2012.02.25

Opvoedwijzer ADD & ADHD

Auteur: Edward Hallowell & Peter Jensen
Titel: Opvoedwijzer ADD & ADHD
Tips en strategieën voor ouders van kinderen met aandachtsproblemen
Uitgeverij: Hogrefe
Plaats: Amsterdam
Jaar: 2009
Pagina's: 204
ISBN-13: 9789079729111
Prijs: € 19,95

opvoedwijzer add & adhd - tips en strategieën voor ouders van kinderen met aandachtsproblemenZie jouw kind met een aandachtsprobleem graag (hoe moeilijk dat ook soms kan zijn). Kijk niet naar zijn of haar tekortkomingen, maar naar het kenmerk dat daaronder verborgen zit en leer jouw kind om dat kenmerk positief te gebruiken. Dat is wat mij betreft het centrale idee van dit boek. In zich houdt het boek dan ook kritiek in op het medische deficiëntiemodel en sluit het aan bij een van de uitgangspunten van het handelingsgericht werken, namelijk het actief op zoek gaan naar de positieve en protectieve factoren om deze aan te wenden bij het aanpakken van het probleem. De ouders zijn de doelgroep van het boek. Wat niet wel zeggen dat andere opvoeders en professionelen er niets aan zullen hebben. Wel in tegendeel. Daarvoor zijn de aangereikte tips en strategieën te belangrijk.

In de eerste hoofdstukken (1 tot en met 3) duiden de auteurs het belang van de aanvaarding en het graag zien door de ouders. Ook al is dat niet altijd even gemakkelijk. Een belangrijk middel hiervoor is het zich kunnen inleven in wat het is om een kind met een aandachtsprobleem te zijn. Bovenop die aanvaarding en dat graag zien is en blijft de juiste hulp belangrijk. Voor de auteurs betekent dit dat je het kind en zijn ouders niet confronteert met een opsomming van de te verwachten problemen, maar dat de diagnose hen hoop geeft. Hierbij gaan ze het thema medicatie niet uit de weg. Wie echter denkt dat ze, vanuit hun visie, de medicatie ontraden, komt toch bedrogen uit. Met deze positieve boodschap uit het vierde hoofdstuk eindigt voor mij het eerste deel van het boek.

Een scharnierpunt is het vijfde hoofdstuk als inleiding op het tweede, virtuele deel van het boek. Hierin tonen de auteurs de tekortkomingen van het medische deficiëntiemodel aan. Om daarna een ander model voor te stellen. Ik laat hen zelf aan het woord (blz.71):

Het is tijd om het medische model achter ons te laten en het op sterkten gebaseerde model te omarmen. Daarmee kunnen we verlammende gevoelens als schaamte, angst, hopeloosheid en onvervulde dromen voorkomen. Bepaal zo snel mogelijk de sterke punten, (mogelijke) talenten, (mogelijke) interesses, potentiële sterke punten, verwachtingen, dromen, passies, verlangens en wensen. Richt daar de schijnwerper op. Laat dat verlichte landschap de geest van jouw kind – en de jouwe – vullen.

Hoofdstukken zes en zeven gaan op dezelfde geestdrift door. De auteurs tonen aan hoe men in de praktijk het positieve kan benadrukken en hoe men het goede in het slechte kan zien. Praktijkvoorbeelden en concrete tips maken dit duidelijker. De suggesties die ze geven, misstaan al evenmin in een traject van handelingsgericht werken.

In het achtste hoofdstuk wordt de cyclus van uitmuntendheid uitgelegd. Dit komt neer op een soort van vijfstappenaanpak om de positieve kenmerken achter het aandachtsprobleem naar boven te halen. Op dit punt aangekomen introduceren de auteurs in het negende hoofdstuk het Kolbe-model waarin de aangeboren intuïtieve manieren waarop mensen op een creatieve manier problemen oplossen en beslissingen nemen, een plaats krijgen. In het tiende hoofdstuk illustreren ze hoe dit model in de praktijk werkt.

De volgende hoofdstukken vormen samen het derde en laatste deel van het boek. Ze behandelen specifieke thema’s zoals de begeleiding op school en de diagnose van en het behandelingsplan voor een aandachtstoornis.

