2017.12.02

Gedragsmanagement in de klas

Auteur: Peter Hook & Andy Vass
Titel: Gedragsmanagement in de klas
Pocketboek
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Rotterdam
Jaar: 2017
Pagina's: 128
ISBN-13: 978-94-6118-240-1
Prijs: € 16,00

gedragsmanagement in de klas - pocketboekOp zoek naar een gemakkelijk te lezen boek met veel praktische tips over het beheersen van leerlingengedrag in de klas? Dan is dit pocketboek een goede keuze. Het is nog maar eens dankzij het opzoekings- en vertalingswerk van uitgeverij Bazalt dat dit nu ook voor het Nederlandstalig gebied beschikbaar komt. Mensen die mij kennen weten dat ik het niet hoog op heb voor de zogenaamde trukendozen die vol zitten met een amalgaam van niet met elkaar verband houdende achtergrondloze tips en technieken en zullen misschien verwonderd zijn dat ik dit pocketboek hier toch bespreek. De reden is eenvoudig: het is een boekje dat vertrekt vanuit een duidelijke visie op gedrag met tips en technieken die er wel mee in verband staan. Voor mij het betere werk dus.

Een korte inleiding legt de inhoudelijke basis voor het boekje. Aan bod komen hier onder andere het veilige school- en klasklimaat, de effectieve leraar, het belang van een positieve gedragsaanpak en dergelijke meer. In het hoofdstuk daarna gaan de auteurs dieper in op drie verschillende leiderschapsstijlen. Maar wees gerust, de van oudsher bekende 'laissez-faire' leiderschapsstijl wordt hier vervangen door een beter alternatief.

Hoe je de basis legt voor de voorgestelde aanpak is het onderwerp van het volgende hoofdstukje. Hier staat men onder andere stil bij belonen, straffen en het belang van een goede klasstructuur. Het hoofdstuk hierna bespreekt de acht kernprincipes waarop de aanpak berust. Die principes zie je onmiddellijk daarna heel concreet terugkomen in de voorgestelde tienstappenaanpak.

Achter de metafoor van de gereedschapskist hebben de auteurs dan een aantal tips en technieken verzameld die onmiddellijk en zonder veel omhaal toe te passen zijn in de klas. Het kader voor de praktijk hangen ze tenslotte op aan de vier R-pijlers: Rechten, Rekenschap, Regels en Routines. Hoe de auteurs deze begrippen invullen, lees je er in het boek zelf op na. Een reflecterende samenvatting rondt het boek af.

Warm aanbevolen, niet in het minst voor de beginnende leerkracht.

afdrukken

15:42 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: gedrag, gedragsbeheersing, gedragsmanagement, gedragsproblemen, gedragsregels, klasgedrag, klassenklimaat, klassenmanagement | |

2014.11.09

Groepsplan Gedrag in het Voortgezet Onderwijs

Auteur: Kees van Overveld
Titel: Groepsplan Gedrag in het Voortgezet Onderwijs
Planmatig werken aan passend onderwijs
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2014
Pagina's: 288
ISBN-13: 978-94-91806-18-6
Prijs: 32,95

groepsplan gedrag in het voortgezet onderwijs - planmatig werken aan passend onderwijsJohn Hattie stelt het in zijn werk heel duidelijk: relationeel vertrouwen is de lijm die op school alles samenhoudt. Dit is nu net wat Kees van Overveld zeer goed begrepen heeft: zijn boeken voeren daar een ijzersterk pleidooi voor. Was ik al enthousiast over zijn Groepsplan Gedrag voor het basisonderwijs, dan heeft Kees van Overveld nu aan de trappen van vergelijking een extra trap toegevoegd. We spreken niet langer van goed, beter, best, maar wel van goed, beter, best en beter dan best. Alle argumenten die ik aanhaalde bij het verschijnen van het Groepsplan Gedrag voor het basisonderwijs kan ik hier zondermeer opnieuw aanhalen:

  • Het legt de nadruk op preventie van gedragsproblemen, niet op de repressie ervan;
  • Het is een van de beste referentiewerken over de aanpak van gedragsproblemen in het voortgezet onderwijs dat ik gelezen heb;
  • Het stelt de zeven principes van het handelingsgericht werken centraal;
  • Het kiest op een consequente manier voor interventies die wetenschappelijk onderbouwd (evidence based) zijn;
  • Het richt zich in zijn interventies zowel op de jongere als op zijn context;
  • Het verenigt op een unieke manier theorie en praktijk: de leerkracht die de interventies uit het boek uitvoert, begrijpt ook wat hij doet en waarom hij het doet. Hierdoor overstijgt ook dit boek het niveau van de trukendoos waaruit de leerkracht lukraak een interventie kiest, gewoon omdat men zegt dat ‘het werkt’;
  • Het preventiemodel laat zich heel goed integreren met het zorgcontinuüm zoals dat door het Vlaamse Departement Onderwijs opgelegd wordt.

Maar er is meer:

  • Kees van Overveld gaat er overduidelijk vanuit dat iedere jongere kan groeien, kan ontwikkelen, echt veranderbaar is. Je kunt dan ook heel duidelijk stellen dat hij sterk aanleunt bij de theorie van de Growth Mindset van Carol Dweck;
  • Waar John Hattie zich concentreert op het cognitieve leren, brengt Kees van Overveld een model van sociaal-emotioneel leren aan dat gebaseerd is op persoonlijke groei en niet op  externe repressie;
  • Het boek is niet alleen evidence based, maar ook getoetst aan de praktijk van elke dag;
  • Voor Vlaanderen is dit boek voor een groot stuk een te verkiezen, want lees- en behapbaar, alternatief voor het Prodia-protocol Gedrag en emotie.

Als je dit boek gelezen hebt, kun je alleen maar hopen dat Kees van Overveld nog meer van zijn expertise letterlijk boekstaaft.

naslagwerk met karakter afdrukken

12:50 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Tags: begeleiding, gedrag, gedragsregels, methodiek, preventie | |

2013.10.20

Groepsplan Gedrag

Auteur: Kees van Overveld
Titel: Groepsplan Gedrag
Planmatig werken aan passend onderwijs
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2012
Pagina's: 272
ISBN-13: 978-90-77671-78-8
Prijs:  € 22,95

groepsplan gedrag - planmatig werken aan passend onderwijsDe gedragsbijbel voor het basisonderwijs. Zo durf ik het boek van Kees van Overveld noemen. Ik heb daar verschillende redenen voor:

  • het legt de nadruk op preventie van gedragsproblemen, niet op de repressie ervan. De positieve benadering van dit thema is meteen ook de ‘blijde boodschap’ waar je in een bijbel naar op zoek gaat;
  • het is een van de beste referentiewerken over de aanpak van gedragsproblemen in het basisonderwijs die ik gelezen heb. Wie bij de inhoud van dit boek zweert, komt volgens mij al een heel eind ver;
  • het stelt de zeven principes van het handelingsgericht werken centraal;
  • het kiest op een consequente manier voor interventies die wetenschappelijk onderbouwd (evidence-based) zijn;
  • het richt zich in zijn interventies zowel op het kind als op zijn context;
  • het verenigt op een unieke manier theorie en praktijk: de leerkracht die de interventies uit het boek uitvoert, begrijpt ook wat hij doet en waarom hij het doet. Hierdoor overstijgt het boek ruim het niveau van de trukendoos waaruit de leerkracht lukraak een interventie kiest, gewoon omdat men zegt dat ‘het werkt’.
  • ik volgde gedurende een vijftal maanden enkele leerkrachten die aan de slag gingen met de inhoud van het boek. Hun enthousiaste feedback laat me toe om aan het boek het predicaat ‘Geschikt voor het Vlaamse basisonderwijs van de toekomst’ toe te kennen: de interventies in het boek zijn allemaal, zonder uitzonde-ring, inclusiebestendig;
  • het preventiemodel laat zich integreren met het zorgcontinuüm zoals dat door het Vlaamse Departement Onderwijs opgelegd wordt.

Het model van Kees van Overveld stelt dat preventie kinderen behoedt voor het ontwikkelen van gedragsproblemen. Dit terwijl er vandaag nog te veel de nadruk gelegd wordt op de repressie en het achteraf repareren ervan. Hij stelt een gelaagde preventie-aanpak voor, een aanpak met drie niveaus:

  • preventie 1: plannen voor iedereen (voldoende voor 85 tot 90% van de leerlingen);
  • preventie 2: plannen voor risicoleerlingen (7 tot 10% van de leerlingen);
  • preventie 3: plannen voor probleemleerlingen (3 tot 5 % van de leerlingen).

Het zal de aandachtige lezer niet ontgaan zijn dat er sterke gelijkenissen zijn met het RTI-model (Response to Intervention) dat, ook bij ons, aan belang wint. Wanneer we deze gelaagdheid vergelijken met het Vlaamse zorgcontinuüm, dan krijgen we het volgende model:

integratie zorgcontinuüm - groepsplan gedrag

Zoals duidelijk te zien is op de afbeelding hierboven kunnen de drie preventieniveaus van Kees van Overveld perfect geïntegreerd worden in de fasen 0 tot en met 2 van het Vlaamse zorgcontinuüm.

Het boek zelf begint met de visie van de auteur op gedrag. Daarna komen de drie preventieniveaus een voor een aan bod. Het is niet haalbaar om elk preventieniveau hier te beschrijven op een manier die het recht aan doet. Daarvoor zijn de verschillende niveaus te coherent uitgewerkt. Tal van schema’s, tekstkaders en tabellen brengen zowel de theoretische achtergronden als de concrete interventies tot leven.

Het is alvast uitkijken naar de opvolger van dit boek, het Groepsplan Gedrag in het Voortgezet Onderwijs dat in april 2014 verschijnt.

naslagwerk met karakter.pngafdrukken

18:28 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Tags: begeleiding, gedrag, gedragsregels, methodiek, preventie | |

2013.10.06

Ouderhulpkaarten Voortgezet onderwijs

Auteur: Cedin & Expertisepunt Ouderbetrokkenheid
Titel: Ouderhulpkaarten Voortgezet Onderwijs
Uitgeverij: Eduforce
Plaats: Drachten
Jaar: 2013
Pagina's: 202
ISBN-13: 978-94-91510-06-9
Prijs:  € 99,95

ouderhulpkaarten voortgezet onderwijsZowel in Vlaanderen als in Nederland merkt men dat een stuk van de opvoedingstaak van ouders doorgeschoven wordt naar de school. Op oudergesprekken komen niet alleen de leervorderingen van de leerling aan bod maar worden er door de ouders ook opvoedingsvragen gesteld. Om leerkrachten hierbij te ondersteunen, heeft de Nederlandse Stichting Cedin samen met het ExpertisePunt Ouderbetrokkenheid een reeks concrete mappen uitgewerkt. In deze reeks kwamen eerder al verschillende thema’s aan bod:

  • Ouderhulpkaarten Het Jonge Kind;
  • Ouderhulpkaarten Sociaal Emotioneel;
  • Ouderhulpkaarten Taal en lezen.

Een nieuwe map, Ouderhulpkaarten Voortgezet onderwijs, wil de ouders van kinderen uit het secundair|voortgezet onderwijs sterker maken in het begeleiden en ondersteunen van hun jonge student. Ze bestaat uit negentien verschillende kaarten die te maken hebben met een van de volgende vier thema’s:

  • Huiswerk en agenda (vb. Kaart 1: Leren ordenen en plannen);
  • Leren leren (vb. Kaart 3: Doelgericht leren);
  • Online (vb. Kaart 12: Betrouwbare informatie op internet);
  • Pubergedrag (vb. Kaart 16: Regels, grenzen en loslaten).

Op elke kaart staat een stukje achtergrondinformatie over het onderwerp. Dit wordt aangevuld met concrete tips, oefeningen, opdrachten en/of concrete activiteiten die de ouders met hun kind kunnen doen. Het is de bedoeling dat de leerkracht een van deze kaarten meegeeft met ouders, bijvoorbeeld naar aanleiding van een gesprek. Het is aan te bevelen dat hij deze kaart eerst met hen doorneemt en er een woordje uitleg bij geeft. Van elke kaart zitten er vijf exemplaren in de map. Ze kan dus aan verschillende ouders tegelijk worden uitgeleend. Wie enkele voorbeeldkaarten wil bekijken, kan dit doen op de website van de uitgeverij, www.eduforce.nl.

Ook deze map is zeker de moeite waard!

afdrukken

2008.01.19

Gids voor succesvol opvoeden

Auteur: Peter Adriaenssens
Titel: Gids voor succesvol opvoeden.
Uitgeverij: Lannoo
Plaats: Tielt
Jaar: 2007
Pagina's: 416
ISBN-13: 978-90-209-7153-8
Prijs: € 19,95

gids voor succesvol opvoedenWarme duidelijkheid, dat hebben kinderen en jongeren nodig. Met deze gedachte begint Peter Adriaenssens zijn boek. Ouders zijn nog nooit zo belangrijk geweest in de opvoeding van hun kind. Zij geven immers aan hun kind die zekerheid die het broodnodig heeft in de huidige tijd. Het gezin is de beste plek voor de opvoeding van kinderen. Het is de kern waar het belangrijkste werk zich afspeelt, waar kinderen kunnen leren hoe een democratie werkt: de goede samenhang tussen regels en vrijheden, tussen affectie en kordaatheid. De warme duidelijkheid.

Peter Adriaenssens schrijft dit boek vanuit de overtuiging dat het met de jeugd van tegenwoordig niet zo slecht gesteld is, wel in tegendeel. Ouders mogen dan ook zeker zijn van zichzelf en de opvoeding van hun kinderen blijven behartigen. Opvoeden is niet de taak van de school of de wet!

Dit boek is een tijdsdocument. Het toont aan hoe de ideeën over opvoeding in tien jaar tijd veranderd zijn. In 1997 moesten ouders leren communiceren met hun kinderen. Het opleggen van grenzen was toen geen probleem. Nu, in 2007 is het praten met elkaar niet langer een probleem. Wel het opleggen van grenzen. Met andere woorden: in de opvoeding van vandaag moet men opnieuw leren regels op te leggen en te respecteren. Zelfdiscipline is immers een noodzakelijke voorwaarde om sociaal gedrag te ontwikkelen.

Het boek van Peter Adriaenssens bestaat uit 14 hoofdstukken. Hoewel deze 14 hoofdstukken een coherent geheel vormen kunnen ze - moeten ze - toch afzonderlijk gelezen worden. Ze geven immers hun grote rijkdom maar prijs door ze op je te laten inwerken en de uitdaging van de zelfreflectie aan te gaan. Het feit dat ze zeer concreet en praktisch geschreven zijn, doet daar niets van af.

Het eerste hoofdstuk leert ons dat ouder zijn geen vanzelfsprekende opdracht is. Ook al doen veel ouders het momenteel wel goed. Goede ouders zijn ook goede partners voor elkaar. Ze bepalen samen de grenzen waarmee ze zich als koppel en gezin willen onderscheiden van de buitenwereld. Het tweede hoofdstuk verplaatst de aandacht naar de kinderen binnen het gezin. Samen met de auteur bestudeert de lezer hun ontwikkeling. De bedoeling is dat de ouders begrijpen wat er in die levensperiode belangrijk is, zodat ze weten wat ze kunnen verwachten. De vele tips die Peter Adriaenssens hen tussendoor geeft, kunnen er voor zorgen dat ze de verschillende crisismomenten in de ontwikkeling van een kind of jongere leren ontmijnen en beter begeleiden.

Het derde hoofdstuk gaat over de kapstok van elke opvoeding. Deze kapstok wordt gedragen door de volgende aspecten:

  • de gedragsregels in het gezin
  • het opvoedingsmodel
  • een eensgezind ouderschap
  • de creativiteit om een taakverdeling uit te werken
  • kansen die aan iedereen evenveel recht doen
  • de steun en sympathie waarop het gezin kan rekenen

Al deze aspecten worden in dit hoofdstuk uitgewerkt. Concrete en realistische voorbeelden verduidelijken alles. Dit hoofdstuk eindigt - net zoals het eerste hoofdstuk trouwens - met een aantal vragen die een aanleiding kunnen zijn tot een gesprek tussen beide ouders.

De hoofdstukken vier en vijf worden het beste als één geheel gelezen door ouders van jonge kinderen.  Hoe beloon je? Hoe straf je? Hoe ontlaad je een conflict met humor? Hoe ga je om met ongehoorzaamheid? Deze vragen komen hier uitgebreid aan bod. En krijgen een concreet antwoord. De twee daarop volgende hoofdstukken kunnen dan weer als één geheel gelezen worden door ouders van tieners. De essentie is hier dat discussiëren met tieners wel degelijk zin heeft. Op voorwaarde dat men met bepaalde regels rekening houdt en er een wederzijds vertrouwen is. Wat daarom nog niet betekent dat elke discussie onmiddellijk moet leiden tot een beslissing. Als er dan toch problemen zijn, dan kan het conflict- en contactmodel uit het boek helpen bij het werken aan een oplossing. Meer dan het klassieke controlemodel. Doorheen deze vier hoofdstukken voelt de aandachtige lezer zeker de warme duidelijkheid als rode draad.

Het achtste hoofdstuk gaat over zelfdiscipline en waarden. En hoe je in deze tijd als gezin samen waarden opbouwt. Dit kan op bepaalde momenten leiden tot een echt waardendebat. Essentieel daarbij is dat de jongere voelt dat het standpunt van de ouder een onderbouw heeft: hij moet uit zijn ervaring weten dat de ouder altijd al volgens dat standpunt geleefd heeft.

Het negende hoofdstuk gaat in op de verschillen tussen vaders en moeders als opvoeders en wat de meerwaarde daarvan kan zijn. En de boodschap is duidelijk: ondanks deze verschillen moeten vaders gelijkwaardige opvoeders zijn! Maar kinderen worden niet alleen door de ouders opgevoed. Dat komt aan bod in het volgende hoofdstuk waar Peter Adriaenssen dieper ingaat op de rol van de nieuwe opvoeders: de vrienden, de media en de school. Hierbij schuwt hij de probleemvelden niet die er kunnen toe leiden dat er conflicten ontstaan. Een aantal handreikingen moeten de ouders helpen hiermee om te gaan.

In het elfde hoofdstuk gaat het over het opvoeden van kinderen met speciale wensen, noden of problemen. Aan bod komen onder andere thema's als adhd, agressie, angst, depressie en drugs maar ook geld, samen op vakantie gaan en dergelijke meer. Het hoofdstuk kan in zijn geheel gelezen worden, maar nodigt eveneens uit om enkel die thema's te lezen die voor de opvoeder op een bepaald moment actueel zijn. Het twaalfde hoofdstuk sluit hier dicht bij aan en gaat over het opvoeden na een echtscheiding.

Het laatste hoofdstuk laat zich heel gemakkelijk samenvatten tot een belangrijke en positieve boodschap: ouders maken wel degelijk het verschil uit voor hun kinderen!

Dit boek is tegelijk leer- praktijk- doe- en denkboek. Het biedt geen pasklare tips voor de ideale opvoeding, maar geeft heel wat aanzetten en tips om van opvoeding een succesvolle opdracht voor de ouders te maken. Gekruid met talrijke levensechte voorbeelden neemt het hen mee tot het ontdekken van en nadenken over een goede, en warme opvoeding. Een goede opvoeding die ligt op de middenweg tussen praten met een kind of jongere en toch grenzen bepalen. Voor professionelen is het boek een meer dan degelijk naslagwerk om te gebruiken in die situaties waarin opvoedingsondersteuning noodzakelijk is. Hierbij geldt voor hen ook het principe van de warme duidelijkheid. Door met ouders in gesprek te treden en tegelijk een aantal grenzen samen met hen te bepalen, kunnen ze hen helpen groeien als ouder.

afdrukken