2018.03.10

Hoe kom ik van die stress af?

Auteur: Gina M. Biegel
Titel: Hoe kom ik van die stress af?
Leer eenvoudige en effectieve manieren om je te ontspannen
Uitgeverij: Cadans
Plaats: Amsterdam
Jaar: 2012
Pagina's: 168
ISBN-13: 978-90-8560-617-8
Prijs: € 19,90

hoe kom ik van die stress af - leer eenvoudige en effectieve manieren om je te ontspannenSteeds meer jongeren ervaren stress op een zodanige manier dat het hen belemmert in het dagelijkse leven. Hoewel stress erbij hoort is het handig om te weten hoe je ermee om kunt gaan zodat het je niet in de weg zit.

Met de meer dan zevenendertig activiteiten in dit boek is het mogelijk hulpbronnen en vaardigheden aan te boren in jezelf waarvan je niet wist dat je ze had. Met de mindfullnesstechniek kun je spanningen en problemen onder controle krijgen zodat je je kunt concentreren op wat er nu gebeurt in plaats van wat er zou kunnen gebeuren.

Met de strategieën in Hoe kom ik van die stress af? krijg je handvatten om te ontspannen en je leven in balans te brengen.

Zo. Met deze tekst van de achterflap heb je meteen een goede kijk op de bedoeling van dit hulpboek. Geschreven naar jongeren toe, gebruikt het een persoonlijke en toegankelijke taal. Terwijl het geenszins de bedoeling heeft om de professionele hulpverlening te vervangen, biedt het wel een alternatief voor die jongere die zich bewust is van zijn probleem, nog ‘niet te ver weg is’ en in staat is tot de nodige zelfreflectie om er zelf wat aan te doen.

Het boek bestaat uit 37 activiteiten die de lezer meenemen op een weg doorheen zijn gedachten en gevoelens en hem stap voor stap leren daar inzicht in te krijgen, er begrip voor te hebben en er een passend antwoord op te formuleren. Het concept is per opdracht altijd hetzelfde:

  • Een kadertje Je moet weten dat met daarin de situering van de opdracht binnen het concrete leven van de lezer;
  • De concrete instructie over wat er in de activiteiten moet gebeuren;
  • Een rubriek die de lezer aanvullende opdrachten geeft bij de eerste instructie. Deze opdrachten hebben heel vaak te maken met zelfreflectie, maar af en toe ook met het reflecteren over de mensen en de omgeving rondom hen.

De activiteiten in dit boek zijn als het ware volgtijdelijk en leiden de jongere geleidelijk aan tot het ultieme doel van dit boek: mindful omgaan met stress.

Het is al langer geweten dat uitgeverij SWP onder het imprint Cadans de pareltjes uit het internationale aanbod van kinder- en jongerenhulpboeken verzamelt. Met dit boek en de andere uit de reeks Vaardigheden en technieken heeft ze nog maar eens haar leiderspositie op het vlak van de psycho-educatie bevestigd. Iedereen die begaan is met het welzijn van jongeren zou deze reeks moeten kennen om op het gepaste moment onder de aandacht van die jongeren te brengen die het nodig hebben en hen eventueel te begeleiden op hun zoektocht.

afdrukken

17:12 Gepost door Lieven Coppens in Cadans, SWP | Permalink | Tags: begeleiding, methodiek, mindfulness, ontspanning, psycho-educatie, stress | |

2017.11.11

Activerende en passende werkvormen

Auteur: Carel van der Brug, Meike Berben & Bert Moonen
Titel: Activerende en passende werkvormen
Naar meer variatie en motivatie in de les. Werken aan 21ste -eewse vaardigheden
Uitgeverij: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: 2017
Pagina's: 115
ISBN-13: 978-90-6508-020-2
Prijs: € 29,90

