2009.05.08
Motorische ontwikkeling van kinderen. Handboek 2: theorie
| Auteur: | Jan Bernard Netelenbos |
| Titel: | Motorische ontwikkeling van kinderen. Handboek 2: theorie. |
| Uitgeverij: | Boom |
| Plaats: | Amsterdam |
| Jaar: | 2007 (tweede druk) |
| Pagina's: | 407 |
| ISBN-13: | 978-90-5352-503-6 |
| Prijs: | € 49,90 |
Wie na het lezen van het eerste deel nog meer wil weten over de motorische ontwikkeling van kinderen, kan hier terecht. Waar het eerste deel meer een antwoord was op de vraag wat er gebeurt bij de motorische ontwikkeling, gaat het tweede deel op zoek naar een antwoord op de vraag hoe dat allemaal in zijn werk gaat. De verschillende visies, hypothesen en verklaringen worden hier uitgebreid toegelicht.
In het eerste hoofdstuk bespreekt Jan Bernard Netelenbos de algemene theoretische en methodologische achtergronden van de ontwikkeling van het gedrag bij kinderen. Eerst besteedt hij aandacht aan de veelheid van betekenissen van het begrip ontwikkeling om uiteindelijk ontwikkeling te definiëren als een kwalitatieve verandering van systemen. Vervolgens toont hij aan hoe een mechanistische of organismische mensvisie de oriëntatie op de menselijke ontwikkeling bepaalt en volgens welke principes de ontwikkeling gereguleerd wordt. De aard van de ontwikkeling is dan het onderwerp van de volgende paragraaf. Tot slot van het eerste hoofdstuk staat de auteur stil bij de verschillende methoden van ontwikkelingsonderzoek.
In de hoofdstukken twee tot en met vijf bespreekt de auteur telkens één theorie. Achtereenvolgens komen aan bod:
- de interactietheorie van Piaget,
- de leertheorie van Watson,
- de rijpingstheorie van Gesell,
- de theorie van de niet-lineaire dynamische systemen van Thelen.
Elk van deze theorieën wordt uitgebreid besproken.
In het laatste hoofdstuk van dit boek gaat de auteur op zoek naar de band tussen het mentale en motorische gedrag bij kinderen.
Waar het eerste handboek een toegankelijke introductie was op het thema van de motorische ontwikkeling van kinderen, is dit tweede handboek eerder voer voor de gemotiveerde lezer. Het gaat hier immers meer expliciet om een studieboek en veel minder om een naslagwerk.
17:00 Gepost door Lieven Coppens in Boom | Permalink | Email dit
| Tags: motoriek, motorische ontwikkeling, ontwikkeling |
|
2009.05.01
Motorische ontwikkeling van kinderen. Handboek 1: introductie
| Auteur: | Jan Bernard Netelenbos |
| Titel: | Motorische ontwikkeling van kinderen. Handboek 1: introductie. |
| Uitgeverij: | Boom |
| Plaats: | Amsterdam |
| Jaar: | 2004 (tweede druk) |
| Pagina's: | 376 |
| ISBN-13: | 978-90-5352-453-3 |
| Prijs: | € 44,- |
Over de motorische ontwikkeling van kinderen valt heel wat te zeggen. Alleen was tot voor kort de kennis over dit thema in het Nederlandstalige gebied nog niet afdoende op schrift gesteld. Jan Bernard Netelenbos schreef daarom het tweedelige werk Motorische ontwikkeling van kinderen op basis van zijn colleges en werkgroepen aan de studenten Bewegingswetenschappen en Psychologie van de Vrije Universiteit te Amsterdam. Zo kregen beroepsmensen die vragen hadden over de motorische ontwikkeling van de hun toevertrouwde kinderen meteen ook een recent referentiewerk ter beschikking.
In het eerste deel wordt er feitelijke informatie gegeven over het verloop van de motorische ontwikkeling. Het bestaat uit zes hoofdstukken. Het eerste hoofdstuk gaat uitgebreid in op de discussie of de ontwikkeling van een kind bepaald wordt door aangeboren factoren of door opgedane ervaringen (het fameuze nature versus nurture debat). De auteur geeft heel consistente uitleg bij drie kernbegrippen, namelijk ontwikkeling, groei en leren. Daarna schetst hij een kader waarin hij een vijftal gedragscategorieën vastlegt op basis van de sleutelwoorden cognitie en motoriek. Dit kader moet toelaten de ontwikkelingscategorieën die exclusief eigen zijn aan bepaalde theorieën overzichtelijk te ordenen. Tot slot van het eerste hoofdstuk bespreekt de auteur kort nog een vijftal invloedrijke ontwikkelingstheorieën.
Het tweede hoofdstuk staat in het teken van de biologische ontwikkeling van kinderen. Dit meer algemene hoofdstuk vindt zijn vervolg in het derde hoofdstuk waar de auteur de motorische ontwikkeling van kinderen meer in detail beschrijft. In het vierde hoofdstuk gaat Netelenbos dieper in op de stelling dat de motorische ontwikkeling van kinderen hand in hand gaat met de perceptuele ontwikkeling. De auteur laat tal van theorieën en de er bij horende experimenten de revue passeren en voorziet ze van passende en kritische commentaar.
Wat als de motoriek zich niet ontwikkelt zoals verwacht? Deze vraag staat centraal in het vijfde hoofdstuk. De auteur ordent zijn inhoud rond de volgende grote thema's:
- begripsafbakening:
- vertraagd versus afwijkend,
- ziekte, stoornis, beperking, handicap,
- de motoriek van kinderen met een hersenbeschadiging,
- de motoriek van kinderen met een afwijkend zenuwstelsel,
- de motoriek van kinderen met leer- en gedragsstoornissen,
- de motoriek van zieke kinderen en kinderen met psychische stoornissen,
- de motoriek van zintuiglijk gestoorde kinderen,
- de behandeling van kinderen met motorische stoornissen en beperkingen.
In het laatste hoofdstuk behandelt de auteur het testen van de motoriek bij kinderen. Na een algemene introductie geeft hij een becommentarieerd overzicht van verschillende tests. Hij beperkt zich niet tot een beschrijving alleen. Zo staat hij ook stil bij hun toepasbaarheid en hun psychometrische kwaliteiten. Een uitgebreide index en een goed uitgewerkte begrippenlijst vervolledigen dit boek.
Jan Bernard Netelenbos heeft een multifunctioneel boek over de motorische ontwikkeling van kinderen neergeschreven. Het kan als leerboek en als naslagwerk gebruikt worden. Stevig onderbouwd en met heel wat concrete voorbeelden brengt hij een zeer actuele stand van zaken over het onderwerp.
03:09 Gepost door Lieven Coppens in Boom | Permalink | Email dit
| Tags: ontwikkeling, motoriek, motorische ontwikkeling |
|
2009.03.22
Protocollaire behandelingen voor kinderen met psychische klachten
| Auteur: | Caroline Braet & Susan Bögels (Red.) |
| Titel: | Protocollaire behandelingen voor kinderen met psychische klachten. |
| Uitgeverij: | Boom |
| Plaats: | Amsterdam |
| Jaar: | 2008 |
| Pagina's: | 564 |
| ISBN-13: | 978-90-8506-447-3 |
| Prijs: | € 69,50 |
Recent onderzoek heeft aangetoond dat kinderen en jongeren met psychische klachten beter geholpen worden door een op een protocol gebaseerde behandeling dan door een klassieke kinder- of jeugdtherapie. Concreet betekent dit dat de behandeling bestaat uit een geheel van chronologisch op elkaar volgende stappen die bij elke nieuwe cliënt op nagenoeg gelijke wijze doorlopen worden. Deze protocollen zijn in de praktijk getoetst op hun effectiviteit maar berusten steeds op een theoretisch model waar zowel de voorlopers als de gevolgen van een probleem zijn in kaart gebracht. In die zin leunen ze dan ook sterk aan bij de principes van het evidence-based werken.
In dit boek worden een onderzoeksprotocol en 21 volwaardige behandelingsprotocollen ingeleid door een hoofdstuk over het evidence-based werken bij kinderen met psychische klachten én een hoofdstuk over handelingsgerichte diagnostiek. De behandelingsprotocollen gaan over:
- slaapproblemen bij kinderen,
- enuresis en urine-incontinentie bij kinderen,
- encopresis bij kinderen,
- somatoforme stoornissen,
- cognitieve gedragstherapie voor jongeren met het chronische vermoeidheidssyndroom,
- autismespectrumstoornissen,
- oudertraining bij kinderen met autisme,
- jonge kinderen met gedragsproblemen,
- ADHD bij kinderen,
- tics bij kinderen en adolescenten,
- cognitieve gedragstherapie bij depressie,
- groepsbehandeling voor kinderen en jongeren met angststoornissen,
- kinderen en adolescenten met een dwangstoornis,
- acute stressstoornissen na een éénmalige traumatische ervaring,
- cognitieve gedragstherapie voor adolescente meisjes,
- integratieve therapie voor gehechtheid en gedrag,
- emotieregulatietraining voor jongeren met (symptomen van een) borderline persoonlijkheids-problematiek,
- de multidisciplinaire behandeling van kinderen met overgewicht,
- boulemia nervosa en aanverwante eetstoornissen,
- middelgebonden stoornissen,
- cognitieve gedragstherapie voor jongeren met zelfbeschadigend gedrag.
Al de protocollen uit dit boek worden volgens hetzelfde stramien besproken. Het protocol wordt eerst ingeleid en in een volgend stukje gekoppeld aan de resultaten uit onderzoek naar de werkbaarheid ervan. Vervolgens wordt er onderzocht hoe men het probleem in kaart kan brengen. In een volgend deeltje gaat men dieper in op de idee die achter elke (deel)handeling zit. Verder gaat men dieper in op de behandeling van het probleem om daarna het behandelingsprotocol volledig uit te schrijven. Tot slot wordt er uitgelegd op welke manier(en) het protocol kan geëvalueerd worden. Een discussie besluit elk hoofdstuk. In bijlage zitten de materialen die men nodig heeft om het protocol uit te voeren. Een digitale versie hiervan is terug te vinden op de meegeleverde cd-rom.
Dit boek is bedoeld voor iedereen die kinderen en jongeren met een psychopathologie in de jeugd- en geestelijke gezondheidszorg behandelt. Orthopedagogen, klinische psychologen, kinder- en jeugdpsychiaters zullen zeker hun voordeel kunnen doen met de in het boek beschreven protocollen. Dit neemt echter niet weg dat ook andere professionelen die op de één of andere manier met deze kinderen of jongeren en/of hun ouders in contact komen, er veel winst voor de eigen beroepspraktijk kunnen uit halen.
17:50 Gepost door Lieven Coppens in Boom | Permalink | Email dit
| Tags: cvs, gedrag, behandeling, oudertraining, ass, bedplassen, enuresis, encopresis, chronische vermoeidheid, somatoforme stoornis, slaapproblemen, autisme, autismespectrum |
|
2008.09.27
Neuropsychologie van neurologische aandoeningen in de kindertijd
| Auteur: | Aag Jennekens-Schinkel & Frans Jennekens |
| Titel: | Neuropsychologie van neurologische aandoeningen in de kindertijd |
| Uitgeverij: | Boom |
| Plaats: | Amsterdam |
| Jaar: | 2008 |
| Pagina's: | 598 |
| ISBN-13: | 978-90-5352-507-4 |
| Prijs: | € 52,50 |
Dit actuele boek is een zeer toegankelijk naslagwerk voor iedereen die professioneel in aanraking komt met kinderen met neurologische problemen. De auteurs hebben een inventaris gemaakt van de meest voorkomende aandoeningen bij kinderen en deze aangevuld met een aantal meer zeldzame ziekten. De volgende aandoeningen komen onder andere aan bod:
- Te vroeg en/of te licht geboren
- Cerebrale parese (hersenverlamming)
- Spina bifida (open rug)
- Hydrocefalus (waterhoofd)
- Meningitis (hersenvliesontsteking)
- Encefalitis (hersenontsteking)
- Herseninfarcten en hersenbloedingen
- Hersentumoren en cerebrale leukemie
- Traumatisch hersenletsel
- Epilepsie
Voor ze de verschillende aandoeningen van nabij bekijken, formuleren de auteurs in een inleidend gedeelte de uitgangspunten bij hun boek. Hierdoor kan wat ze schrijven niet verkeerd begrepen worden. Ook het stukje over de instrumenten (tests) die gebruikt worden bij het onderzoek van de cognitie en het gedrag is zeer verhelderend. Het schema waarbij deze tests verbonden worden met alle hoofdstukken van het boek waarin ze voorkomen is van grote waarde.
In het boek wordt elke aandoening eerst bondig beschreven in een rubriek Hoofdzaken. In deze rubriek krijgt men zeer kernachtig de essentie te lezen. Hierbij is de verwijzing naar de schoolse context en het schoolse leren nooit veraf. Ook de prognose voor de toekomst krijgt hier een plaats.
