2010.09.04
Draaiboek Peerbuddy's binnen het vo
| Auteur: | Ruud van Herp, Eveline Miltenburg, Heleen Schoots-Wilke & Maria Voets |
| Titel: | Draaiboek Peerbuddy's binnen het vo |
| Uitgeverij: | KPC Groep |
| Plaats: | 's-Hertogenbosch |
| Jaar: | 2009 |
| Pagina's: | 64 + DVD |
| ISBN-13: | n.v.t. |
| Prijs: | € 12,- |
De overgang van het basisonderwijs naar het secundair onderwijs is voor leerlingen met een autismespectrumstoornis vaak niet vanzelfsprekend: ze krijgen verschillende leerkrachten, moeten geregeld van lokaal wisselen, moeten voor groepswerk binnen en buiten de school met medeleerlingen samenwerken, moeten het leren van hun lessen en huiswerk georganiseerd krijgen. Door hen te koppelen aan een medeleerling zonder stoornis, een peerbuddy, kunnen veel van deze problemen vroegtijdig gesignaleerd en ondervangen worden. Het is wel belangrijk dat deze peerbuddy niet onvoorbereid aan zijn taak begint en gedurende de begeleiding verder ondersteund en gevolgd wordt.
KPC-groep heeft in 2008 en 2009 een dergelijk peerbuddy-systeem uitgewerkt en getoetst aan de praktijk. De peerbuddy’s kregen eerst een training in het omgaan met een medeleerling met een stoornis in het autismespectrum en stonden gedurende de begeleiding onder supervisie. Deze begeleiding bestond uit:
- het omgaan met roosterwijzigingen;
- het ondersteunen tijdens de pauzes;
- het bieden van hulp:
- bij contacten met leerkrachten;
- bij planning en organisatie van het huiswerk;
- bij het werken in het open leercentrum;
- in de contacten met de medeleerlingen;
- bij het bespreken van problemen;
- bij het omgaan met gevoelens;
- bij de deelname aan bijzondere activiteiten op school.
De scholen die deelnamen aan dit project kregen een draaiboek voor de opleiding en de begeleiding van de peerbuddy’s ter beschikking. De definitieve versie van dit draaiboek is nu beschikbaar.
Dit draaiboek beschrijft de vijf stappen die moeten gezet worden. In de eerste stap schetst het welke de voorwaarden zijn die moeten vervuld worden om het werken met peerbuddy’s op school te doen slagen. Dit zijn voorwaarden op het niveau van zowel de directie, de zorgcoördinator als de leerkrachten. In de tweede stap zoekt men de peerbuddy’s en bereidt men hen voor op hun opdracht. In de derde stap zoekt men uit welke leerlingen met een autismespectrumstoornis met de hulp van een peerbuddy gebaat zijn. In de vierde stap worden de buddy’s en de leerlingen met een stoornis in het autismespectrum aan elkaar gekoppeld en start de eigenlijke begeleiding. Aan het einde van de begeleiding volgt dan in de vijfde stap de evaluatie.
In dit draaiboek zitten naast het te doorlopen tijdpad alle instrumenten die men nodig heeft om het werken met peerbuddy’s tot een goed einde te brengen en nog eens een afzonderlijk draaiboek voor de training van de peerbuddy’s.
Bij het draaiboek hoort een DVD. Daarop worden de vijf stappen concreet toegelicht aan de hand van enkele filmfragmenten.
Een sterke aanrader voor iedereen die het systeem van peerbuddy’s op een systematische en onderbouwde manier in het secundair onderwijs wil introduceren!
2008.04.12
Dit doe je kinderen niet aan
| Auteur: | Johan Snoeck |
| Titel: | Dit doe je kinderen niet aan. Het begeleiden van kinderen op bezoek bij een stervende |
| Uitgeverij: | LannooCampus |
| Plaats: | Leuven |
| Jaar: | 2004 |
| Pagina's: | 112 |
| ISBN-13: | 978-90-209-5667-1 |
| Prijs: | € 14,95 |
Ik heb even getwijfeld of ik dit boek aan bod zou laten komen op deze weblog. Ik doe het dan toch omdat de inhoud ervan - kinderen laten afscheid nemen van een stervende - toch relevant is voor leerkrachten, zorgcoördinatoren en directie die vroeg of laat geconfronteerd zullen worden met een dergelijke situatie. In een aantal gevallen zullen de ouders hen op de man af vragen of ze hun kind met een stervende mogen confronteren. Het antwoord van de auteur, Johan Snoeck is hierop klaar en duidelijk ja. Maar dan moet er wel gezorgd worden voor een deskundige begeleiding.
De auteur bevestigt hiermee wat er voor hem al door anderen gezegd werd: door kinderen van een stervende weg te houden, ontneem je hen de kans om afscheid te nemen van iemand van wie ze houden. Volwassenen gaan er te vaak van uit dat het voor een kind niet goed is om daarmee geconfronteerd te worden, juist terwijl de kinderen op hun manier er zeer intens mee bezig zijn.
In zijn eerste hoofdstuk gaat de auteur dieper in op de vragen waarom jongere kinderen (tot 12 jaar) soms vergeten worden als het om het afscheid nemen van een stervende gaat. Ouders willen hun kind beschermen vanuit de eigen onmacht ten op zichte van hun verdriet. Deze beschermende reactie is zonder meer positief, maar de auteur wil in zijn boek aantonen dat het voor een kind (én zijn ouders) beter is als het dat afscheid mag onder ogen zien.
In het tweede hoofdstuk verduidelijkt de auteur eerst een aantal begrippen die hij in zijn boek gebruikt om dan in hoofdstuk 3 in te gaan op een aantal basisinzichten die iemand moet hebben als hij op weg wil gaan met een kind dat geconfronteerd wordt met een stervende. Deze inzichten zijn onder andere:
-
een correct inzicht in de ziekte en de prognose ervan
-
kennis van de gezinssituatie
-
weten hoe kinderen op verschillende leeftijden omgaan met sterven en dood
-
weten hoe men als volwassene kan omgaan met de uitingsvormen van verdriet bij een kind, zoals daar zijn huilen, schuldgevoel, kwaadheid en angst
-
inzien waarom afscheid nemen van een stervende ook voor een kind belangrijk is
-
weten hoe men met de waarheid van het sterven moet omgaan
-
de factoren kennen die het afscheid nemen kunnen bemoeilijken
-
weten hoe men een bezoek aan een stervende moet voorbereiden
-
weten hoe men een kind na het bezoek moet opvangen
-
weten wat je beter niet zegt
-
wat doen als een kind uit een andere cultuur komt
Het vierde hoofdstuk is helemaal gewijd aan een stappenplan om de begeleiding van een kind dat op bezoek gaat bij een stervende te volbrengen. Dit wordt in het volgende hoofdstuk onmiddellijk toegelicht met een aantal concrete gevalsbesprekingen.
Na een kort maar relevant besluit volgen er nog een aantal bijlagen. Zeer interessant hierbij is de uitgebreide en geannoteerde bibliografie van kinderboeken die handelen over het afscheid nemen van iemand die sterft of gestorven is.
15:35 Gepost door Lieven Coppens in LannooCampus | Permalink | Email dit
| Tags: afscheid, rouw, dood, sterven, begeleiding, stappenplan |
|