activerende en passende werkvormen - naar meer variatie en motivatie in de les - werken aan 21ste -eeuwse vaardighedenOok in Vlaanderen is men er zich in het secundair onderwijs meer en meer bewust van geworden dat men de leerlingen meer moet activeren en motiveren. Nog te veel leerlingen in het secundair onderwijs vinden de lessen die ze krijgen te saai en helemaal niet uitdagend. Daarenboven zijn nog (te veel) leerkrachten onbekend met activerende werkvormen of ervaren ze deze als bedreigend of niet bevorderlijk voor het klassenmanagement. In dit boek van de Nederlandse uitgeverij CPS willen de auteurs de leerkrachten over deze drempels heen helpen door hen een theoretisch onderbouwd en tegelijkertijd zeer praktisch kader te bieden om met deze activerende en passende werkvormen aan de slag te gaan. De opsomming van de verschillende hoofdstukken geeft je onmiddellijk al een goed overzicht van het proces dat je als leerkracht moet doorlopen:

  • Hoofdstuk 1: Waarom activeren?
  • Hoofdstuk 2: Praktisch aan de slag;
  • Hoofdstuk 3: Werkvormen kiezen vanuit doelstellingen en lesvoorbereiding;
  • Hoofdstuk 4: Belemmeringen en kansen;
  • Hoofdstuk 5: Werkvormen beschrijving;
  • Hoofdstuk 6: Digitale werkvormen en didactiek;
  • Hoofdstuk 7: Instrumenten voor borging en implementatie.

In het eerste hoofdstuk leggen de auteurs uit waarom je activerende en passende werkvormen zou inzetten en onder-bouwen ze dit vanuit de theorie. Aan bod komen de basisprincipes en het mee verantwoordelijk maken van de leerlingen zoals deze bij het coöperatieve leren aan bod komen, het werken in teams, de aard van het klassenmanagement, de aandacht voor groepsprocessen en sociale vaardigheden en de werkvormen zoals ze in een zestal domeinen kunnen ondergebracht worden.

In het tweede hoofdstuk gaan de auteurs dieper in op het kiezen van passende werkvormen vanuit de lesdoelen. Hiervoor gebruiken ze het didactisch model van Van Gelder en de taxonomie van Bloom, het Activerende Directe Instructiemodel van Leendert en (heel summier) het formatief evalueren.

Hoe je nu precies de werkvormen kiest vanuit de doelstellingen en jouw lesvoorbereiding, komt aan bod in het derde hoofdstukje. De belemmeringen en kansen van het gebruiken van werkvormen is dan weer het onderwerp van het vierde hoofdstuk.

Hoofdstuk vijf bestaat uit de technische fiches van verschillende activerende werkvormen. Je leert er wat die werkvormen inhouden en hoe je ze kunt toepassen. In het verlengde hiervan heeft het zesde hoofdstuk het over het gebruik van digitale werkvormen en worden enkele digitale instrumenten toegelicht.

In het laatste hoofdstuk tenslotte kijkt men samen met de lezer hoe men een en ander kan borgen in de eigen praktijk en de schoolcultuur.

Voor mensen die kort willen ingeleid worden in het werken met activerende werkvormen, kan dit een laagdrempelig en motiverend – of zeg ik beter: activerend – boek zijn.

afdrukken

15:57 Gepost door Lieven Coppens in CPS | Permalink | Tags: activeren, activerende werkvormen, methodiek, motiveren, motiverende werkvormen, werkvormen | |

2017.10.15

Wijzer in executieve functies

Auteur: Maaike Houtman, Maaike Losekoot, Tjitske van der Waals en Mickey Waringa
Titel: Wijzer in executieve functies
35 spelletjes om executieve functies bij leerlingen te trainen en te versterken
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2017
Pagina's: Box met handleiding (56 blz.) en 36 kaarten voor groep 1 t/m 4
Box met handleiding (56 blz.) en 36 kaarten voor groep 5 t/m 8
ISBN-13: Box groep 1 t/m 4: 978-94-92525-04-8
Box groep 5 t/m 8: 978-94-92525-05-5
Prijs: Box groep 1 t/m 4: € 23,50
Box groep 5 t/m 8: € 23,50

wijzer in executieve functies - 35 spelletjes om executieve functies bij leerlingen te trainen en te versterkenDe auteurs van deze twee boxen stellen het meteen scherp: de executieve functies zijn een sterke voorspeller voor schoolsucces, misschien wel meer dan de cognitieve mogelijkheden van de leerlingen. Om misverstanden te voorkomen - want al naargelang de auteur die erover schrijft, durft het aantal of de benaming verschillen - de executieve functies die de auteurs bedoelen zijn: inhibitie, werkgeheugen, planning en organisatie, taakinitiatie, emotieregulatie, flexibiliteit en metacognitie en zelfmonitoring. De ene box is bedoeld voor leerlingen van groep 1 tot en met groep 4 (Vlaanderen: 2de en 3de kleuterklas en 1ste en 2de leerjaar), de tweede box voor leerlingen van groep 5 tot en met groep 8 (Vlaanderen: 3de, 4de, 5de en 6de leerjaar).

Om het belang van deze executieve functies en hun onderlinge 'samenwerking' duidelijk te maken, gebruiken de auteurs de metafoor van het besturen van een boot, een metafoor die de leerkrachten meteen ook een woordenschat geeft om met de leerlingen (en hun ouders) over die executieve functies te praten. Het belang van deze gemeenschappelijke taal kan niet genoeg naar waarde geschat worden, aangezien het een toch wel moeilijke materie heel toegankelijk en bespreekbaar maakt. Deze metafoor kun je erop nalezen in de handleiding.

In de handleiding vind je naast een goed stukje algemene theorie over de executieve functies voor elk van hen een soort van steekkaart met daarop de volgende rubrieken:

  • definitie,
  • leeftijdsindicatie (wanneer begint deze functie zich te ontwikkelen en hoe lang gaat deze ontwikkeling door?),
  • wat wordt er in de schoolsituatie vaak gezien bij leerlingen die moeite hebben met deze functie,
  • tips om deze functie te versterken

De spelletjes in de box, goed vergelijkbaar met de gekende bewegingstussendoortjes, laten de leerkracht toe om bij de leerlingen te observeren in welke mate ze een bepaalde executieve functie al beheersen. Iedere executieve functie heeft zijn eigen kleur, die je terugvindt op de spelfiches, en kan doelgericht geobserveerd worden in vijf spelletjes:

  • inhibitie: licht blauw,
  • werkgeheugen: geel,
  • planning en organisatie: oranje,
  • taakinitiatie: rood,
  • emotieregulatie: groen,
  • flexibiliteit: paars,
  • metacognitie en zelfmonitoring: turkoois.

Voor de leerkracht is er een observatiekaart met daarop de vier kijkopdrachten die hij tijdens het spelen van elk spel moet uitvoeren:

  • Welke leerlingen kunnen dit spelletje bijzonder goed?
  • Welke leerlingen hebben zichtbaar moeite met dit spelletje?
  • Wat valt er nog meer op in het gedrag bij de leerlingen die zichtbaar moeite hebben met dit spelletje?
  • Vallen de leerlingen die zichtbaar moeite hebben met dit spelletje, ook uit op andere spelletjes behorend bij deze executieve functie?

Het bijbehorende observatieformulier en de andere materialen bij deze boxen, kun je zonder verdere kosten van het internaat halen op http://zienindeklas.nl/documenten/ en niet op het in de handleiding helaas verkeerdelijk vermelde internetadres.

Deze twee boxen helpen de leerkracht inderdaad om via gerichte observatie de executieve functies bij hun leerlingen te trainen en te versterken. Daarenboven zorgen ze ervoor dat de spelletjes voor de leerlingen niet beperkt blijven tot leuke bewegingstussendoortjes, maar ook voor hen effectieve leertijd worden.

