2010.08.29

VoorSprong - Spelenderwijs woorden leren

Auteur: Lienke van Dijk & Cobi Visser
Titel: VoorSprong - Spelenderwijs woorden leren op school en thuis
Website: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: 2009
Pagina's: Activiteitenboek: 216
Ringkalender: 18
ISBN-13: 978-90-6508-614-3
Prijs: € 42,50

voorsprong - spelenderwijs woorden leren op school en thuisVoorSprong is een speelleerpakket. De Nederlandse Stichting voor landelijk onderwijs aan varende kleuters ontwikkelde deze methodiek waarbij ouders en school intensief samenwerken. De ouders geven hun kind les aan boord met behulp van het materiaal van de Stichting. Daarbij kunnen zij rekenen op een mentor voor de ondersteuning. Deze vorm van onderwijs werkt. Onderzoek wees dit uit.

Het pakket stimuleert de ontwikkeling van peuters door hun woordenschat uit te breiden. Dit gebeurt op een betekenisvolle manier door kernwoorden in een herkenbare en zinvolle context aan te bieden en aan te leren. Daarvoor creëert het een rijke leeromgeving. Ik citeer uit het activiteitenboek:

VoorSprong gaat uit van het principe van betekenisvol leren. Dit houdt in dat woorden in een herkenbare en zinvolle context worden aangeboden en aangeleerd. Zo wordt aangesloten bij het gegeven dat leren betekenis moet hebben, relevant en functioneel moet zijn. Uitgaan van betekenisvolle leersituaties en een rijke leeromgeving, maakt dat kinderen ook willen ontdekken en leren.
In VoorSprong worden kinderen op een volwaardige manier betrokken bij hun eigen leerproces. Ook dit gebeurt in levensechte situaties, passend bij hun eigen belevingswereld. Daarbij wordt ruimte geboden aan het gegeven dat situaties vanuit meerdere invalshoeken benaderd kunnen worden. Overleg, samenwerking en interactie krijgen in alle activiteiten daadwerkelijk gestalte, waarbij ook de reeds aanwezige kennis geïntegreerd wordt in de nieuwe leerstof (blz.216).

In het programma komen 8 thema’s aan bod. Aan elk thema wordt er vier weken gewerkt. Daarna volgt er telkens een vijfde “checkweek”. Hierin gaat men na of de kinderen zich de aangebrachte woordenschat eigen hebben gemaakt. De ringkalender bevat voor elk van deze thema’s een praatplaat voor de kinderen en de lijst met kernwoorden per thema. De kalender kan zo opgezet worden dat de peuter de praatplaat ziet en de ouder de kernwoordenkaart. De thema’s zijn:

  • ik
  • eten en drinken
  • gezond en ziek
  • dieren
  • boodschappen
  • op stap
  • feest
  • naar school

Elk thema begint als het ware met een didactisch moment voor de ouders. Hierin geven de auteurs op een eenvoudige wijze een stukje theoretische, pedagogische en/of didactische achtergrond. In gewone taal helpen ze hen op weg. Hierdoor overstijgt VoorSprong het “oefenen om te oefenen”.

Per thema vind je in het activiteitenboek 20 verschillende activiteiten. Elke activiteit is op dezelfde manier uitgewerkt:

  • Wat heb je nodig: Een overzicht van het benodigde materiaal en de aan te brengen woorden.
  • Wat kun je doen: Een duidelijke omschrijving van de activiteiten met concrete aanpaktips.
  • Samen praten: Een overzicht van de sleutelzinnen die in het spel moeten verwerkt worden met in een kader opnieuw een aantal aandachtspunten voor de begeleidende ouder.

Bij elk thema zijn er enkele noodzakelijke bijlagen en een woordenwijzer voor de evaluatie van de vijfde week. Hoe deze moet gebeuren, staat stap voor stap uitgelegd in het activiteitenboek. Belangrijk is dat elke woordenwijzer aangeeft hoeveel woorden de peuter effectief moet beheersen. Dit komt neer op minimaal 80% van de aangebrachte woorden. Soms is er extra materiaal nodig. Dat kun je vinden op de website Zelf les geven.

Gemaakt voor kinderen van binnenschippers, biedt dit programma heel wat perspectieven om zowel binnen als buiten de kleuterschool te gebruiken voor taalarme en/of taalzwakke kinderen. Het kan dus zeker ook gebruikt worden voor kinderen die het Nederlands niet als moedertaal hebben. De meerwaarde van het programma ligt in het feit dat het fonemisch bewustzijn van de kinderen enorm ontwikkeld wordt. Dit is zeer belangrijk om later met succes te leren lezen.

Voor de Vlaamse scholen die in de 2e en 3e kleuterklas al met de map Fonemisch bewustzijn van het CPS werken, geef ik graag nog een suggestie. VoorSprong is een ideaal pakket om ook in de eerste kleuterklas op een leuke manier aan taalstimulering te doen. Het is de extra investering meer dan waard. Dit materiaal beveel ik zeker aan voor de opleiding tot kleuterleerkracht!

De boeken van uitgeverij CPS worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

2010.04.03

Elke leerling een competente lezer!

Auteur: Kees Vernooy
Titel: Elke leerling een competente lezer! Effectief omgaan met verschillen in het leesonderwijs. Wat werkt?
Website: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: 2005 (2e druk)
Pagina's: 132
ISBN-13: 978-90-6508-550-4
Prijs: € 28,90

elke leerling een competente lezer - effectief omgaan met verschillen in het leesonderwijs - wat werktGoed kunnen lezen is de basis voor een succesvolle schoolloopbaan. Ook voor het goed functioneren in onze maatschappij. Daarom heeft de basisschool de opdracht en de verantwoordelijkheid om van iedere leerling een competente lezer te maken. Wat momenteel aan het einde van het basisonderwijs niet voor iedere leerling het geval is. Kees Vernooy stelt dat dit komt omdat leerkrachten in hun leesonderwijs nog onvoldoende kennis hebben over het omgaan met verschillen tussen leerlingen. Met zijn boek wil hij hen deze kennis aanreiken.

In het eerste hoofdstuk van zijn boek geeft hij de stand van zaken mee in verband met het omgaan met verschillen in het leesonderwijs. Hij benadrukt dat dit een complex fenomeen is dat men niet mag onderschatten. Het heeft veel te maken met:

  • doelgericht leesonderwijs
  • leerplannen van goede kwaliteit
  • een goede methodelijn
  • kwalitatief goede instructie voor alle leerlingen
  • voldoende instructie- en leertijd
  • meer intensieve instructie

In het tweede hoofdstuk beschrijft Kees Vernooy hoe die leesverschillen ontstaan. Hij blijft expliciet stilstaan bij twee factoren buiten het kind, namelijk de rol van het gezin en de rol van de school. Omdat men die kan beïnvloeden. Belangrijk in dit deel is de vaststelling dat de leesontwikkeling niet afhankelijk is van factoren als etniciteit, milieu, cultuur of schoolgrootte, maar vooral van de relatie en de communicatie tussen leerkracht en leerlingen. Hierbij is leesinstructie met behulp van goede programma's en methoden essentieel.

In het derde hoofdstuk staat Kees Vernooy stil bij de dingen die niet werken bij het omgaan met verschillen in het leesonderwijs. Hij geeft mogelijke oorzaken aan en ontkracht enkele hardnekkige mythen over lezen in het algemeen en het omgaan met verschillen in het bijzonder.

De ruggengraat van dit boek is echter het vierde hoofdstuk. Hierin bespreekt Kees Vernooy uitgebreid de factoren die wel een rol spelen bij het omgaan met verschillen in het leesonderwijs. Bij elke factor geeft hij bovendien aan wat het wetenschappelijk onderzoek erover te zeggen heeft. Deze factoren zijn:

  • doelgericht leesonderwijs met hoge, realistische verwachtingen
  • een goede taal- en methodelijn
  • een goede kijk op (mogelijke) probleemlezers
  • de rol van de leesinstructie
  • voldoende ingeroosterde leestijd
  • convergente differentiatie
  • effectieve groeperingvormen
  • actief leren
  • het vroegtijdig signaleren van problemen
  • het goed en systematisch volgen van de leesontwikkeling
  • de rol van de computer
  • het zelfstandige werken en leren
  • het regelmatig aanpassen van de leeromgeving van de leerlingen
  • de relatie tussen school en ouders
  • het aanbieden van een rijke leesomgeving
  • een pedagogisch klimaat waarin het omgaan met verschillen is opgenomen
  • de systematische evaluatie van het leesonderwijs

Om effectief om te gaan met verschillen in het (lees)onderwijs, moet er aan een aantal voorwaarden voldaan zijn. In het vijfde hoofdstuk krijgen deze stuk voor stuk de nodige aandacht. Zeker lezen dus.

Tot slot formuleert Kees Vernooy in het zesde hoofdstuk zes adviezen. Deze vormen de kerncomponenten die een rol spelen bij het omgaan met verschillen in het leesonderwijs.

Het is nog te voorzichtig uitgedrukt als we Kees Vernooy voorstellen als dé expert voor het lezen in Nederland en Vlaanderen. Hij heeft het al jaren geleden tot zijn persoonlijke missie gemaakt om alle leerlingen in het basisonderwijs tot competente lezers te maken. Hierbij steunt hij steevast op zijn enorme kennis van het internationale wetenschappelijk onderzoek in verband met het leren lezen.

We kunnen dit boek, net zoals zijn andere boeken en artikelen, alleen maar warm aanbevelen!

De boeken van uitgeverij CPS worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

22:53 Gepost door Lieven Coppens in CPS | Permalink | Tags: lezen, taal, dyslexie, zorg, basisonderwijs, leesprobleem | |

Interventies en rituelen in de schoolcultuur

Auteur: Mieke Vollenhoven e.a.
Titel: Interventies en rituelen in de schoolcultuur. Een werkmap om te kunnen blijven leren en veranderen.
Website: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: 2006 (2e druk)
Pagina's: 218
ISBN-13: 978-90-6508-564-1
Prijs: € 42,90

interventies en rituelen in de schoolcultuur - een werkmap om te kunnen blijven leren en veranderenEen school blijft maar leren en veranderen als ze rekening houdt met de eigen schoolcultuur en de aanwezige rituelen. Dat is de boodschap van deze werkmap. Zij wil inzicht geven in de manier waarop een directeur of schoolleider kan tussenkomen in processen en kan zorgen voor betrokkenheid, verantwoordelijkheid en een effectieve samenwerking van de teamleden.

Concreet biedt deze werkmap een model aan dat duidelijk maakt in welke fase van de (school)cultuurontwikkeling interventies van toepassing zijn en op welk niveau het nodig is om tussen te komen. Hierbij onderscheidt men de volgende zes niveaus:

  • omgeving
  • gedrag
  • capaciteiten
  • overtuigingen
  • identiteit
  • spiritualiteit

Enkel de eerste twee niveaus zijn hiervan altijd zichtbaar. De andere niet, terwijl ze toch inherent zijn aan de schoolcultuur.

De fasen waarover men in de werkmap spreekt, zijn:

  • de verkenning
  • de ik-betrokkenheid
  • de teambetrokkenheid
  • de uitvoering

In het eerste hoofdstuk krijgt men een goed inzicht in het doel en de inhoud van de map. De auteur draagt er tegelijk zorg voor dat de lezer de gebruikte begrippen juist interpreteert. Als lezer leer je er wat er kan spelen in een schoolcultuur.

In het tweede hoofdstuk bekijkt de auteur de rol van de directeur of schoolleider van dichtbij. Waarom moet hij inzicht hebben in houdingen en patronen die spelen in de schoolcultuur? Welke competenties en houding heeft hij nodig om doelbewust en effectief te kunnen tussenkomen? Dit zijn slechts twee van de vragen waarop het hoofdstuk een antwoord geeft.

In het derde hoofdstuk krijgt de lezer een kijk op de aspecten die van belang zijn om op een zorgvuldige wijze tussen te komen en veranderingsprocessen door te voeren. Men bekijkt het invoeren van veranderingen vanuit verschillende invalshoeken bekeken.

Het vierde hoofdstuk licht de vijf delen van het ontwikkelde werkmodel uitgebreid toe. Het vijfde hoofdstuk geeft alles geïntegreerd weer om te vermijden dat men een of enkele van de vele interventievoorbeelden uit dit hoofdstuk gaat gebruiken als een losstaande werkvorm. Wat ruim aan de bedoeling van het werkmodel voorbijgaat.

In het zesde hoofdstuk staat de auteur kort stil bij de aard en het belang van rituelen in de schoolcultuur. Hij bespreekt de verschillende soorten rituelen en wat deze kunnen doen in een school. Het zevende hoofdstuk reikt tot slot enkele instrumenten aan om zelf interventies te ontwikkelen en in kaart te brengen.

Een inspiratiehandboek met een grote meerwaarde!

De boeken van uitgeverij CPS worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

20:01 Gepost door Lieven Coppens in CPS | Permalink | Tags: veranderingen, rituelen, methodiek, schoolcultuur | |

2010.02.17

Werkvaardigheden in kaart

Auteur: Liesbeth te Velde
Titel: Werkvaardigheden in kaart
Website: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: 2009
Pagina's: 28 (Docentenhandleiding), 93 werkvaardigheidskaartjes, 3 aftekenlijsten en 1 werkvaardighedenkaart
ISBN-13: 978-90-6508-603-7
Prijs: € 25,90

werkvaardigheden in kaartDe auteur ontwikkelde dit spel oorspronkelijk voor leerlingen uit het Nederlandse praktijkonderwijs (opleidingsvorm 3 van het Vlaamse buitengewoon secundair onderwijs). Toch doe je het spel onrecht aan als je het enkel in deze context gebruikt. De werkvaardigheden zijn evenzeer van toepassing in het reguliere basis- en secundair onderwijs, het deeltijds, het volwassenen en het hoger onderwijs. Meer nog, deze werk-vaardigheden kunnen de basis zijn voor een functioneringsgesprek.

Meteen is het duidelijk dat het om meer gaat dan om vaardigheden die enkel op het werk van pas komen. Ze zijn even noodzakelijk op school als op stage. Wie ze beheerst, functioneert beter. Ze zijn universeel en niet verbonden met specifieke diploma's of beroepen. Liesbeth te Velde formuleerde 93 concrete vaardigheden en bracht die onder in verschillende categorieën. Elke categorie is te herkennen aan een kleur:

  • tijdsbeheer (groen)
  • werkhouding (oranje)
  • samenwerking (paars)
  • communiceren (geel)
  • verantwoordelijkheid nemen (roze)
  • zorg voor de werkplek (bruin)
  • inzicht (blauw)

Daarenboven maakte ze een onderscheid tussen:

  • basiswerkvaardigheden (blauwe achtergrond)
  • extra werkvaardigheden (groene achtergrond)
  • arbeidswerkvaardigheden (rode achtergrond)

In de onderstaande matrix geven we van elke categorie één voorbeeld uit het spel.

 

Basiswerkvaardigheden

Extra werkvaardigheden

Arbeidswerkvaardigheden

Tijd

Op tijd komen.

Met pauzes omgaan.

Werktijd vol maken.

Werkhouding

Opruimen.

Omgaan met eisen.

Doorgaan als je kritiek krijgt.

Samenwerken

Afspraken nakomen.

Onderhandelen.

Anderen iets uitleggen.

Communicatie

Er verzorgd uitzien.

Positieve non-verbale houding.

Een praatje maken (social talk).

Verantwoordelijkheid

Spullen bij je hebben.

Zelf initiatief nemen.

Een boodschap doorgeven.

Werkplek

Geordend werken.

Omgaan met de computer.

Werkplek ordenen en schoon houden.

Inzicht

Instructie opvolgen.

Reëel beeld eigen mogelijkheden.

In de juiste volgorde werken.

Het spel wil de leerlingen kennis van de werkvaardigheden bijbrengen. Daarnaast zijn er nog subdoelen op het niveau van de leerling, de leerkracht en de school. Deze vind je terug in de handleiding.

Het spel kun je op 11 verschillende manieren spelen. Elke manier is uitgewerkt in de handleiding. Het doel achter elke spelvorm blijft echter hetzelfde. De leerlingen moeten:

  • weten wat de betekenis is van de werkvaardigheden
  • voorbeelden kunnen geven van alle werkvaardigheden
  • kunnen verwoorden of een werkvaardigheid moeilijk voor hen is of juist niet
  • kunnen bepalen in welke werkvaardigheden ze nog beter willen worden.

In de handleiding vindt de leerkracht alle nodige informatie. Ook over de randvoorwaarden die hij moet bewaken om het spel tot een succes te maken. De aftekenlijsten in bijlage helpen de leerling om zijn werkvaardigheden ook letterlijk in kaart te brengen.

Dit spel heeft veel toepassingsmogelijkheden. Je kunt het gebruiken als instrument voor zelfconceptverheldering binnen een traject van onderwijsloopbaanbegeleiding. Het kan een aanleiding zijn om in de lessen sociale vaardigheden bepaalde werkvaardigheden aan te brengen. Of om de stages van leerlingen gericht voor te bereiden. Je kunt de 93 kaartjes ook in een individuele situatie gebruiken als basis voor een gestructureerd interview.

De vormgeving is zeer aantrekkelijk. Alle werkvaardigheden zijn op een humoristische en herkenbare manier uitgewerkt. Het materiaal is zeer duurzaam.

De boeken van uitgeverij CPS worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

2009.08.29

Afstemming tussen leraar en leerling in taaksituaties

Auteur: Luc Stevens & Wim van Werkhoven
Titel: Afstemming tussen leraar en leerling in taaksituaties. Een cursus zorgverbreding voor PABO-studenten.
Uitgeverij: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: s.d.
Pagina's: 143
ISBN-13: -
Prijs: € 19,50/span>

afstemming tussen leraar en leerling in taaksituaties - een cursus zorgverbreding voor pabo-studentenDit is de handleiding van een cursus die bedoeld is voor studenten die willen gaan lesgeven in het basisonderwijs (PABO staat voor Pedagogische Academie voor het BasisOnderwijs, in Vlaanderen gekend als de 'Normaalschool'). De cursus draait om de volgende inhouden:

  • begrijpen hoe leraar en leerling elkaar in hun gedrag beïnvloeden;
  • niet-taakgericht gedrag kunnen interpreteren vanuit een cognitief-motivationeel denkkader;
  • de implicaties van het begrip 'afstemming' kennen voor je gedrag als leerkracht in de klas;
  • de interacties tussen leerling en leerkracht in termen van afstemming kunnen analyseren;
  • een les kunnen voorbereiden en uitvoeren aan de hand van een stappenschema.

De cursus voorziet in acht bijeenkomsten van anderhalf uur. De totale studiebelasting komt overeen met ongeveer veertig uur (zelfstudie, stageopdracht, examenvoorbereiding en examen, ... inbegrepen).

Ik stond erop deze uitgave toch op mijn boekenblog te bespreken omdat ze ook voor mensen die al meerdere jaren in de onderwijspraktijk staan relevant is. Ze laat hen toe om in korte tijd essentiële inhouden en vaardigheden op te frissen en te vertalen naar de eigen klas. Ze doet hen stilstaan bij het eigen handelen en is daardoor een zeer goede handleiding als onderdeel van een zelfevaluatie. De volgende inhouden komen aan bod:

  • taakgericht en niet-taakgericht gedrag;
  • attributies van leraren en leerlingen;
  • interne en externe attributies;
  • stabiele en variabele attributies;
  • perspectiefverschillen tussen leraren en leerlingen;
  • directief en responsief gedrag van leraren;
  • betrekkingsaspecten taak, doel, voorkennis, oplossingsweg, resultaat, tijd;
  • communicatie, timing en dosering van lerarengedrag.

Deze inhouden worden beknopt en duidelijk toegelicht en gekoppeld aan verwerkingsopdrachten en zelfstudietaken.

De boeken van uitgeverij CPS worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken

01:19 Gepost door Lieven Coppens in CPS | Permalink | Tags: lager onderwijs, zorg, kleuteronderwijs, basisonderwijs, zorgbeleid, instructie, taakgedrag, responsiviteit, directiviteit | |