Na deze rubriek met hoofdzaken wordt het hoofdstuk verder uitgewerkt. Dit houdt in dat de gebruikte terminologie verklaard wordt en eventuele definities uitgelegd en toegelicht worden. De kenmerken van de aandoening worden uitgebreid en duidelijk in kaart gebracht. De lezer krijgt tegelijk ook een zicht op de mate van voorkomen van de aandoeningen. Het grootste gedeelte van het hoofdstuk is steeds gewijd aan de gevolgen van de aandoening op de ontwikkeling van het kind in zijn verschillende aspecten, gedifferentieerd naar de verschillende leeftijdsgroepen.
- De lichamelijke ontwikkeling
- De cognitieve ontwikkeling: hieronder vallen onder andere de intelligentie, de taalontwikkeling, de aandacht, de executieve functies en dergelijke.
- De ontwikkeling van het psychosociaal functioneren: hieronder vallen gegevens over de schoolloopbaan, het gedrag en de sociale aanpassing van het kind.
Tussentijdse samenvattingen helpen de lezer om bij de zaak te blijven en hebben daardoor een groot leereffect. Afbeeldingen, tabellen en schema's zijn weloverwogen gekozen en zijn daardoor altijd verhelderend en snel interpreteerbaar. Ook het presenteren van gegevens uit wetenschappelijk onderzoek als bewijsvoering zijn een sterke troef. Verder besteden de auteurs waar dat relevant is ook aandacht aan de diagnostiek en behandeling van de aandoeningen en de eventuele gevolgen en restverschijnselen ervan.
Bij een eerste lezing oogt de inhoud van het boek moeilijker dan hij in werkelijkheid is. De auteurs gebruiken overal de juiste terminologie, maar deze wordt altijd concreet uitgelegd met woorden, beelden en onderzoeksgegevens. Hierdoor is het boek vlot te lezen. De auteurs hebben een goed evenwicht gevonden tussen wetenschappelijke juistheid enerzijds en begrijpelijkheid anderzijds.
Tot slot moeten we de uitgebreide bibliografie, de goede bronvermeldingen en het uitgebreid en gemakkelijk te doorzoeken register van het boek vermelden als grote troeven.
Een boek dat zeker aan te raden is als naslagwerk voor iedereen die beroepsmatig meer wil weten over deze aandoeningen of in aanraking komt met ouders die vragen hebben over de aandoening van kind.
13:04 Gepost door Lieven Coppens in Boom | Permalink | Email dit
| Tags: hersenvliesontsteking, herseninfarct, cognitieve ontwikkeling, neurologie, neuropsychologie, meningitis, psychoscociaal functioneren, ontwikkeling, prematuur, cerebrale parese, hersenverlamming, hydrocefalus, waterhoofd |
|
2008.05.03
Kinderen met dyscalculie
| Auteur: | Annemie Desoete & Tom Braams |
| Titel: | Kinderen met dyscalculie |
| Uitgeverij: | Boom |
| Plaats: | Amsterdam |
| Jaar: | 2008 |
| Pagina's: | 174 |
| ISBN-13: | 978-90-8506-368-1 |
| Prijs: | € 17,50 |
Laat ik maar meteen met de deur in huis vallen: nog maar zelden heb ik een boek gelezen dat in zo'n vlotte stijl theorie en praktijk samenbrengt. Kinderen met dyscalculie moet je gewoon lezen als je op de een of andere manier te maken hebt met leerstoornissen. Annemie Desoete en Tom Braams hebben immers hun krachten gebundeld om, in een tijd waar er nog veel onduidelijkheden zijn over het verschijnsel dyscalculie, een zeer bevattelijk werk te schrijven. Dit boek is, zoals het op de achterflap vermeld staat, inderdaad een hulpmiddel bij het leren rekenen en de begeleiding van leerlingen.
Het eerste hoofdstuk draagt duidelijk de handtekening van Annemie Desoete. Het vormt de inleiding op het boek en laat zien dat rekenen heel veel van de vaardigheden van iemand vraagt. Wat voor een goede rekenaar vaak vanzelfsprekend is, blijkt vaak te steunen op een groot aantal onderliggende vaardigheden die (in de meeste gevallen) chronologisch moeten verworven worden. Daarnaast worden we voortdurend geconfronteerd met cijfers en getallen, die naargelang hun context een andere betekenis hebben. De auteurs geven in dit hoofdstuk een beschrijving en een (aanzet tot) verklaring van dyscalculie, tonen aan dat er verschillende vormen van dyscalculie bestaan en onderstrepen dat dyscalculie wel kan samengaan met andere stoornissen. In deze inleiding leert de lezer ook dat taal bij rekenen zeer belangrijk is. Niet alleen bij de betekenisgeving van cijfers en getallen, maar ook bij het uitvoeren van complexe rekenvaardigheden die een zeker abstractie nodig hebben. Tot slot tonen de auteurs aan dat een kind met dyscalculie dat niet goed begeleid wordt op korte en lange termijn geconfronteerd wordt met diverse problemen.
Het tweede hoofdstuk (van de hand van Tom Braams?) gaat dieper in op de schoolloopbaan van kinderen met dyscalculie. De auteur vertrekt van enkele concrete gevalsbeschrijvingen om dit deel uit te werken. Op kleuterleeftijd zijn er al een aantal vaststellingen te doen die er kunnen op wijzen dat kinderen op latere leeftijd dyscalculie kunnen hebben. Hoewel dit niet noodzakelijk zo is. Hieruit blijkt echter wel dat leren rekenen niet begint in het eerste leerjaar maar in de kleuterschool. De eerste graad van het lager onderwijs bouwt verder op de verworvenheden uit de kleuterschool. Aan de hand van een gevalsbespreking ontdekt de lezer dat er al in de eerste graad aanwijzingen kunnen zijn voor dyscalculie en krijgt hij adviezen om kinderen met problemen gericht te ondersteunen. In de tweede en de derde graad wordt er heel veel nieuwe leerstof aangeboden en is de kans erg groot dat een kind met dyscalculie ernstig achterop raakt. Een aangepast programma dringt zich dan vaak op, maar houdt ook een aantal gevaren in zich, niet in het minst een problematische overgang naar het secundair onderwijs. Ook dit stukje wordt afgesloten met een aantal concrete adviezen. Ook aan de overgang naar dat secundair onderwijs wordt aandacht besteed, evenals aan het herkennen van dyscalculie in het secundair.
Het derde hoofdstuk gaat dieper in op de diagnostiek. De verschillende fasen (aanmeldfase, onderzoeksfase, adviesfase) worden overlopen en geduid. Het vierde hoofdstuk verduidelijkt enkele principes bij de behandeling van dyscalculie en geeft enkele tips voor preventie. Hierbij maken de auteurs een onderscheid tussen de pedagogische en de didactische benaderingswijze en verdedigen ze de vragende instructie als methode. Dit is één van de rijkste hoofdstukken uit het boek en moet absoluut door iederen gelezen worden.
Het vijfde hoofdstuk is nagenoeg het meest praktische en gaat over de instructieaanpak in de basisschool. Omwille van het belang van dit hoofdstuk geef ik in het kort de verschillende onderdelen weer:
-
specifieke instructieaanpak van kleuters
-
specifieke instructieaanpak van...
-
lezen en schrijven van getallen tot 10
-
lezen, schrijven en begrijpen van getallen 11 en 12
-
lezen, schrijven en begrijpen van getallen tussen 12 en 100
-
lezen, schrijven en begrijpen van getallen tussen 12 en 1000
-
lezen, schrijven en begrijpen van heel grote getallen
-
lezen, schrijven en begrijpen van operatoren
-
bewerkingen tot 100, 1000
-
tafels van vermenigvuldiging en delen
-
lezen, schrijven en begrijpen van breuken, kommagetallen en procenten
-
meten
-
contextrijke opgaven
-
-
leren van lessen en maken van huiswerk
Het zesde hoofdstuk verplaatst de focus naar het secundair onderwijs. Enkele gevalsbeschrijvingen maken eerst de impact van dyscalculie duidelijk. De rest van het hoofdstuk staat in het teken van de stimulerende, compenserende, remediërende, relativerende en dispenserende maatregelen voor jongeren met dyscalculie.
Het zevende hoofdstuk is geschreven naar de ouders toe en is opgebouwd rond vier sleutelwoorden: emoties, kennis, communicatie en handelen. Het is tevens verplichte literatuur voor iedereen die ouders van een kind met dyscalculie deskundig willen begeleiden.
Het laatste hoofdstuk geeft een overzicht van beschikbare rekenmaterialen en rekensoftware.
En om de deur van daarnet weer te sluiten: als je in jouw boekenbudget nog slechts € 20,- hebt, dan is dit het boek waaraan je deze moet besteden. Wat mij betreft is het immers een standaardwerk over dyscalculie dat nog lang stand zal houden.
16:26 Gepost door Lieven Coppens in Boom | Permalink | Email dit
| Tags: taal, adhd, add, nld, kleuters, kleuteronderwijs, didactiek, basisonderwijs, secundair onderwijs, dyscalculie, stimuleren, compenseren, relativeren |
|












