2009.12.24

Uit de greep van OCD

Auteur: Jo Derisley, Isobel Heyman, Sarah Robinson & Cynthia Turner
Titel: Uit de greep van OCD. Handboek voor jongeren en hun omgeving.
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2009
Pagina's: 160
ISBN-13: 978-90-7767-138-2
Prijs: 19,50

uit de greep van ocd - handboek voor jongeren en hun omgevingHoe ga je als jongere jouw dwangstoornis te lijf? Obsessies en dwangstoornissen hebben immers een grote invloed op jouw dagelijkse leven. De auteurs van dit boek tonen hoe je deze obsessies en dwangstoornissen met de cognitieve gedragstherapie te lijf kunt gaan. Deze vorm van therapie heeft tot nu toe als enige haar nut bewezen bij de aanpak van dit probleem.

Het eerste deel is meer theoretisch van aard. Het geeft uitleg over wat een dwangstoornis is en hoe je die kunt herkennen. Het verduidelijkt de diagnose en behandeling van een dwangstoornis. Vervolgens staat het uitgebreid stil bij de essentie van de cognitieve gedragstherapie en hoe je deze hier kunt aanwenden. Het belangrijkste hoofdstuk uit dit deel is het vijfde. Hierin helpen de auteurs jou om jouw dwanggedachten en dwanghandelingen te begrijpen. Centraal bij dit begrijpen staat de dwangstoornisspiraal. Deze toont het mechanisme dat er achter schuil gaat. En daagt je uit om jouw eigen spiraal te tekenen. Want om de spiraal te doorbreken moet je eerst jouw persoonlijke mechanisme goed begrijpen. Elk hoofdstuk van dit deel eindigt met een advies voor jouw ouders en verzorgers. Dit is een echte meerwaarde, omdat het boek in eerste instantie naar jou is geschreven. Aan de hand van dit advies krijgen zij extra informatie en adviezen om jou beter te begrijpen en te begeleiden. Waar dat relevant is, verheldert een levensecht voorbeeld het geheel.

Het tweede deel staat helemaal in het teken van het aanpakken van jouw probleem. Het helpt je om er min of meer zelfstandig van af te raken. De techniek hierbij is het zichzelf blootstellen aan die situaties die de angst veroorzaken en het bewust niet uitvoeren van de dwanghandeling (exposure met responspreventie). Aan de hand van de cognitieve gedragstherapie moet je de volgende stappen zetten:

  • Begrijpen welke rol de angst speelt.
  • Zicht krijgen op de eigen dwangstoornis en eventueel een hiërarchie van angsten opstellen.
  • Oefeningen ontwikkelen voor de exposure met responspreventie.
  • De oefeningen uitvoeren.

Daarbij staat een afzonderlijk hoofdstuk helemaal in het teken van de manier waarop je dit moet doen. Een ander hoofdstuk geeft tips en adviezen over het omgaan met eventuele moeilijkheden bij het uitvoeren van dit proces.

Heel interessant in dit deel zijn de hoofdstukken twaalf, dertien en veertien. Hier gaan de auteurs dieper in op de essentie van de dwanggedachten en hoe je daar kunt mee omgaan. Meer zelfs, ze dagen jou uit om de confrontatie met deze dwanggedachten actief aan te gaan. De functie van positieve gedachten krijgt hierin een belangrijke plaats. In het vijftiende hoofdstuk krijg je adviezen om de positieve resultaten die behaald zijn met deze therapievorm, te bestendigen. Bij elk hoofdstuk van dit tweede deel geven de auteurs trouwens ook concrete adviezen voor jouw ouders en verzorgers. Doorheen dit deel helpen concrete, kant-en-klare instrumenten jou om elke stap op de juiste manier uit te voeren.

In het derde en laatste deel van dit boek vind je twee hoofdstukken over de impact van een dwangstoornis op de omgeving. Eén hoofdstuk bekijkt de invloed ervan op het gezin, het andere de invloed ervan op het schoolgebeuren.

