2010.06.13

Jonge risicokinderen

Auteur: G.M. van der Aalsvoort & A.J.J.M. Ruijssenaars (red.)
Titel: Jonge risicokinderen. Achtergronden, onderkenning, aanpak en praktijk
Uitgeverij: Lemniscaat
Plaats: Rotterdam
Jaar: 2000
Pagina's: 192
ISBN-13: 978-90-5637-328-3
Prijs: € 27,50

jonge risicokinderen - achtergronden, onderkenning, aanpak en praktijkSommige boeken blijven verrassend actueel. Zelfs als ze tien jaar oud zijn. Dit is het geval met het boek Jonge risicokinderen. De redacteurs stellen in dit boek de wetenschappelijke kennis over jonge kinderen met een risicovolle ontwikkeling beschikbaar. Ze mochten daarvoor rekenen op auteurs die een autoriteit zijn op hun vakgebied, zoals Miriam Baltussen (KPC-groepNL), Adriana Bus (Universiteit LeidenNL), Paul Leseman (Universiteit van AmsterdamNL), Luc Stevens (Universiteit UtrechtNL) en Ludo Verhoeven (Katholieke Universiteit NijmegenNL).

In het eerste hoofdstuk, de algemene inleiding op het boek, beschrijft Geerdina "Diny" van der Aalsvoort (Hogeschool UtrechtNL) het ontstaan van jonge risicokinderen als afzonderlijke groep. Ze omschrijft deze doelgroep op basis van wetenschappelijk onderzoek en komt - niet onbelangrijk - tot een begripsafbakening. In het tweede hoofdstuk beschrijft ze de ontwikkeling van kinderen. Ze gaat eerst dieper in op de ontwikkeling van afzonderlijke ontwikkelingsgebieden, zoals:

  • de cognitieve ontwikkeling
  • de ontwikkeling van de taalvaardigheid
  • de emotionele ontwikkeling
  • de sociale ontwikkeling

Ze eindigt dit hoofdstuk met een woordje uitleg over het bio-ecologisch model dat de ontwikkeling van het kind benadert als een complexe, wederzijdse beïnvloeding van kenmerken van het kind en de omgeving. Het is dit kader dat de basis vormt voor de verdere hoofdstukken uit dit boek.

Het derde hoofdstuk over het opvoeden van jonge risicokinderen schreef Diny van der Aalsvoort samen met Luc Stevens. Na een beschrijving van opvoeding als maatschappelijk verschijnsel, waarin het transactionele model een voorname plaats inneemt, komen ze tot een driedeling van opvoeding:

  • opvoeding in het gezin
  • opvoeding in de kinderopvang
  • opvoeding op school

De auteurs leggen hier de term Problematische Opvoedingssituatie (POS) nog eens duidelijk uit. Daarna beschrijven ze de rol die de kinderopvang en de leerkracht op school in de opvoeding van kinderen spelen. Terwijl het stukje over de kinderopvang sterk geënt is op de Nederlandse situatie, kan men in Vlaanderen met het deel over de rol van de school bij de opvoeding van jonge (risicokinderen) wel veel doen.

Het vierde hoofdstuk schreef Diny van der Aalsvoort samen met Paul Leseman. Samen maken ze de inventaris op van de risicofactoren in de ontwikkeling van een kind. Zoals je dat vanuit het bio-ecologisch model kunt verwachten, maken ze daarbij onderscheid tussen risicovolle omgevingskenmerken en risicovolle kenmerken van het kind.

Hoe je omgaat met jonge risicokinderen bij een opvoedingsprobleem thuis, in de kinderopvang of op school beschrijft Diny van der Aalsvoort in het vijfde hoofdstuk. Hiervoor maakt ze gebruik van de diagnostische cyclus van De Bruyn en de behandelingscyclus van Ruijssenaars. Personen die vertrouwd zijn met handelingsgerichte diagnostiek en handelingsgericht samenwerken zullen zich beslist in dit hoofdstuk herkennen. Dit hoofdstuk legt meteen een cesuur in het boek: de volgende hoofdstukken richten zich elk op een specifieke risicosituatie: de taalontwikkeling bij kinderen die Nederlands niet als eerste taal leren (hoofdstuk 6), stagnaties in beginnend lezen (hoofdstuk 7) en stagnaties in beginnend rekenen (hoofdstuk 8). Ludo Verhoeven, Adriana Bus en Miriam Baltussen geven hierbij, elk op hun eigen manier, hun gefundeerde kijk op deze situatie en doen daarbij een aantal aanbevelingen voor de praktijk.

Een boek dat geschreven is door mensen die een autoriteit zijn op hun vakgebied, staat garant voor een sterke theoretische onderbouw. Als deze de theorie dan nog bevattelijk weergeven en ze weten aan te vullen met een reeks aanbevelingen voor de praktijk, dan heb je een naslagwerk in handen zoals er nog te weinig zijn. Warm aanbevolen!

afdrukken

23:54 Gepost door Lieven Coppens in Lemniscaat | Permalink | Tags: lezen, taal, ouders, ontwikkeling, behandeling, rekenen, anderstaligen, zorg, taalontwikkeling, diagnostiek, leerprobleem, nt2, geletterdheid | |

2009.10.18

Leerproblemen en leerstoornissen. Remedial teaching en behandeling

Auteur: Wied Ruijssenaars
Titel: Leerproblemen en leerstoornissen. Remedial teaching en behandeling. Hulpschema's voor opleiding en praktijk.
Uitgeverij: Lemniscaat
Plaats: Rotterdam
Jaar: 2008 (derde druk)
Pagina's: 124
ISBN-13: 978-90-5637-393-1
Prijs: € 25,95

leerproblemen en leerstoornissen - remedial teaching en behandeling - hulpschema's voor opleiding en praktijkDit schematische boek is geen handboek, maar een leer-werkboek in de vorm van een bespreking van thema's aan de hand van 'kapstokken' en verschillende perspectieven die elkaar gedeeltelijk overlappen. Door te blijven denken over hoe we remediëring en behandeling kunnen optimaliseren op basis van geldig gebleken kennis, door het doen te combineren met continue reflectie, door ons te realiseren dat er niet één aanpak kan bestaan en dat de vraag naar dé methode een onzinnige is, op die manier komen we af en toe een stap verder.

Dit schrijft Ruijssenaars zelf in zijn voorwoord op dit boek. Hiermee vat hij de hele bedoeling: mensen blijvend aan het denken zetten over wat ze doen. Uit de specifieke inleidingen blijkt wie die mensen zijn:

  • remedial teachers en studenten remedial teaching;
  • docenten remedial teaching;
  • orthopedagogen, psychologen en studenten;
  • docenten orthopedagogiek en psychologie.

In het eerste hoofdstuk schetst Ruijssenaars het profiel van de remedial teacher en zijn deskundigheid. Hij bespreekt de context waarin de remediëring van ernstige leerproblemen plaatsvindt. Daarbinnen plaatst hij de orthopedagogische basishouding. Hij herdefinieert een leerstoornis als een problematische onderwijssituatie. De remediëring en behandeling krijgen een eigen stek op het continuüm van zorg. De remedial teacher moet bekwaamheden hebben op belangrijke domeinen van kennis en vaardigheden. Deze vind je terug in een duidelijk schema. Het hardnekkigheidcriterium krijgt de functie van scheidingslijn tussen leerprobleem en leerstoornis. Wanneer een leerprobleem immuun blijkt voor planmatige en systematische didactische beïnvloeding, zoals in remedial teaching, dan kan er sprake zijn van een leerstoornis. Tot slot van dit eerste hoofdstuk houdt Ruijssenaars een pleidooi voor een goede begripsafbakening. Dit om de communicatie tussen hulpverleners te bevorderen.

Het tweede hoofdstuk staat helemaal in het teken van het beslissen op het continuüm van zorg en het kiezen van de geschikte remediëringsprogramma's. De auteur geeft enkele reflectievragen bij de verschillende keuzemomenten van het continuüm van zorg. Daarenboven stelt hij een volgorde op voor de keuze van remediëringsprogramma's. Hij geeft enkele criteria die daarbij kunnen helpen.

In het derde hoofdstuk komen diagnostiek en behandeling als methodologische cycli aan bod. De aandachtige lezer herkent in beide cycli zeker heel veel uit de handelingsgerichte diagnostiek en het handelingsgericht werken. Hij moet hier in het bijzonder stilstaan bij de stukjes over de verkennende behandelingsanalyse en de toetsende behandeling.

Het vierde hoofdstuk is zeer kort. Daarom is het niet minder belangrijk. Het legt uit hoe je kennis kan beïnvloeden door de instructie te systematiseren. De auteur gaat op zoek naar de verschillende aspecten van de instructie die je kunt manipuleren. De instructieprincipes en het gebruik van feedback komen onder meer aan bod.

In het vijfde hoofdstuk staan het lezen, spellen en rekenen centraal. Hierbij maakt Ruijssenaars telkens onderscheid tussen de theorieën over lezen, spellen en rekenen en de daarbij horende procesmodellen. Het laatste hoofdstuk staat helemaal in het teken van het opbouwen van een behandelingsonderdeel of behandelsessie. Voor lezen, spellen en rekenen formuleert de auteur globale behandeldoelen en meer specifieke tussendoelen.

Het is even wennen aan de opzet van dit - op zich heel verhelderende - boek. Ruijssenaars maakt in elk hoofdstuk overvloedig gebruik van schema's die de inhoud representeren. Elk schema is een 'kapstok' die de lezer kan gebruiken. Alle schema's samen vormen als het ware een zorgformularium

afdrukken

20:42 Gepost door Lieven Coppens in Lemniscaat | Permalink | Tags: lezen, spelling, rekenen, zorg, didactiek, remedieren, leerprobleem, methodiek | |

2009.02.02

Rekenproblemen en dyscalculie

Auteur: Wied Ruijssenaars, Hans van Luit & Ernest van Lieshout
Titel: Rekenproblemen en dyscalculie. Theorie, onderzoek, diagnostiek en behandeling.
Uitgeverij: Lemniscaat
Plaats: Rotterdam
Jaar: 2006 (tweede druk)
Pagina's: 392
ISBN-13: 978-90-5637-660-4
Prijs: € 32,50

rekenproblemen en dyscalculie - theorie, onderzoek, diagnostiek en behandelingHet boek Rekenproblemen en dyscalculie is een vrij volledig naslagwerk dat een uitgebreid overzicht geeft van de belangrijkste inzichten en achtergronden in verband met rekenproblemen en dyscalculie. De uitgebreide literatuurlijst verwijst naar zowat alle auteurs die hierrond belangrijk materiaal hebben gepubliceerd. Het boek heeft een structuur meegekregen waardoor lezers met verschillende achtergronden (leerkrachten, remediëringsleerkrachten, orthopedagogen en psychologen) heel snel toegang krijgen tot de voor hen relevante informatie.

Het boek bestaat uit drie grote delen. In het eerste deel, De noodzaak van alternatieve leertheorieën, geven de auteurs in vier hoofdstukken een beeld van de manier waarop verschillende theorieën denken over rekenen en over de min of meer ernstige stagnaties daarbij. Het inleidende deel schetst niet alleen de geschiedenis van het leren rekenen, maar behandelt ook de individuele verschillen bij het leren rekenen. Het spreekt over rekenproblemen, dyscalculie, de comorbiditeit bij dyscalculie en over de diagnostiek en behandeling. Het tweede hoofdstuk behandelt de cognitieve ontwikkeling en het leren, meer bepaald de cognitieve ontwikkelingspsychologie en de handelings(leer)psychologie; Het derde hoofdstuk staat in het teken van het leren en de cognitieve processen en stelt de leerpsychologie en de cognitieve psychologie centraal. Het vierde hoofdstuk bespreekt de onderwijsleerprocessen en de individuele verschillen tussen aanleg, leren en leerbaarheid.

Het tweede grote deel, Rekenonderwijs, rekenproblemen en eerste opvang bestaat eveneens uit een viertal hoofdstukken. Het eerste hoofdstuk bespreekt de inhoud van het reken- en wiskundeonderwijs in Nederland en is dus minder relevant voor lezers uit Vlaanderen, behalve dan de onderdelen die handelen over de algemene en vakdidactische principes. De hoofdstukken over de voorbereidende rekenvaardigheid en rekenproblemen, de rekenvaardigheden en rekenproblemen in het basisonderwijs en de problemen voor rekenen en wiskunde bij de start in het secundair onderwijs zijn dat des te meer. Het is belangrijk om dit deel integraal te lezen. Alleen zo komt de chronologie van het leren rekenen tot zijn recht en worden er heel wat problemen met het rekenen veel duidelijker.

Het derde en laatste deel, Individuele problemen, diagnostiek en behandeling, staat helemaal in het teken van de diagnostiek en behandeling van rekenproblemen en dyscalculie. Het eerste hoofdstuk geeft de diagnostiek een plaats op het continuüm van zorg en deskundigheid en bespreekt de verschillende stappen in de diagnostische cyclus. Het tweede hoofdstuk doet hetzelfde voor de behandeling van rekenproblemen en dyscalculie. Het boek sluit af met een zeer uitgebreide literatuurlijst en een handig trefwoordenregister.

Het laatste woord over rekenproblemen en dyscalculie is nog lang niet gezegd. Daar zijn de auteurs zich sterk van bewust. In hun nawoord beklemtonen ze dat ze dit boek zien als een manuscript dat blijvend in ontwikkeling is. Dit neemt niet weg dat dit boek momenteel een vrij volledig beeld geeft van de stand van zaken in verband met rekenproblemen en dyscalculie. De thematische opbouw van het boek laat de geïnteresseerde toe om die hoofdstukken te consulteren die hij nodig heeft en de student om duidelijke, afgebakende gehelen te leren. Extra informatie wordt verstrekt op een gekleurde achtergrond waardoor de lezer zelf kan beslissen of hij op een bepaald onderwerp dieper in gaat of niet.

Het taalgebruik is voor een wetenschappelijk werk uitzonderlijk helder, hoewel een verklarende woordenlijst met domeinspecifieke begrippen een welkome ondersteuning zou zijn voor de leek op het gebied van rekenen, rekenproblemen en dyscalculie.

afdrukken

21:22 Gepost door Lieven Coppens in Lemniscaat | Permalink | Tags: rekenen, dyscalculie, leerprobleem | |