Een absolute aanrader om als schoolproject te 'adopteren'.

afdrukken

2017.09.24

Vraagtechnieken in de klas

Auteur: Gorden Pope
Titel: Vraagtechnieken in de klas
Pocketboek
Uitgeverij: Bazalt
Plaats: Rotterdam
Jaar: 2017
Pagina's: 128
ISBN-13: 978-94-6118-236-4
Prijs: € 16,00

vraagtechnieken in de klas - pocketboekVragen stellen in de klas is een gave die elke leerkracht bezit. Dat veronderstelt men althans. Maar is dat ook zo voor het stellen van de juiste vragen? Ik durf te stellen van niet. Omdat er in de klassen nog te veel vragen worden gesteld op het niveau van de oppervlakkige kennis, het geheugenwerk. Het aantal vragen dat peilt naar de diepere kennis en het leervermogen van de leerlingen, haalt het er niet bij. Dit wordt mijns inziens ook bevestigd door het onderzoek van John Hattie waar de vakkennis van de leerkracht een zeer laag effect heeft op de leerprestaties van de leerlingen. Niet omdat de leerkracht geen vakkennis bezit, wel omdat hij ze zelden of nooit gebruikt maar blijft hangen op het niveau van het oppervlakkige leren[1]. Of zoals hij het in hetzelfde boek zegt:

Er moet een belangrijke verschuiving komen van de overwaardering van oppervlakkige informatie (de eerste wereld) en de foutieve veronderstelling dat het doel van onderwijs grondig inzicht is of de ontwikkeling van denkvaardigheden (de tweede wereld), naar een evenwicht tussen beide dat ervoor zorgt dat leerlingen met meer succes plausibele theorieën over denken en de realiteit ontwikkelen (de derde wereld) [2].

En net hierin ligt de grootheid van dit kleine pocketboekje: het helpt leerkrachten om met behulp van vraagtechnieken dit evenwicht meer en meer op te zoeken. Gebaseerd op de taxonomie van Bloom maar er wel voorbij – ik weet: John Hattie had hier waarschijnlijk liever de SOLO-taxonomie van Biggs gezien - heeft Gorden Pope het stellen van de juiste vragen een hogere dimensie gegeven. Een hogere maar wel een zeer toegankelijke dimensie. Het boekje bestaat uit 6 hoofdstukken:

  • Vragen stellen
  • Het vraagklimaat
  • Vragen formuleren
  • De vraag overbrengen
  • Reageren op antwoorden
  • Een betere vragensteller worden

Is het eerste hoofdstuk het theoretische deel (nu ja, theoretisch?), dan zijn de volgende hoofdstukken zeer op de prak-tijd gericht. En soms wel confronterend voor de leerkracht die denkt het allemaal voor elkaar te hebben. Ik laat de titels van deze hoofdstukken even voor zich spreken, maar illustreer ze willekeurig aan de hand van enkele uitspraken uit het boekje:

  • Pesten en plagen is ook: ‘Verkeerde antwoorden belachelijk maken’
  • Slecht geformuleerde vragen zijn langdradig, dubbelzinnig, verpakt in extra informatie en grammaticaal onjuist
  • Je leerlingen hebben tijd nodig om na te denken, vooral als je van ze verwacht dat ze op een hoger niveau denken, een mening of een emotioneel antwoord geven. Door ze denktijd te geven, zorg je dat tijd om na te denken een vast onderdeel is van je klasroutine
  • Bescherm je leerlingen niet door alles wat ze zeggen voor de rest van de klas te herhalen. Leer ze om een spreken-in-het-openbaarstem te gebruiken als ze antwoord geven op een vraag
  • Welk soort vragen stel je het meest?

Dit is een (zak)boekje dat iedere leerkracht voortdurend bij zich zou moeten dragen en herlezen, en herlezen, en herlezen, …

Een naslagwerk met karakter!

[1] HATTIE, J., De impact van leren zichtbaar maken, Abimo|Bazalt, Sint-Niklaas|Rotterdam, 2014, blz. 211.
[2] HATTIE, J., De impact van leren zichtbaar maken, Abimo|Bazalt, Sint-Niklaas|Rotterdam, 2014, blz. 61.

naslagwerk met karakter afdrukken

12:22 Gepost door Lieven Coppens in Bazalt | Permalink | Tags: didactiek, methodiek, vraagklimaat, vraagtechniek | |

2017.09.16

Zeppelin - Didactiek voor muzische vorming

Auteur: Koen Crul
Titel: Zeppelin
Didactiek voor muzische vorming
Uitgeverij: Pelckmans Pro
Plaats: Kalmthout
Jaar: 2017
Pagina's: 592
ISBN-13: 978-94-6337-098-1
Prijs: € 45,-

zeppelin - didactiek voor muzische vormingLaat ik maar meteen met de deur in huis vallen: Zeppelin wordt in de hele nabije toekomst de, neen dé bijbel voor heel veel leerkrachten die de muzische vorming in hun klas op een hoger niveau willen tillen. Het boek is zo rijk, zowel op inhoudelijk, didactisch, praktisch als inspirerend vlak, dat het nauwelijks te geloven is dat het door één man, Koen Crul, geschreven is. In de klas 'een crulletje doen' wordt de nieuwe standaard voor het muzische onderwijs.

