-13: | 9789033484049 |
| Prijs: | € 35,- |
De PION-observatielijst is een evidence-based observatielijst voor peuters met spraak- en taalproblemen en bij uitbreiding ook jonge kinderen met een mentale beperking. Ze laat toe de volledige ontwikkeling van deze kinderen gestructureerd te observeren en in kaart te brengen. Dit vanuit de visie dat het taalvermogen van een kind ook van invloed is op:
- de sociale ontwikkeling;
- de emotionele ontwikkeling;
- de ontwikkeling van de voorschoolse vaardigheden.
Deze lijst kwam tot stand door literatuuronderzoek en het bestuderen van gestandaardiseerde diagnostische instrumenten en bestaande peutervolgsystemen. Daarenboven werd er ook gebruik gemaakt van de praktijkervaring van kleuterleidsters.
In het eerste hoofdstuk beschrijven de auteurs het waarom en het ontstaan van hun instrument. In het tweede hoofdstuk gaan ze dieper in op ontwikkeling van kinderen. Naast de verschillende ontwikkelingsgebieden staan ze hier ook kort stil bij:
- de basiskenmerken die iets zeggen over het welbevinden van een kind en de basis vormen voor een evenwichtige ontwikkeling zoals:
- vrij zijn van emotionele belemmeringen;
- nieuwsgierig en ondernemend zijn;
- zelfvertrouwen hebben;
- communicatie en contactname;
- de betrokkenheid van een kind die zorgt voor het bevorderen van de ontwikkeling, zoals die zich uit in:
- concentratie en persistentie;
- energie en reactietijd;
- creativiteit;
- nauwkeurigheid;
- overgefocust zijn;
- mogelijke risicofactoren zoals:
- impulsiviteit;
- passiviteit;
- geringe selectieve aandacht;
- geringe wendbaarheid;
- grote vermoeibaarheid.
Het hoeft geen betoog dat al deze factoren in de observatielijst terug te vinden zijn.
Hierna volgen er drie technische hoofdstukken. De auteurs beschrijven de constructie van de observatielijst en bespreken de psychometrische kenmerken van deze observatielijst, namelijk de validiteit en de betrouwbaarheid. Het zesde en laatste hoofdstuk is de handleiding.
In bijlage vind je een voorbeeld van de observatielijst zoals je die op http://www.uitgeverijacco.be/pion gratis van het Internet kunt halen.
19:58 Gepost door Lieven Coppens in Acco | Permalink | Email dit
| Tags: beginnende geletterdheid, betrokkenheid, emotionele ontwikkeling, gecijferdheid, instrumenten, motoriek, motorische ontwikkeling, observeren, peuters, sociale ontwikkeling, spelontwikkeling, spraakontwikkeling, spraakstoornis, taal, taalontwikkeling, taalstoornis, welbevinden |
|
Het verwende kind syndroom
| Auteur: | Willem de Jong |
| Titel: | Het verwende kind syndroom Jongens en meisjes verwaarloosd door verwenning |
| Uitgeverij: | Pica |
| Plaats: | Huizen |
| Jaar: | 2011 |
| Pagina's: | 160 |
| ISBN-13: | 9789077671689 |
| Prijs: | € 17,50 |
Willem de Jong valt met de deur in huis. Hoe het mogelijk is dat ouders die het beste met hun kinderen voor hebben soms zo onnozel zijn in de opvoeding. Onnozel. Een woord dat je niet onmiddellijk verwacht uit de mond van een Nederlander. Ik nam dan ook onmiddellijk die andere gezette Nederlander onder de arm om de betekenis ervan zuiver te krijgen: ik houd het in deze context op de betekenis van onnozel als beduidend onervaren, liever dan op de betekenis van dom, idioot. De auteur vraagt zich af hoe het komt dat ouders, die perfect weten dat kinderen grenzen nodig hebben, deze grenzen zo snel laten varen als hun eigen kinderen er tegenaan lopen en er tegen protesteren. Als dat een enkele keer gebeurt, is er geen probleem. Gebeurt dit systematisch, dat raakt een kind daar aan gewoon en probeert het goedschiks of kwaadschiks altijd zijn zin te krijgen. Het wordt er niet plezieriger van, wel in tegendeel. Het waant zich het centrum van de wereld, kan geen frustratie meer aan en eist voortdurend zijn vermeende rechten op. We kunnen dan spreken van een problematische verwenning. Deze keert zich op (middel)lange termijn tegen het kind zelf. Soms zelfs in de vorm van een onterechte diagnose van ADHD of oppositioneel gedrag. Juist op dit punt gaat verwenning over in verwaarlozing. En moet men optreden.
In zijn boek gaat de auteur in het eerste deel op zoek naar de redenen voor en de vormen van problematische verwenning. Hij beperkt zich daarbij niet tot de meest gekende vorm, de materiële verwenning, maar heeft het ook over de pedagogische en affectieve verwenning. Daarbij staat hij uitgebreid stil bij de negatieve gevolgen van verwenning, zoals daar zijn:
- een gebrekkige morele ontwikkeling;
- een gebrekkige ego-ontwikkeling;
- het ontwikkelen van sociaal angstig gedrag;
- het ontwikkelen van een negatief zelfbeeld, een gering zelfvertrouwen en geringe zelfwaardering;
- het ontwikkelen van depressieve klachten;
- het ontwikkelen van agressief, dwingend of oppositioneel gedrag.
Tegelijk staat hij stil bij de gevolgen van deze problematische ontwikkeling voor het kind op latere leeftijd en voor de ouders.
In het tweede deel gaat Willem de Jong in op de rol van ouders als opvoedingsprofessionals die waar nodig steun moeten krijgen om hun kind te begeleiden doorheen de ontwikkelingstaken die het moet doorlopen en tot een goed einde te brengen. Zijn stelling: elke ontwikkelingstaak waar een kind door moet, is gekoppeld aan een opvoedings-opgave bij de ouders. Waar ouders die opvoedingsopgaven niet opnemen, ontstaat er een risico op verwenning. Juist die opvoedingstaak kunnen en mogen de ouders niet uitbesteden aan derden. Zij moeten het zelf doen. Hoe ze dat kunnen, legt de auteur duidelijk uit. Niet in het minst waar hij mogelijke acties koppelt aan de verschillende vormen van verwend gedrag bij de kinderen.
In het derde en laatste deel van dit boek legt de auteur uit hoe leerkrachten en andere beroepsmensen de ouders kunnen bijspringen in hun aanpak van een verwend kind.
Een zeer actueel boek met een frisse kijk!
18:19 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Email dit
| Tags: opvoeders, opvoeding, opvoedingsondersteuning, ouders, verwaarlozing, verwenning |
|
2012.02.05
Autisme en spel
| Auteur: | Jannik Beyer & Lone Gammeltoft |
| Titel: | Autisme en spel Creatieve en praktische ideeën voor spelactiviteiten |
| Uitgeverij: | Pica |
| Plaats: | Huizen |
| Jaar: | 2010 |
| Pagina's: | 88 |
| ISBN-13: | 9789077671443 |
| Prijs: | € 16,50 |
Wie, net zoals ik, al veel boeken over autismespectrumstoornissen gelezen heeft, zal het beamen: over autisme en spel is er tot op vandaag maar weinig geschreven. Het boek van Jannik Beyer en Lone Gammeltoft verdient daardoor zeker een plaatsje op de lijst van verplichte literatuur over autismespectrumstoornissen. Ouders, leerkrachten en professionele hulpverleners zullen de kinderen met deze stoornis na het lezen van dit boek niet alleen beter begrijpen, maar ook nog beter kunnen begeleiden. Het is opnieuw de verdienste van de Nederlandse uitgeverij Pica om een dergelijk boek in Nederland en Vlaanderen onder de aandacht te brengen.
Dit boek bestaat uit een theoretisch en een praktisch gedeelte. In het theoretische gedeelte geven de auteurs op een zeer boeiende manier uitleg over autisme. Boeiend doordat ze de spelontwikkeling van kinderen met een autismespectrumstoornis vergelijken met deze van kinderen zonder deze stoornis. Bij spel staan er immers een drietal vaar-digheden (en hun onderlinge samenhang) centraal, vaardigheden die net voor kinderen met autismespectrumstoornissen problematisch zijn:
- Sociale interactie;
- Communicatie en dialoog;
- Mentaal verbeeldingsvermogen en verbeeldingskracht.
Het zou te kort door de bocht zijn te zeggen dat dit deel een snelcursus autismespectrumstoornissen is. Toch slagen de auteurs erin om op deze manier kinderen met ass in hun zijn (nog) beter te doen begrijpen. Het tweede hoofdstuk uit dit eerste deel over Kenmerken en spelpatronen beschrijft de spelontwikkeling van de mens en legt meteen de link naar spelobservatie bij kinderen met autisme. Voor deze spelobservatie is trouwens door de uitgeverij een formulier voorzien op http://www.uitgeverijpica.nl/index.php/ontwikkelingsstoor....
In het tweede deel leer je hoe je voor kinderen met autismespectrumstoornissen leerzame spelactiviteiten (spelfragmenten) kunt opzetten waarbij het kind zelf aangeeft op welk spelniveau het zich bevindt. Deze niveaus worden min of meer bepaald door de volgende spelstrategieën, zoals ze chronologisch in de spelontwikkeling van een kind voorkomen:
- Aandacht, verwachting en gedeelde concentratie;
- Imitatie en spiegelen;
- Parallel spel en parallelle speldialoog;
- Scripts en sociale verhalen;
- Om de beurt,
- Spelletjes en spelregels.
Per spelstrategie of niveau vind je in het boek een uitgewerkt spelfragment met heel veel concreet fotomateriaal dat een echte meerwaarde is.
14:12 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Email dit
| Tags: asperger, ass, autisme, autismespectrum, methodiek, ontwikkelingsstoornis, pdd-nos, spelontwikkeling |
|
2012.02.04
ToM test-R
| Auteur: | Pim Steerneman & Cor Meesters |
| Titel: | ToM test-R |
| Uitgeverij: | Garant |
| Plaats: | Antwerpen/Apeldoorn |
| Jaar: | 2009 |
| Pagina's (handleiding + cd-rom): | 28 + cd-rom |
| Pagina's (werkboek): | 16 |
| ISBN-13 (set): | 9781162167725 |
| ISBN-13 (handleiding + cd-rom): | 9789044125375 |
| ISBN-13 (werk): | 9789044125382 |
| Prijs (set): | € 150,- |
| Prijs (handleiding + cd-rom): | € 50,- |
| Prijs (werkboek): | € 100,- |
Met Theory of Mind (ToM) bedoelt men de cognitieve vaardigheid van iemand om aan zichzelf en anderen gedachten, gevoelens, ideeën en bedoelingen toe te schrijven en op basis daarvan te anticiperen op het gedrag van anderen. Een andere term hiervoor is sociale cognitie. Een van de theorieën over autisme stelt dat kinderen met een autismespectrumstoornis maar een beperkte sociale cognitie of Theory of Mind ontwikkelen. Hierdoor hebben ze heel wat moeite om sociale situaties juist in te schatten en hun gedrag daaraan aan te passen. Voor hen is de sociale wereld een uitermate onvoorspelbare omgeving. Waarom? Omdat ze vaak moeite hebben met het begrijpen van de bedoelingen en het gedrag van anderen. Hierdoor reageren ze voor de ‘normale buitenwereld’ op een vreemde manier. Het is de verdienste van de auteurs dat ze een uniek instrument ontwikkelden dat deze sociale cognitie in al haar bouwstenen meet.
Wie meer wil weten over het concept Theory of Mind, komt helemaal aan zijn trekken in het eerste hoofdstuk. De auteurs geven hierin uitgebreid uitleg. Daarnaast leggen ze de verbanden tussen de Theory of Mind en de autismespectrumstoornissen op een heel duidelijke manier uit. Na het lezen van dit hoofdstuk begrijp je waarom de auteurs onder de vorm van een gestructureerd interview een (handelingsgericht) instrument hebben gemaakt dat de ToM-vaardigheden van kinderen van vier tot twaalf jaar analyseert op hun sterke en zwakke kanten. Het is de bedoeling dat men op basis van deze test een trainingsprogramma maakt op maat van het individuele kind.
Het tweede hoofdstuk bespreekt de constructie van de ToM test-R en bevat de normen. Dit is het deel dat iedereen die de psychometrische kwaliteiten van het instrument wil kennen, moet lezen. Het derde hoofdstuk bevat de richtlijnen voor afname en scoring. Deze zijn onontbeerlijk voor een gestandaardiseerde afname. In bijlage en op de bijgeleverde cd-rom vind je het scoreformulier.
Het gaat hier wel degelijk om een volledig herwerkte versie die de vorige vervangt. Er zijn nieuwe normgegevens die de intussen verouderde normen vervangen. Bovendien maakt de test nu gebruik van afbeeldingen die de vragen veel beter ondersteunen, niet in het minst omdat men nu gebruik maakt van foto’s van gezichten in plaats van tekeningen.
19:27 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Email dit
| Tags: asperger, ass, autisme, autismespectrum, ontwikkelingsstoornis, pdd-nos, sociale cognitie, theory of mind |
|










