2013.10.20

Groepsplan Gedrag

Auteur: Kees van Overveld
Titel: Groepsplan Gedrag
Planmatig werken aan passend onderwijs
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2012
Pagina's: 272
ISBN-13: 978-90-77671-78-8
Prijs:  € 22,95

groepsplan gedrag - planmatig werken aan passend onderwijsDe gedragsbijbel voor het basisonderwijs. Zo durf ik het boek van Kees van Overveld noemen. Ik heb daar verschillende redenen voor:

  • het legt de nadruk op preventie van gedragsproblemen, niet op de repressie ervan. De positieve benadering van dit thema is meteen ook de ‘blijde boodschap’ waar je in een bijbel naar op zoek gaat;
  • het is een van de beste referentiewerken over de aanpak van gedragsproblemen in het basisonderwijs die ik gelezen heb. Wie bij de inhoud van dit boek zweert, komt volgens mij al een heel eind ver;
  • het stelt de zeven principes van het handelingsgericht werken centraal;
  • het kiest op een consequente manier voor interventies die wetenschappelijk onderbouwd (evidence-based) zijn;
  • het richt zich in zijn interventies zowel op het kind als op zijn context;
  • het verenigt op een unieke manier theorie en praktijk: de leerkracht die de interventies uit het boek uitvoert, begrijpt ook wat hij doet en waarom hij het doet. Hierdoor overstijgt het boek ruim het niveau van de trukendoos waaruit de leerkracht lukraak een interventie kiest, gewoon omdat men zegt dat ‘het werkt’.
  • ik volgde gedurende een vijftal maanden enkele leerkrachten die aan de slag gingen met de inhoud van het boek. Hun enthousiaste feedback laat me toe om aan het boek het predicaat ‘Geschikt voor het Vlaamse basisonderwijs van de toekomst’ toe te kennen: de interventies in het boek zijn allemaal, zonder uitzonde-ring, inclusiebestendig;
  • het preventiemodel laat zich integreren met het zorgcontinuüm zoals dat door het Vlaamse Departement Onderwijs opgelegd wordt.

Het model van Kees van Overveld stelt dat preventie kinderen behoedt voor het ontwikkelen van gedragsproblemen. Dit terwijl er vandaag nog te veel de nadruk gelegd wordt op de repressie en het achteraf repareren ervan. Hij stelt een gelaagde preventie-aanpak voor, een aanpak met drie niveaus:

  • preventie 1: plannen voor iedereen (voldoende voor 85 tot 90% van de leerlingen);
  • preventie 2: plannen voor risicoleerlingen (7 tot 10% van de leerlingen);
  • preventie 3: plannen voor probleemleerlingen (3 tot 5 % van de leerlingen).

Het zal de aandachtige lezer niet ontgaan zijn dat er sterke gelijkenissen zijn met het RTI-model (Response to Intervention) dat, ook bij ons, aan belang wint. Wanneer we deze gelaagdheid vergelijken met het Vlaamse zorgcontinuüm, dan krijgen we het volgende model:

integratie zorgcontinuüm - groepsplan gedrag

Zoals duidelijk te zien is op de afbeelding hierboven kunnen de drie preventieniveaus van Kees van Overveld perfect geïntegreerd worden in de fasen 0 tot en met 2 van het Vlaamse zorgcontinuüm.

Het boek zelf begint met de visie van de auteur op gedrag. Daarna komen de drie preventieniveaus een voor een aan bod. Het is niet haalbaar om elk preventieniveau hier te beschrijven op een manier die het recht aan doet. Daarvoor zijn de verschillende niveaus te coherent uitgewerkt. Tal van schema’s, tekstkaders en tabellen brengen zowel de theoretische achtergronden als de concrete interventies tot leven.

Het is alvast uitkijken naar de opvolger van dit boek, het Groepsplan Gedrag in het Voortgezet Onderwijs dat in april 2014 verschijnt.

naslagwerk met karakter.pngafdrukken

18:28 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Tags: begeleiding, gedrag, gedragsregels, methodiek, preventie | |

2013.10.12

MiniMaal MaxiTaal

Auteur: VoorrangsBeleid Brussel - OnderwijsCentrum Brussel
Titel: MiniMaal MaxiTaal
Een boek vol talige tips bij routines in de onthaalklas en eerste kleuterklas
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen/Apeldoorn
Jaar: 2012
Pagina's: 118
ISBN-13: 978-90-441-2921-2
Prijs: € 29,50

minimaal maxitaal - een boek vol talige tips bij routines in de onthaalklas en eerste kleuterklasHoe kun je de taal van de peuters en jongste kleuters stimuleren? Dit is de centrale vraag waarrond dit boekje is geschreven. Het antwoord op deze vraag is, hoe eigenaardig dit ook klinkt, even verrassend als vanzelfsprekend: gebruik de steeds weerkerende activiteiten waar niemand nog bij stilstaat als kweekbodem. Deze activiteiten zijn:

  • het verwelkomen en afscheid nemen;
  • het zich verplaatsen op school;
  • het aan- en uittrekken van de jassen;
  • het naar het toilet gaan;
  • het wassen van de handen;
  • het opruimen;
  • het snuiten van de neus;
  • het leegmaken en vullen van de schooltas;
  • het eten en drinken.

Door er bewust, doelgericht, betekenisvol en talig mee om te gaan, kan men de taal van de kleuters een positieve impuls geven.

In het eerste deel van dit boek omschrijven de auteurs het begrip ‘routine’ in al zijn aspecten. Deze omschrijving gaat immers veel verder dan het definiëren van het begrip alleen. De routines krijgen ook hun plaats in de gestructureerde wereld van de school en in hun gelijkenissen en verschillen met dezelfde routines uit de thuisomgeving. Tegelijk waarderen de auteurs de kleuterschool terecht als dé fundamentlegger voor de verdere schoolloopbaan. Waarmee ze meteen ook het belang ervan benadrukken. Verder leggen de auteurs in het eerste deel het verband tussen de routines en de ontwikkelingsbehoeften van de peuters en jongste kleuters en het verband tussen routines en taal. Het belang van dit laatste verband blijkt overduidelijk uit het volgende citaat:

Routines op school kunnen cruciale taalleermomenten zijn, omdat de kleuters tijdens deze momenten aan het handelen zijn, omdat ze een hele dag door voorkomen op school, aansluiten bij de behoeften van de kleuters en dikwijls worden herhaald. Aangezien ze na enige tijd herkenbaar worden voor de kleuters, kunnen ze voor een veilig gevoel zorgen en worden ze ideale momenten om in interactie en communicatie te gaan met de kleuters (blz.27).

In deze interactie en communicatie kan de kleuterleidster een relevant taalaanbod doen en feedback geven op het taalgebruik van de kinderen. Want ook omwille van de spreekkansen die deze routines aan de kinderen geven, zijn ze belangrijk. Tot slot van het eerste deel tonen de auteurs aan dat door de gemeenschappelijke zorg (en bezorgdheid) over deze routines, ook de ouders van dichtbij bij het schoolgebeuren kunnen betrokken worden.

In het tweede deel van het boek worden de hierboven opgesomde routines een voor een uitgewerkt, telkens op min of meer dezelfde manier:

  • de routine wordt onder de loep genomen;
  • men doet een aanbod van extra stimulerende taalimpulsen;
  • men geeft suggesties voor het taalaanbod, de spreekkansen en/of de feedback;
  • men geeft aan wat het ‘aandeel’ van de ouders kan zijn.

Talrijke dagboekfragmenten illustreren de verschillende delen van dit boek en maken het, samen met het goed uitgekozen fotomateriaal, zeer levendig.

Een prachtig en inspirerend boek!

afdrukken

22:40 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Tags: kleuteronderwijs, kleuters, ouders, peuters, taal, taalontwikkeling, taalstimulering, taalverwerving | |

2013.10.06

Ouderhulpkaarten Voortgezet onderwijs

Auteur: Cedin & Expertisepunt Ouderbetrokkenheid
Titel: Ouderhulpkaarten Voortgezet Onderwijs
Uitgeverij: Eduforce
Plaats: Drachten
Jaar: 2013
Pagina's: 202
ISBN-13: 978-94-91510-06-9
Prijs:  € 99,95

ouderhulpkaarten voortgezet onderwijsZowel in Vlaanderen als in Nederland merkt men dat een stuk van de opvoedingstaak van ouders doorgeschoven wordt naar de school. Op oudergesprekken komen niet alleen de leervorderingen van de leerling aan bod maar worden er door de ouders ook opvoedingsvragen gesteld. Om leerkrachten hierbij te ondersteunen, heeft de Nederlandse Stichting Cedin samen met het ExpertisePunt Ouderbetrokkenheid een reeks concrete mappen uitgewerkt. In deze reeks kwamen eerder al verschillende thema’s aan bod:

  • Ouderhulpkaarten Het Jonge Kind;
  • Ouderhulpkaarten Sociaal Emotioneel;
  • Ouderhulpkaarten Taal en lezen.

Een nieuwe map, Ouderhulpkaarten Voortgezet onderwijs, wil de ouders van kinderen uit het secundair|voortgezet onderwijs sterker maken in het begeleiden en ondersteunen van hun jonge student. Ze bestaat uit negentien verschillende kaarten die te maken hebben met een van de volgende vier thema’s:

  • Huiswerk en agenda (vb. Kaart 1: Leren ordenen en plannen);
  • Leren leren (vb. Kaart 3: Doelgericht leren);
  • Online (vb. Kaart 12: Betrouwbare informatie op internet);
  • Pubergedrag (vb. Kaart 16: Regels, grenzen en loslaten).

Op elke kaart staat een stukje achtergrondinformatie over het onderwerp. Dit wordt aangevuld met concrete tips, oefeningen, opdrachten en/of concrete activiteiten die de ouders met hun kind kunnen doen. Het is de bedoeling dat de leerkracht een van deze kaarten meegeeft met ouders, bijvoorbeeld naar aanleiding van een gesprek. Het is aan te bevelen dat hij deze kaart eerst met hen doorneemt en er een woordje uitleg bij geeft. Van elke kaart zitten er vijf exemplaren in de map. Ze kan dus aan verschillende ouders tegelijk worden uitgeleend. Wie enkele voorbeeldkaarten wil bekijken, kan dit doen op de website van de uitgeverij, www.eduforce.nl.

Ook deze map is zeker de moeite waard!

afdrukken