Een doe-boek als dit beschrijven, is altijd een moeilijke opgave. Je kunt een methodiek niet samenvatten zonder hem onrecht aan te doen. Toch hoop ik dat uit deze bespreking blijkt hoe waardevol dit boek wel is. De auteurs zijn er volgens mij perfect in geslaagd om theorie en praktijk in de juiste verhouding aan te snijden. Het boek is geschreven naar de jongere met een dwangstoornis toe. Dat wil echter niet zeggen dat ouders en verzorgers in de kou blijven staan. Op een voor iedereen transparante manier komen zij ook aan bod. Er is geen mogelijkheid tot misverstanden. Het lijkt me dan ook aangewezen dat zowel de jongere als zijn ouders van meet af aan het volledige boek lezen. Het instrumentarium dat de auteurs aanreiken is sober, eenduidig en vraagt weinig extra toelichting. Je kunt trouwens alle instrumenten gratis van het net plukken.

Uitgeverij Pica is er toch maar weer in geslaagd om een kanjer van een boek binnen te halen!

afdrukken

16:18 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Tags: angst, ocd, dwangstoornis | |

2009.12.21

Het Aspergersyndroom en pesten

Auteur: Nick Dubin
Titel: Het Aspergersyndroom en pesten - Gids voor ouders, leerkrachten en professionals
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2008
Pagina's: 128
ISBN-13: 978-90-7767-129-0
Prijs: € 17,50

het aspergersyndroom en pesten - gids voor ouders, leerkrachten en professionalsPesten overkomt kinderen en jongeren met het syndroom van Asperger vaak. Ze begrijpen de sociale omgangs(r)egels niet, hebben problemen met de motoriek, zijn naïef en hebben speciale interesses. Kortom, ze gedragen zich niet conform de massa. Daarenboven beseffen ze niet altijd dat ze een slachtoffer zijn. Dit brengt hen in een machteloze positie. Nick Dubin spreekt in zijn boek als ervaringsdeskundige. Of zoals hij zelf schrijft:

Dit boek komt recht uit mijn hart. Het is een dringend verzoek aan leerkrachten, ouders en scholieren om in te zien dat pesten een onderwerp is dat veel aandacht verdient, vooral voor kwetsbare groepen als kinderen met ASS. Dit boek is bovenal een oproep tot actie (blz.15).

Nick Dubin beschrijft in het eerste hoofdstuk zijn ervaringen als gepeste. Elk voorbeeld grijpt hij aan om een tipje van de Aspergersluier op te lichten. In het tweede hoofdstuk gaat hij hier verder op door. Hij legt uit wat kinderen met een autismespectrumstoornis in het algemeen en het syndroom van Asperger in het bijzonder zo vatbaar maakt voor pesten. Dit hangt nauw samen met de volgende eigenschappen:

  • de lage frustratiedrempel
  • het slechts met één taak tegelijk bezig kunnen zijn
  • de problemen met de motoriek
  • de lichtgelovigheid
  • de trage verwerking van auditieve prikkels
  • de problemen met het interpreteren van niet-verbale signalen
  • speciale belangstellingen
  • de trage sociale ontwikkeling waardoor ze later dan de leeftijdsgenoten afspraakjes maken met jongeren van het andere geslacht
  • het onvermogen om te begrijpen wat er in de jongerencultuur belangrijk is
  • een gebrek aan fantasie
  • afwijkend taalgebruik

In de hoofdstukken 3, 4 en 5 geeft de auteur uitgebreid tips over het sterk maken van de gepeste, de omstanders en de leerkrachten. Daarvoor doet Nick Dubin heel vaak beroep op de wetenschap. Dit zijn de hoofdstukken die je integraal moet lezen als je geen tijd hebt voor het volledige boek.

In het zesde hoofdstuk laat de auteur de lezer in het vel van de pesters kruipen. Bedoeling: begrijpen wat er bij hen speelt. Ook hier doet hij uitgebreid beroep op de resultaten van het wetenschappelijk onderzoek. Bij een eerste lezing komt dit hoofdstuk nogal zwaar over. Dat is echter vlug verholpen door eerst de samenvatting aan het einde te lezen.

De ouders van gepeste Aspergerkinderen zijn de doelgroep van het zevende hoofdstuk. Hierin krijgen ze heel concrete tips en adviezen mee. Heel krachtig zijn de adviezen in verband met het internetgebruik en het benaderen van de leerkrachten en de school. Verder krijgen ze ook enkele specifieke begeleidingstips die ze met hun kind kunnen uitproberen.

Het hoeft geen betoog dat je de draagkracht van de school moet vergroten. Daarom heeft de auteur er het achtste hoofdstuk aan gewijd. Hij bespreekt er een hele reeks van mogelijkheden om binnen de school het probleem aan te pakken.

Het boek eindigt met een interview met zijn ouders, dat zeker herkenbaar is voor andere ouders en opvoeders. Als toemaatje is er nog een lijst met veelgestelde vragen en hun antwoorden.

Dit boek is een absolute aanrader voor iedereen die te maken krijgt met kinderen of jongeren met het syndroom van Asperger. Vanuit de insteek van het pesten leren ze op een gerichte en snelle manier heel veel bij over het syndroom zelf, de aanpak van het pesten en het vergroten van de draagkracht van de gepeste, de leerkracht, de school en de ouders. De medeverantwoordelijkheid van de toeschouwer krijgt eveneens de nadruk. Ook aan zijn draagkracht is gedacht. Tot slot heeft dit boek zeker een meerwaarde als universele handleiding over het aanpakken van pesten. Ook als het gaat over kinderen en jongeren zonder het syndroom van Asperger.

afdrukken

12:41 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Tags: autisme, ass, ontwikkelingsstoornis, asperger, autismespectrum | |

2009.09.12

DCD-hulpgids voor leerkrachten

Auteur: Eelke van Haeften
Titel: DCD-hulpgids voor leerkrachten - Achtergrond en adviezen bij de motorische coördinatiestoornis
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2009
Pagina's: 128
ISBN-13: 978-90-7767-127-6
Prijs: € 15,-

dcd-hulpgids voor leerkrachten - achtergrond en adviezen bij de motorische coördinatiestoornisZoals de titel aangeeft, helpt dit boek leerkrachten om kinderen met DCD op school te begeleiden. Geen overbodige luxe als je bedenkt dat 5 of 10 procent van de kinderen DCD heeft. Nagenoeg iedere school heeft ermee te maken. Geschreven vanuit een ergotherapeutische invalshoek, biedt het een bruikbaar model.

In het eerste deel komt de theorie aan bod. De auteur legt uit vanwaaruit het begrip DCD gegroeid is. Ze benadrukt de vele onderlinge verschillen tussen kinderen met DCD. Niet alleen de ernst en/of de aard van de problemen bepalen deze verschillen. Ook de mate waarin het kind in staat is zijn beperkingen te compenseren. De auteur slaagt erin de kenmerken van DCD in een vijftal 'hoofdkenmerken' samen te vatten. Ze lijst eveneens gevolgen ervan voor de leerling en zijn leerkracht op.

In dit eerste deel heeft de auteur het ook nog over de diagnose, behandeling en begeleiding van een kind met DCD. Ze schetst ook een werkmodel dat leerkrachten toelaat om situaties te analyseren en te beoordelen waarmee kinderen met DCD problemen hebben. Dit werkmodel is de ruggengraat van het ganse boek. Daarom moet dit zeker ook door de enthousiaste 'doe'-leerkracht die meteen aan de slag wil met de tips uit het boek, doorgenomen worden. De volgende delen zijn er immers op gebaseerd.

In het tweede deel komt de leerling met DCD ruim aan bod. De auteur haalt hierbij een viertal relevante processen naar voren. Deze houden verband met de beperkingen in het handelen van de leerling:

  • het bewegen,
  • de communicatie,
  • het motorische leren,
  • de sociaal-emotionele ontwikkeling.

Het bewegen deelt de auteur in verschillende hoofdstukken op:

  • het bewegen als sensomotorisch proces,
  • de basismotoriek,
  • het doelgerichte handelen of de praxis,
  • de vaardigheden.

De communicatie, het motorische leren en de sociaal-emotionele ontwikkeling krijgen elk één hoofdstuk aangemeten.

De fysieke omgeving van de school en de figuur van de leerkracht komen in het derde hoofdstuk aan bod. Hier leest men hoe en waar de schoolomgeving voor leerlingen met DCD een extra hindernis kan zijn. Ook hoe men dit op een eenvoudige manier kan verhelpen. Het belang van de pedagogische opstelling van de leerkracht en zijn didactische aanpak krijgt extra nadruk.

De schoolse vaardigheden en de vaardigheden die je nodig hebt om jezelf te verzorgen komen aan bod in het vierde en laatste deel. De schoolse vaardigheden die de auteur bespreekt, zijn:

  • de balvaardigheden,
  • het zitten,
  • de constructieve vaardigheden,
  • de fijnmotorische vaardigheden,
  • het schrijven.

Waar blijven de DCD-tips dan, zul je denken? Samen met de verschillende voorbeelden staan ze tussen de tekst, in overzichtelijke tabellen. Bij elke DCD-tip vermeldt de auteur het doel. Daarbij hoort er altijd een concrete omschrijving. Naargelang de DCD-tip vind je in deze tabellen ook adviezen in verband met de begeleiding, de organisatie of een verdere differentiatie. Na elk hoofdstuk krijg je suggesties om verder te lezen over het onderwerp of tips waar je meer informatie kunt vinden.

Een boek met een stevige meerwaarde.

afdrukken

21:52 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Tags: ontwikkeling, motoriek, zorg, coördinatie, ontwikkelingsstoornis, dcd, ontwikkelingsdyspraxie, motorische ontwikkeling, coördinatiestoornis | |

2009.06.20

Alle katten hebben Asperger

Auteur: Kathy Hoopmann
Titel: Alle katten hebben Asperger
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2009
  72
ISBN-13: 978-90-7767-134-4
Prijs: € 14,95

alle katten hebben aspergerNet zoals Alle honden hebben ADHD is Alle katten hebben Asperger een informatief en ontroerend kijk- en voorleesboek over het syndroom van Asperger voor kinderen en volwassenen. De lezer krijgt op een creatieve, positieve en relativerende manier een zeer volledig overzicht van de positieve en negatieve kenmerken van het syndroom. Alle katten hebben Asperger is dan ook een informatief boek dat je zonder schroom kunt laten lezen door kinderen met Asperger en hun ouders. Voor hen is de boodschap van het boek dat het kind veel meer is dan enkel zijn stoornis. Voor een leerkracht is het een leuke, snelle maar toch zeer volledige kennismaking met het fenomeen.

De auteur koos voor de kat als het zinnebeeld van dit boekje. Wie katten kent, weet meteen dat dit geen toevallige keuze is. Per bladzijde beschrijft hij één kenmerk van personen met Asperger. Dit kenmerk illustreert hij met een foto van een jonge kat. Hierbij schuwt de auteur het gebruik van humor in woord en beeld niet.

Dit moet je gelezen hebben!

afdrukken

12:20 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Tags: autisme, ass, asperger, autismespectrum | |

Alle honden hebben ADHD

Auteur: Kathy Hoopmann
Titel: Alle honden hebben ADHD
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2009
Pagina's: 72
ISBN-13: 978-90-7767-135-1
Prijs: € 14,95

alle honden hebben adhdEen informatief en ontroerend kijk- en voorleesboek over ADHD voor kinderen en volwassenen. Zo kan ik het boekje Alle honden hebben ADHD van Kathy Hoopmann het beste beschrijven. Het geheel ademt creativiteit en positiviteit uit en zet aan tot relativeren. Terwijl de auteur in woord en beeld gebruik maakt van humor, is het boekje nergens kwetsend of bewust confronterend. Het werd een stilzwijgend pleidooi om te spreken over een kind met ADHD (en nog vele andere kwaliteiten) en niet langer te spreken over een ADHD'er, wat impliceert dat het kind zijn stoornis zou zijn. Alle honden hebben ADHD is dan ook een informatief boek dat je zonder schroom kunt laten lezen door kinderen met ADHD en hun ouders. Voor een leerkracht is het een leuke, beknopte maar toch zeer volledige kennismaking met het fenomeen. Als je hem toch een geschenkje wil geven aan het einde van het schooljaar, geef hem dan nu eens geen medaille voor de allerbeste leerkracht maar dit boekje. Geloof me, jouw geld zal veel beter besteed zijn.

Het concept van het boekje is eenvoudig en origineel. Per bladzijde wordt er een kenmerk van ADHD in één zin beschreven en geïllustreerd aan de hand van een foto met een (jonge) hond. De keuze van de hond is zeker niet toevallig. Dat blijkt vanzelf uit de gebruikte foto's. Zowel de positieve als negatieve kenmerken komen aan bod. De impact van ADHD op het cognitieve, emotionele, sociale en psychische functioneren, wordt op deze manier zeer duidelijk.

Een geniaal boekje

afdrukken

12:10 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Tags: adhd, add | |