2013.10.12

MiniMaal MaxiTaal

Auteur: VoorrangsBeleid Brussel - OnderwijsCentrum Brussel
Titel: MiniMaal MaxiTaal
Een boek vol talige tips bij routines in de onthaalklas en eerste kleuterklas
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen/Apeldoorn
Jaar: 2012
Pagina's: 118
ISBN-13: 978-90-441-2921-2
Prijs: € 29,50

minimaal maxitaal - een boek vol talige tips bij routines in de onthaalklas en eerste kleuterklasHoe kun je de taal van de peuters en jongste kleuters stimuleren? Dit is de centrale vraag waarrond dit boekje is geschreven. Het antwoord op deze vraag is, hoe eigenaardig dit ook klinkt, even verrassend als vanzelfsprekend: gebruik de steeds weerkerende activiteiten waar niemand nog bij stilstaat als kweekbodem. Deze activiteiten zijn:

  • het verwelkomen en afscheid nemen;
  • het zich verplaatsen op school;
  • het aan- en uittrekken van de jassen;
  • het naar het toilet gaan;
  • het wassen van de handen;
  • het opruimen;
  • het snuiten van de neus;
  • het leegmaken en vullen van de schooltas;
  • het eten en drinken.

Door er bewust, doelgericht, betekenisvol en talig mee om te gaan, kan men de taal van de kleuters een positieve impuls geven.

In het eerste deel van dit boek omschrijven de auteurs het begrip ‘routine’ in al zijn aspecten. Deze omschrijving gaat immers veel verder dan het definiëren van het begrip alleen. De routines krijgen ook hun plaats in de gestructureerde wereld van de school en in hun gelijkenissen en verschillen met dezelfde routines uit de thuisomgeving. Tegelijk waarderen de auteurs de kleuterschool terecht als dé fundamentlegger voor de verdere schoolloopbaan. Waarmee ze meteen ook het belang ervan benadrukken. Verder leggen de auteurs in het eerste deel het verband tussen de routines en de ontwikkelingsbehoeften van de peuters en jongste kleuters en het verband tussen routines en taal. Het belang van dit laatste verband blijkt overduidelijk uit het volgende citaat:

Routines op school kunnen cruciale taalleermomenten zijn, omdat de kleuters tijdens deze momenten aan het handelen zijn, omdat ze een hele dag door voorkomen op school, aansluiten bij de behoeften van de kleuters en dikwijls worden herhaald. Aangezien ze na enige tijd herkenbaar worden voor de kleuters, kunnen ze voor een veilig gevoel zorgen en worden ze ideale momenten om in interactie en communicatie te gaan met de kleuters (blz.27).

In deze interactie en communicatie kan de kleuterleidster een relevant taalaanbod doen en feedback geven op het taalgebruik van de kinderen. Want ook omwille van de spreekkansen die deze routines aan de kinderen geven, zijn ze belangrijk. Tot slot van het eerste deel tonen de auteurs aan dat door de gemeenschappelijke zorg (en bezorgdheid) over deze routines, ook de ouders van dichtbij bij het schoolgebeuren kunnen betrokken worden.

In het tweede deel van het boek worden de hierboven opgesomde routines een voor een uitgewerkt, telkens op min of meer dezelfde manier:

  • de routine wordt onder de loep genomen;
  • men doet een aanbod van extra stimulerende taalimpulsen;
  • men geeft suggesties voor het taalaanbod, de spreekkansen en/of de feedback;
  • men geeft aan wat het ‘aandeel’ van de ouders kan zijn.

Talrijke dagboekfragmenten illustreren de verschillende delen van dit boek en maken het, samen met het goed uitgekozen fotomateriaal, zeer levendig.

Een prachtig en inspirerend boek!

afdrukken

22:40 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Tags: kleuteronderwijs, kleuters, ouders, peuters, taal, taalontwikkeling, taalstimulering, taalverwerving | |

2012.11.11

Meer zorg voor kleuters via spelbegeleiding

Auteur: Miet Fournier
Titel: Meer zorg voor kleuters
Via spelbegeleiding
Uitgeverij: LannooCampus
Plaats: Leuven
Jaar: 2012
Pagina's: 176
ISBN-13: 9789401400374
Prijs: € 19,99

meer zorg voor kleuters - via spelbegeleidingSpelen. Niets lijkt eenvoudiger. Toch is het niet voor ieder kind evident om uit zichzelf tot spelen te komen. Het wordt nog erger als je daar een weinig tot spel stimulerende prestatiemaatschappij aan toevoegt. Dit terwijl spel de grootste troef is van kinderen om tot leren te komen. De kleuterschool maakt daar gretig gebruik van: het spelend leren is daar één van de grootste krachten. Kinderen die niet uit zichzelf tot spelen komen, missen dus heel veel leerkansen. Ze missen immers het spel als middel tot leren. Voor Miet Fournier is het dan ook duidelijk: voor deze kinderen moet het leren spelen een doel worden. Rond deze gedachte is haar boek volledig opgebouwd.

In het eerste deel van het boek schetst de auteur haar visie op spel. Ze doet dat aan de hand van verschillende hoofdstukken. In het eerste hoofdstuk schetst ze de theoretische kaders van waaruit ze vertrekt. Naast het al gekende handelingsgerichte werken komt daar ook het tweerichtingsverkeer van Pnina Kleins MISC-model bij. Dit model richt zich immers zowel op het kind als op de opvoeder. MISC kan in die zin zowel staan voor More Intelligent and Sensitive Children (Meer Intelligente en Gevoelige Kinderen) als voor Mediational Intervention for Sensitizing Caregivers (Mediërende Tussenkomst om Opvoeders te Sensibiliseren). Pnina Klein geeft expliciet aan dat dit geen programma of therapeutische interventie is. Het is een manier om met jonge kinderen om te gaan. Om de betekenis van het boek van Miet Fournier te begrijpen, raad ik dan ook iedereen aan om de volgende basistekst over het werk van Pnina Klein eerst door te nemen: http://www.cesmoo.be/docs/basistekst__misc_200905.pdf. In de volgende hoofdstukken van dit eerste deel ontwikkelt de auteur haar visie op spel en schetst ze de spelontwikkeling van het kind. Dit eerste deel sluit ze af met haar ideeën over het ontwikkelen van een spelvriendelijke omgeving.

In het tweede deel staat de spelbegeleiding centraal. Vanuit het handelingsgericht werken gaat men eerst op een systematische wijze op zoek naar de onderwijsbehoeften van het kind en de ondersteuningsbehoeften van de leer-kracht. Er worden doelen geformuleerd en een begeleidingsplan opgesteld. Dit begeleidingsplan wordt uitgevoerd en geëvalueerd. Dit alles legt Miet Fournier concreet uit in het eerste hoofdstuk van het tweede deel. Hoe je die extra spelbegeleiding realiseert en je er de ouders bij betrekt, is het onderwerp van de volgende hoofdstukken. Alles wordt heel duidelijk in het achtste hoofdstuk dat ingenomen wordt door een praktijkvoorbeeld. De laatste hoofdstukken van het boek zijn eerder aanvullend: ze gaan kort in op het spel als middel en andere vormen van spelbegeleiding. Het boek sluit af met een achttal bijlagen.

Meer zorg voor kleuters is een boek dat heel wat kleuterleidsters enorm zal inspireren.

afdrukken

16:38 Gepost door Lieven Coppens in LannooCampus | Permalink | Tags: kleuters, mediatie, ouders, peuters, spelbegeleiding, spelen, spelontwikkeling, zorg, zorgbeleid | |

2012.02.11

PION Peuters in Ontwikkeling

Auteur: Cecile Kuijpers & Lianne Vermeulen
Titel: PION Peuters in Ontwikkeling
Een observatielijst voor peuters met spraak- en taalproblemen
Uitgeverij: Acco
Plaats: Leuven/Den Haag
Jaar: 2011
Pagina's: 102
ISBN-13: 9789033484049
Prijs: € 35,-

pion peuters in ontwikkeling - een observatielijst voor peuters met spraak- en taalproblemenDe PION-observatielijst is een evidence-based observatielijst voor peuters met spraak- en taalproblemen en bij uitbreiding ook jonge kinderen met een mentale beperking. Ze laat toe de volledige ontwikkeling van deze kinderen gestructureerd te observeren en in kaart te brengen. Dit vanuit de visie dat het taalvermogen van een kind ook van invloed is op:

  • de sociale ontwikkeling;
  • de emotionele ontwikkeling;
  • de ontwikkeling van de voorschoolse vaardigheden.

Deze lijst kwam tot stand door literatuuronderzoek en het bestuderen van gestandaardiseerde diagnostische instrumenten en bestaande peutervolgsystemen. Daarenboven werd er ook gebruik gemaakt van de praktijkervaring van kleuterleidsters.

In het eerste hoofdstuk beschrijven de auteurs het waarom en het ontstaan van hun instrument. In het tweede hoofdstuk gaan ze dieper in op ontwikkeling van kinderen. Naast de verschillende ontwikkelingsgebieden staan ze hier ook kort stil bij:

  • de basiskenmerken die iets zeggen over het welbevinden van een kind en de basis vormen voor een evenwichtige ontwikkeling zoals:
    • vrij zijn van emotionele belemmeringen;
    • nieuwsgierig en ondernemend zijn;
    • zelfvertrouwen hebben;
    • communicatie en contactname;
  • de betrokkenheid van een kind die zorgt voor het bevorderen van de ontwikkeling, zoals die zich uit in:
    • concentratie en persistentie;
    • energie en reactietijd;
    • creativiteit;
    • nauwkeurigheid;
    • overgefocust zijn;
  • mogelijke risicofactoren zoals:
    • impulsiviteit;
    • passiviteit;
    • geringe selectieve aandacht;
    • geringe wendbaarheid;
    • grote vermoeibaarheid.

Het hoeft geen betoog dat al deze factoren in de observatielijst terug te vinden zijn.

Hierna volgen er drie technische hoofdstukken. De auteurs beschrijven de constructie van de observatielijst en bespreken de psychometrische kenmerken van deze observatielijst, namelijk de validiteit en de betrouwbaarheid. Het zesde en laatste hoofdstuk is de handleiding.

In bijlage vind je een voorbeeld van de observatielijst zoals je die op http://www.uitgeverijacco.be/pion gratis van het Internet kunt halen.

afdrukken

2010.09.26

In je blootje

Auteur: Melanie Meijer & Iva Bicanic
Titel: In je blootje
Uitgeverij: Ninõ
Plaats: Amsterdam
Jaar: 2008
Pagina's: 32
ISBN-13: 978-90-8560-536-2
Prijs: € 12,90

in je blootjeKinderen op een natuurlijke manier leren praten over hun lichaam en bloot zijn. Dat is de idee achter dit boekje. Het vertelt hoe een jongen en meisje, Luuk en Roos, in verschillende situaties hun eigen lichaam ontdekken. Ook de verschillen tussen jongens en meisjes komen aan bod. Deze manier van schrijven biedt voldoende aanknopingspunten om de geslachtsdelen juist te benoemen en hun functie te bespreken. Het is de bedoeling dat kinderen van twee tot vijf jaar dit boek samen met een volwassene (ouder, leerkracht, opvoeder, …) leest.

De auteurs slagen erin om de kleuters de juiste informatie en woorden te geven zonder daarbij te overdrijven. De nadruk ligt duidelijk op de kwaliteit van de informatie en niet op de kwantiteit. De illustraties zijn goed en duidelijk en geven voldoende aanzetten om met de kleuter verder te praten. Bovendien gaat er van dit boekje ook een preventieve waarde uit. Omdat iets maar bestaat als je het kunt benoemen. Juist daardoor kun je het ook ervaren als van jezelf. En grenzen trekken.

Een hebbeding!

Met dank aan Reinhilde Janssen, CLB-arts VCLB Meetjesland, voor het advies bij de bespreking.

De boeken van uitgeverij Ninõ worden in België verdeeld door uitgeverij Epo.

afdrukken

12:46 Gepost door Lieven Coppens in Niño, SWP | Permalink | Tags: kleuteronderwijs, leerkrachten, opvoeders, ouders, peuters, preventie, seksualiteit, seksuele ontwikkeling, seksuele opvoeding | |

2010.08.29

VoorSprong - Spelenderwijs woorden leren

Auteur: Lienke van Dijk & Cobi Visser
Titel: VoorSprong - Spelenderwijs woorden leren op school en thuis
Website: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: 2009
Pagina's: Activiteitenboek: 216
Ringkalender: 18
ISBN-13: 978-90-6508-614-3
Prijs: € 42,50

voorsprong - spelenderwijs woorden leren op school en thuisVoorSprong is een speelleerpakket. De Nederlandse Stichting voor landelijk onderwijs aan varende kleuters ontwikkelde deze methodiek waarbij ouders en school intensief samenwerken. De ouders geven hun kind les aan boord met behulp van het materiaal van de Stichting. Daarbij kunnen zij rekenen op een mentor voor de ondersteuning. Deze vorm van onderwijs werkt. Onderzoek wees dit uit.

Het pakket stimuleert de ontwikkeling van peuters door hun woordenschat uit te breiden. Dit gebeurt op een betekenisvolle manier door kernwoorden in een herkenbare en zinvolle context aan te bieden en aan te leren. Daarvoor creëert het een rijke leeromgeving. Ik citeer uit het activiteitenboek:

VoorSprong gaat uit van het principe van betekenisvol leren. Dit houdt in dat woorden in een herkenbare en zinvolle context worden aangeboden en aangeleerd. Zo wordt aangesloten bij het gegeven dat leren betekenis moet hebben, relevant en functioneel moet zijn. Uitgaan van betekenisvolle leersituaties en een rijke leeromgeving, maakt dat kinderen ook willen ontdekken en leren.
In VoorSprong worden kinderen op een volwaardige manier betrokken bij hun eigen leerproces. Ook dit gebeurt in levensechte situaties, passend bij hun eigen belevingswereld. Daarbij wordt ruimte geboden aan het gegeven dat situaties vanuit meerdere invalshoeken benaderd kunnen worden. Overleg, samenwerking en interactie krijgen in alle activiteiten daadwerkelijk gestalte, waarbij ook de reeds aanwezige kennis geïntegreerd wordt in de nieuwe leerstof (blz.216).

In het programma komen 8 thema’s aan bod. Aan elk thema wordt er vier weken gewerkt. Daarna volgt er telkens een vijfde “checkweek”. Hierin gaat men na of de kinderen zich de aangebrachte woordenschat eigen hebben gemaakt. De ringkalender bevat voor elk van deze thema’s een praatplaat voor de kinderen en de lijst met kernwoorden per thema. De kalender kan zo opgezet worden dat de peuter de praatplaat ziet en de ouder de kernwoordenkaart. De thema’s zijn:

  • ik
  • eten en drinken
  • gezond en ziek
  • dieren
  • boodschappen
  • op stap
  • feest
  • naar school

Elk thema begint als het ware met een didactisch moment voor de ouders. Hierin geven de auteurs op een eenvoudige wijze een stukje theoretische, pedagogische en/of didactische achtergrond. In gewone taal helpen ze hen op weg. Hierdoor overstijgt VoorSprong het “oefenen om te oefenen”.

Per thema vind je in het activiteitenboek 20 verschillende activiteiten. Elke activiteit is op dezelfde manier uitgewerkt:

  • Wat heb je nodig: Een overzicht van het benodigde materiaal en de aan te brengen woorden.
  • Wat kun je doen: Een duidelijke omschrijving van de activiteiten met concrete aanpaktips.
  • Samen praten: Een overzicht van de sleutelzinnen die in het spel moeten verwerkt worden met in een kader opnieuw een aantal aandachtspunten voor de begeleidende ouder.

Bij elk thema zijn er enkele noodzakelijke bijlagen en een woordenwijzer voor de evaluatie van de vijfde week. Hoe deze moet gebeuren, staat stap voor stap uitgelegd in het activiteitenboek. Belangrijk is dat elke woordenwijzer aangeeft hoeveel woorden de peuter effectief moet beheersen. Dit komt neer op minimaal 80% van de aangebrachte woorden. Soms is er extra materiaal nodig. Dat kun je vinden op de website Zelf les geven.

Gemaakt voor kinderen van binnenschippers, biedt dit programma heel wat perspectieven om zowel binnen als buiten de kleuterschool te gebruiken voor taalarme en/of taalzwakke kinderen. Het kan dus zeker ook gebruikt worden voor kinderen die het Nederlands niet als moedertaal hebben. De meerwaarde van het programma ligt in het feit dat het fonemisch bewustzijn van de kinderen enorm ontwikkeld wordt. Dit is zeer belangrijk om later met succes te leren lezen.

Voor de Vlaamse scholen die in de 2e en 3e kleuterklas al met de map Fonemisch bewustzijn van het CPS werken, geef ik graag nog een suggestie. VoorSprong is een ideaal pakket om ook in de eerste kleuterklas op een leuke manier aan taalstimulering te doen. Het is de extra investering meer dan waard. Dit materiaal beveel ik zeker aan voor de opleiding tot kleuterleerkracht!

De boeken van uitgeverij CPS worden in België verdeeld door uitgeverij Abimo.

afdrukken