2008.09.27

Neuropsychologie van neurologische aandoeningen in de kindertijd

Auteur: Aag Jennekens-Schinkel & Frans Jennekens
Titel: Neuropsychologie van neurologische aandoeningen in de kindertijd
Uitgeverij: Boom
Plaats: Amsterdam
Jaar: 2008
Pagina's: 598
ISBN-13: 978-90-5352-507-4
Prijs: € 52,50

neuropsychologie van neurologische aandoeningen in de kindertijdDit actuele boek is een zeer toegankelijk naslagwerk voor iedereen die professioneel in aanraking komt met kinderen met neurologische problemen. De auteurs hebben een inventaris gemaakt van de meest voorkomende aandoeningen bij kinderen en deze aangevuld met een aantal meer zeldzame ziekten. De volgende aandoeningen komen onder andere aan bod:

  • Te vroeg en/of te licht geboren
  • Cerebrale parese (hersenverlamming)
  • Spina bifida (open rug)
  • Hydrocefalus (waterhoofd)
  • Meningitis (hersenvliesontsteking)
  • Encefalitis (hersenontsteking)
  • Herseninfarcten en hersenbloedingen
  • Hersentumoren en cerebrale leukemie
  • Traumatisch hersenletsel
  • Epilepsie 

Voor ze de verschillende aandoeningen van nabij bekijken, formuleren de auteurs in een inleidend gedeelte de uitgangspunten bij hun boek. Hierdoor kan wat ze schrijven niet verkeerd begrepen worden. Ook het stukje over de instrumenten (tests) die gebruikt worden bij het onderzoek van de cognitie en het gedrag is zeer verhelderend. Het schema waarbij deze tests verbonden worden met alle hoofdstukken van het boek waarin ze voorkomen is van grote waarde.

In het boek wordt elke aandoening eerst bondig beschreven in een rubriek Hoofdzaken. In deze rubriek krijgt men zeer kernachtig de essentie te lezen. Hierbij is de verwijzing naar de schoolse context en het schoolse leren nooit veraf. Ook de prognose voor de toekomst krijgt hier een plaats.

Na deze rubriek met hoofdzaken wordt het hoofdstuk verder uitgewerkt. Dit houdt in dat de gebruikte terminologie verklaard wordt en eventuele definities uitgelegd en toegelicht worden. De kenmerken van de aandoening worden uitgebreid en duidelijk in kaart gebracht. De lezer krijgt tegelijk ook een zicht op de mate van voorkomen van de aandoeningen. Het grootste gedeelte van het hoofdstuk is steeds gewijd aan de gevolgen van de aandoening op de ontwikkeling van het kind in zijn verschillende aspecten, gedifferentieerd naar de verschillende leeftijdsgroepen.

  • De lichamelijke ontwikkeling
  • De cognitieve ontwikkeling: hieronder vallen onder andere de intelligentie, de taalontwikkeling, de aandacht, de executieve functies en dergelijke.
  • De ontwikkeling van het psychosociaal functioneren: hieronder vallen gegevens over de schoolloopbaan, het gedrag en de sociale aanpassing van het kind.

Tussentijdse samenvattingen helpen de lezer om bij de zaak te blijven en hebben daardoor een groot leereffect. Afbeeldingen, tabellen en schema's zijn weloverwogen gekozen en zijn daardoor altijd verhelderend en snel interpreteerbaar. Ook het presenteren van gegevens uit wetenschappelijk onderzoek als bewijsvoering zijn een sterke troef. Verder besteden de auteurs waar dat relevant is ook aandacht aan de diagnostiek en behandeling van de aandoeningen en de eventuele gevolgen en restverschijnselen ervan.

Bij een eerste lezing oogt de inhoud van het boek moeilijker dan hij in werkelijkheid is. De auteurs gebruiken overal de juiste terminologie, maar deze wordt altijd concreet uitgelegd met woorden, beelden en onderzoeksgegevens. Hierdoor is het boek vlot te lezen. De auteurs hebben een goed evenwicht gevonden tussen wetenschappelijke juistheid enerzijds en begrijpelijkheid anderzijds.

Tot slot moeten we de uitgebreide bibliografie, de goede bronvermeldingen en het uitgebreid en gemakkelijk te doorzoeken register van het boek vermelden als grote troeven.

Een boek dat zeker aan te raden is als naslagwerk voor iedereen die beroepsmatig meer wil weten over deze aandoeningen of in aanraking komt met ouders die vragen hebben over de aandoening van kind.

afdrukken.png

2008.05.03

Kinderen met dyscalculie

Auteur: Annemie Desoete & Tom Braams
Titel: Kinderen met dyscalculie
Uitgeverij: Boom
Plaats: Amsterdam
Jaar: 2008
Pagina's: 174
ISBN-13: 978-90-8506-368-1
Prijs: € 17,50

kinderen met dyscalculieLaat ik maar meteen met de deur in huis vallen: nog maar zelden heb ik een boek gelezen dat in zo'n vlotte stijl theorie en praktijk samenbrengt. Kinderen met dyscalculie moet je gewoon lezen als je op de een of andere manier te maken hebt met leerstoornissen. Annemie Desoete en Tom Braams hebben immers hun krachten gebundeld om, in een tijd waar er nog veel onduidelijkheden zijn over het verschijnsel dyscalculie, een zeer bevattelijk werk te schrijven. Dit boek is, zoals het op de achterflap vermeld staat, inderdaad een hulpmiddel bij het leren rekenen en de begeleiding van leerlingen.

Het eerste hoofdstuk draagt duidelijk de handtekening van Annemie Desoete. Het vormt de inleiding op het boek en laat zien dat rekenen heel veel van de vaardigheden van iemand vraagt. Wat voor een goede rekenaar vaak vanzelfsprekend is, blijkt vaak te steunen op een groot aantal onderliggende vaardigheden die (in de meeste gevallen) chronologisch moeten verworven worden. Daarnaast worden we voortdurend geconfronteerd met cijfers en getallen, die naargelang hun context een andere betekenis hebben. De auteurs geven in dit hoofdstuk een beschrijving en een (aanzet tot) verklaring van dyscalculie, tonen aan dat er verschillende vormen van dyscalculie bestaan en onderstrepen dat dyscalculie wel kan samengaan met andere stoornissen. In deze inleiding leert de lezer ook dat taal bij rekenen zeer belangrijk is. Niet alleen bij de betekenisgeving van cijfers en getallen, maar ook bij het uitvoeren van complexe rekenvaardigheden die een zeker abstractie nodig hebben. Tot slot tonen de auteurs aan dat een kind met dyscalculie dat niet goed begeleid wordt op korte en lange termijn geconfronteerd wordt met diverse problemen.

Het tweede hoofdstuk (van de hand van Tom Braams?) gaat dieper in op de schoolloopbaan van kinderen met dyscalculie. De auteur vertrekt van enkele concrete gevalsbeschrijvingen om dit deel uit te werken. Op kleuterleeftijd zijn er al een aantal vaststellingen te doen die er kunnen op wijzen dat kinderen op latere leeftijd dyscalculie kunnen hebben. Hoewel dit niet noodzakelijk zo is. Hieruit blijkt echter wel dat leren rekenen niet begint in het eerste leerjaar maar in de kleuterschool. De eerste graad van het lager onderwijs bouwt verder op de verworvenheden uit de kleuterschool. Aan de hand van een gevalsbespreking ontdekt de lezer dat er al in de eerste graad aanwijzingen kunnen zijn voor dyscalculie en krijgt hij adviezen om kinderen met problemen gericht te ondersteunen. In de tweede en de derde graad wordt er heel veel nieuwe leerstof aangeboden en is de kans erg groot dat een kind met dyscalculie ernstig achterop raakt. Een aangepast programma dringt zich dan vaak op, maar houdt ook een aantal gevaren in zich, niet in het minst een problematische overgang naar het secundair onderwijs. Ook dit stukje wordt afgesloten met een aantal concrete adviezen. Ook aan de overgang naar dat secundair onderwijs wordt aandacht besteed, evenals aan het herkennen van dyscalculie in het secundair.

Het derde hoofdstuk gaat dieper in op de diagnostiek. De verschillende fasen (aanmeldfase, onderzoeksfase, adviesfase) worden overlopen en geduid. Het vierde hoofdstuk verduidelijkt enkele principes bij de behandeling van dyscalculie en geeft enkele tips voor preventie. Hierbij maken de auteurs een onderscheid tussen de pedagogische en de didactische benaderingswijze en verdedigen ze de vragende instructie als methode. Dit is één van de rijkste hoofdstukken uit het boek en moet absoluut door iederen gelezen worden.

Het vijfde hoofdstuk is nagenoeg het meest praktische en gaat over de instructieaanpak in de basisschool. Omwille van het belang van dit hoofdstuk geef ik in het kort de verschillende onderdelen weer:

  • specifieke instructieaanpak van kleuters
  • specifieke instructieaanpak van...
    • lezen en schrijven van getallen tot 10
    • lezen, schrijven en begrijpen van getallen 11 en 12
    • lezen, schrijven en begrijpen van getallen tussen 12 en 100
    • lezen, schrijven en begrijpen van getallen tussen 12 en 1000
    • lezen, schrijven en begrijpen van heel grote getallen
    • lezen, schrijven en begrijpen van operatoren
    • bewerkingen tot 100, 1000
    • tafels van vermenigvuldiging en delen
    • lezen, schrijven en begrijpen van breuken, kommagetallen en procenten
    • meten
    • contextrijke opgaven
  • leren van lessen en maken van huiswerk

Het zesde hoofdstuk verplaatst de focus naar het secundair onderwijs. Enkele gevalsbeschrijvingen maken eerst de impact van dyscalculie duidelijk. De rest van het hoofdstuk staat in het teken van de stimulerende, compenserende, remediërende, relativerende en dispenserende maatregelen voor jongeren met dyscalculie.

Het zevende hoofdstuk is geschreven naar de ouders toe en is opgebouwd rond vier sleutelwoorden: emoties, kennis, communicatie en handelen. Het is tevens verplichte literatuur voor iedereen die ouders van een kind met dyscalculie deskundig willen begeleiden.

Het laatste hoofdstuk geeft een overzicht van beschikbare rekenmaterialen en rekensoftware.

En om de deur van daarnet weer te sluiten: als je in jouw boekenbudget nog slechts € 20,- hebt, dan is dit het boek waaraan je deze moet besteden. Wat mij betreft is het immers een standaardwerk over dyscalculie dat nog lang stand zal houden.

afdrukken

16:26 Gepost door Lieven Coppens in Boom | Permalink | Tags: taal, adhd, add, nld, kleuters, kleuteronderwijs, didactiek, basisonderwijs, secundair onderwijs, dyscalculie, stimuleren, compenseren, relativeren | |