2017.04.22

Pienter! thuis

Auteur: Harry Kort & Greetje van Dijk
Titel: Pienter! thuis
Uitgeverij: OnderwijsAdvies
Plaats: Zoetermeer
Jaar: 2014-2015
Pagina's: 20 afzonderlijke katernen, 1 per thema
ISBN-13: -
Prijs: Alle katernen samen: € 85,-
Katernen bij thema 1 tot en met  5: € 17,25
Katernen bij thema 6 tot en met 10: € 17,25
Katernen bij thema 11 tot en met 15: € 17,25
Katernen bij thema 16 tot en met 20: € 17,25

pienter! thuisEerder besprak ik op deze boekenblog Pienter! Groep 1-2. Thematische verrijking voor kleuters met een ontwikkelingsvoorsprong. Met dit programma wilden de auteurs een structurele en thematische aanpak aanbieden voor het verrijkingsonderwijs aan kleuters met een ontwikkelingsvoorsprong. Tegelijk hadden ze er eveneens aandacht voor dat deze kleuters niet geïsoleerd mogen raken door er geregeld hun ouders en medeleerlingen bij te betrekken. In Pienter! thuis gaan de auteurs hierin een heel stuk verder. Aansluitend op de twintig thema’s van Pienter! Groep 1-2 hebben ze per thema een extra katern ontwikkeld met daarin een caleidoscoop aan oefeningen waarmee de kleuter en zijn ouders thuis aan de slag kunnen.

De inhoud van die katernen zien er per thema als volgt uit:

Pienter! Groep 1-2 Pienter! thuis
Thema 1: mensen - lichaam Pien op 1 been… auw!
Thema 2: lente Pien in de wei… ei, ei!
Thema 3: zomer Pien in de zee… help!
Thema 4: herfst Pien in de boom… wouw!
Thema 5: winter Pien in het wit… brrr!
Thema 6: eten en drinken Pien pas om met vet… friet!
Thema 7: familie Pien daar is ze dan… Lies!
Thema 8: vervoer Pien aan het stuur… toet-toet!
Thema 9: water Pien in de boot… plons!
Thema 10: beroepen Pien en het vuur… tuut-tuut!
Thema 11: huis - wonen Pien en Jim… jip-pie!
Thema 12: spelen - speelgoed Pien en Jim op de wip… hoog!
Thema 13: verjaardag - feest Pien is heel blij… vijf!
Thema 14: gezond en ziek Pien en lies zijn stip-ziek… jeuk!
Thema 15: kleding Pien en haar… gat!
Thema 16: dieren Pien en haar dol-fijn… dol-fie!
Thema 17: muziek Pien en haar orkest… ret-te-ke-tet!
Thema 18: verre landen Pien en lies ver weg… heet!
Thema 19: kunst Pien op het doek… pim-pel-paars!
Thema 20: techniek Pien slaat… raak!

Elke thuiskatern vertrekt vanuit een eenvoudig verhaaltje waaruit meteen al een aantal Pien-letters (grafemen) geïsoleerd worden, die doorheen de twintig katernen een eigen open leeslijn vormen. Deze komen, naast andere activiteiten in verband met geletterdheid verder in de katern aan bod. Daarnaast is er telkens ook aandacht voor activiteiten rond gecijferdheid. De oplossing van alle activiteiten worden eveneens meegegeven. Ook de Pien infohoek is heel belangrijk: een eigen hoekje waar de kleuter zijn leer- en kennishonger kan stillen. Iedere katern bevat een verwijzing naar de plek op het Internet waar men inspiratie kan opdoen om deze infohoek thuis vorm te geven en uit te rusten.

Net zoals het moederprogramma Pienter! Groep 1-2 komt Pienter! thuis in een moderne, kleurrijke en aantrekkelijke vormgeving. Zeker de kleuters, maar ook de ouders, zullen hier zeker blij mee zijn. Maar ook de keuze van de activiteiten in de verschillende katernen spreekt me heel erg aan: er is gekozen voor soberheid en doelgerichtheid: het uitdagen en leren van de kleuter staat centraal zonder dat men zich in details of onnodige zijsprongen verliest. Het feit dat de aard van de opdrachten en de vormgeving ervan naadloos aansluit bij de aard en de vormgeving van de opdrachten uit het moederprogramma, zorgt voor een grote herkenbaarheid waardoor de kleuter thuis bijna als vanzelf aan de slag kan gaan.

Een bedenking: het is heel goed dat Pienter! thuis inspeelt op de nieuwe inzichten in verband met het belang van de ouderbetrokkenheid in het onderwijs. Maar dit vraagt ook om een duidelijke communicatie tussen ouders en leerkracht. Om het werken met de katernen optimaal te laten renderen, lijkt het me belangrijk dat de leerkracht ervoor openstaat om de ouders bij het werken thuis te begeleiden en dat de ouders bereid zijn om die begeleiding te aanvaarden: onderlinge afstemming lijkt me hier de sleutel tot succes.

Tot slot zou ik aan de auteurs het voorstel willen doen om voor de ouders nog een extra katern te schrijven waar ze voor alle activiteiten een duidelijke instructie geven: zo is bijvoorbeeld onvoldoende duidelijk terug te vinden wat er met het werkblad ‘mijn letters’ bedoeld wordt. Is het de aanzet van een persoonlijk letterportfolio of gaat het hier over de letters van de eigen naam? Dat is niet echt duidelijk. Een dergelijke handleiding zou dit sterke product nog sterker maken! Maar laat deze laatste opmerking vooral de pret niet bederven: ze doet in niets afbreuk aan de kwaliteit van Pienter! thuis.

afdrukken

16:11 Gepost door Lieven Coppens in OnderwijsAdvies | Permalink | Tags: cognitieve ontwikkeling, hoogbegaafd, intelligentie, ontwikkelingsvoorsprong, ouderbetrokkenheid, ouderparticipatie, ouders | |

2016.01.17

Samen de online wereld verkennen

Auteur: Niels Baas
Titel: Samen de online wereld verkennen
Een reisgids voor in de klas en thuis
Uitgeverij: Pica|Abimo
Plaats: Huizen|Sint-Niklaas
Jaar: 2015
Pagina's: 224
ISBN-13: 978-94-91806-35-3
Prijs: € 26,95

samen de online wereld verkennen - een reisgids voor in de klas en thuisOuders en leerkrachten die kinderen en jongeren op een verantwoorde en veilige manier willen leren omgaan met het online gebeuren in het algemeen en enkele daaruit voortkomende problemen in het bijzonder, hebben er een belangrijk en bijzonder standaardwerk bij: het boek van Niels Baas. Niels is promovendus aan de universiteit van Twente én de drijvende kracht achter de website www.cyberpestendebaas.nl. Wat Niels en zijn boek zo bijzonder maakt, is het feit dat hij zijn boodschap brengt op een manier die kinderen en jongeren kunnen smaken. Terwijl je het boek leest, kun je je gemakkelijk voorstellen dat je met hem persoonlijk een gesprek voert. Tegelijk is het ook een moedig boek dat een aantal problemen die voortkomen uit het werken met de online wereld met behulp van een aantal specialisten ter zake aankaart en bespreekbaar maakt.

Het boek zelf bestaat uit twee grote delen. In het eerste deel maakt Niels Baas van het woord online een letterwoord dat staat voor:

Ook al ben je het misschien niet, doe positief over de online wereld
Natuurlijk kun jij het ook leren
Laat je rondleiden door kinderen
Instrueer, voor en na verkenning van de online wereld
Nul digi-kennis nodig
En weer opstaan

Deze zes kernboodschappen worden in het eerste deel omstandig uitgewerkt, doorspekt met uitspraken van verschillende (ervarings)deskundigen. Je merkt al meteen dat Niels vertrekt vanuit een positief discours over de online wereld en er geen doemdenkende, ontradende uitspraken over doet. Terecht, aangezien niet het medium op zich slecht is maar wel de manier waarop er soms gebruik van gemaakt wordt.

In het tweede deel komen een aantal dingen aan bod die Niels Baas vanuit zijn positieve discours uitdagingen noemt: cyberpesten, sexting en grooming. Problemen met deze benamingen? Niet erg. Met de hulp van enkele ter zake deskundige personen legt Niels Baas je haarfijn uit waarover het gaat, hoe je ermee kunt omgaan en welke plaats ze hebben in de ontwikkeling van kinderen en jongeren. De taal die hier gebruikt wordt is zeer helder, moedig en eerlijk maar op geen enkel moment culpabiliserend of ongepast relativerend.

Laat me nog even opmerken dat de vele concrete voorbeelden, tips en uitspraken van (ervarings)deskundigen dit boek heel open en toegankelijk maken.

afdrukken

16:30 Gepost door Lieven Coppens in Abimo, Pica | Permalink | Tags: begeleiding, cyberpesten, grooming, ict, internet, pesten, sexting, digitale agressie, leerkrachten, leerlingbegeleiding, ouders | |

2013.10.12

MiniMaal MaxiTaal

Auteur: VoorrangsBeleid Brussel - OnderwijsCentrum Brussel
Titel: MiniMaal MaxiTaal
Een boek vol talige tips bij routines in de onthaalklas en eerste kleuterklas
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen/Apeldoorn
Jaar: 2012
Pagina's: 118
ISBN-13: 978-90-441-2921-2
Prijs: € 29,50

minimaal maxitaal - een boek vol talige tips bij routines in de onthaalklas en eerste kleuterklasHoe kun je de taal van de peuters en jongste kleuters stimuleren? Dit is de centrale vraag waarrond dit boekje is geschreven. Het antwoord op deze vraag is, hoe eigenaardig dit ook klinkt, even verrassend als vanzelfsprekend: gebruik de steeds weerkerende activiteiten waar niemand nog bij stilstaat als kweekbodem. Deze activiteiten zijn:

  • het verwelkomen en afscheid nemen;
  • het zich verplaatsen op school;
  • het aan- en uittrekken van de jassen;
  • het naar het toilet gaan;
  • het wassen van de handen;
  • het opruimen;
  • het snuiten van de neus;
  • het leegmaken en vullen van de schooltas;
  • het eten en drinken.

Door er bewust, doelgericht, betekenisvol en talig mee om te gaan, kan men de taal van de kleuters een positieve impuls geven.

In het eerste deel van dit boek omschrijven de auteurs het begrip ‘routine’ in al zijn aspecten. Deze omschrijving gaat immers veel verder dan het definiëren van het begrip alleen. De routines krijgen ook hun plaats in de gestructureerde wereld van de school en in hun gelijkenissen en verschillen met dezelfde routines uit de thuisomgeving. Tegelijk waarderen de auteurs de kleuterschool terecht als dé fundamentlegger voor de verdere schoolloopbaan. Waarmee ze meteen ook het belang ervan benadrukken. Verder leggen de auteurs in het eerste deel het verband tussen de routines en de ontwikkelingsbehoeften van de peuters en jongste kleuters en het verband tussen routines en taal. Het belang van dit laatste verband blijkt overduidelijk uit het volgende citaat:

Routines op school kunnen cruciale taalleermomenten zijn, omdat de kleuters tijdens deze momenten aan het handelen zijn, omdat ze een hele dag door voorkomen op school, aansluiten bij de behoeften van de kleuters en dikwijls worden herhaald. Aangezien ze na enige tijd herkenbaar worden voor de kleuters, kunnen ze voor een veilig gevoel zorgen en worden ze ideale momenten om in interactie en communicatie te gaan met de kleuters (blz.27).

In deze interactie en communicatie kan de kleuterleidster een relevant taalaanbod doen en feedback geven op het taalgebruik van de kinderen. Want ook omwille van de spreekkansen die deze routines aan de kinderen geven, zijn ze belangrijk. Tot slot van het eerste deel tonen de auteurs aan dat door de gemeenschappelijke zorg (en bezorgdheid) over deze routines, ook de ouders van dichtbij bij het schoolgebeuren kunnen betrokken worden.

In het tweede deel van het boek worden de hierboven opgesomde routines een voor een uitgewerkt, telkens op min of meer dezelfde manier:

  • de routine wordt onder de loep genomen;
  • men doet een aanbod van extra stimulerende taalimpulsen;
  • men geeft suggesties voor het taalaanbod, de spreekkansen en/of de feedback;
  • men geeft aan wat het ‘aandeel’ van de ouders kan zijn.

Talrijke dagboekfragmenten illustreren de verschillende delen van dit boek en maken het, samen met het goed uitgekozen fotomateriaal, zeer levendig.

Een prachtig en inspirerend boek!

afdrukken

22:40 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Tags: kleuteronderwijs, kleuters, ouders, peuters, taal, taalontwikkeling, taalstimulering, taalverwerving | |

2013.10.06

Ouderhulpkaarten Voortgezet onderwijs

Auteur: Cedin & Expertisepunt Ouderbetrokkenheid
Titel: Ouderhulpkaarten Voortgezet Onderwijs
Uitgeverij: Eduforce
Plaats: Drachten
Jaar: 2013
Pagina's: 202
ISBN-13: 978-94-91510-06-9
Prijs:  € 99,95

ouderhulpkaarten voortgezet onderwijsZowel in Vlaanderen als in Nederland merkt men dat een stuk van de opvoedingstaak van ouders doorgeschoven wordt naar de school. Op oudergesprekken komen niet alleen de leervorderingen van de leerling aan bod maar worden er door de ouders ook opvoedingsvragen gesteld. Om leerkrachten hierbij te ondersteunen, heeft de Nederlandse Stichting Cedin samen met het ExpertisePunt Ouderbetrokkenheid een reeks concrete mappen uitgewerkt. In deze reeks kwamen eerder al verschillende thema’s aan bod:

  • Ouderhulpkaarten Het Jonge Kind;
  • Ouderhulpkaarten Sociaal Emotioneel;
  • Ouderhulpkaarten Taal en lezen.

Een nieuwe map, Ouderhulpkaarten Voortgezet onderwijs, wil de ouders van kinderen uit het secundair|voortgezet onderwijs sterker maken in het begeleiden en ondersteunen van hun jonge student. Ze bestaat uit negentien verschillende kaarten die te maken hebben met een van de volgende vier thema’s:

  • Huiswerk en agenda (vb. Kaart 1: Leren ordenen en plannen);
  • Leren leren (vb. Kaart 3: Doelgericht leren);
  • Online (vb. Kaart 12: Betrouwbare informatie op internet);
  • Pubergedrag (vb. Kaart 16: Regels, grenzen en loslaten).

Op elke kaart staat een stukje achtergrondinformatie over het onderwerp. Dit wordt aangevuld met concrete tips, oefeningen, opdrachten en/of concrete activiteiten die de ouders met hun kind kunnen doen. Het is de bedoeling dat de leerkracht een van deze kaarten meegeeft met ouders, bijvoorbeeld naar aanleiding van een gesprek. Het is aan te bevelen dat hij deze kaart eerst met hen doorneemt en er een woordje uitleg bij geeft. Van elke kaart zitten er vijf exemplaren in de map. Ze kan dus aan verschillende ouders tegelijk worden uitgeleend. Wie enkele voorbeeldkaarten wil bekijken, kan dit doen op de website van de uitgeverij, www.eduforce.nl.

Ook deze map is zeker de moeite waard!

afdrukken

2013.03.17

Samen sterk

Auteur: Noëlle Pameijer
Titel: Samen sterk
Ouders & School!
Uitgeverij: Acco
Plaats: Leuven|Den Haag
Jaar: 2012
Pagina's: 136
ISBN-13: 978-90-334-8946-4
Prijs: € 19,95

samen sterk - ouders & schoolWie in Vlaanderen (en wellicht ook in Nederland) handelingsgerichte diagnostiek of handelingsgericht werken zegt, denkt meteen aan Noëlle Pameijer; en omgekeerd. Een van de uitgangspunten van dat handelingsgericht gedachtengoed is de constructieve samenwerking tussen leerkrachten, zorgteam, ouders, kind, de schoolbegeleidingsdienst en eventuele externe deskundigen. Een ander uitgangspunt bepaalt dat de positieve aspecten van leerling, leerkracht, zorgteam en ouders van groot belang zijn. Uit deze uitgangspunten valt af te leiden dat ouderbetrokkenheid heel belangrijk is. Waar boeken die handelen over ouderbetrokkenheid het meestal hebben over wat de leerkracht kan doen om de ouderbetrokkenheid te vergroten, bekijkt Noëlle Pameijer deze ouderbetrokkenheid vanuit een ander perspectief: dat van de ouders zelf. Ik citeer een fragment uit de achterflaptekst:

Dit boek pleit voor een bundeling van krachten en biedt ouders een kader voor communicatie. Het geeft hen tips hoe op een positieve manier met leraren in gesprek te gaan en te blijven. Wat kun je vragen? Wat is belangrijk om te vertellen? Het bevat ook tips hoe met je kind over school te praten en hoe mee te denken bij een aanpak die past bij je dochter of zoon. Want als ervaringsdeskundige weet je als geen ander wat werkt bij je kind.

De samenwerking tussen ouders en school verbetert aanzienlijk als ouders weten wat zij van de leerkrachten kunnen verwachten en wat die van hen verwachten. Hoe beter de samenwerking, hoe hoger het schoolplezier van kinderen. En dat is het doel van dit boek: dat kinderen met plezier naar school gaan, zich er veilig en gewaardeerd voelen, ‘zin in leren’ hebben en zich – gezien hun mogelijkheden – optimaal ontwikkelen.

Van bij de inleiding is het duidelijk dat Noëlle Pameijer een boek geschreven heeft voor de ouders. Tegelijk is ook duidelijk dat het geschreven is vanuit de visie van het handelingsgericht werken. Persoonlijk vind ik het heel belangrijk dat ze, voor de ouders (maar mutatis mutandis ook voor scholen, begeleidingsdiensten, overheden, …) het begrip schoolsucces weer zijn juiste inhoud geeft. Schoolsucces is een geïntegreerd geheel van optimale prestaties gezien mogelijkheden, beperkingen en talenten, zin om te leren en goede werkhouding en een goed welbevinden. Deze triade wordt gepresenteerd als een ondeelbaar geheel, waarbij het ene niet langer de voorwaarde is voor het andere. Ik citeer:

Sommige mensen zijn van mening dat eerst het welbevinden op orde moet zijn, voordat een kind met leren kan beginnen. Denk aan uitspraken als: ‘eerst moet dit kind beter in zijn vel zitten, voordat het zich kan interesseren voor lezen en rekenen’ of ‘we zetten het leren even op een laag pitje, gezien de problemen thuis’. Werken aan het welbevinden krijgt dan voorrang. Het kind moet zich eerst goed voelen en dan pas kan het leren, zo denkt men. Maar klopt dat ook? Nee, want leren, motivatie en emotie blijken nauw samen te hangen. Wanneer een kind zich inspant, zijn capaciteiten en interesses benut bij het werken aan een uitdagende opdracht (niet te gemakkelijk, maar ook niet te moeilijk) en er helemaal in opgaat, dan ervaart het kind iets onder de knie te krijgen. En hiermee ontstaat vanzelf zelfvertrouwen en motivatie. Het is dus onjuist dat eerst de emotie en de motivatie op orde moeten zijn, voordat een kind kan leren. Ze gaan gelijk op. Daarom omschrijft HGW schoolsucces breed: het gaat om de leerprestaties én het welbevinden van je kind (blz.11).

Een belangrijke waarschuwing tegen het eenzijdig inzetten op het domein van het psychosociale functioneren ten koste van de domeinen leren en studeren en onderwijsloopbaanbegeleiding. Wat te bewijzen was. Noëlle Pameijer geeft de ouders in dit boek de kennis en de vaardigheden mee om dit proces te helpen bewaken. Wat we alleen maar kunnen toejuichen.

In het eerste hoofdstuk bespreekt de auteur de relatie tussen ouderbetrokkenheid en schoolsucces. Ze formuleert hierin een antwoord op de vraag hoe je als ouder het onderwijs op school kunt ondersteunen en wat de mogelijke effecten ervan zijn. In het tweede hoofdstuk legt ze uit wat het handelingsgericht werken, zoals wij dat kennen, inhoudt en wat de mogelijke wederzijdse verwachtingen zijn van ouders en school.

In de hoofdstukken drie en vier lanceert Noëlle Pameijer tien aandachtspunten die de ouders een handvat moeten geven om hun samenwerking met de school constructief te maken. Ze worden aangebracht en vertaald in het licht van de verschillende gesprekken die een ouder met de school kan hebben. Alvast deze twee hoofdstukken zijn ook verplichte literatuur voor leerkrachten. Ze zijn te waardevol en een te concrete aanvulling op de meer professioneel gerichte handelingsgerichte literatuur om ze zomaar te negeren.

In het vijfde hoofdstuk staat het kind met extra begeleidingsnoden centraal. Een heel belangrijk thema hierbij is het afstemmen van de zorg van de ouders op de zorg van de school en omgekeerd. De auteur beschrijft hier een mogelijk stappenplan voor een constructief en oplossingsgericht gesprek en beantwoordt in het voorbijgaan een aantal vragen waar ouders van zorgenkinderen zeker mee zitten. In het zesde en laatste hoofdstuk geeft Noëlle Pameijer heel wat tips (aan- en afraders) voor ouders om de communicatie met de school op gang te houden.

Ouders die meer achtergrond wensen kunnen alvast terecht bij de verschillende thematische bijlagen van het boek.

Voor ouders is Samen sterk. Ouders & School een aanrader, voor handelingsgericht werkende scholen echter is het verplichte literatuur!

afdrukken

13:57 Gepost door Lieven Coppens in Acco | Permalink | Tags: handelingsgericht werken, ouderbetrokkenheid, oudercontact, ouderparticipatie, ouders | |

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende