2017.01.29

UDL. Lessen ontwerpen voor iedereen

Auteur: Loui Lord Nelson
Titel: UDL
Lessen ontwerpen voor iedereen. Universal Design for Learning in de praktijk
Uitgeverij: Pelckmans Pro
Plaats: Kalmthout
Jaar: 2016
Pagina's: 192
ISBN-13: 978-94-6337-020-2
Prijs: € 28,50

.udl - lessen ontwerpen voor iedereen. universal design for learning in de praktijkInclusief onderwijs maakt de verscheidenheid van leerlingen binnen een en dezelfde klas alleen maar groter. Een aantal leerkrachten merkten terecht op dat differentiëren, compenseren, remediëren en dispenseren als ondersteuning niet meer zal volstaan. Ze zijn er zich dan ook van bewust dat ze op een andere manier moeten lesgeven, een manier waarmee ze alle leerlingen kunnen bereiken. Voor hen is er goed nieuws: het Universal Design for Learning, afgekort als UDL, biedt een degelijk antwoord op hun onuitgesproken vragen. De omschrijving uit het boek maakt meteen duidelijk wat UDL is:

UDL is een kader dat het proces ondersteunt van leeromgevingen en lessen met barrières naar het ontworpen van rijke leeromgevingen en lessen zonder barrières, die toegankelijk zijn voor alle leerlingen. Een rijke leeromgeving (d.i. de plaats waar geleerd wordt) wordt ontworpen rond de behoeften van alle leerlingen, niet enkel diegenen met een specifieke behoefte (bv. leerlingen met een beperking, leerlingen met een andere moedertaal, hoogbegaafde leerlingen). Hoe meer de leerlingen vertrouwd geraken met leeromgevingen en lessen die ontworpen zijn vanuit dat UDL-raamwerk, hoe zelfstandiger en creatiever ze als lerende worden (Meyer, Rose & Gordon, 2013). Dankzij UDL leren we de klas zien als een ecosysteem met een constante wisselwerking tussen leerlingen, leermiddelen, jezelf en de verwachtingen van de omgeving. Het UDL-raamwerk is ontworpen met oog voor al die behoeften (blz.23).

Het UDL is gebaseerd op onderzoek over onze hersennetwerken en hoe we reageren, leren en creëren. Het is gebaseerd op drie grote principes, met name betrokkenheid, representatie en actie & expressie.

Het is de verdienste van dit boek dat de lezer op een bondige maar zeer heldere manier geïntroduceerd wordt in de wereld van UDL. In het eerste deel maakt de lezer niet alleen kennis met UDL en de gebruikte terminologie, maar worden ook een aantal mythen meteen ontzenuwd. Enkele daarvan zijn:

  • UDL is niet gebaseerd op onderzoek;
  • UDL is gewoon differentiëren;
  • Als je UDL-materiaal koopt, dan doe je aan UDL;
  • Wil je aan UDL doen, dan heb je technologie nodig.

In het tweede deel van dit boek worden de drie principes van UDL grondig verkend en geconcretiseerd aan de hand van eenduidige aanbevelingen voor de leerkrachten. Hierbij spreekt de auteur hen persoonlijk aan, waardoor een en ander al meteen als niet vrijblijvend overkomt. Veel van deze aanbevelingen zijn daarenboven zo geformuleerd dat de leerkracht zich op een positieve manier aangesproken voelt: hij wordt immers aangesproken in zijn handelingsbe-kwaamheid.

In het derde en laatste deel worden de leerkrachten heel concreet begeleid in het opstellen van een les die binnen het kader van het UDL past. Hierover zeg ik alleen maar dat dit deel zeer enthousiasmerend werkt. Ik kreeg alvast zin om het zelf uit te proberen.

Niet te missen!

afdrukken

09:00 Gepost door Lieven Coppens in Pelckmans Pro | Permalink | Tags: inclusie, inclusief onderwijs, udl, universal design for learning | |

2017.01.22

Goed genoeg?

Auteur: Inge De Waele
Titel: Goed genoeg?
Een nieuwe visie op ouderschap
Uitgeverij: Pelckmans Pro
Plaats: Kalmthout
Jaar: 2016
Pagina's: 154
ISBN-13: 978-94-6337-015-8
Prijs: € 19,95

goed genoeg - een nieuwe visie op ouderschapHier wil ik vorming rond krijgen. Dat was mijn eerste reactie na het lezen van dit boek. Omdat je tussen de regels door leest dat Inge De Waele nog meer te bieden heeft dan wat ze in dit boek schrijft. De visie op opvoedingsondersteuning die ze presenteert, doorbreekt het stereotype beeld van de hulpverlener die aan de ‘niet handelingsbekwame’ ouders kant-en-klare opvoedingsadviezen geeft en verder opvolgt. Voor haar gaat het duidelijk niet over de vraag of de ouder goed genoeg is. Ze bekijkt de ouder-kindrelatie vanuit een growth mindset: hoe ouder en kind kunnen groeien in de uitdaging die opvoeding heet en hard werken vereist van beide kanten.

Nadat de auteur heeft uitgelegd wat de essentie is van de nieuwe visie op ouderschap die ze brengt, valt het boek uiteen in vijf grote delen. In het eerste deel gaat ze dieper in op de huidige context en de toegenomen complexiteit van gezinnen en ouderschapsvormen. Ze bespreekt meteen ook de nieuw tendensen in de samenleving die een invloed uitoefenen op het ouderschap. Ze heeft het onder meer over de invloed van bepaalde sociale perspectieven op ons zelfbeeld en het feit dat opvoeden niet waarden- en machtsvrij is.

In het tweede deel vertaalt Inge De Waele het systeemdenken in termen van processen die de relatie van de ouder met het kind en de omgeving beïnvloeden. Enige kennis van de systeempsychologie is hier wel handig, hoewel niet noodzakelijk, om dit deel goed te begrijpen. De vragen die in dit deel beantwoord worden zijn onder meer:

  • Waarom is een gezin meer dan de som der delen?
  • Wat is de wisselwerking tussen ouders en kind?
  • Waarom zijn grenzen belangrijk en hoe doorlaatbaar moeten ze zijn om dynamisch te zijn?

In het derde deel krijgen we inzicht in de keuzes die we kunnen maken in onze omgang tussen ouder en kind en hoe daarover kan gecommuniceerd worden. Voor de kenners: de vijf axioma’s van Watzlawick vormen de ruggengraat van dit deel.

Het vierde deel gaat over het creëren van voor de opvoeding inspirerende plekken. De auteur staat hier stil bij de invloed van fysieke aspecten in onze leefomgeving op de ouder-kindrelatie.

In het laatste deel lanceert Inge De Waele het concept van de oudersupervisie. Wat ze daarmee bedoelt, moet je in het boek zelf lezen: iedere poging tot samenvatting zou er maar onrecht aan doen.

Dit is een boek dat iedereen die werkt rond opvoedingsondersteuning nodig moet lezen. Al was het maar om te reflecteren over het eigen handelen, liever nog om het eigen handelen bij te sturen.

afdrukken

17:32 Gepost door Lieven Coppens in Pelckmans Pro | Permalink | Tags: opvoeding, opvoedingsondersteuning | |

2016.12.11

Leren zichtbaar maken met Formatieve Assessment

Auteur: Shirley Clarke
Titel: Leren zichtbaar maken met Formatieve Assessment
Laat leerlingen de volgende stap zetten in hun leerproces
Uitgeverij: Bazalt|Pelckmans Pro
Plaats: Rotterdam|Kalmthout
Jaar: 2016
Pagina's: 196
ISBN-13: 978-94-6118-223-4
Prijs: € 59,00

leren zichtbaar maken met formatieve assessment - laat leerlingen de volgende stap zetten in hun leerprocesWe kunnen er niet onderuit. John Hattie heeft de afgelopen jaren zijn stempel op het onderwijs gedrukt. Meer en meer scholen haken gretig in op zijn verhaal. Maar omdat John Hattie vanuit het onderwijsonderzoek geen recepten aanreikt zoals Robert Marzano, maar ingrediënten, zijn die scholen zelf aan het koken en bakken geslagen. Met wisselend succes. Want hoe combineer je de van Carol Dweck met het Formative Assessment van Dylan Wiliam en Shirley Clarke om leerlingen via de Learning Pit van James Nottingham en het doordachte feedbackmodel van John Hattie tot eigenaar te maken van hun eigen leren? Net op deze vraag geeft Shirley Clarke in dit boek haar – of zeg ik beter ‘het’ – antwoord. Een antwoord dat heel veel scholen tijd en ongelukkige experimenten kan besparen. Net hierdoor is dit boek naast het werk van John Hattie verplichte literatuur en een naslagwerk met heel veel karakter! Het is de verdienste van de Nederlandse bewerkers om de inhoud van dit boek dichter bij de Nederlandse en Vlaamse onderwijssituatie te hebben gebracht. Het bij het boek gemaakte filmmateriaal draagt daar eveneens toe bij.

In het eerste deel van het boek staat Shirley Clarke stil bij het wat en waarom van formatieve assessment. Belangrijker dan het definiëren van dit concept vind ik in dit deel de lijst met de twaalf elementen van formatieve assessment. Enkele daarvan zijn:

  • Een leercultuur waarin leerlingen en leraren een Growth Mindset hebben;
  • Leren in heterogene groepen met een gedifferentieerd aanbod;
  • Effectieve vragen om vast te stellen wat de leerlingen al weten en begrijpen;
  • Feedback van klasgenoten en leraren die gericht is op succes: wat is goed en waar is verbetering nodig.

In het tweede deel van dit boek worden deze twaalf ingrediënten, onderverdeeld in een drietal clusters uitgebreid en concreet besproken. De gevolgde indeling is als volgt:

  • De basis leggen: Hierin worden de voorwaarden beschreven om actieve, kritische en beoordelingsbekwame leerlingen te creëren;
  • Een effectief begin van de les: Hierin wordt beschreven hoe je de aanwezige voorkennis van de leerlingen kunt vaststellen, hun belangstelling kunt wekken, samen met hen succescriteria kunt formuleren en kunt praten over excellentie;
  • Ontwikkelen van het leren: Hierin wordt beschreven hoe men op basis van dialoog leerlingen de mogelijkheid kunt bieden en kunt helpen om zelf de mate van begrip aan te geven;
  • De effectieve afsluiting van de les: Hierin beschrijft Shirley Clarke verschillende technieken om leerlingen te stimuleren om te reflecteren op wat ze hebben geleerd en te ontdekken wat ze nog eens moeten bekijken of verder moeten ontwikkelen.

In het derde deel beschrijft de auteur hoe je formatieve assessment in de hele school kunt implementeren.

Zoals eerder gezegd: een naslagwerk met karakter.

naslagwerk met karakter afdrukken

2016.10.08

Samen lesgeven

Auteur: Dian Fluijt, Elke Struyf & Cok Bakker
Titel: Samen lesgeven
Co-teaching in de praktijk
Uitgeverij: Pelckmans Pro
Plaats: Antwerpen
Jaar: 2016
Pagina's: 29
ISBN-13: 978-94-6337-033-2
Prijs: € 26,50

samen lesgeven - co-teaching in de praktijkCo-teaching is een begrip dat momenteel in Vlaamse en Nederlandse onderwijskringen heel actueel is. In het kader van het inclusief en passend onderwijs wordt het meer en meer gezien als een goed antwoord op de versnelde diversifiëring van de klassen. Het heet dat co-teaching de leeromgeving meer inclusief kan maken. Wat men echter niet mag vergeten is dat co-teaching zoveel meer is dan met twee leerkrachten in dezelfde klas staan. Dit blijkt al meteen uit de omschrijving die de auteurs in de inleiding op dit boek geven:

Meerdere onderwijsprofessionals werken op gestructureerde wijze samen, gedurende een langere periode, op basis van een gedeelde visie, en nemen daarbij gezamenlijk de verantwoordelijkheid voor goed onderwijs en de ontwikkeling van alle leerlingen in de groep.

Het is dus een proces dat uit verschillende bouwstenen bestaat, met name:

  • Meerdere professionals;
  • Een gestructureerde wijze van werken;
  • Een langere periode;
  • Een gedeelde visie;
  • Een gezamenlijke verantwoordelijkheid;
  • Alle leerlingen.

De auteurs werken deze omschrijving verder uit en staan uitgebreid stil bij wat er momenteel bekend is over de opbrengsten en effecten van co-teaching. Het is belangrijk om goed te beseffen dat zij ervan uitgaan dat het bij co-teaching niet enkel gaat over een leerkracht uit het reguliere onderwijs die samenwerkt met een collega uit het speciaal- of buitengewoon onderwijs. Zij zien nog heel wat meer zinvolle vormen van samenwerking mogelijk. Dit is zeker voor Vlaanderen belangrijk: co-teaching kan dus niet ge-(mis-)bruikt worden om de systemische begeleiding vanuit het geïntegreerd onderwijs te legitimeren, laat staan exclusief te maken.

Aangezien co-teaching nagenoeg een chemisch proces vereist tussen de co-leerkrachten, zien deze teams en hun leidinggevenden zich voor een aantal ernstige uitdagingen geplaatst. Deze komen aan bod in het eerste hoofdstuk. Het zal niemand verwonderen dat het woord professionalisering in veel van deze uitdagingen voorkomt.

In het tweede hoofdstuk brengen de auteurs die kaders onder het voetlicht die volgens hen inspirerend zijn voor de vereiste professionalisering van de co-leerkrachten. Die kaders hebben te maken met:

  • Een goede menselijke ontwikkeling;
  • Goed onderwijs;
  • Goede co-teachers.

Dit hoofdstuk biedt een heel interessante kijk op een aantal inter- en intramenselijke vaardigheden die goede co-leerkrachten moeten bezitten.

In het derde hoofdstuk wordt de onderzoeksopzet van het boek verduidelijkt. Want het gaat inderdaad over een (praktijk)onderzoek met als centrale vraag:

Wat ervaren goede functionerende co-teaching teams als belangrijk in hun werk met betrekking tot goed onderwijs en goede samenwerking, en welke ontwikkelingspunten signaleren zij?

Het vierde hoofdstuk bevat de 12 praktijkportretten uit zowel het basis- als het voortgezet onderwijs die een antwoord moeten helpen formuleren op de onderzoeksvraag. Uit die titels bij elk praktijkportret blijkt meteen over welk belangrijk aspect of welke fundamentele waarde het gaat.

In het vijfde en laatste hoofdstuk geven de auteurs heel concreet aan wat de praktijkportretten hun vertelden en formuleren ze een antwoord op de onderzoeksvraag. Dit antwoord koppelen ze meteen terug aan de inspirerende kaders die ze in het tweede hoofdstuk beschreven.

Een krachtig en inspirerend boek dat beroep doet op het (zelf-)reflecterend vermogen van leerkrachten, co-leer-krachten, schoolteams en schoolleiders.

afdrukken

21:42 Gepost door Lieven Coppens in Pelckmans Pro | Permalink | Tags: co-teaching, inclusie, inclusief onderwijs, m-decreet, methodiek, passend onderwijs | |