2010.08.10

Wat werkt: Pedagogisch handelen en klassenmanagement

Auteur: Robert Marzano, Jana Marzano & Debra Pickering
Titel: Wat werkt: Pedagogisch handelen en klassenmanagement - Evidence-based strategieën voor iedere leraar
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Vlissingen
Jaar: 2010
Pagina's: 146
ISBN-13: 978-90-74233-95-8
Prijs: € 52,-

wat werkt: pedagogisch handelen en klassenmanagement - evidence-based strategieën voor iedere leraarUit Wat werkt op school van Robert Marzano leerden we dat er op het niveau van de leerkracht drie factoren zijn die de leerprestaties van leerlingen bevorderen:

  • de didactische aanpak;
  • het pedagogisch handelen en het klassenmanagement;
  • de sturing en het herontwerpen van het programma.

Dit boek staat helemaal in het teken van de tweede factor op leerkrachtenniveau.

Uit de meta-analyse van het wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat er 4 belangrijke componenten bestaan die storend gedrag van de leerlingen gevoelig verminderen:

  • de mentale instelling van de leraar;
  • de manier van omgaan met storend gedrag;
  • de relatie tussen leraar en leerling;
  • het gebruik van regels en routines.

Die vermindering kan geobjectiveerd worden in een percentage:

Componenten Vermindering van storend gedrag
De mentale instelling van de leraar 40 %
De manier van omgaan met storend gedrag 32 %
De relatie tussen leraar en leerling 31 %
Het gebruik van regels en routines 28 %

Het spreekt vanzelf dat het gecombineerd gebruiken van deze strategieën resulteert in een nog grotere afname van het storend gedrag van de leerlingen. Wat echter niet betekent dat men de percentages uit de bovenstaande tabel zonder meer kan optellen. Maar dat had je na een eenvoudig rekensommetje (131 %) natuurlijk al door.

In het eerste hoofdstuk onderschrijft Marzano nog maar eens één van de uitgangspunten van het handelingsgericht samenwerken zoals Noëlle Pameijer het formuleert: de leerkracht doet er toe! Daarnaast geeft hij een korte geschiedenis van het onderzoek naar het pedagogische handelen en het klassenmanagement. Hij geeft eveneens een woord uitleg bij zijn meta-analyse van de bovenstaande componenten. Om te eindigen met een zeer positieve boodschap: goede klassenmanagers worden niet geboren, ze kunnen redelijk vlug gemaakt worden. En ook deze stelling is evidence-based!

De vier beschreven componenten komen in de hoofdstukken 2 tot en met 5 ruim aan bod. Marzano be-handelt per hoofdstuk één component en doet dit steeds op dezelfde manier. Eerst bespreekt hij de theorie en de resultaten van het wetenschappelijk onderzoek, om daarna enkele Engelstalige programma’s te presenteren. Het is de verdienste van de Nederlandse uitgeverij Bazalt dat dit telkens aangevuld wordt met een voorstelling van Nederlandse programma’s. Vervolgens formuleert Marzano enkele actiestappen die de leerkracht kan ondernemen. Elk hoofdstuk sluit hij af met een zeer kernachtige samenvatting.

Maar dat is niet alles. Marzano besteedt ook aandacht aan de verantwoordelijkheid van de leerlingen. Het kernwoord hier is zelfdiscipline. Ook hier steunt hij zich op de theorie en de resultaten van het wetenschappelijk onderzoek. Laat het duidelijk zijn: het aanleren van eigen verantwoordelijkheid bij de leerlingen is een krachtig middel maar vraagt dat de leerkracht bereid is om:

  • een persoonlijke relatie met de leerlingen op te bouwen die verder gaat dan de noodzakelijke omgang voor zuiver onderwijskundige doeleinden;
  • buiten schooltijd contacten met ouders en leerlingen te onderhouden, zonder daarvoor financieel beloond te worden;
  • om te gaan met soms ingewikkelde problemen zonder daarvoor opgeleid te zijn;
  • desgevallend het hoofd te bieden aan tegenstand van de schoolleiding;
  • om te gaan met weerstand of frustratie bij de leerling, zijn familie of andere betrokkenen.

