2017.09.30

Handelingsgericht werken in passend onderwijs

Auteur: Erik van Meersbergen & Peter de Vries
Titel: Handelingsgericht werken in passend onderwijs
Achtergronden, aanpak en hulpmiddelen
Uitgeverij: Perspectief Uitgevers
Plaats: Utrecht
Jaar: 2017 (Tweede, herziene druk)
Pagina's: 260
ISBN-13: 978-94-9126913-4
Prijs: € 29,90

handelingsgericht werken,handelingsgerichte diagnostiek,inclusief onderwijs,m-decreet,passend onderwijs,hgd,hgwNormaal zal ik niet snel een tweede druk van een boek bespreken op deze blog. Voor dit boek van Erik van Meersbergen en Peter de Vries maak ik echter graag een uitzondering. Waarom? Omdat ik nog meer achter dit boek sta dan bij mijn bespreking van de eerste druk van dit boek in oktober 2015 waar ik schreef:

Om meteen met de deur in huis te vallen: tijdens en na het lezen van dit boek van Erik van Meersbergen en Peter de Vries had ik meteen Noëlle Pameijers Yes-gevoel. Hier kunnen we, mutatis mutandis, heel wat mee in de Vlaamse scholen die vanaf dit schooljaar het M-decreet moeten implementeren. Omdat in het Vlaamse onderwijs het handelingsgericht werken al goed zijn ingang gevonden heeft, kan dit boek zeker helpen bij het scherpstellen en meer uniform maken van de door individuele leerkrachten en schoolteams geleverde inspanningen. Het is de expliciete meerwaarde van het boek om de leerkracht niet alleen vanuit zijn rol als didacticus, maar ook vanuit zijn rol als pedagoog te benaderen. Omdat de leerkracht door de komst van het M-decreet nog meer dan vroeger op deze rol zal aangesproken worden.

Mijn enthousiasme heeft alles te maken met de toevoeging van het hoofdstuk Passend onderwijs: achtergronden en ontwikkelingen. Ook al is het geschreven naar de context van het Nederlandse model voor inclusief onderwijs, is het op heel veel punten ook verhelderend voor de Vlaamse context. De auteurs staan eerst stil bij de grondslagen en de geschiedenis van het passend onderwijs. Aanbod komen onder andere de Salamancaverklaring uit 1994 en de VN-conventie inzake Rechten van Personen met een Beperking uit 2006. De aandachtige lezer leert hier zeker uit dat zowel Nederland als Vlaanderen te kampen hebben met een gapende kloof tussen de VN-conventie en hun invulling en concretisering van het inclusief onderwijs. Wat voor mij dit hoofdstuk bijzonder interessant maakt is de bespreking van het praktijkmodel van Mitchel dat zich laat schrijven als de volgende wiskundige formule:

Passend onderwijs = V + P + 4A’s + T + O + M + L

Waarbij de gebruikte parameters staan voor:

  • Visie
  • Plaatsing
  • Aangepast curriculum
  • Aangepaste toetsing
  • Aangepast onderwijs
  • Acceptatie
  • Toegankelijkheid
  • Ondersteuning en beschikbare expertise
  • Middelen en materialen
  • Leiderschap

En meteen hebben we alle ingrediënten om indien nodig een grondige foutenanalyse te doen en bij te sturen, te remediëren of te compenseren in het geval dat een en ander niet blijkt te werken. Je leest dit deel er maar eens grondig op na.

Uit het deeltje over Arrangeren kunnen de Vlaamse scholen en ondersteuningsnetwerken nog heel wat leren om hun inclusieve werking niet alleen te stroomlijnen maar ook de nodige vitaliteit te geven. Ook de stukjes over de ondersteu-nende leervormen enerzijds en co-teaching anderzijds zijn heel verhelderend.

De andere hoofdstukken uit het boek en de bijpassende instrumenten hebben nog niets van hun kwaliteit uit de eerste druk verloren. Wel integendeel.

Net zoals bij de eerste druk komt dit boek met een heus instrumentarium, inbegrepen in de aanschafprijs. Dit instrumentarium kun je via de code in het boek bekijken en gebruiken op www.hgWINpassendonderwijs.nl.

Een tweede herziene druk die er voor een keer wel mag wezen!

afdrukken

22:13 Gepost door Lieven Coppens in Perspectief Uitgevers | Permalink | Tags: handelingsgericht werken, handelingsgerichte diagnostiek, inclusief onderwijs, m-decreet, passend onderwijs, hgd, hgw | |

2017.09.24

Vraagtechnieken in de klas

Auteur: Gorden Pope
Titel: Vraagtechnieken in de klas
Pocketboek
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Rotterdam
Jaar: 2017
Pagina's: 128
ISBN-13: 978-94-6118-236-4
Prijs: € 16,00

vraagtechnieken in de klas - pocketboekVragen stellen in de klas is een gave die elke leerkracht bezit. Dat veronderstelt men althans. Maar is dat ook zo voor het stellen van de juiste vragen? Ik durf te stellen van niet. Omdat er in de klassen nog te veel vragen worden gesteld op het niveau van de oppervlakkige kennis, het geheugenwerk. Het aantal vragen dat peilt naar de diepere kennis en het leervermogen van de leerlingen, haalt het er niet bij. Dit wordt mijns inziens ook bevestigd door het onderzoek van John Hattie waar de vakkennis van de leerkracht een zeer laag effect heeft op de leerprestaties van de leerlingen. Niet omdat de leerkracht geen vakkennis bezit, wel omdat hij ze zelden of nooit gebruikt maar blijft hangen op het niveau van het oppervlakkige leren[1]. Of zoals hij het in hetzelfde boek zegt:

Er moet een belangrijke verschuiving komen van de overwaardering van oppervlakkige informatie (de eerste wereld) en de foutieve veronderstelling dat het doel van onderwijs grondig inzicht is of de ontwikkeling van denkvaardigheden (de tweede wereld), naar een evenwicht tussen beide dat ervoor zorgt dat leerlingen met meer succes plausibele theorieën over denken en de realiteit ontwikkelen (de derde wereld) [2].

En net hierin ligt de grootheid van dit kleine pocketboekje: het helpt leerkrachten om met behulp van vraagtechnieken dit evenwicht meer en meer op te zoeken. Gebaseerd op de taxonomie van Bloom maar er wel voorbij – ik weet: John Hattie had hier waarschijnlijk liever de SOLO-taxonomie van Biggs gezien - heeft Gorden Pope het stellen van de juiste vragen een hogere dimensie gegeven. Een hogere maar wel een zeer toegankelijke dimensie. Het boekje bestaat uit 6 hoofdstukken:

  • Vragen stellen
  • Het vraagklimaat
  • Vragen formuleren
  • De vraag overbrengen
  • Reageren op antwoorden
  • Een betere vragensteller worden

Is het eerste hoofdstuk het theoretische deel (nu ja, theoretisch?), dan zijn de volgende hoofdstukken zeer op de prak-tijd gericht. En soms wel confronterend voor de leerkracht die denkt het allemaal voor elkaar te hebben. Ik laat de titels van deze hoofdstukken even voor zich spreken, maar illustreer ze willekeurig aan de hand van enkele uitspraken uit het boekje:

  • Pesten en plagen is ook: ‘Verkeerde antwoorden belachelijk maken’
  • Slecht geformuleerde vragen zijn langdradig, dubbelzinnig, verpakt in extra informatie en grammaticaal onjuist
  • Je leerlingen hebben tijd nodig om na te denken, vooral als je van ze verwacht dat ze op een hoger niveau denken, een mening of een emotioneel antwoord geven. Door ze denktijd te geven, zorg je dat tijd om na te denken een vast onderdeel is van je klasroutine
  • Bescherm je leerlingen niet door alles wat ze zeggen voor de rest van de klas te herhalen. Leer ze om een spreken-in-het-openbaarstem te gebruiken als ze antwoord geven op een vraag
  • Welk soort vragen stel je het meest?

Dit is een (zak)boekje dat iedere leerkracht voortdurend bij zich zou moeten dragen en herlezen, en herlezen, en herlezen, …

Een naslagwerk met karakter!

[1] HATTIE, J., De impact van leren zichtbaar maken, Abimo|Bazalt, Sint-Niklaas|Rotterdam, 2014, blz. 211.
[2] HATTIE, J., De impact van leren zichtbaar maken, Abimo|Bazalt, Sint-Niklaas|Rotterdam, 2014, blz. 61.

naslagwerk met karakter afdrukken

12:22 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: didactiek, methodiek, vraagklimaat, vraagtechniek | |

2017.09.16

Zeppelin - Didactiek voor muzische vorming

Auteur: Koen Crul
Titel: Zeppelin
Didactiek voor muzische vorming
Uitgeverij: Pelckmans Pro
Plaats: Kalmthout
Jaar: 2017
Pagina's: 592
ISBN-13: 978-94-6337-098-1
Prijs: € 45,-

zeppelin - didactiek voor muzische vormingLaat ik maar meteen met de deur in huis vallen: Zeppelin wordt in de hele nabije toekomst de, neen dé bijbel voor heel veel leerkrachten die de muzische vorming in hun klas op een hoger niveau willen tillen. Het boek is zo rijk, zowel op inhoudelijk, didactisch, praktisch als inspirerend vlak, dat het nauwelijks te geloven is dat het door één man, Koen Crul, geschreven is. In de klas 'een crulletje doen' wordt de nieuwe standaard voor het muzische onderwijs.

Wat mij in het bijzonder gelukkig maakt, is het feit dat Koen Crul aantoont dat een theoretische achtergrond, een visie de noodzakelijke voorwaarde is om het gewone van 'een knutselwerkje maken', 'een liedje zingen', 'een dansje doen' te overstijgen. Dit is des te belangrijker in een tijd waarin veel leerkrachten naar een vorming komen voor 'praktische' tips en ervan gruwen om eerst ondergedompeld te worden in een theoretisch kader dat die 'praktische' tips juist hun meerwaarde geeft. De conclusie achteraf dat het 'allemaal niet werkt' heeft vaak met dit gebrek aan achtergrondvisie te maken. Niet bij Koen Crul dus.

Het boek bestaat uit dertien hoofdstukken verdeeld over 4 stappen. Deze vier stappen zijn, zoals men dat zo mooi in het hoger onderwijs zegt, wat mij betreft volgtijdelijk: ze bouwen chronologisch op elkaar voor en je mag geen enkele stap overslaan. Deze vier stappen zijn:

  • Visie
  • Concept
  • Activiteit
  • Leerlijn

Met het zetten van de eerste stap, visie, staat of valt het hele verhaal. Je kunt hem niet overslaan, je moet erdoor, je moet hem op je af laten komen, je moet met en over hem reflecteren, je moet hem integreren. In deze eerste stap leer je meer over de taal van de kunsten, maak je kennis met de zes muzische domeinen (beeld, muziek, drama, beweging/dans, woord en media), krijg je inzicht in de fundamenten, leer je dat er zoiets bestaat als een muzische grondhouding en krijg je een aantal kwaliteitscriteria mee. Het gaat hier dus om de zuurstof van de muzische begeleider en de ruimte die hij voor zichzelf moet creëren. Of om in de Zeppelin-metafoor van Koen Crul te blijven: het helium en de vrije ruimte.

De tweede stap gaat over het kader van waaruit de muzische begeleider werkt of het bouwen van het basisskelet van de Zeppelin. Dit kader bestaat uit essentiële bouwstenen (verschillend per domein), werkvormen en technieken, muzische onderwerpen en het concept van de muzische activiteit. Theorie en praktijk reiken elkaar hier de hand.

In de derde stap wordt het zeil over de Zeppelin gespannen en worden alle benodigde touwen op de juiste spanning gebracht. Met andere woorden: de muzische activiteit krijgt vorm in het brein van de muzische begeleider. Let wel: het gaat hier niet enkel over muzische opdrachten en het opbouwen van activiteiten, maar ook over het stimuleren van de creativiteit en het 'beschouwen'. Wat dat laatste inhoudt, laat ik met plezier de lezer zelf ontdekken.

Stap vier, de leerlijn, gaat dieper in op thema's als geïntegreerd werken, het scheppen van een muzisch klimaat, het evalueren van de muzische vorming en muzische leerlijnen.

Dit is een didactisch boek met een hele grote D. Maar laat je hierdoor niet afschrikken. Het is duidelijk dat Koen Crul het motto Teach what you preach heeft toegepast. Zeppelin is heel muzisch aangepakt. De voorbeeldlessen aan het begin van ieder hoofdstuk, het internetmateriaal, het vele duidelijke fotomateriaal, de verhelderende schema’s bewijzen dit ten volle.

Een boek om goesting te krijgen!

afdrukken

19:08 Gepost door Lieven Coppens in Pelckmans Pro | Permalink | Tags: didactiek, methodiek, muzische vorming | |