Wat mij in het bijzonder gelukkig maakt, is het feit dat Koen Crul aantoont dat een theoretische achtergrond, een visie de noodzakelijke voorwaarde is om het gewone van 'een knutselwerkje maken', 'een liedje zingen', 'een dansje doen' te overstijgen. Dit is des te belangrijker in een tijd waarin veel leerkrachten naar een vorming komen voor 'praktische' tips en ervan gruwen om eerst ondergedompeld te worden in een theoretisch kader dat die 'praktische' tips juist hun meerwaarde geeft. De conclusie achteraf dat het 'allemaal niet werkt' heeft vaak met dit gebrek aan achtergrondvisie te maken. Niet bij Koen Crul dus.

Het boek bestaat uit dertien hoofdstukken verdeeld over 4 stappen. Deze vier stappen zijn, zoals men dat zo mooi in het hoger onderwijs zegt, wat mij betreft volgtijdelijk: ze bouwen chronologisch op elkaar voor en je mag geen enkele stap overslaan. Deze vier stappen zijn:

  • Visie
  • Concept
  • Activiteit
  • Leerlijn

Met het zetten van de eerste stap, visie, staat of valt het hele verhaal. Je kunt hem niet overslaan, je moet erdoor, je moet hem op je af laten komen, je moet met en over hem reflecteren, je moet hem integreren. In deze eerste stap leer je meer over de taal van de kunsten, maak je kennis met de zes muzische domeinen (beeld, muziek, drama, beweging/dans, woord en media), krijg je inzicht in de fundamenten, leer je dat er zoiets bestaat als een muzische grondhouding en krijg je een aantal kwaliteitscriteria mee. Het gaat hier dus om de zuurstof van de muzische begeleider en de ruimte die hij voor zichzelf moet creëren. Of om in de Zeppelin-metafoor van Koen Crul te blijven: het helium en de vrije ruimte.

De tweede stap gaat over het kader van waaruit de muzische begeleider werkt of het bouwen van het basisskelet van de Zeppelin. Dit kader bestaat uit essentiële bouwstenen (verschillend per domein), werkvormen en technieken, muzische onderwerpen en het concept van de muzische activiteit. Theorie en praktijk reiken elkaar hier de hand.

In de derde stap wordt het zeil over de Zeppelin gespannen en worden alle benodigde touwen op de juiste spanning gebracht. Met andere woorden: de muzische activiteit krijgt vorm in het brein van de muzische begeleider. Let wel: het gaat hier niet enkel over muzische opdrachten en het opbouwen van activiteiten, maar ook over het stimuleren van de creativiteit en het 'beschouwen'. Wat dat laatste inhoudt, laat ik met plezier de lezer zelf ontdekken.

Stap vier, de leerlijn, gaat dieper in op thema's als geïntegreerd werken, het scheppen van een muzisch klimaat, het evalueren van de muzische vorming en muzische leerlijnen.

Dit is een didactisch boek met een hele grote D. Maar laat je hierdoor niet afschrikken. Het is duidelijk dat Koen Crul het motto Teach what you preach heeft toegepast. Zeppelin is heel muzisch aangepakt. De voorbeeldlessen aan het begin van ieder hoofdstuk, het internetmateriaal, het vele duidelijke fotomateriaal, de verhelderende schema’s bewijzen dit ten volle.

Een boek om goesting te krijgen!

afdrukken

19:08 Gepost door Lieven Coppens in Pelckmans Pro | Permalink | Tags: didactiek, methodiek, muzische vorming | |

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende