2016.02.07

Spraaktaal

Auteur: Jet Isarin
Titel: Spraaktaal
Gids voor jongeren met een taalstoornis
Uitgeverij: Kentalis|Acco
Plaats: Sint-Michielsgestel|Leuven & Den Haag
Jaar: 2013
Pagina's: 176
ISBN-13: 978-90-334-9181-8
Prijs: € 30,25

.spraaktaal - gids voor jongeren met een taalstoornisEen uitzonderlijk goed psycho-educatief naslagwerk voor jongeren met een taalstoornis, hun ouders en de hun omringende beroepsmensen, dat is wel het minste dat ik over het boek Spraaktaal van Jet Isarin kan neerpennen. Ik kan nog wel een paar andere predicaten bedenken, maar dit lijkt mij veruit het beste. Dergelijke laagdrempelige werken die het informatieve en psycho-educatieve daarenboven zo goed – bijna perfect – integreren, zijn een zeldzaamheid. De ondertitel is heel terecht: het boek is een gids geworden. Maar dan wel een gids in de ruimste zin van het woord: die van wegbereider, begeleider, toelichter, soelaasbieder en mediërende. Zonder betutteling wel te verstaan. Kortom, dit boek heeft een diepe indruk op mij gemaakt.

Dat Jet Isarin vertrouwd is met de leefwereld met de jongeren waarvoor ze schrijft, merk je aan alles in dit boek: ze spreekt de jongeren persoonlijk aan in een zeer toegankelijke taal, de lay-out oogt jong en is duidelijk en aantrekkelijk. De opdrachten op de verschillende werkbladen doorheen het boek doen alles bij de jongere zeer concreet binnen-komen. Ook goed om weten is dat de tekst van het boek voor publicatie voorgelegd is aan jongeren met een taalstoornis, ouders en beroepsmensen wiens commentaren in het boek verwerkt zijn. Voor alle duidelijkheid: de auteur bedoelt met taalstoornis ernstige spraak- en taalmoeilijkheden of ontwikkelingsdysfasie.

Voor mij valt dit boek uiteen in twee delen. Het eerste deel, dat bestaat uit de hoofdstukken 1 tot en met 4, gaat dieper in op de aard en het ontstaan van een taalstoornis en bekijkt heel grondig en met heel veel concrete voorbeelden op welke manier deze taalstoornis zich laat zien tijdens de kindertijd en de puberteit. Aan de hand van verschillende werk-bladen reflecteren de jongeren over hun eigen situatie en gaan ze op zoek naar persoonlijke antwoorden op de gestelde vragen. Hierdoor krijgen ze inzicht in de eigen problematiek. In het tweede deel van het boek gaat men op zoek naar de impact van de taalstoornis op het eigen leven. Hierin staan drie thema’s centraal: vrienden, lotgenoten en bondgenoten, het voortgezet onderwijs en het vinden van werk. De problemen worden niet uit de weg gegaan maar wel op een constructieve en persoonlijke manier aangebracht.

Doorheen het boek loopt er een rode draad van verschillende jongeren die hun persoonlijke verhaal brengen. Zij maken op essentiële plaatsen in het boek de voorgestelde inhoud zeer herkenbaar.

Het boek eindigt met een verklarende woordenlijst en een overzicht van handige websites.

Het hoeft waarschijnlijk geen betoog dat dit boek niet alleen voor de jongere met een taalstoornis, maar ook voor ouders, leerkrachten en andere beroepsmensen die met deze problematiek te maken krijgen verplichte literatuur is.

afdrukken

2016.01.31

Gelukkige kinderen in een gelukkige klas

Auteur: Charlotte Visch
Titel: Gelukkige kinderen in een gelukkige klas
Van leerkracht naar Happy Coach voor een warm schoolklimaat
Website: 248media
Plaats: Steenwijk
Jaar: 2013
Pagina's: 243
ISBN-13: 978-90-79603-24-4
Prijs: € 21,95

gelukkige kinderen in een gelukkige klas - van leerkracht naar happy coach voor een warm schoolklimaatEen opmerkelijk boek. Dat is wel het minste wat ik van dit werk van Charlotte Visch kan zeggen. Waarom? Omdat het op de een of andere manier een perfecte balans presenteert tussen theorie – of zeg ik beter filosofie – en praktijk. Een filosofie van respect voor, vertrouwen in en beroep doen op de eigen kracht van kinderen om hen te emanciperen door hen te laten reflecteren en de regie – en dus ook de verantwoordelijkheid – te geven over het eigen handelen. Dit binnen een positieve, stimulerende maar soms ook positief confronterende (want niet-veroordelende) context. Het geheel is gebaseerd op vier belangrijke pijlers:

  • De goede sfeer in de klas;
  • De bezielde leerkracht;
  • De stimulerende ouder;
  • De interacties in de klas.

Deze vier pijlers komen een voor een aan bod in de hoofdstukken een tot en met vier. Aan elke pijler wordt er een bepaalde doelgroep gekoppeld waarvoor men telkens op zoek gaat naar de actuele situatie, de ervaringen en behoeften van de doelgroep, de mogelijke verbeter- en leerpunten en de uit dit alles volgende uitdaging. Concreet ziet dit er zo uit:

Pijler Doelgroep Uitdaging
De goede sfeer in de klas Kinderen Visie op pesten, plagen en ruziemaken
De bezielde leerkracht Leerkrachten Integratief lesgeven met de leerling als uitgangspunt
De stimulerende ouder Ouders De lerende kracht van ouders
De interacties in de klas Kinderen en leerkrachten Vertrouwen op de kinderen

In elk van deze hoofdstukken neemt de auteur de lezer mee in haar manier van denken en werken. Centraal daarbij staat steeds een concrete schoolsituatie die ze stap voor stap uitwerkt zodat iedereen haar manier van mediëren en begeleiden kan leren kennen. Dit alles laat zich hier in deze bespreking maar moeilijk samenvatten.

In het vijfde hoofdstuk zet Charlotte Visch de nodige wegwijzers uit voor de leerkracht die haar aanpak in de eigen klas wil invoeren. In het laatste hoofdstuk geeft ze uitleg over de pedagogische ideeën van de Poolse Janusz Korczak die mee aan de grondslag liggen van haar manier om kinderen te coachen.

Een verfrissend leerboek voor die leerkrachten die respect voor hun leerlingen hoog in hun vaandel voeren.

afdrukken

17:45 Gepost door Lieven Coppens in 248media | Permalink | Tags: begeleiding, coachen, klassenklimaat, mediatie, zelfregulering | |

2016.01.24

Handboek technisch lezen in de basisschool

Auteur: Karin van de Mortel & Aafke Bouwman
Titel: Handboek technisch lezen in de basisschool
Instructie en didactiek in de doorgaande lijn
Uitgeverij: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: 2015
Pagina's: 396
ISBN-13: 978-90-6508-661-7
Prijs: € 69,-

handboek technisch lezen in de basisschool - instructie en didactiek in de doorgaande lijnSommige dingen, zoals goede en effectieve instructie geven en een goede didactiek bezitten, moet je als leerkracht gewoon onder de knie hebben. Helaas zijn deze vaardigheden door het competentiedenken dat de laatste jaren in de lerarenopleidingen manifest aanwezig is, stevig in de verdrukking geraakt. Getuige daarvan de didactische en instructionele onbekwaamheid van heel wat kandidaat-leerkrachten op het moment dat ze effectief voor de klas staan. Een handboek zoals dit van Karin van de Mortel en Aafke Bouwman is dan ook een fantastisch antwoord op dit fenomeen.

De auteurs vertrekken vanuit een doorgaande lijn voor het technisch lezen die geldt voor het gewoon en – mutatis mutandis – speciaal basisonderwijs. Deze doorgaande lijn begint in het kleuteronderwijs (groep 1|2de kleuterklas) en loopt zonder cesuur door tot het einde van de lagere school (groep 8|6de leerjaar). Deze doorgaande lijn kwam trouwens al eerder op deze blog ter sprake:

Het ultieme doel van dit boek is om van iedere leerling een vloeiende lezer te maken die kan lezen om te leren. Met vloeiend lezen bedoelen de auteurs het vlotte, nauwkeurige en met expressie lezen.

In het eerste hoofdstuk zetten de auteurs hun visie op leesvaardigheid uiteen. Deze bevat een drievoudige gelaagdheid:

  • Vlot lezen;
  • Vloeiend lezen;
  • Verdiepend lezen.

Elk niveau wordt uitgebreid besproken en toegelicht. De uiteenzetting over het verband met de Nederlandse referentie-niveaus is voor Vlaanderen toch relevant omdat ze voor de Vlaamse leerkrachten en scholen heel inspirerend kan zijn. Tot slot van dit eerste hoofdstuk wordt het tijdspad van deze doorgaande lijn heel duidelijk in kaart gebracht.

