2017.06.04

Slim onderpresteren aanpakken

Auteur: Tania Gevaert & Ophélie Desmet
Titel: Slim onderpresteren aanpakken
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen|Apeldoorn
Jaar: 2016
Pagina's: 215
ISBN-13: 978-90-441-3358-5
Prijs: € 29,00

slim onderpresteren aanpakkenAls ouder of leerkracht ken je ze wel: kinderen of jongeren waarvan je voelt of weet dat ze tot veel betere prestaties in staat zijn, maar dat niet tonen. Je steekt er heel veel tijd in en je krijgt er grijze haren van, maar het lijkt op water dragen naar de zee. Erger nog: de kinderen of jongeren beseffen het ergens zelf wel, maar zijn niet echt in staat om het tij in hun eentje te keren. Dit boek wil zowel de ouders en leerkrachten als de onderpresteerders hierbij helpen.

Het boek bestaat uit twee delen: een handboek voor de begeleidende ouders en leerkrachten (hoofdstukken 1 tot en met 5) en een werkboek voor de onderpresteerders (hoofdstukken 6 tot en met 10),

Het deel voor de begeleiders start met een hoofdstuk waarin de auteurs het fenomeen van het slim onderpresteren voor de lezer uittekenen. Ze geven niet alleen een definitie, maar staan ook stil bij de verschillende vormen van onderpresteren en de oorzaken en gevolgen ervan. Heel herkenbaar is ook het stukje over de kenmerken van onderpresteerders. De voorbeelden die hierbij aangehaald worden zijn vaak nog helderder dan de al zeer herkenbaar geschreven tekst.

Het tweede hoofdstuk gebruikt het verhaal van De haas en de schildpad om dieper in te gaan op twee essentiële kenmerken van onderpresteerders: uitstelgedrag en werkhouding. Dit hoofdstuk is onontbeerlijk om de typologie van de vijf onderpresteerders goed te kunnen begrijpen.

Deze typologie wordt uitgewerkt in het derde hoofdstuk. De Uitsteller, de Perfectionist, de Broekvager, de Angstige als de Oogappel, ze komen allemaal uitgebreid aan bod. Niet alleen de beschrijving en de casuïstiek doen het hier, maar zeker en vast ook de stukjes over de begeleidingsvalkuilen bij elk type onderpresteerder.

In het vierde hoofdstuk komen de basisvoorwaarden voor de begeleiding van onderpresteerders aan bod. Het onderstreept onder andere het belang van teamwerk, geeft aan welke rol de verschillende teamleden kunnen (moeten) spelen, gaat dieper in op de dubbele rol van ouder-begeleider, beschrijft de basishouding die nodig is voor een kansrijke begeleiding en stelt een beproefd stappenplan voor de begeleiding ter beschikking. Het eindigt met een pleidooi voor een effectieve feedback, zoals deze door John Hattie en Helen Timperley werd beschreven.

Het deel wordt prachtig afgesloten met het vijfde hoofdstuk waarin het gedachtegoed van Carol Dweck in verband met de Fixed en Growth Mindset zijn rechtmatige plaats krijgt.

Het lezen van dit eerste deel is niet alleen zeer verhelderend, het is ook gewoon leuk. Daar zorgen de gebruikte casuïstiek, de vele goed gekozen citaten die je vaak een glimlach ontlokken en de vele concrete tips voor.

Het tweede deel is zoals gezegd het werkboek voor de onderpresteerder. In vijf hoofdstukken krijgt hij de kans om over zijn onderpresteren oplossingsgericht te reflecteren en het doelgericht aan te pakken. In deze vijf hoofdstukken werkt het overvloedig gebruik van voorbeelden, citaten en opdrachten en tips zeer versterkend. Voeg daarbij het respect voor de onderpresteerder van waaruit dit werkboek geschreven is, en je voelt meteen dat dit niet zomaar het zoveelste werkboek is maar iets dat geschreven is vanuit de kennis, de ervaring en het hart van de beide auteurs.

Heel warm aanbevolen!

afdrukken

18:37 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Tags: cognitieve ontwikkeling, hoogbegaafd, intelligentie, methodiek, mindset, onderpresteren | |

2017.01.14

Een algemene orthopedagogiek

Auteur: Piet de Ruyter
Titel: Een algemene orthopedagogiek
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen|Apeldoorn
Jaar: 2015
Pagina's: 691
ISBN-13: 978-90-441-3305-9
Prijs: € 54,90

een algemene orthopedagogiekMet de komst van het passend onderwijs in Nederland en het M-decreet in Vlaanderen zien veel leerkrachten zich op bepaalde momenten geconfronteerd met de eigen handelingsverlegenheid. Hierdoor zijn zij geneigd om voor bepaalde leerlingen snel uit te kijken naar een individueel aangepast opvoedingstraject, terwijl er een aantal mogelijkheden in de klas en op school niet gezien worden. Je kunt hen dat ook niet kwalijk nemen, aangezien ze vanuit hun opleiding niet kunnen terugvallen op de noodzakelijke algemene orthopedagogische basiskennis en er bovendien weinig of geen professionaliseringstrajecten zijn waar ze deze kennis kunnen opdoen. Het is dan ook verkeerd om ervan uit te gaan dat dit boek enkel bestemd zou zijn voor studenten in het hoger onderwijs die zich voorbereiden op een van de beroepen als opvoedingshulpverlener. Zoals op de achterflap vermeld wordt, is dit boek eveneens van belang voor studenten in een opleiding tot docent in het basis en secundair (voortgezet) onderwijs, omdat zij in hun werk niet alleen doorsnee leerlingen ontmoeten maar ook leerlingen met een specifieke opvoedvraag (sic). Niet in het minst omdat ze niet alleen pasklare oplossingen nodig hebben die ze gedachteloos kunnen toepassen, maar ook een duidelijke visie over opvoeden in de klas moeten ontwikkelen.

In zijn boek geeft De Ruyter in het eerste hoofdstuk aan wat algemene orthopedagogiek is en wat de waarde daarvan is binnen het geheel van de orthopedagogiek. In het tweede hoofdstuk gaat hij dan dieper in op het begrip handelen. Deze twee hoofdstukken heb je nodig om zijn visie over opvoeden die hij in het derde hoofdstuk uiteenzet, in het juiste perspectief te zien. In dit deel omschrijft hij vijf opvoedingsdoelen, waarvan hij er twee verder uitwerkt in het vijfde en zesde hoofdstuk omwille van de complexiteit en de omvang ervan. Voor hij zover is, tekent hij in het vierde hoofdstuk de somatische en psychische toerusting uit die de jongere bij zijn geboorte meekrijgt en die soms het opvoeden niet alleen voor hem maar ook voor zijn opvoeders danig verzwaart.

In hoofdstuk zeven gaat De Ruyter dieper in op de stagnerende opvoeding. Hiervoor gaat hij uit van de vijf opvoedingsdoelen die hij opsomde in het derde hoofdstuk. Het volgende hoofdstuk verduidelijkt dan wat de hulp kan zijn bij die stagnerende opvoeding. In het negende en laatste hoofdstuk gaat de auteur tenslotte in op de manier waarop de opvoedingshulpverlening moet georganiseerd zijn.

Een boek om niet te negeren.

afdrukken

14:36 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Tags: opvoeding, opvoedingsondersteuning, orthopedagogiek | |

2016.12.02

Ideeënboek dyscalculie

Auteur: Ludo Cuyvers
Titel: Ideeënboek dyscalculie
Helpen zit in onze natuur
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen|Apeldoorn
Jaar: 2015
Pagina's: 117
ISBN-13: 978-90-441-3274-8
Prijs: € 16,90

ideeënboek dyscalculie - helpen zit in onze natuurEen pretentieloos boekje in een heldere taal over dyscalculie schrijven, dat er tegelijk in slaagt op een bevattelijke manier de brug tussen theorie en praktijk te slaan, je moet het maar kunnen. Welnu: Ludo Cuyvers kan het! Toen ik het begon te lezen, was ik onmiddellijk enthousiast. Het is immers een boekje dat leerkrachten en ouders direct antwoord geeft op de voor hen meest belangrijke vragen:

  • Wat is dyscalculie?
  • Hoe kan ik voor het kind met dyscalculie thuis en in de klas concrete hulp bieden?

Deze vragen worden in de twee delen van het boek beantwoord. In het eerste deel geeft Ludo Cuyvers een uitgebreid, op de theorie geënt – maar niet te theoretisch – antwoord op de vraag wat dyscalculie is en hoe je die tijdig kunt (moet) herkennen. Daarbij staat hij stil bij de verschillende verschijningsvormen, waarbij we duidelijk de invloed van professor Annemie Desoete merken, om via een aantal officiële definities te komen bij de manier waarop men de diagnose kan stellen. Dit deel is kort, helder en bondig, maar verdient het zeker om aandachtig gelezen te worden. Alleen zo kan men de zin en het opzet van veel van de voorgestelde interventies uit het tweede deel voldoende begrijpen.

In het twee deel brengt de auteur tal van interventies aan die men doorheen de verschillende schooljaren kan toepassen. Daarbij verduidelijkt hij eerst nog de indeling die hij in het eerste deel maakte tussen semantische of geheugendyscalculie, procedurele dyscalculie, getallenkennisdyscalculie en visuo-spatiële dyscalculie. Geloof me: bleven deze termen na het lezen van het eerste deel nog een beetje wazig, dan is de mist na het lezen van dit stuk volledig opgetrokken. Eens zover, dan beschrijft de auteur heel concreet wat men zowel thuis als in de klas allemaal kan doen. Thuis en in de klas, want de auteur stelt duidelijk dat de auteurs in deze co-therapeut zijn. Tot slot is het laatste deel over waar voor de leerlingen met dyscalculie de struikelblokken in het leerplan liggen (ook weer met tal van concrete ideeën doorspekt) een prachtige manier om het boek te besluiten.

Het enige wat ik in dit boek miste was een duidelijke bronnenvermelding. Jammer, omdat je wel duidelijk merkt dat de auteur zijn theorie kent.

De moeite waard.

afdrukken

2016.03.17

Ik leer een woord

Auteur: Marja Borgers
Titel: Ik leer een woord
Woordenschatspeel-, leer- en voorleesboek voor jonge kinderen
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen|Apeldoorn
Jaar: 2015
Pagina's: 136
ISBN-13: 978-90-441-3327-1
Prijs: € 23,-

ik leer een woord - woordenschatspeel-, leer- en voorleesboek voor jonge kinderenEen goede woordenschat is een heel belangrijke voorwaarde om het op school goed te kunnen doen. Kinderen die om een bepaalde reden met een beperkte woordenschat aan de onderwijsstartlijn komen, krijgen vaak heel snel problemen bij het leren lezen en later eveneens bij het begrijpend lezen.  Marja Borgers heeft dit fenomeen zeer goed beschreven in de inleiding van dit boek:

Veel kinderen hebben te maken met een taalachterstand. Deze achterstand kan verschillende oorzaken hebben, waaronder een (taal)ontwikkelingsstoornis, meertaligheid of een gebrekkig taalaanbod uit de omgeving. Een taalachterstand kan zich manifesteren in diverse domeinen van de taal, zoals in de ontwikkeling van klanken, woorden en zinnen. Vaak is er bij taalachterstand sprake van een woordenschatachterstand oftewel een (te) kleine woordenschat in relatie tot de leeftijd van de kinderen. Een te kleine woordenschat leidt tot een beperkt taalbegrip en brengt het risico met zich mee dat kinderen ook een achterstand ontwikkelen in het lezen, met alle gevolgen van dien. Het is daarom zinvol om de woordenschat bij kinderen te vergroten.

Daarbij komt nog het feit dat het hier niet gaat over om het even welke woordenschat, maar wel over een goede basis- en schooltaalwoordenschat. De introductie van de nieuwe AVI-procedure, en meer bepaald één onderdeel daarvan (de Cito-toets Leestechniek), heeft mij geleerd dat veel kinderen juist over die woordenschat struikelen. Het is volgens mij dan ook belangrijk – en dit zeg ik niet voor het eerst – dat we in de kleuterjaren het occasionele en vaak willekeurige woordenschatonderwijs vervangen door een systematisch ingepland onderwijs gericht op die basis- en schoolwoorden-schat. Ook in het kader van de kansenbevordering is dit essentieel.

Het boek van Marja Borgers komt hier volledig aan tegemoet en kan gebruikt worden door ouders, leerkrachten en professionele begeleiders. Ook al heeft het niet de pretentie om alle woorden aan te brengen die een kind moet beheersen in het eerste leerjaar, geeft het alvast een sterke aanzet om de betekenis van woorden achterna te gaan. Hiervoor zijn ook de werkvormen uit het boek zorgvuldig gekozen: ze zijn allemaal gebaseerd op deskundige inzichten in verband met de manier waarop men het beste de betekenis van woorden aanleert. Bovendien krijgt de gebruiker duidelijk uitgelegd wat de uitgangspunten zijn bij dit boek en hoe hij bijgevolg met de woorden uit dit boek aan de slag moet. De woorden in dit boek zijn georganiseerd rond een zestigtal zinvolle thema’s. Een willekeurige greep uit deze thema’s geeft ons bijvoorbeeld: Het lichaam en de zintuigen, Op reis, Praten en vertellen, Op avontuur in de natuur, Stilzitten is moeilijk, Lezen en schrijven en Klusjes rond het huis.

Ik mag zeker niet vergeten te vermelden dat het boek een zeer kindvriendelijke uitstraling heeft dankzij de kleurrijke afbeeldingen en grafische voorstellingen die allemaal in dienst staan van het ultieme doel: de woordenschat van kinderen vergroten. Het is dan ook heel belangrijk dat de gebruiker de rubriek Inhoud van dit boek op bladzijde 9 zeer grondig leest.

Ik zou wensen dat men dit boek tot verplichte literatuur maakt voor elke kleuterleerkracht en elke leerkracht van het eerste leerjaar (voor Nederland: groepen 1 tot en met 3) en de ouders begeleidt bij het gebruik ervan. Een van de zinvolste boeken die ik de afgelopen tijd in verband met woordenschatonderwijs onder handen kreeg.

afdrukken

16:16 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Tags: taal, taalbegrip, taalontwikkeling, taalvaardigheid, taalverwerving, woordenschat | |

2016.01.10

ToM-basistraining

Auteur: Mirjam van Campen-Hoekstra
Titel: Tom Basistraining 
Voor kinderen en jongeren met autisme en/of verstandelijke beperking
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen|Apeldoorn
Jaar: 2016
Pagina's: Handleiding en lesmateriaal: 241 + materialen
Werkboek: 108
ISBN-13: Handleiding en lesmateriaal: 978-90-441-3032-4
Werkboek: 978-90-441-3314-4
Prijs: Handleiding en lesmateriaal: € 149,-
Werkboek: € 29,-

tom-basistraining - voor kinderen en jongeren met autisme en-of verstandelijke beperkingTheory of Mind, vaak aangeduid als ToM, is het vermogen om zich een beeld te vormen van het perspectief van een ander en onrechtstreeks ook van zichzelf. Men maakt van dit vermogen gebruik wanneer men beschrijft wat een ander ziet, voelt of denkt vanuit zijn perspectief. Het is dan ook een noodzakelijke voorwaarde om tot empathie te komen, om zich te kunnen verplaatsen in het gevoelsleven van een ander. Net met dit zich kunnen verplaatsen in de gevoelens, emoties en gedachten van een ander hebben veel mensen met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking het moeilijk. Wat voor heel veel mensen iets is dat ze als vanzelf bezitten, zal hen moeten aangeleerd worden.

Eerder was er al de training van Pim Steerneman om de sociale interacties en de Theory of Mind in te oefenen. Deze werd door de Nederlandse Mirjam van Campen-Hoekstra, die zelf al jaren werkt met leerlingen met een autisme-spectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking, bewerkt tot de training zoals deze hier besproken wordt.

De training bestaat uit een negentwintigtal lessen die zich concentreren rond zeven bouwstenen die de basis van de training vormen en die in opklimmende graad van moeilijkheid aan de deelnemers aan de training aangeboden worden. Deze bouwstenen zijn:

  • Zelfbeeld;
  • Perceptie en imitatie;
  • Emotieherkenning;
  • Doen alsof;
  • Onderscheid maken tussen fantasie en werkelijkheid;
  • Overtuigingen;
  • Begrip van (complexe) humor.

Alle lessen zijn door de auteur volledig uitgeschreven in de handleiding en worden met de benodigde materialen - die trouwens heel mooi en slijtvast zijn uitgewerkt - in een opbergdoos aangeboden. Geen gedoe dus om eerst alles zelf klaar te maken. Voor elke les heeft de auteur dezelfde structuur gebruikt, waardoor het voor de trainer een fluitje van een cent is om zich het programma eigen te maken:

  • Doel;
  • Materiaal;
  • Voorbereiding;
  • Verloop;
  • Huiswerk.

Het moet wel voor iedereen duidelijk zijn dat de trainer kennis moet hebben van autismespectrumstoornissen en ervaring moet hebben met kinderen en jongeren met een verstandelijke beperking. Bovendien moet hij ook bereid zijn om waar nodig voldoende tijd in de voorbereiding van de lessen te steken. Maar dit spreekt eigenlijk voor zich.
De training is bedoeld voor kinderen en jongeren van acht tot en met veertien jaar die een ontwikkelingsleeftijd hebben van 5 tot 10 jaar. Het volledige pakket bestaat uit:

  • Een opbergdoos met daarin de handleiding en de benodigde materialen;
  • Een individueel werkboek voor iedere deelnemer;
  • Een plaats op het Internet waar een aantal verbruiksmaterialen gratis ter beschikking gesteld worden.

Materiaal dat volgens mij op elke school voor buitengewoon onderwijs type 9 (Vlaanderen) of op elke cluster 3 school (Nederland) standaard moet aanwezig zijn. Wat niet wegneemt dat het omwille van het M-decreet in Vlaanderen of het passend onderwijs in Nederland ook op andere scholen heel goede diensten kan en zal bewijzen.

afdrukken

18:45 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Tags: asperger, ass, autisme, autismespectrum, begeleiding, empathie, ontwikkelingsstoornis, pdd-nos, psycho-educatie, sociale cognitie, theory of mind, training | |