Ook hier worden een aantal programma’s en actiestappen voorgesteld. En volgt er een kernachtig besluit.

In het zevende hoofdstuk benadrukt Marzano dat het begin van het schooljaar zeer belangrijk is op het vlak van een goed klassenmanagement. Hij levert enkele actiestappen aan die iedere (beginnende) leerkracht best ter harte neemt. In het achtste en laatste hoofdstuk toont hij aan dat naast het klassenmanagement ook het schoolbreed management een belangrijke rol speelt. En dat ze beiden in een symbiotische relatie tot elkaar staan.

Opnieuw een standaardwerk!

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

20:07 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: klassenmanagement, leerkrachten, marzano, onderwijsonderzoek, pedagogisch handelen, evidence based | |

2010.08.08

Wat werkt in de klas

Auteur: Robert Marzano
Titel: Wat werkt in de klas - Research in actie - Didactische strategieën die aantoonbaar effect hebben op leerprestaties
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Vlissingen
Jaar: 2009 (tweede druk)
Pagina's: 148
ISBN-13: 978-90-74233-79-8
Prijs: € 51,-

wat werkt in de klas - research in actie - didactische strategieën die aantoonbaar effect hebben op leerprestatiesUit Wat werkt op school van Robert Marzano leerden we dat er op het niveau van de leerkracht drie factoren zijn die de leerprestaties van leerlingen bevorderen:

  • de didactische aanpak;
  • het pedagogisch handelen en het klassenmanagement;
  • de sturing en het herontwerpen van het programma.

Zijn boek Wat werkt in de klas staat helemaal in het teken van de eerste factor op leerkrachtenniveau, de didactische aanpak.

Uit de meta-analyse van het wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat er negen didactische strategieën bestaan die zeer effectief zijn. De percentielwinst bij het gebruik van deze strategieën is een objectieve maat voor hun effectiviteit. Hieronder geven we deze negen strategieën weer met de daarbij horende percentielwinst. Deze tabel vind je in het boek terug op blz.8.

Didactische strategie Percentielwinst
Identificeren van overeenkomsten en verschillen 45
Samenvatten en notities maken 34
Inspanningen bevestigen en erkenning geven 29
Huiswerk en oefening 28
Non-verbale representatie 27
Coöperatief leren 27
Doelen stellen en feedback geven 23
Vragen formuleren en hypotheses testen 23
Voorkennis activeren met vragen, aanwijzingen en kapstokken 22

Elke strategie heeft haar eigen effect en specifiek toepassingsgebied. Daarmee dient men rekening te houden als men één of meerdere strategieën als onderwerp van onderwijsverbetering kiest.

Het eerste deel van dit boek staat uitgebreid stil bij elk van deze strategieën. Ze krijgen elk een eigen hoofdstuk aangemeten. Daarin lees je eerst en vooral wat onderzoek en theorie te zeggen hebben. Als voorbeeld geef ik de vier belangrijke uitgangspunten bij het Identificeren van overeenkomsten en verschillen zoals ze in dit boek gepresenteerd worden (blz.16-17):

  • Het geven van duidelijke richtlijnen bij het identificeren van overeenkomsten en verschillen aan leerlingen vergroot hun begrip en hun vermogen kennis toe te passen.
  • Leerlingen opdragen zelfstandig overeenkomsten en verschillen te identificeren, vergroot hun begrip en hun vermogen kennis toe te passen.
  • Het presenteren van overeenkomsten en verschillen in grafische of symbolische vorm vergroot het begrip van leerlingen en hun vermogen kennis toe passen.
  • De identificatie van overeenkomsten en verschillen kan op meerdere manieren tot stand worden gebracht. Vier verschillende vormen zijn hierbij zeer effectief:
    • vergelijken;
    • classificeren;
    • creëren van metaforen;
    • creëren van analogieën.

In het tweede deel van elk hoofdstuk lees je heel concreet hoe je deze strategie in de praktijk kunt toepassen. Concrete voorbeelden, tabellen en schema’s zorgen ervoor dat alles snel duidelijk is.