Het tweede hoofdstuk staat in het teken van het effectief leesonderwijs. Het schetst er zeer concreet de zes essentiële kenmerken van. Het derde hoofdstuk dat aangeeft hoe men het technisch lezen in het speciaal (buitengewoon) basisonderwijs kan aanpakken, sluit hier heel dicht op aan. De hoofdstukken vier tot en met zeven schetsen hoe het technisch lezen in groep 1 en 2 (2de en 3de kleuterklas), groep 3 (1ste leerjaar), groep 4 en 5 (2de en 3de leerjaar) en groep 6, 7 en 8 (4de, 5de en 6de leerjaar) zowel op het vlak van instructie als van didactiek moet aangepakt worden. Daarbij besteden ze ruim aandacht aan de kleuters en leerlingen voor wie het allemaal niet zo vlot loopt.

Het achtste hoofdstuk bespreekt de vaardigheden die de doorgaande lijn voor technisch lezen verwacht van de leerkracht. Onderwerpen die aan bod komen zijn:

  • Het belang van de leraar;
  • Pedagogische ondersteuning en motivatie;
  • Instructie, begeleide oefening en feedback;
  • Organisatie en klassenmanagement;
  • Planning;
  • Leesplezier en leesbevordering.

Het negende hoofdstuk sluit dit boek af en staat helemaal in het teken van het leesbeleid van de school.

Dit is een boek dat je moet gelezen hebben. Het biedt zowel een preventieve, curatieve als proactieve kijk op het technisch leesonderwijs zonder de band met het begrijpend lezen te verwaarlozen. De zorg voor de zwakke lezers is prominent aanwezig. Daarenboven reiken de auteurs heel wat extra informatie en instrumenten aan in de talrijke bijlagen bij het boek.

Een naslagwerk met karakter!

naslagwerk met karakter afdrukken

2016.01.17

Samen de online wereld verkennen

Auteur: Niels Baas
Titel: Samen de online wereld verkennen
Een reisgids voor in de klas en thuis
Uitgeverij: Pica|Abimo
Plaats: Huizen|Sint-Niklaas
Jaar: 2015
Pagina's: 224
ISBN-13: 978-94-91806-35-3
Prijs: € 26,95

samen de online wereld verkennen - een reisgids voor in de klas en thuisOuders en leerkrachten die kinderen en jongeren op een verantwoorde en veilige manier willen leren omgaan met het online gebeuren in het algemeen en enkele daaruit voortkomende problemen in het bijzonder, hebben er een belangrijk en bijzonder standaardwerk bij: het boek van Niels Baas. Niels is promovendus aan de universiteit van Twente én de drijvende kracht achter de website www.cyberpestendebaas.nl. Wat Niels en zijn boek zo bijzonder maakt, is het feit dat hij zijn boodschap brengt op een manier die kinderen en jongeren kunnen smaken. Terwijl je het boek leest, kun je je gemakkelijk voorstellen dat je met hem persoonlijk een gesprek voert. Tegelijk is het ook een moedig boek dat een aantal problemen die voortkomen uit het werken met de online wereld met behulp van een aantal specialisten ter zake aankaart en bespreekbaar maakt.

Het boek zelf bestaat uit twee grote delen. In het eerste deel maakt Niels Baas van het woord online een letterwoord dat staat voor:

Ook al ben je het misschien niet, doe positief over de online wereld
Natuurlijk kun jij het ook leren
Laat je rondleiden door kinderen
Instrueer, voor en na verkenning van de online wereld
Nul digi-kennis nodig
En weer opstaan

Deze zes kernboodschappen worden in het eerste deel omstandig uitgewerkt, doorspekt met uitspraken van verschillende (ervarings)deskundigen. Je merkt al meteen dat Niels vertrekt vanuit een positief discours over de online wereld en er geen doemdenkende, ontradende uitspraken over doet. Terecht, aangezien niet het medium op zich slecht is maar wel de manier waarop er soms gebruik van gemaakt wordt.

In het tweede deel komen een aantal dingen aan bod die Niels Baas vanuit zijn positieve discours uitdagingen noemt: cyberpesten, sexting en grooming. Problemen met deze benamingen? Niet erg. Met de hulp van enkele ter zake deskundige personen legt Niels Baas je haarfijn uit waarover het gaat, hoe je ermee kunt omgaan en welke plaats ze hebben in de ontwikkeling van kinderen en jongeren. De taal die hier gebruikt wordt is zeer helder, moedig en eerlijk maar op geen enkel moment culpabiliserend of ongepast relativerend.

Laat me nog even opmerken dat de vele concrete voorbeelden, tips en uitspraken van (ervarings)deskundigen dit boek heel open en toegankelijk maken.

afdrukken

16:30 Gepost door Lieven Coppens in Abimo, Pica | Permalink | Tags: begeleiding, cyberpesten, grooming, ict, internet, pesten, sexting, digitale agressie, leerkrachten, leerlingbegeleiding, ouders | |

2016.01.10

ToM-basistraining

Auteur: Mirjam van Campen-Hoekstra
Titel: Tom Basistraining 
Voor kinderen en jongeren met autisme en/of verstandelijke beperking
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen|Apeldoorn
Jaar: 2016
Pagina's: Handleiding en lesmateriaal: 241 + materialen
Werkboek: 108
ISBN-13: Handleiding en lesmateriaal: 978-90-441-3032-4
Werkboek: 978-90-441-3314-4
Prijs: Handleiding en lesmateriaal: € 149,-
Werkboek: € 29,-

tom-basistraining - voor kinderen en jongeren met autisme en-of verstandelijke beperkingTheory of Mind, vaak aangeduid als ToM, is het vermogen om zich een beeld te vormen van het perspectief van een ander en onrechtstreeks ook van zichzelf. Men maakt van dit vermogen gebruik wanneer men beschrijft wat een ander ziet, voelt of denkt vanuit zijn perspectief. Het is dan ook een noodzakelijke voorwaarde om tot empathie te komen, om zich te kunnen verplaatsen in het gevoelsleven van een ander. Net met dit zich kunnen verplaatsen in de gevoelens, emoties en gedachten van een ander hebben veel mensen met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking het moeilijk. Wat voor heel veel mensen iets is dat ze als vanzelf bezitten, zal hen moeten aangeleerd worden.

Eerder was er al de training van Pim Steerneman om de sociale interacties en de Theory of Mind in te oefenen. Deze werd door de Nederlandse Mirjam van Campen-Hoekstra, die zelf al jaren werkt met leerlingen met een autisme-spectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking, bewerkt tot de training zoals deze hier besproken wordt.

De training bestaat uit een negentwintigtal lessen die zich concentreren rond zeven bouwstenen die de basis van de training vormen en die in opklimmende graad van moeilijkheid aan de deelnemers aan de training aangeboden worden. Deze bouwstenen zijn:

  • Zelfbeeld;
  • Perceptie en imitatie;
  • Emotieherkenning;
  • Doen alsof;
  • Onderscheid maken tussen fantasie en werkelijkheid;
  • Overtuigingen;
  • Begrip van (complexe) humor.

Alle lessen zijn door de auteur volledig uitgeschreven in de handleiding en worden met de benodigde materialen - die trouwens heel mooi en slijtvast zijn uitgewerkt - in een opbergdoos aangeboden. Geen gedoe dus om eerst alles zelf klaar te maken. Voor elke les heeft de auteur dezelfde structuur gebruikt, waardoor het voor de trainer een fluitje van een cent is om zich het programma eigen te maken:

  • Doel;
  • Materiaal;
  • Voorbereiding;
  • Verloop;
  • Huiswerk.

Het moet wel voor iedereen duidelijk zijn dat de trainer kennis moet hebben van autismespectrumstoornissen en ervaring moet hebben met kinderen en jongeren met een verstandelijke beperking. Bovendien moet hij ook bereid zijn om waar nodig voldoende tijd in de voorbereiding van de lessen te steken. Maar dit spreekt eigenlijk voor zich.
De training is bedoeld voor kinderen en jongeren van acht tot en met veertien jaar die een ontwikkelingsleeftijd hebben van 5 tot 10 jaar. Het volledige pakket bestaat uit:

  • Een opbergdoos met daarin de handleiding en de benodigde materialen;
  • Een individueel werkboek voor iedere deelnemer;
  • Een plaats op het Internet waar een aantal verbruiksmaterialen gratis ter beschikking gesteld worden.

Materiaal dat volgens mij op elke school voor buitengewoon onderwijs type 9 (Vlaanderen) of op elke cluster 3 school (Nederland) standaard moet aanwezig zijn. Wat niet wegneemt dat het omwille van het M-decreet in Vlaanderen of het passend onderwijs in Nederland ook op andere scholen heel goede diensten kan en zal bewijzen.

afdrukken

18:45 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Tags: asperger, ass, autisme, autismespectrum, begeleiding, empathie, ontwikkelingsstoornis, pdd-nos, psycho-educatie, sociale cognitie, theory of mind, training | |