Het boek eindigt met een bijlage over het gebruiken van gedragsstrategieën. Een bijlage die je echt niet zonder meer mag overslaan.

afdrukken

18:50 Gepost door Lieven Coppens in Hogrefe | Permalink | Email dit | Tags: aandacht, add, adhd, behandeling, concentratie, handelingsplan, methodiek, werkhouding | |

2010.06.21

Dyslexie. Een antwoord op 101 vragen

Auteur: Martine Ceyssens
Titel: Dyslexie. Een antwoord op 101 vragen.
Uitgeverij: Lannoo
Plaats: Tielt
Jaar: 2009
Pagina's: 120
ISBN-13: 978-90-209-8449-1
Prijs: € 9,95

dyslexie - een antwoord op 101 vragenWil je als ouder snel weten wat dyslexie is en wat je er kunt aan doen? Neem dan dit boekje van Martine Ceyssens ter hand. In haar antwoorden op de "101" vragen vind je alle informatie die je nodig hebt. Deze is ingedeeld in vijf thema's:

  • Wat is dyslexie?
  • De eerste signalen.
  • De diagnose.
  • De therapie.
  • Samen aan de slag: je kind helpen, thuis en op school.

Als ouder krijg je met dit boekje een ruime kijk op het leerprobleem van jouw kind. Je leert met welke problemen het te maken kan krijgen en waarom dat zo is. Vanuit tal van concrete voorbeelden en situaties besef je als ouder al heel snel hoe groot de impact van dyslexie is. Je leert ook anders kijken naar jouw kind. Daarvoor staat onder andere het deeltje over de eerste signalen van dyslexie garant. Ouders zullen hierdoor bij hun kind ongetwijfeld dingen herkennen waar ze voordien niet echt bij stilstonden. De deeltjes over de diagnose en behandeling van dyslexie schetsen wat je in Nederland en Vlaanderen (niet) kunt verwachten. Dit alles in een bondige en heldere stijl.

Samen aan de slag: je kind helpen, thuis en op school is waarschijnlijk het hoofdstuk dat ouders meteen willen lezen. Omdat het een overzicht geeft van maatregelen die echt werken bij dyslexie. Martine Ceyssens heeft twee lijstjes gemaakt. Een lijstje met vijftien maatregelen voor het basisonderwijs en een met veertien maatregelen voor het secundair onderwijs. Het boek eindigt met een aantal tips en aanbevelingen voor mensen die nog meer informatie willen.

Als school is het handig een dergelijk boekje achter de hand te hebben voor ouders die meer willen weten over dyslexie. Zeer warm aanbevolen!

afdrukken

22:12 Gepost door Lieven Coppens in Lannoo | Permalink | Email dit | Tags: lezen, spelling, taal, ouders, secundair onderwijs, behandeling, zorg, compenseren, basisonderwijs, stimuleren, remedieren, dispenseren, diagnostiek | |

2010.06.13

Jonge risicokinderen

Auteur: G.M. van der Aalsvoort & A.J.J.M. Ruijssenaars (red.)
Titel: Jonge risicokinderen. Achtergronden, onderkenning, aanpak en praktijk
Uitgeverij: Lemniscaat
Plaats: Rotterdam
Jaar: 2000
Pagina's: 192
ISBN-13: 978-90-5637-328-3
Prijs: € 27,50

jonge risicokinderen - achtergronden, onderkenning, aanpak en praktijkSommige boeken blijven verrassend actueel. Zelfs als ze tien jaar oud zijn. Dit is het geval met het boek Jonge risicokinderen. De redacteurs stellen in dit boek de wetenschappelijke kennis over jonge kinderen met een risicovolle ontwikkeling beschikbaar. Ze mochten daarvoor rekenen op auteurs die een autoriteit zijn op hun vakgebied, zoals Miriam Baltussen (KPC-groepNL), Adriana Bus (Universiteit LeidenNL), Paul Leseman (Universiteit van AmsterdamNL), Luc Stevens (Universiteit UtrechtNL) en Ludo Verhoeven (Katholieke Universiteit NijmegenNL).