De negen strategieën uit het eerste deel werken goed bij elke soort vakkennis. Toch is er ook nood aan specifieke didactische strategieën voor meer specifieke vakkennis. Dit komt aan bod in het eerste hoofdstuk van het tweede deel over specifieke toepassingen. Op dezelfde manier als in de hoofdstukken van het eerste deel reikt Marzano de specifieke strategieën aan voor:

  • het leren van woordenschat, begrippen en uitdrukkingen;
  • het leren van details;
  • het organiseren van generalisaties en principes;
  • het leren van mentale vaardigheden;
  • het leren van processen.

Daarna lees je in het tweede hoofdstuk van dit tweede deel ook heel concreet hoe je de negen categorieën uit het eerste deel kunt gebruiken bij de didactische planning.

Een boek dat de status van didactische Bijbel zeker verdient.

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

17:24 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: didactiek, leerkrachten, marzano, onderwijsonderzoek, evidence based | |

2010.08.01

Wat werkt op school?

Auteur: Robert Marzano
Titel: Wat werkt op school - Research in actie - Meta-analyse van 35 jaar onderwijsreserach direct toepasbaar in beleid en praktijk - Beter leerproces, hogere resultaten
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Vlissingen
Jaar: 2009 (derde druk)
Pagina's: 160
ISBN-13: 978-90-74233-70-5
Prijs: € 58,-

wat werkt op school - research in actie - meta-analyse van 35 jaar onderwijsreserach direct toepasbaar in beleid en praktijk - beter leerproces, hogere resultatenRobert Marzano is een Amerikaanse onderwijswetenschapper. Samen met zijn team voerde hij een meta-analyse[1] uit op de resultaten van 35 jaar onderwijsonderzoek in Amerika, Canada en Europa. Deze meta-analyse beperkte zich tot deze onderwijsveranderingen die de leerprestaties van leerlingen echt lijken te beïnvloeden. Dankzij hem beschikken we nu over harde onderwijsfeiten over wat werkt. Zowel binnen het kader van het evidence-based werken als dat van de handelingsgerichte diagnostiek en het handelingsgericht (samen)werken zijn deze onderwijsfeiten onontbeerlijk. Wat mij betreft moet het volledige werk van Marzano een vast onderdeel worden van alle lerarenopleidingen. En een verplicht onderdeel van alle Banaba-opleidingen voor leerkrachten.

In dit boek brengt Marzano in zijn inleiding al meteen een zeer positieve boodschap: scholen doen er toe! Als er al problemen zijn, dan is niet de inzet van de scholen en hun leerkrachten het probleem. Neen, zij weten gewoon onvoldoende wat er goed is voor de leerlingen en welke verbeteringen ze moeten invoeren. Marzano stelt klaar en duidelijk dat scholen een enorme invloed kunnen hebben op het leren van hun leerlingen als ze de onderzoeksresultaten volgen. Hij gaat zelfs verder: echt goede scholen – en dat zijn dus deze die de onderzoeksresultaten volgen – halen resultaten waarbij de achtergronden van de leerlingen bijna volledig onbelangrijk zijn. Dit moet iedereen met een hart voor gelijke onderwijskansen als muziek in de oren klinken. Er zijn drie soorten factoren die de resultaten van de leerlingen bevorderen:

  • factoren op het niveau van de school;
  • factoren op het niveau van de leraar;
  • factoren op het niveau van de leerling.

Deze factoren bepalen dan ook de drie grootste secties van het boek.

In de eerste sectie bespreekt Marzano de vijf factoren die op het niveau van de school belangrijk zijn om de leerprestaties van de leerlingen te bevorderen:

  • een haalbaar en gedegen programma;
  • uitdagende doelen en effectieve feedback;
  • de betrokkenheid van ouders en gemeenschap;
  • een veilige en ordelijke omgeving;
  • de professionaliteit en collegialiteit.

Marzano bespreekt elk van deze factoren heel concreet. Hij legt niet alleen uit wat je er moet onder verstaan. Hij licht ze ook toe aan de hand van concrete voorbeelden. De kers op de taart zijn de actiestappen die hij telkens aanbeveelt om de factor zo goed mogelijk te realiseren. Als voorbeeld geef ik zijn actiestappen bij de factor Een haalbaar en gedegen programma weer (blz. 23-29).

Actiestap 1: Bepaal welke leerstof als zeer belangrijk voor alle leerlingen wordt gezien en welke leerstof als aanvulling wordt beschouwd of alleen noodzakelijk voor degene die een vervolgopleiding willen gaan volgen. Deel dit mee aan leraren en leerlingen.
Actiestap 2: Zorg ervoor dat de zeer belangrijke leerstof kan worden behandeld in de tijd die beschikbaar is voor onderwijs.
Actiestap 3: Breng een volgorde aan in de essentiële leerstof en maak een zodanige indeling dat leerlingen een ruime gelegenheid hebben om de stof te leren.
Actiestap 4: Zorg ervoor dat leraren de essentiële leerstof behandelen.
Actiestap 5: Bescherm de beschikbare tijd voor onderwijs.

Hoe je dit doet, vind je terug in het boek zelf.

De tweede sectie behandelt op dezelfde manier de factoren op het niveau van de leerkracht. Achtereenvolgens komen aan bod:

  • de didactische aanpak;
  • het pedagogisch handelen en het klassenmanagement;
  • de sturing en het herontwerpen van het programma.

Net zoals in de andere secties leer je hier ook hoe Marzano er toe kwam om deze factoren te weerhouden.

In de derde sectie van het boek leer je de factoren kennen op het niveau van de leerling zelf: de thuissituatie, de achtergrondkennis en de motivatie. Enkel op het niveau van de thuissituatie geeft Marzano geen actiestappen omdat hij, geheel terecht, meent dat de school er niet op een directe manier in mag tussenkomen.

In de korte vierde sectie van het boek legt Marzano uit hoe men met dit model kan werken op school.

De boeken van Marzano voorstellen is niet gemakkelijk. De inhoud is zo kernachtig weergegeven dat deze zich maar moeilijk samenvatten. Maar laat dit duidelijk zijn: niemand uit het onderwijs mag zeggen evidence-based bezig te zijn zonder Marzano gelezen te hebben!


[1] Op de website www.watwerktopschool.nl, een initiatief van Bazalt, lezen we: Een meta-analyse is een onderzoek waarin onderzoeken van een bepaald fenomeen worden samengevoegd om één secuurdere uitkomst te verkrijgen. Er wordt uit literatuur informatie gehaald over onderzoeken die over dat fenomeen gaan en met behulp van statistische methoden worden deze gemiddeld en wordt er aan de hand van de uitkomsten een algemene conclusie getrokken. Meta-analyses zijn belangrijk omdat de uitkomst veelal significanter is dan elk onderzoek afzonderlijk.

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

22:33 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: didactiek, klassenmanagement, leerkrachten, leerlingen, marzano, onderwijsbeleid, onderwijsonderzoek, evidence based | |

2010.03.14

De kracht van Meervoudige Intelligentie

Auteur: Dook Kopmels
Titel: De kracht van Meervoudige Intelligentie - Een theorie omgezet in een praktische aanpak met beter leren en meer geluk voor leerlingen en leraren
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Vlissingen
Jaar: 2008 (derde druk)
Pagina's: 52
ISBN-13: 978-90-74233-39-2
Prijs: € 15,-

de kracht van meervoudige intelligentie - een theorie omgezet in een praktische aanpak met beter leren en meer geluk voor leerlingen en lerarenDoor de bril van de Meervoudige Intelligentie bekeken, sluit het klassieke onderwijs hoofdzakelijk aan bij slechts twee van de acht intelligenties: de Verbaallinguïstische en de Logischmathematische intelligentie. Dat betekent dat de leerlingen die sterk zijn in de zes andere intelligenties, moeilijker toegang hebben tot de leerstof. Nochtans is het volgens de auteur een kleine moeite voor de leerkracht om iedereen aan bod te laten komen. Door de lessen zo te veranderen dat ze alle intelligenties aanspreken. Met andere woorden: door de lessen structureel aan te pakken.

Af en toe onderbroken door een "gevalsbeschrijving", bespreekt de auteur alle intelligenties op dezelfde manier:

  • Wat is het?
  • Wat zijn de kenmerken ervan die je bij de leerlingen kunt zien?
  • Welke soort activiteiten sluit bij deze intelligentie aan (+ voorbeelden)?
  • Waar vind je meer informatie?

Deze hoofdstukken helpen de leerkracht op weg om elk van de intelligenties in de lessen een plaats te geven. Minstens even belangrijk zijn de hoofdstukken die daarna komen.

In het twaalfde hoofdstuk zet de auteur de verschillende intelligenties nog eens op een rijtje. Vanuit het standpunt van de leerling die vanuit deze intelligentie leert en werkt. Eigenlijk is dit een hoofdstukje "Hoe leer ik mijn leerlingen beter kennen". Omdat deze intelligenties ook aan het Zijn van de leerlingen raken.

Het dertiende en laatste hoofdstuk van dit boek vind ik persoonlijk het boeiendste. Het biedt per intelligentie een lijstje met concrete observatiepunten. Aan de hand daarvan kun je jouw leerlingen snel typeren.

Een handig boekje voor de leerkracht die in de klas snel met de theorie van de Meervoudige Intelligentie aan de slag wil.

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

19:20 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: intelligentie, meervoudige intelligentie, mi | |

Meervoudig intelligent? - Kaartspel

Auteur: Bazalt
Titel: Meervoudig intelligent? - Kaartspel
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Vlissingen
Jaar: s.a.
Pagina's: Kaartspel met 54 kaarten
ISBN-13: -
Prijs: € 24,-

kaartspel meervoudige intelligentieDe theorie van de Meervoudige Intelligentie van Howard Gardner heeft het onderwijs veroverd. Niet in het minst omdat ze de kijk op intelligentie en intelligent gedrag grondig heeft veranderd. Intelligent gedrag is veel ruimer dan het resultaat van een klassieke intelligentietest. De klassieke intelligentietest die men de laatste jaren steeds vaker op de korrel neemt. Maar dat is een andere discussie. Volgens Howard Gardner is intelligent gedrag de bekwaamheid om:

  • problemen op te lossen
  • vragen op te roepen
  • iets te vervaardigen in een gewone en betekenisvolle omgeving

Howard Gardner onderscheidt acht soorten intelligenties. Deze staan elk voor een bepaalde competentie bij leerlingen. Niet al deze intelligenties, competenties zijn bij een mens even sterk ontwikkeld. Het is in het onderwijs dan ook goed om daar zicht op te krijgen. Het Nederlandse Bazalt ontwikkelde daarvoor een kaartspel.

Het is de bedoeling dat een leerling de veertig kaarten (5 per intelligentie) sorteert. Jonge kinderen doen dit door de kaarten te verdelen over de selectiekaarten [kan ik goed] / [kan ik niet goed] of [leuk] / [niet leuk]. Of door eerst de 40 kaarten te verdelen over de selectiekaarten [kan ik goed] / [kan ik niet goed] en daarna de kaarten onder [kan ik goed] nog eens te verdelen over de kaarten [leuk] / [niet leuk]. Oudere kinderen kunnen die veertig kaarten meteen in een matrix leggen die men vormt door de vier selectiekaarten twee aan twee op een as te leggen. Deze matrix ziet er zo uit:

 

kan ik
goed

kan ik
niet goed

leuk

   

niet leuk

   

Is de leerling klaar, dan kan de begeleider de kaartjes die vallen onder de selectiekaarten [kan ik goed] en/of [vind ik leuk] verdelen over de verschillende intelligenties. Op die manier krijgt hij een indruk hoe de leerling intelligent is.

Op http://www.bazalt.nl/mi-kaartenspel kun je terecht voor de handleiding en de instructies, een toelichting bij de afbeeldingen die symbool staan voor de verschillende intelligenties en enkele toepassings-mogelijkheden van dit kaartspel.

Een heel leuke en leerrijke manier om met kinderen rond meervoudige intelligentie te werken.

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

17:43 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: intelligentie, meervoudige intelligentie, mi | |