2012.03.24

Werken met het strookmodel

Auteur: Ban Har Yeap
Titel: Werken met het strookmodel
Gereedschap voor het visualiseren en oplossen van rekenopgaven
Uitgeverij: Bazalt/HCO
Plaats: Vlissingen/Den Haag
Jaar: 2011
Pagina's: 184
ISBN-13: 9789461180926
Prijs: € 49,-

werken met het strookmodel - gereedschap voor het visualiseren en oplossen van rekenopgavenEen tijdje geleden kreeg ik de vraag om dit boek van Ban Har Yeap te bespreken op deze boekenblog. Aangezien ik al een tijdje geboeid was door het Singapore Rekenen, meer bepaald door de effectiviteit ervan, kon ik dit niet weigeren. Alleen onderschatte ik dit engagement enorm. Want hoe bespreek je een rekenaanpak die het visualiseren van rekenopgaven centraal stelt in woorden? Er zat dus maar één ding op: het strookmodel, dat één van de voornaamste pijlers van het Singapore Rekenen is, voor zich laten spreken terwijl ik het boek doornam. Het lukte. Aangezien het boek de theorie meteen aan de praktijk koppelt door de lezer royaal te voorzien van voorbeeldopgaven en opgaven die hij zelf moet uitwerken, begon het model zich aan mij te ‘openbaren’. Zonder het te beseffen, zoog het strookmodel mij mee in zijn magie. Pas toen ik besefte dat ik tijdens het uitwerken van de opgaven (en ik werkte ze allemaal uit) af en toe de befaamde aha-erlebnis tegenkwam, wist ik het zeker: Singapore Rekenen is een aanpak met toekomst. Ook in Vlaanderen. Daardoor verdient het een eerlijke kans. Ik hoop dan ook uit de grond van mijn hart dat de beker van de goedkope vooroordelen, waaruit de nieuwe AVI-procedure wel moest drinken, aan het Singapore Rekenen voorbijgaat. En dat men het eerst grondig bestudeert alvorens er uitspraken over te doen. Doet men dit niet, dan loopt men het gevaar om een foutief standpunt tegenover dit evidence-based model in te nemen.

Het boek van Ban Har Yeap belicht in vijf hoofdstukken één van de belangrijke pijlers van het Singapore Rekenen: het leren visualiseren en oplossen van rekenopgaven met het strookmodel. In het eerste hoofdstuk krijg je een inleiding op het strookmodel. De auteur leert jou op welke manier je het model kunt gebruiken als een strategie om leerlingen te ondersteunen bij verhaalopgaven. Deze opgaven kunnen zowel rekenkundig als algebraïsch van aard zijn. Het strookmodel wordt hier neergezet als een heuristiek om een probleem op te lossen en niet als een algoritme. De bevindingen uit het wetenschappelijk onderzoek waarop dit strookmodel steunt, komen eveneens aan bod. Na het lezen van dit eerste hoofdstuk is het duidelijk dat het strookmodel staat voor het visualiseren van hoeveelheden en hun onderliggende relaties. Het zijn juist deze relaties die hun naam geven aan de modellen die in de volgende hoofdstukken verduidelijkt en ingeoefend worden. Een overzicht:

werken met het strookmodel - tabel.png

Deze drie hoofdstukken hebben nagenoeg dezelfde structuur. Na een heldere introductie van het model licht de auteur de ‘varianten’ toe. De lezer krijgt uitleg bij één of meerdere voorbeeldopgaven en moet dan zelf aan de slag met de oefenopgaven. Tot slot reikt Ban Har Yeap de gegevens uit de theorie en het wetenschappelijk onderzoek aan. Juist dit achteraf aanreiken van deze gegevens zorgt ervoor dat men beter kan reflecteren over het eigen slagen of mislukken in de specifieke oefenopgaven. Hierdoor komt de waarde van dit boek als ‘leer- en ontdekboek’ nog beter tot zijn recht.

In het vijfde en laatste hoofdstuk bespreekt de auteur het knippen en verplaatsen van (delen van) stroken binnen het strookmodel als twee geavanceerde vaardigheden. Hij voegt er de nodige voorbeeldopgaven en toelichtingen uit de theorie aan toe

Een boek dat je moet lezen als je van rekenen, rekendidactiek en probleemoplossend denken houdt!

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

21:31 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: methodiek, rekenen, singapore rekenen, strookmodel, visualiseren | |

2012.03.18

Ik heb dyslexie, nou en!

Auteur: Ilonka de Groot
Titel: Ik heb dyslexie, nou en!
Ik zal je versteld doen staan
Uitgeverij: Bohn Stafleu van Loghum
Plaats: Houten
Jaar: 2009
Pagina's: 40
ISBN-13: 9789031361496
Prijs: € 16,95

ik heb dyslexie, nou en - ik zal je versteld doen staanIk heb dyslexie, nou en! is niet zomaar nog een boek op het schap met titels over psycho-educatie. Het is een heus prentenboek voor kinderen vanaf 7 jaar. Een prentenboek waaraan zowel de kinderen als hun ouders/begeleiders heel wat kunnen hebben. Daarvoor staat het concept wel garant.

In dit concept vind je op de linker bladzijden van het boek steeds een concrete tip voor de ouder/begeleider van het kind met dyslexie. Deze tips hebben niet alleen te maken met de ‘klassieke’ kenmerken van dyslexie. Ze hebben ook betrekking op problemen die dyslexie soms begeleiden, zoals problemen met de motoriek, met de aandacht en concentratie, met het werkgeheugen, het onthouden van meervoudige opdrachten, … Het bijzondere van deze tips is dat de auteur ze steeds toelicht. Op die manier is het prentenboek ook een leerboek voor de ouder/begeleider.

Op de rechter bladzijden van het boek staat telkens een verhelderende prent voor het kind met daarbij een korte, eenvoudige tekst die de ouder/begeleider voorleest of die het kind eventueel zelf kan lezen.

Dit boekje dient meerdere doelen:

  • Het geeft erkenning aan het probleem dyslexie;
  • Het laat het kind toe om zichzelf te herkennen als iemand met dyslexie;
  • Het kan een aanleiding zijn om als ouder/begeleider met een kind over zijn dyslexie te praten;
  • Het is een vrij uniek naslagwerk voor ouders, leerkrachten en andere begeleiders om een zicht te krijgen op dyslexie en de eventuele begeleidende problemen.

Warm aanbevolen!

afdrukken

12:15 Gepost door Lieven Coppens in Bohn Stafleu van Loghum | Permalink | Tags: dyslexie, leesprobleem, lezen, psycho-educatie, spelling, spellingprobleem, taal | |

Dyslexie de baas!

Auteur: Caroline Poleij & Yvonne Stikkelbroek
Titel: Dyslexie de baas!
Aanpak van psychosociale problemen van jongeren met dyslexie
Uitgeverij: Bohn Stafleu van Loghum
Plaats: Houten
Jaar: 2009
Pagina's: Handleiding: 128
Werkboek: 96
ISBN-13: Handleiding: 9789031360109
Werkboek: 9789031360123
Prijs: Handleiding: € 43,95
Werkboek: € 24,95

dyslexie de baas - aanpak van psychosociale problemen van jongeren met dyslexieDyslexie de baas! is een groepstrainingsprogramma voor kinderen en jongeren vanaf twaalf tot en met 16 jaar met dyslexie en hun ouders. Het is ontwikkeld door medewerkers van de Universiteit Utrecht en wil orthopedagogen en (school)psychologen een wetenschappelijk verantwoord instrumentarium aanbieden om de mogelijke sociaal-emotionele gevolgen van dyslexie (zoals faalangst, somberheid, gebrek aan zelfvertrouwen, …) gericht en effectief aan te pakken. In die zin gaat het programma veel verder dan de publicaties die psycho-educatie als doel beogen.

Het programma bestaat uit een handboek en een werkboek. In het handboek vindt de lezer drie delen terug. In het eerste deel staat de theoretische verantwoording van het programma.  Deze behelst niet alleen de inhoudelijke informatie over dyslexie. Ze staat ook stil bij de mogelijke psychosociale problemen van de kinderen en jongeren met dyslexie en de onderliggende mechanismen van de secundaire problematieken. Tot slot van het eerste gedeelte beschrijven de auteurs niet alleen de doelgroep en de uitgangspunten van hun trainingsprogramma, maar ook de opbouw en gebruikte technieken en thema’s. Ze staan ook kort stil bij de effectiviteit van het programma zoals die gebleken is uit een eerste pilootstudie.

Het draaiboek voor het programma maakt het tweede deel uit van dit boek. Je leert er als toekomstige begeleider niet alleen wat het van jou vraagt en hoe je kandidaten werft en selecteert, maar je vindt er ook de gebruikswijzers voor de bijeenkomsten met de kinderen of jongeren en hun ouders.

In het derde deel vind je elke bijeenkomst volledig uitgewerkt. Het gaat hier eerst en vooral over twaalf bijeenkomsten voor de kinderen of jongeren. Als begeleider lees je er wat je moet voorbereiden, welke materialen je nodig hebt en wat het tijdsschema is van de bijeenkomst. De structuur van de bijeenkomst is nagenoeg altijd dezelfde:

  • Bijpraten;
  • Terugblikken op de klus die men moest klaren;
  • Het geven van informatie en/of doen van oefeningen;
  • Tips en trucs;
  • Het introduceren van de nieuwe klus.

Daarnaast vind je in dit deel ook de uitwerking van de twee ouderbijeenkomsten.

Tot slot wil ik benadrukken dat deze groepstraining toch een en ander verwacht van de (bij voorkeur twee) begeleiders. Het gaat hier over:

  • Kunnen hanteren van cognitief-gedragstherapeutische technieken;
  • Kunnen begeleiden en hanteren van groepsprocessen;
  • Inhoudelijke expertise hebben op het vlak van dyslexie;
  • Een constructieve en opbouwende sfeer kunnen mogelijk maken.

De materialen die men nodig heeft voor de bijeenkomsten kan men op http://www.bsl.nl/dyslexie gratis binnenhalen.

Een uniek en professioneel programma.

afdrukken

11:53 Gepost door Lieven Coppens in Bohn Stafleu van Loghum | Permalink | Tags: dyslexie, faalangst, leesprobleem, lezen, psycho-educatie, spelling, spellingprobleem, taal, zelfbeeld, zelfvertrouwen | |

2012.03.11

Ouderhulpkaarten Het jonge kind

Auteur: Mieke Vos, Mariëtte Mengerink, Gerkina Doze & Marieke Gerrits
Titel: Ouderhulpkaarten Het jonge kind
Uitgeverij: Eduforce
Plaats: Drachten
Jaar: 2012
Pagina's: 190
ISBN-13: 9789081712057
Prijs: € 99,95

Ouderhulpkaarten_4f34cba828786.jpgEerder op deze boekenblog besprak ik de Ouderhulpkaarten Taal en lezen. Wie de bespreking gelezen heeft, weet waarschijnlijk nog dat ik er zeer enthousiast over was. Deze map kreeg nu een vervolg voor ouders van kinderen van nul tot vier jaar. Ze wil deze ouders ondersteunen bij het stimuleren van de ontwikkeling van hun kind. Laat je hierbij niet misleiden door de gebruikte Nederlandse terminologie: ‘kinderopvang’ en ‘peuterspeelzaal’. In Vlaanderen kunnen deze hulpkaarten zonder problemen meegegeven worden met de ouders van de peuters en kleuters van 2 jaar 6 maanden tot en met 4 jaar en aan de ouders van peuters en kleuters met een (grote) ontwikkelingsachterstand. Daarenboven doen ook de mensen van de verschillende Vlaamse kinderopvangdiensten er hun voordeel mee.

Deze ouderhulpkaarten zijn opnieuw een schot in de roos. De map bestaat uit 18 verschillende kaarten die men kan meegeven met de ouders. Op elke kaart staat een volledig uitgewerkt onderwerp in verband met één van de drie thema’s. Deze thema’s en onderwerpen zijn:

  • Sociaal-emotionele ontwikkeling;
    • De basis;
    • Huilen;
    • Scheidingsangst;
    • Praten;
    • Ongehoorzaamheid;
    • Spelen;
  • Spelontwikkeling:
    • Samen met uw kind;
    • Ontwikkeling van spel;
    • Spelen met speelgoed;
    • De ontwikkeling van de motoriek;
    • Bewegen en muziek;
    • Buiten spelen;
  • Taalontwikkeling:
    • De eerste woordjes;
    • Voorlezen;
    • Spraak- en taalontwikkeling;
    • Woordenschat vergroten;
    • Begrijpend luisteren;
    • Rekenen in taal.

Op de voorzijde van iedere ouderkaart staat nagenoeg altijd hetzelfde:

  • Een korte situering met verwijzing naar de leeftijd van het kind;
  • Een rubriek ‘Wat je als ouder kunt doen!’ met daarin heel korte en praktische suggesties;
  • Een concrete tip in verband met het onderwerp van de kaart.

Op de achterzijde van elke kaart vind je voorbeelden van oefeningen die de ouder met zijn kind kan doen. Ook hier krijg je een concrete tip. Deze heeft dan wel iets te maken met de voorgestelde oefeningen.

De verschillende ouderhulpkaarten vormen samen een coherent geheel, ook al zijn ze perfect los van elkaar te gebruiken. Dit maakt het geheel tot een sterk instrument.

Het is de bedoeling dat de leerkracht een hulpkaart meegeeft met een ouder. Het kan gebeuren dat men dezelfde kaart aan meerdere ouders tegelijk wil doorgeven. Dat is niet direct een probleem. Elk ouderhulpkaart zit vijf keer in de map. Een handige uitleenkaart houdt het geheel overzichtelijk.

Ik kan deze map opnieuw aanbevelen. Niet alleen omwille van de inhoud, maar ook omdat de ouders concreet betrokken worden op de ontwikkeling van hun jonge kind. Ze helpt hen om met bepaalde problemen om te gaan en geeft hen zicht op de ontwikkeling van hun kind. Opnieuw een map die de investering waard is.

afdrukken

2012.03.04

Als kleuters leren meten

Auteur: Marije Bakker, Aafke Bouwman, Jarise Kaskens & Anneke Noteboom
Titel: Als kleuters leren meten
De ontwikkeling van meten en meetkunde bij jonge kinderen
Website: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: 2011
Pagina's: 90
ISBN-13: 9789065086402
Prijs: € 45,00

als kleuters leren meten - de ontwikkeling van meten en meetkunde bij jonge kinderenMeten en meetkunde zijn twee wiskundedomeinen die, naast het tellen en het getalbegrip, al van in de kleuterschool belangrijk zijn. Kleuters moeten er concrete ervaringen mee opdoen. Zo leggen ze alvast de basis voor de inzichten, kennis en vaardigheden waaraan men vanaf het eerste leerjaar bouwt. Op het niveau van de kleuterschool betekent dit voor het meten dat het opdoen van meetervaringen bijdraagt tot het ontluiken van het maatbesef. De meetkundige aspecten helpen de kleuter dan weer om hun ruimtelijke omgeving beter te begrijpen. Kleuters die ervaringen opdoen met deze meetkundige aspecten hebben een basis waarop het ruimtelijk voorstellings- en redeneervermogen zich ontwikkelen. In deze map komen meten en meetkunde exclusief aan bod. Uitgaande van peilingen brengt men de ontwikkeling van de kleuter op deze twee domeinen in kaart. Waar nodig kan men de kleuter stimuleren.

In het eerste hoofdstukje vertellen de auteurs wat de lezer van deze map kan verwachten. Een leeswijzer geeft heel beknopt weer hoe een en ander moet gelezen worden.

Hoofdstuk twee schetst de ontwikkeling van de kleuter op het vlak van meten en meetkunde. Heel interessant hierbij zijn de minimumdoelen zoals ze in Nederland aan het einde van groep 2 (3e kleuterklas) moeten gekend zijn. Hoewel anders geformuleerd, zien we toch veel overeenkomsten met de Vlaamse eindtermen en hun vertaling naar de Vlaamse leerplannen wiskunde. De delen over het peilen en stimuleren op het gebied van meten en meetkunde enerzijds en de tabellen met daarin per onderdeel de aangewezen leerevolutie in de tweede en derde kleuterklas anderzijds vind ik persoonlijk heel belangrijk.

Het derde hoofdstuk geeft meer uitleg bij de speelse activiteiten die de leerkracht met de kleuters kan doen om te bepalen hoever ze staan in hun meet- en meetkundige ontwikkeling. Je kunt dit zien als een soort diagnostisch gesprek waarbij hij op systematische manier de verschillende deelaspecten van het meten en de meetkunde onderzoekt.

Het vierde hoofdstuk bevat enkele voorstellen om kinderen te ondersteunen. Hoofdstuk 5 bevat de uitgewerkte peilingactiviteiten voor de kleuters. Het benodigde materiaal is meegeleverd in bijlage.

Dit is een voorbeeld van het soort kleutermateriaal waarvan we er in Vlaanderen veel te weinig hebben.

De boeken van uitgeverij CPS worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken