2011.10.23

De Kunst en Wetenschap van het Lesgeven

Auteur: Robert Marzano
Titel: De Kunst en Wetenschap van het Lesgeven. Een evidence-based denkkader voor goed, opbrengstgericht onderwijs. Tien vragen (én antwoorden) om uw lessen sterker te maken.
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Vlissingen
Jaar: 2011
Pagina's: 320
ISBN-13: 978-94-6118-022-3
Prijs: € 69,-

de kunst en wetenschap van het lesgeven - een evidence-based denkkader voor goed, opbrengstgericht onderwijs - tien vragen (én antwoorden) om uw lessen sterker te makenWat is een goede les? Dit is een vraag die in het onderwijs, ongeacht het niveau, voortdurend brandend actueel (moet) zijn. Samengevat komt het hierop neer: goed onderwijs bestaat uit de juiste mengeling van vier belangrijke onderwijsfactoren. Deze factoren zijn:

  • het kiezen van de juiste onderwijsstrategie;
  • het goed pedagogisch handelen;
  • het klassenmanagement;
  • het afstemmen van het onderwijsaanbod op de specifieke onderwijsbehoeften van de leerlingen.

Zoals steeds is het geheel hier meer dan de som van alle delen. Het kreeg zelfs een eigen naam mee: opbrengstgericht werken.

Zoals we dat van hem gewoon zijn, ging Marzano in de internationale vakliteratuur op zoek naar methoden waarvan wetenschappelijk werd vastgesteld dat ze garant staan voor een goede les. Heel belangrijk daarbij is – maar dat wisten we al vanuit andere werken van Marzano – dat naast die goede methoden (de wetenschap) ook het vakmanschap van de leerkracht (de kunst) zeer belangrijk is.

Maar wat is nu een goede les? Marzano lost deze vraag op door een antwoord op tien vragen te geven:

  • Hoe stel ik leerdoelen vast en communiceer ik deze, houd ik vorderingen van leerlingen bij en vier ik successen?
  • Hoe laat ik leerlingen omgaan met nieuwe kennis?
  • Hoe laat ik leerlingen oefenen en hun begrip van nieuwe kennis verdiepen?
  • Hoe laat ik leerlingen hypothesen opstellen over nieuwe kennis en deze toetsen?
  • Hoe krijg ik betrokken leerlingen?
  • Hoe stel ik regels en routines op én hoe handhaaf ik deze?
  • Hoe herken en erken ik de naleving en het gebrek aan naleving van regels en routines?
  • Hoe bouw en onderhoud ik een goede relatie met leerlingen?
  • Hoe communiceer ik hoge verwachtingen voor alle leerlingen?
  • Hoe ontwikkel ik goede lessen binnen een samenhangend geheel?

Marzano beantwoordt elke vraag in dezelfde zeven stappen:

  • Elke vraag start met een lijst van Trefwoorden die de inhoud van het antwoord weerspiegelen;
  • Het onderdeel De praktijk vat vooraf de verschillende stappen samen die je moet zetten als je het antwoord op de vraag in de eigen klas wil toepassen;
  • In de rubriek In de klas krijg je een uitgewerkt praktijkvoorbeeld;
  • De onderzoeksgegevens die betrekking hebben op de gestelde vraag vind je terug in het onderdeel Onderzoek en theorie.
  • De te nemen Actiestappen vind je uitgewerkt in de gelijknamige rubriek;
  • De Samenvatting zet alle elementen van het antwoord nog eens beknopt op een rijtje;
  • De rubriek Verder lezen geeft enkele bronnen met meer informatie aan.

Lees zeker ook altijd de virtuele gele kleefnotities die in de marge staan en de praktijkvoorbeeldjes op de oranje achtergrond. Zij geven aan het boek nog een extra dimensie.

Net zoals de andere boeken van Marzano is dit werk een onontbeerlijk naslagwerk voor iedereen die de kwaliteit van het onderwijs wil verbeteren. Een aanrader voor zowel de leerkrachten als de onderwijsbegeleiders, ongeacht of ze dichtbij bij de leerlingen staan of niet.

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

18:37 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: klassenmanagement, leerkrachten, marzano, onderwijsonderzoek, onderwijsstrategie, opbrengstgericht, pedagogisch handelen, evidence based | |

2011.04.30

Kidspiration Interactief

Auteur: Ab van den Bosch & Michel van de Ven
Titel: Kidspiration® Interactief. Superschema's Digitaal. Volgens de principes van Structureel Coöperatief Leren en Meervoudige Intelligentie
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Vlissingen
Jaar: 2008 (tweede druk)
Pagina's: 54 + Cd-rom
ISBN-13: 978-90-74233-69-9
Prijs: € 49,-

kidspiration interactief - superschema's digitaal - volgens de principers van structureel coöperatief leren en meervoudige intelligentieKidspiration® is een programma dat zich baseert op de principes van het visuele leren. Het visuele leren stelt dat leerlingen en studenten, door informatie ruimtelijk en visueel voor te stellen:

  • zich kunnen concentreren op de betekenis;
  • gelijkaardige ideeën gemakkelijker kunnen groeperen;
  • informatie beter kunnen reorganiseren;
  • hun visueel geheugen beter kunnen gebruiken.

Wetenschappelijk onderzoek heeft intussen aangetoond dat visueel leren bij studenten de volgende vaardigheden gevoelig versterkt:

  • het kritisch denken;
  • het onthouden;
  • het begrijpen;
  • het gebruiken van voorkennis;
  • het onderkennen van verbanden en patronen;
  • het weergeven van complexe informatie;
  • het flexibele en creatief omgaan met informatie.

Wie meer wil weten over het evidence-based karakter van het visuele leren moet zeker het volgende lezen:

In dit boek tonen de auteurs aan hoe men de digitale opdrachten die men met Kidspiration® maakt kan combineren met de werkwijze van Structureel Coöperatief Leren en de verworvenheden van de theorie van de Meervoudige Intelligentie. Ze doen dit na een korte inleiding op het programma zelf. Hierin maken ze duidelijk hoe het in het onderwijs kan ingezet worden. De lezer krijgt tegelijk enkele opdrachten mee die hem met het programma laten kennismaken.

Vervolgens – en intussen zijn we bij hoofdstuk vier aanbeland – bespreken ze hoe Kidspiration® kan gebruikt worden bij vier didactische structuren:

  • Breinkaart;
  • Tweetal coach;
  • Tafelrondje;
  • Zoek De Valse.

Bij elk van deze structuren leggen de auteurs uit hoe de structuur in elkaar zit en hoe ze op de computer en/of aan het digitale schoolbord kan gebruikt worden. Verder geven ze tal van suggesties voor verdere activiteiten.

In het vijfde hoofdstuk van het boek vind je een overzicht van de Kidspiration®-activiteiten die op de bijgevoegde Cd-rom staan met per activiteit aanduidingen voor:

  • de didactische structuren die kunnen gebruikt worden;
  • de leerjaren waarin ze gebruikt kunnen worden;
  • de mogelijke organisatievormen;
  • de domeinen van het Structureel Coöperatief Leren waarop ze van toepassing zijn;
  • de soorten intelligentie uit de theorie van de Meervoudige Intelligentie die betrokken zijn.

Het zesde hoofdstuk legt uit hoe visuele gereedschappen zoals de breinkaart de verbinding kunnen leggen tussen de werking van de hersenen en het denken.

Dit boek is de ultieme handleiding om op een zinvolle manier met het programma Kidspiration® aan de slag te gaan.

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

22:14 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: coöperatief leren, ict, kidspiration, meervoudige intelligentie, mi, mindmap, mindmapsoftware, structureel coöperatief leren | |

2011.02.26

Meervoudige Intelligentie

Auteur: Spencer Kagan & Miguel Kagan
Titel: Meervoudige Intelligentie - Het complete MI boek
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Vlissingen
Jaar: 2009 (vierde druk)
Pagina's: 762 (3 delen in cassette)
ISBN-13: 978-90-74233-05-7
Prijs: € 92,-

meervoudige intelligentie - het complete mi boekJe kunt niets zeggen over de Vlaamse Primitieven als je het Lam Gods van de gebroeders Van Eyck niet tot in de kleinste details bestudeerd hebt. Je kunt evenmin iets zeggen over het toepassen in het onderwijs van Gardners theorie van de meervoudige intelligentie als je dit boek van Spencer en Miguel Kagan niet grondig las. Net zoals een middeleeuwse polyptiek belicht het alle mogelijkheden tot in de kleinste details. Een dergelijk standaardwerk beschrijven op één A-viertje is geen sinecure. We doen een poging.

In het eerste deel introduceren de auteurs de theorie van de meervoudige intelligenties. Ze doen de inbreng van Spencer Kagan over de toepasbaarheid van deze theorie in het onderwijs uit de doeken. De visies matchen, stretchen en vieren worden geïntroduceerd en krijgen hun inhoudelijke vulling.

Het begrip intelligentie wordt kritisch bekeken en krijgt een andere dan de traditionele betekenis. Verder worden de acht soorten intelligentie volgens Gardner scherp afgebakend terwijl hun onderlinge afhankelijkheid toch sterk benadrukt wordt. Daarnaast gaan de auteurs op zoek naar andere soorten intelligenties. De beschrijving van hun zoektocht is op zijn minst verhelderend. Alleen maar als bewijs dat er wel degelijk een aantal criteria gelden waaraan moet voldaan worden. Het eerste deel eindigt met het intussen genoegzaam bekende adagium: We vragen ons intussen niet langer af of een leerling knap is, maar hoe die leerling knap is. Het antwoord blijkt te zijn dat iedere leerling knap is op vele manieren.

Het tweede deel zal ongetwijfeld de leerkrachten het meeste aanspreken. Hierin beschrijven de auteurs enerzijds de didactische structuren die tegemoet komen aan de acht verschillende intelligenties. Dit zijn structuren die elke les tot een motiverende en betekenisvolle MI les maken. Ongetwijfeld zal dit onderdeel voor veel leerkrachten op bepaalde punten zowel confronterend als verrijkend zijn. Confronterend omdat iedere leerkracht ook vanuit zijn unieke combinatie van intelligenties les geeft, verrijkend omdat hij zich meer bewust zal zijn van de voor- en nadelen van het eigen didactische handelen. Naast het beschrijven van deze 160 didactische structuren bieden de auteurs in dit deel 125 volledig uitgewerkte activiteiten aan die in de klas kunnen gebruikt worden. In een handige bijlage staat bovendien per didactische structuur aangegeven welke intelligenties er aangesproken worden.

Het derde deel speelt zeer sterk in op de actualiteit van de opdracht van de (Vlaamse) scholen om hun beleidsvoerend vermogen te versterken. Elke school moet flexibel inspelen op allerlei maatschappelijke verwachtingen en uitdagingen. Tegelijk moet ze volop investeren in gelijke onderwijskansen, zorg voor leerlingen met leerstoornissen … In die omgeving kwaliteit garanderen, vraagt dat een school selectief omgaat met prikkels uit de omgeving. Keuzes maken en een eigen pedagogische identiteit ontwikkelen, is een noodzaak. Ik ben er van overtuigd dat na het lezen van dit derde deel veel schooldirecties de nodige inspiratie zullen hebben om deze opdracht constructief aan te vatten. De hoofdstukken rond de MI klas en de MI school lenen zich daar bij uitstek toe.

Dit derde deel gaat verder in op een aantal belangrijke vragen. Onder andere of MI moet getest worden in functie van gedifferentieerd onderwijs en op welke manier dit kan gebeuren. En hoe je de resultaten van deze tests en observaties moet duiden. De visie van de auteurs op differentiatie zal alvast menig leerkracht danig verrassen. Heel verfrissend is trouwens het hoofdstuk over authentiek beoordelen. In een tijd dat veel scholen op zoek zijn naar alternatieve vormen van rapportage kan dit zeer inspirerend werken.

De theorie van de meervoudige intelligentie ligt vanuit verschillende hoeken onder vuur. Dat beseffen de auteurs ook. De laatste hoofdstukken van dit derde deel zijn dan ook gewijd aan de evaluatie van deze theorie. Deze hoofdstukken moet je beslist eerst lezen alvorens uitspraken te doen over dit standaardwerk!

Nu het inclusief onderwijs door de Convention on the Rights of Persons with Disabilities (2006) van de Verenigde Naties duidelijk als een recht beschouwd wordt (lees artikel 24), en deze conventie door alle landen van de Europese Unie in december 2010 geratificeerd werd, kan het effect hiervan op het Vlaamse leerzorgkader niet uitblijven. In deze context kan het voorliggende boek van Spencer en Miguel Kagan voor veel scholen een hulp zijn om een nieuw en inclusief kader uit te tekenen.

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

14:43 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: intelligentie, meervoudige intelligentie, mi | |

2010.08.10

Wat werkt: Pedagogisch handelen en klassenmanagement

Auteur: Robert Marzano, Jana Marzano & Debra Pickering
Titel: Wat werkt: Pedagogisch handelen en klassenmanagement - Evidence-based strategieën voor iedere leraar
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Vlissingen
Jaar: 2010
Pagina's: 146
ISBN-13: 978-90-74233-95-8
Prijs: € 52,-

wat werkt: pedagogisch handelen en klassenmanagement - evidence-based strategieën voor iedere leraarUit Wat werkt op school van Robert Marzano leerden we dat er op het niveau van de leerkracht drie factoren zijn die de leerprestaties van leerlingen bevorderen:

  • de didactische aanpak;
  • het pedagogisch handelen en het klassenmanagement;
  • de sturing en het herontwerpen van het programma.

Dit boek staat helemaal in het teken van de tweede factor op leerkrachtenniveau.

Uit de meta-analyse van het wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat er 4 belangrijke componenten bestaan die storend gedrag van de leerlingen gevoelig verminderen:

  • de mentale instelling van de leraar;
  • de manier van omgaan met storend gedrag;
  • de relatie tussen leraar en leerling;
  • het gebruik van regels en routines.

Die vermindering kan geobjectiveerd worden in een percentage:

Componenten Vermindering van storend gedrag
De mentale instelling van de leraar 40 %
De manier van omgaan met storend gedrag 32 %
De relatie tussen leraar en leerling 31 %
Het gebruik van regels en routines 28 %

Het spreekt vanzelf dat het gecombineerd gebruiken van deze strategieën resulteert in een nog grotere afname van het storend gedrag van de leerlingen. Wat echter niet betekent dat men de percentages uit de bovenstaande tabel zonder meer kan optellen. Maar dat had je na een eenvoudig rekensommetje (131 %) natuurlijk al door.

In het eerste hoofdstuk onderschrijft Marzano nog maar eens één van de uitgangspunten van het handelingsgericht samenwerken zoals Noëlle Pameijer het formuleert: de leerkracht doet er toe! Daarnaast geeft hij een korte geschiedenis van het onderzoek naar het pedagogische handelen en het klassenmanagement. Hij geeft eveneens een woord uitleg bij zijn meta-analyse van de bovenstaande componenten. Om te eindigen met een zeer positieve boodschap: goede klassenmanagers worden niet geboren, ze kunnen redelijk vlug gemaakt worden. En ook deze stelling is evidence-based!

De vier beschreven componenten komen in de hoofdstukken 2 tot en met 5 ruim aan bod. Marzano be-handelt per hoofdstuk één component en doet dit steeds op dezelfde manier. Eerst bespreekt hij de theorie en de resultaten van het wetenschappelijk onderzoek, om daarna enkele Engelstalige programma’s te presenteren. Het is de verdienste van de Nederlandse uitgeverij Bazalt dat dit telkens aangevuld wordt met een voorstelling van Nederlandse programma’s. Vervolgens formuleert Marzano enkele actiestappen die de leerkracht kan ondernemen. Elk hoofdstuk sluit hij af met een zeer kernachtige samenvatting.

Maar dat is niet alles. Marzano besteedt ook aandacht aan de verantwoordelijkheid van de leerlingen. Het kernwoord hier is zelfdiscipline. Ook hier steunt hij zich op de theorie en de resultaten van het wetenschappelijk onderzoek. Laat het duidelijk zijn: het aanleren van eigen verantwoordelijkheid bij de leerlingen is een krachtig middel maar vraagt dat de leerkracht bereid is om:

  • een persoonlijke relatie met de leerlingen op te bouwen die verder gaat dan de noodzakelijke omgang voor zuiver onderwijskundige doeleinden;
  • buiten schooltijd contacten met ouders en leerlingen te onderhouden, zonder daarvoor financieel beloond te worden;
  • om te gaan met soms ingewikkelde problemen zonder daarvoor opgeleid te zijn;
  • desgevallend het hoofd te bieden aan tegenstand van de schoolleiding;
  • om te gaan met weerstand of frustratie bij de leerling, zijn familie of andere betrokkenen.

Ook hier worden een aantal programma’s en actiestappen voorgesteld. En volgt er een kernachtig besluit.

In het zevende hoofdstuk benadrukt Marzano dat het begin van het schooljaar zeer belangrijk is op het vlak van een goed klassenmanagement. Hij levert enkele actiestappen aan die iedere (beginnende) leerkracht best ter harte neemt. In het achtste en laatste hoofdstuk toont hij aan dat naast het klassenmanagement ook het schoolbreed management een belangrijke rol speelt. En dat ze beiden in een symbiotische relatie tot elkaar staan.

Opnieuw een standaardwerk!

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

20:07 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: klassenmanagement, leerkrachten, marzano, onderwijsonderzoek, pedagogisch handelen, evidence based | |

2010.08.08

Wat werkt in de klas

Auteur: Robert Marzano
Titel: Wat werkt in de klas - Research in actie - Didactische strategieën die aantoonbaar effect hebben op leerprestaties
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Vlissingen
Jaar: 2009 (tweede druk)
Pagina's: 148
ISBN-13: 978-90-74233-79-8
Prijs: € 51,-

wat werkt in de klas - research in actie - didactische strategieën die aantoonbaar effect hebben op leerprestatiesUit Wat werkt op school van Robert Marzano leerden we dat er op het niveau van de leerkracht drie factoren zijn die de leerprestaties van leerlingen bevorderen:

  • de didactische aanpak;
  • het pedagogisch handelen en het klassenmanagement;
  • de sturing en het herontwerpen van het programma.

Zijn boek Wat werkt in de klas staat helemaal in het teken van de eerste factor op leerkrachtenniveau, de didactische aanpak.

Uit de meta-analyse van het wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat er negen didactische strategieën bestaan die zeer effectief zijn. De percentielwinst bij het gebruik van deze strategieën is een objectieve maat voor hun effectiviteit. Hieronder geven we deze negen strategieën weer met de daarbij horende percentielwinst. Deze tabel vind je in het boek terug op blz.8.

Didactische strategie Percentielwinst
Identificeren van overeenkomsten en verschillen 45
Samenvatten en notities maken 34
Inspanningen bevestigen en erkenning geven 29
Huiswerk en oefening 28
Non-verbale representatie 27
Coöperatief leren 27
Doelen stellen en feedback geven 23
Vragen formuleren en hypotheses testen 23
Voorkennis activeren met vragen, aanwijzingen en kapstokken 22

Elke strategie heeft haar eigen effect en specifiek toepassingsgebied. Daarmee dient men rekening te houden als men één of meerdere strategieën als onderwerp van onderwijsverbetering kiest.

Het eerste deel van dit boek staat uitgebreid stil bij elk van deze strategieën. Ze krijgen elk een eigen hoofdstuk aangemeten. Daarin lees je eerst en vooral wat onderzoek en theorie te zeggen hebben. Als voorbeeld geef ik de vier belangrijke uitgangspunten bij het Identificeren van overeenkomsten en verschillen zoals ze in dit boek gepresenteerd worden (blz.16-17):

  • Het geven van duidelijke richtlijnen bij het identificeren van overeenkomsten en verschillen aan leerlingen vergroot hun begrip en hun vermogen kennis toe te passen.
  • Leerlingen opdragen zelfstandig overeenkomsten en verschillen te identificeren, vergroot hun begrip en hun vermogen kennis toe te passen.
  • Het presenteren van overeenkomsten en verschillen in grafische of symbolische vorm vergroot het begrip van leerlingen en hun vermogen kennis toe passen.
  • De identificatie van overeenkomsten en verschillen kan op meerdere manieren tot stand worden gebracht. Vier verschillende vormen zijn hierbij zeer effectief:
    • vergelijken;
    • classificeren;
    • creëren van metaforen;
    • creëren van analogieën.

In het tweede deel van elk hoofdstuk lees je heel concreet hoe je deze strategie in de praktijk kunt toepassen. Concrete voorbeelden, tabellen en schema’s zorgen ervoor dat alles snel duidelijk is.

De negen strategieën uit het eerste deel werken goed bij elke soort vakkennis. Toch is er ook nood aan specifieke didactische strategieën voor meer specifieke vakkennis. Dit komt aan bod in het eerste hoofdstuk van het tweede deel over specifieke toepassingen. Op dezelfde manier als in de hoofdstukken van het eerste deel reikt Marzano de specifieke strategieën aan voor:

  • het leren van woordenschat, begrippen en uitdrukkingen;
  • het leren van details;
  • het organiseren van generalisaties en principes;
  • het leren van mentale vaardigheden;
  • het leren van processen.

Daarna lees je in het tweede hoofdstuk van dit tweede deel ook heel concreet hoe je de negen categorieën uit het eerste deel kunt gebruiken bij de didactische planning.

Een boek dat de status van didactische Bijbel zeker verdient.

De educatieve uitgaven van Bazalt worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

17:24 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: didactiek, leerkrachten, marzano, onderwijsonderzoek, evidence based | |