In het eerste hoofdstuk, de algemene inleiding op het boek, beschrijft Geerdina "Diny" van der Aalsvoort (Hogeschool UtrechtNL) het ontstaan van jonge risicokinderen als afzonderlijke groep. Ze omschrijft deze doelgroep op basis van wetenschappelijk onderzoek en komt - niet onbelangrijk - tot een begripsafbakening. In het tweede hoofdstuk beschrijft ze de ontwikkeling van kinderen. Ze gaat eerst dieper in op de ontwikkeling van afzonderlijke ontwikkelingsgebieden, zoals:

  • de cognitieve ontwikkeling
  • de ontwikkeling van de taalvaardigheid
  • de emotionele ontwikkeling
  • de sociale ontwikkeling

Ze eindigt dit hoofdstuk met een woordje uitleg over het bio-ecologisch model dat de ontwikkeling van het kind benadert als een complexe, wederzijdse beïnvloeding van kenmerken van het kind en de omgeving. Het is dit kader dat de basis vormt voor de verdere hoofdstukken uit dit boek.

Het derde hoofdstuk over het opvoeden van jonge risicokinderen schreef Diny van der Aalsvoort samen met Luc Stevens. Na een beschrijving van opvoeding als maatschappelijk verschijnsel, waarin het transactionele model een voorname plaats inneemt, komen ze tot een driedeling van opvoeding:

  • opvoeding in het gezin
  • opvoeding in de kinderopvang
  • opvoeding op school

De auteurs leggen hier de term Problematische Opvoedingssituatie (POS) nog eens duidelijk uit. Daarna beschrijven ze de rol die de kinderopvang en de leerkracht op school in de opvoeding van kinderen spelen. Terwijl het stukje over de kinderopvang sterk geënt is op de Nederlandse situatie, kan men in Vlaanderen met het deel over de rol van de school bij de opvoeding van jonge (risicokinderen) wel veel doen.

Het vierde hoofdstuk schreef Diny van der Aalsvoort samen met Paul Leseman. Samen maken ze de inventaris op van de risicofactoren in de ontwikkeling van een kind. Zoals je dat vanuit het bio-ecologisch model kunt verwachten, maken ze daarbij onderscheid tussen risicovolle omgevingskenmerken en risicovolle kenmerken van het kind.

Hoe je omgaat met jonge risicokinderen bij een opvoedingsprobleem thuis, in de kinderopvang of op school beschrijft Diny van der Aalsvoort in het vijfde hoofdstuk. Hiervoor maakt ze gebruik van de diagnostische cyclus van De Bruyn en de behandelingscyclus van Ruijssenaars. Personen die vertrouwd zijn met handelingsgerichte diagnostiek en handelingsgericht samenwerken zullen zich beslist in dit hoofdstuk herkennen. Dit hoofdstuk legt meteen een cesuur in het boek: de volgende hoofdstukken richten zich elk op een specifieke risicosituatie: de taalontwikkeling bij kinderen die Nederlands niet als eerste taal leren (hoofdstuk 6), stagnaties in beginnend lezen (hoofdstuk 7) en stagnaties in beginnend rekenen (hoofdstuk 8). Ludo Verhoeven, Adriana Bus en Miriam Baltussen geven hierbij, elk op hun eigen manier, hun gefundeerde kijk op deze situatie en doen daarbij een aantal aanbevelingen voor de praktijk.

Een boek dat geschreven is door mensen die een autoriteit zijn op hun vakgebied, staat garant voor een sterke theoretische onderbouw. Als deze de theorie dan nog bevattelijk weergeven en ze weten aan te vullen met een reeks aanbevelingen voor de praktijk, dan heb je een naslagwerk in handen zoals er nog te weinig zijn. Warm aanbevolen!

afdrukken

23:54 Gepost door Lieven Coppens in Lemniscaat | Permalink | Email dit | Tags: lezen, taal, ouders, ontwikkeling, behandeling, rekenen, anderstaligen, zorg, taalontwikkeling, diagnostiek, leerprobleem, nt2, geletterdheid | |

2009.11.21

Autisme: alles op een rijtje

Auteur: Herbert Roeyers
Titel: Autisme: alles op een rijtje.
Uitgeverij: Acco
Plaats: Leuven/Voorburg
Jaar: 2008
Pagina's: 130
ISBN-13: 978-90-334-6459-1
Prijs: € 19,50

autisme - alles op een rijtjeDe laatste decennia kwam autisme meer en meer in de (wetenschappelijke) kijker. Hierdoor kregen we een berg aan informatie die men dringend moest ordenen. Af en toe ging zelfs de eenduidigheid van de gebruikte begrippen verloren. Met heel wat misverstanden en onduidelijkheden tot gevolg. Met zijn boek Autisme: alles op een rijtje wil de auteur orde scheppen in deze veelheid aan kennis. Tegelijk vertaalt hij ze naar het grote publiek. Hierdoor is het boek zeer toegankelijk. Ook voor niet-professionelen.

In de hoofdstukken 1 tot en met 4 geeft de auteur meer algemene informatie. Hij probeert tot een definitie van het begrip autismespectrumstoornis te komen. Daarbij gaat hij verder dan de gekende classificatiesystemen (DSM-IV-TR en ICD-10). Hij vermeldt ook de triade van Lorna Wing die kwalitatieve stoornissen in de interactie, de communicatie en verbeelding omvat. Bij de onderverdeling van het spectrum staat hij in een afzonderlijk hoofdstuk extra lang stil bij het syndroom van Asperger. Dat verdient volgens hem momenteel geen afzonderlijke diagnostische status. De huidige diagnostische criteria ervoor doet hij af als onbruikbaar. In een kort derde hoofdstuk formuleert hij een duidelijk antwoord op de vraag hoe vaak autismespectrumstoornissen voorkomen. Volgens hem niet meer dan vroeger. Hoewel de aanpassingen van de jongste jaren in de diagnostische criteria voor een schijnbare toename hebben gezorgd. Ook aan autisme bij volwassenen wijdt hij een afzonderlijk hoofdstuk.

De hoofdstukken 5 tot en met 7 gaan meer in detail. Samen met de lezer gaat Roeyers doorheen de geschiedenis op zoek naar de oorzaken van autisme. Om tot het besluit te komen dat...

... autisme een heterogene, sterk genetisch bepaalde neurobiologische stoornis is, die voorlopig haar geheimen nog niet volledig prijsgeeft (blz.47).

Het hoofdstuk over de psychologische theorieën over autisme brengt ongeveer hetzelfde verhaal. De drie cognitieve theorieën die het psychologisch onderzoek bij autisme de laatste 20 jaar hebben gedomineerd slagen er vooralsnog niet in om alle hoofdkenmerken te verklaren. Andere theorieën zijn in ontwikkeling maar nog te weinig ondersteund door wetenschappelijk onderzoek.

Zeer boeiend is het hoofdstuk over de comorbiditeit van autisme met andere stoornissen en syndromen. Roeyers haalt er deze uit waarover de meeste vragen en onduidelijkheden bestaan. Het zijn:

  • ADHD
  • verstandelijke beperking
  • hoogbegaafdheid
  • coördinatieontwikkelingsstoornis (DCD)
  • taalontwikkelingsstoornis
  • leerstoornissen en de niet-verbale leerstoornis (NLD)

De laatste hoofdstukken van het boek staan helemaal in het teken van de diagnose en behandeling. Roeyers houdt een voorzichtig en genuanceerd pleidooi voor de vroegtijdige detectie en diagnose en geeft een beknopt overzicht van een aantal behandelmethodes, waar nodig voorzien van enkele kritische bedenkingen.

Dit boek is een ideale start voor iedereen die zich snel en goed wil informeren over autisme. De zeer uitgebreide referenties laten toe om achteraf dieper op het fenomeen in te gaan.

afdrukken

16:00 Gepost door Lieven Coppens in Acco | Permalink | Email dit | Tags: taal, behandeling, adhd, motoriek, autisme, add, ass, coördinatie, ontwikkelingsstoornis, asperger, dcd, nld | |

2009.03.22

Protocollaire behandelingen voor kinderen met psychische klachten

Auteur: Caroline Braet & Susan Bögels (Red.)
Titel: Protocollaire behandelingen voor kinderen met psychische klachten.
Uitgeverij: Boom
Plaats: Amsterdam
Jaar: 2008
Pagina's: 564
ISBN-13: 978-90-8506-447-3
Prijs: € 69,50

protocollaire behandelingen voor kinderen met psychische klachtenRecent onderzoek heeft aangetoond dat kinderen en jongeren met psychische klachten beter geholpen worden door een op een protocol gebaseerde behandeling dan door een klassieke kinder- of jeugdtherapie. Concreet betekent dit dat de behandeling bestaat uit een geheel van chronologisch op elkaar volgende stappen die bij elke nieuwe cliënt op nagenoeg gelijke wijze doorlopen worden. Deze protocollen zijn in de praktijk getoetst op hun effectiviteit maar berusten steeds op een theoretisch model waar zowel de voorlopers als de gevolgen van een probleem zijn in kaart gebracht. In die zin leunen ze dan ook sterk aan bij de principes van het evidence-based werken.

In dit boek worden een onderzoeksprotocol en 21 volwaardige behandelingsprotocollen ingeleid door een hoofdstuk over het evidence-based werken bij kinderen met psychische klachten én een hoofdstuk over handelingsgerichte diagnostiek. De behandelingsprotocollen gaan over:

  • slaapproblemen bij kinderen,
  • enuresis en urine-incontinentie bij kinderen,
  • encopresis bij kinderen,
  • somatoforme stoornissen,
  • cognitieve gedragstherapie voor jongeren met het chronische vermoeidheidssyndroom,
  • autismespectrumstoornissen,
  • oudertraining bij kinderen met autisme,
  • jonge kinderen met gedragsproblemen,
  • ADHD bij kinderen,
  • tics bij kinderen en adolescenten,
  • cognitieve gedragstherapie bij depressie,
  • groepsbehandeling voor kinderen en jongeren met angststoornissen,
  • kinderen en adolescenten met een dwangstoornis,
  • acute stressstoornissen na een éénmalige traumatische ervaring,
  • cognitieve gedragstherapie voor adolescente meisjes,
  • integratieve therapie voor gehechtheid en gedrag,
  • emotieregulatietraining voor jongeren met (symptomen van een) borderline persoonlijkheids-problematiek,
  • de multidisciplinaire behandeling van kinderen met overgewicht,
  • boulemia nervosa en aanverwante eetstoornissen,
  • middelgebonden stoornissen,
  • cognitieve gedragstherapie voor jongeren met zelfbeschadigend gedrag.

Al de protocollen uit dit boek worden volgens hetzelfde stramien besproken. Het protocol wordt eerst ingeleid en in een volgend stukje gekoppeld aan de resultaten uit onderzoek naar de werkbaarheid ervan. Vervolgens wordt er onderzocht hoe men het probleem in kaart kan brengen. In een volgend deeltje gaat men dieper in op de idee die achter elke (deel)handeling zit. Verder gaat men dieper in op de behandeling van het probleem om daarna het behandelingsprotocol volledig uit te schrijven. Tot slot wordt er uitgelegd op welke manier(en) het protocol kan geëvalueerd worden.  Een discussie besluit elk hoofdstuk. In bijlage zitten de materialen die men nodig heeft om het protocol uit te voeren. Een digitale versie hiervan is terug te vinden op de meegeleverde cd-rom.

Dit boek is bedoeld voor iedereen die kinderen en jongeren met een psychopathologie in de jeugd- en geestelijke gezondheidszorg behandelt. Orthopedagogen, klinische psychologen, kinder- en jeugdpsychiaters zullen zeker hun voordeel kunnen doen met de in het boek beschreven protocollen. Dit neemt echter niet weg dat ook andere professionelen die op de één of andere manier met deze kinderen of jongeren en/of hun ouders in contact komen, er veel winst voor de eigen beroepspraktijk kunnen uit halen.

afdrukken