2012.03.11
Ouderhulpkaarten Het jonge kind
| Auteur: | Mieke Vos, Mariëtte Mengerink, Gerkina Doze & Marieke Gerrits |
| Titel: | Ouderhulpkaarten Het jonge kind |
| Uitgeverij: | Eduforce |
| Plaats: | Drachten |
| Jaar: | 2012 |
| Pagina's: | 190 |
| ISBN-13: | 9789081712057 |
| Prijs: | € 99,95 |
Eerder op deze boekenblog besprak ik de Ouderhulpkaarten Taal en lezen. Wie de bespreking gelezen heeft, weet waarschijnlijk nog dat ik er zeer enthousiast over was. Deze map kreeg nu een vervolg voor ouders van kinderen van nul tot vier jaar. Ze wil deze ouders ondersteunen bij het stimuleren van de ontwikkeling van hun kind. Laat je hierbij niet misleiden door de gebruikte Nederlandse terminologie: ‘kinderopvang’ en ‘peuterspeelzaal’. In Vlaanderen kunnen deze hulpkaarten zonder problemen meegegeven worden met de ouders van de peuters en kleuters van 2 jaar 6 maanden tot en met 4 jaar en aan de ouders van peuters en kleuters met een (grote) ontwikkelingsachterstand. Daarenboven doen ook de mensen van de verschillende Vlaamse kinderopvangdiensten er hun voordeel mee.
Deze ouderhulpkaarten zijn opnieuw een schot in de roos. De map bestaat uit 18 verschillende kaarten die men kan meegeven met de ouders. Op elke kaart staat een volledig uitgewerkt onderwerp in verband met één van de drie thema’s. Deze thema’s en onderwerpen zijn:
- Sociaal-emotionele ontwikkeling;
- De basis;
- Huilen;
- Scheidingsangst;
- Praten;
- Ongehoorzaamheid;
- Spelen;
- Spelontwikkeling:
- Samen met uw kind;
- Ontwikkeling van spel;
- Spelen met speelgoed;
- De ontwikkeling van de motoriek;
- Bewegen en muziek;
- Buiten spelen;
- Taalontwikkeling:
- De eerste woordjes;
- Voorlezen;
- Spraak- en taalontwikkeling;
- Woordenschat vergroten;
- Begrijpend luisteren;
- Rekenen in taal.
Op de voorzijde van iedere ouderkaart staat nagenoeg altijd hetzelfde:
- Een korte situering met verwijzing naar de leeftijd van het kind;
- Een rubriek ‘Wat je als ouder kunt doen!’ met daarin heel korte en praktische suggesties;
- Een concrete tip in verband met het onderwerp van de kaart.
Op de achterzijde van elke kaart vind je voorbeelden van oefeningen die de ouder met zijn kind kan doen. Ook hier krijg je een concrete tip. Deze heeft dan wel iets te maken met de voorgestelde oefeningen.
De verschillende ouderhulpkaarten vormen samen een coherent geheel, ook al zijn ze perfect los van elkaar te gebruiken. Dit maakt het geheel tot een sterk instrument.
Het is de bedoeling dat de leerkracht een hulpkaart meegeeft met een ouder. Het kan gebeuren dat men dezelfde kaart aan meerdere ouders tegelijk wil doorgeven. Dat is niet direct een probleem. Elk ouderhulpkaart zit vijf keer in de map. Een handige uitleenkaart houdt het geheel overzichtelijk.
Ik kan deze map opnieuw aanbevelen. Niet alleen omwille van de inhoud, maar ook omdat de ouders concreet betrokken worden op de ontwikkeling van hun jonge kind. Ze helpt hen om met bepaalde problemen om te gaan en geeft hen zicht op de ontwikkeling van hun kind. Opnieuw een map die de investering waard is.
14:20 Gepost door Lieven Coppens in Eduforce | Permalink | Email dit
| Tags: begrijpend luisteren, emotionele ontwikkeling, lezen, motoriek, motorische ontwikkeling, ouderbetrokkenheid, ouders, sociale ontwikkeling, spelen, spelontwikkeling, spraakontwikkeling, taal, taalontwikkeling, woordenschat |
|
2012.02.11
PION Peuters in Ontwikkeling
| Auteur: | Cecile Kuijpers & Lianne Vermeulen |
| Titel: | PION Peuters in Ontwikkeling Een observatielijst voor peuters met spraak- en taalproblemen |
| Uitgeverij: | Acco |
| Plaats: | Leuven/Den Haag |
| Jaar: | 2011 |
| Pagina's: | 102 |
| ISBN-13: | 9789033484049 |
| Prijs: | € 35,- |
De PION-observatielijst is een evidence-based observatielijst voor peuters met spraak- en taalproblemen en bij uitbreiding ook jonge kinderen met een mentale beperking. Ze laat toe de volledige ontwikkeling van deze kinderen gestructureerd te observeren en in kaart te brengen. Dit vanuit de visie dat het taalvermogen van een kind ook van invloed is op:
- de sociale ontwikkeling;
- de emotionele ontwikkeling;
- de ontwikkeling van de voorschoolse vaardigheden.
Deze lijst kwam tot stand door literatuuronderzoek en het bestuderen van gestandaardiseerde diagnostische instrumenten en bestaande peutervolgsystemen. Daarenboven werd er ook gebruik gemaakt van de praktijkervaring van kleuterleidsters.
In het eerste hoofdstuk beschrijven de auteurs het waarom en het ontstaan van hun instrument. In het tweede hoofdstuk gaan ze dieper in op ontwikkeling van kinderen. Naast de verschillende ontwikkelingsgebieden staan ze hier ook kort stil bij:
- de basiskenmerken die iets zeggen over het welbevinden van een kind en de basis vormen voor een evenwichtige ontwikkeling zoals:
- vrij zijn van emotionele belemmeringen;
- nieuwsgierig en ondernemend zijn;
- zelfvertrouwen hebben;
- communicatie en contactname;
- de betrokkenheid van een kind die zorgt voor het bevorderen van de ontwikkeling, zoals die zich uit in:
- concentratie en persistentie;
- energie en reactietijd;
- creativiteit;
- nauwkeurigheid;
- overgefocust zijn;
- mogelijke risicofactoren zoals:
- impulsiviteit;
- passiviteit;
- geringe selectieve aandacht;
- geringe wendbaarheid;
- grote vermoeibaarheid.
Het hoeft geen betoog dat al deze factoren in de observatielijst terug te vinden zijn.
Hierna volgen er drie technische hoofdstukken. De auteurs beschrijven de constructie van de observatielijst en bespreken de psychometrische kenmerken van deze observatielijst, namelijk de validiteit en de betrouwbaarheid. Het zesde en laatste hoofdstuk is de handleiding.
In bijlage vind je een voorbeeld van de observatielijst zoals je die op http://www.uitgeverijacco.be/pion gratis van het Internet kunt halen.
19:58 Gepost door Lieven Coppens in Acco | Permalink | Email dit
| Tags: beginnende geletterdheid, betrokkenheid, emotionele ontwikkeling, gecijferdheid, instrumenten, motoriek, motorische ontwikkeling, observeren, peuters, sociale ontwikkeling, spelontwikkeling, spraakontwikkeling, spraakstoornis, taal, taalontwikkeling, taalstoornis, welbevinden |
|
2011.04.18
De Coole Kikker
| Auteur: | Anne Kooijman |
| Titel: | De Coole Kikker. Kinderen en sociale vaardigheden |
| Uitgeverij: | De Coole Kikker |
| Plaats: | s.l. |
| Jaar: | 2007 (vierde druk) |
| Pagina's: | 122 |
| ISBN-13: | 978-90-812473-1-3 |
| Prijs: | Boek + kwartet: € 25,- Kwartet: € 15,- |
Sommige kinderen zijn niet echt sociaal vaardig. Dat is een vaststelling die iedereen zal beamen. Zij hebben dan een duwtje in de rug nodig. Zoals de kinderen die bij Anne Kooijman een sociale vaardigheidstraining kwamen volgen. Binnen deze training werd het kwartetspel De Coole Kikker geboren. Een spelelement als katalysator voor het aanleren van en nadenken over vaardigheden die je nodig hebt bij de volgende situaties.
- Hoe leer je iemand snel kennen? (Handige Harry)
- Hoe krijg je vrienden? (Vriendelijke Vriend)
- Hoe werk je goed samen? (Goede Gasten)
- Samenspelen en onderhandelen. (Spelende Spetters)
- Hoe vraag je of je mee mag spelen? (Moedige Makkers)
- Wat doe je als je uitgescholden wordt? (Scheldende Schoffies)
- Wat doe je als een kind gepest wordt? (Laffe Lefgozers)
- Wat doe je als iemand buitengesloten wordt? (Helpende Hand)
- Pesten. (Coole Kikker)
De bedoeling van het spel is om zoveel mogelijk van de 9 kwartetten te verzamelen. Tijdens het spel kan er over de uitspraken die op de kaarten staat gediscussieerd worden. Wat niet wegneemt dat er ook gewoon gekwartet kan worden.
Het boek Kinderen en sociale vaardigheden is geschreven voor de ouders. De hoofdstukken in het boek sluiten telkens aan op een van de negen thema’s van het kwartetspel. Elk hoofdstuk heeft praktische informatie over de desbetreffende sociale vaardigheid. Verwacht hier dus geen theoretische uiteenzetting. Wat ouders wel krijgen is een toelichting op de verschillende situaties en heel concrete en zeer realistische tips om hun kind te stimuleren en te ondersteunen. Ik geef een voorbeeld dat je kunt vinden bij het thema Hoe vraag je of je mee mag spelen?
Vergroot de frustratietolerantie van de kinderen door niet iedere teleurstelling op hun pad weg te poetsen. Veel kinderen zijn zo gewend aan een gemakkelijk leventje zonder veel frustraties, dat ze op de basisschool verbijsterd en gefrustreerd raken door het normale dagelijkse leven vol kleine teleurstellingen. Een paradijselijke situatie is helaas niet conform de realiteit. Van jongs af aan moeten kinderen dus ook leren omgaan met teleurstellingen.
Het boek is, wat mij betreft, verplichte literatuur voor iedereen die met het kwartet aan de slag wil! Neem zeker ook eens een kijkje op www.decoolekikker.nl.
De materialen van De Coole Kikker zijn allemaal ook te verkrijgen via uitgeverij Pica. Zij stelden mij het boek met kwartet ter beschikking. Waarvoor dank!
13:00 Gepost door Lieven Coppens in De Coole Kikker | Permalink | Email dit
| Tags: methodiek, ouders, pesten, sociale ontwikkeling, sociale vaardigheden |
|
2010.05.16
Hoogbegaafde kinderen opvoeden
| Auteur: | Carl D'hondt & Hilde Van Rossen |
| Titel: | Hoogbegaafde kinderen opvoeden. Praktische gids voor de sociaal-emotionele begeleiding van hoogbegaafde kinderen en jongeren. |
| Uitgeverij: | Garant |
| Plaats: | Antwerpen/Apeldoorn |
| Jaar: | 2009 |
| Pagina's: | 180 |
| ISBN-13: | 978-90-441-2426-2 |
| Prijs: | € 19,60 |
Hoogbegaafde kinderen maken een heel snelle cognitieve ontwikkeling door die vaak ver voorloopt op de ontwikkeling op andere domeinen. Dit zorgt bij hen voor gevoelens van irritatie en onzekerheid. Hierdoor voelen velen onder hen zich al vanaf de kleuterjaren niet goed in hun sas. Ouders en leerkrachten die hen begrijpen en om hen geven kunnen op dat moment veel voor hen betekenen. Op voorwaarde dat ze zich bewust zijn van hun specifieke behoeften en hen actief begeleiden. Volgens de auteurs is het belangrijk dat deze begeleiding zelfs voor de leeftijd van 4 of 5 jaar start.
De auteurs brengen in het eerste hoofdstuk de specifieke begeleidingsbehoeften van hoogbegaafde kinderen en jongeren in kaart. Deze situeren zich op verschillende domeinen:
- behoefte aan begrip en aanvaarding;
- nood aan respect voor hun individualiteit;
- behoefte aan stimulering en aanmoediging;
- nood aan een luisterend oor;
- behoefte aan troost;
- nood aan een vaste en consequente disciplinering;
- behoefte aan diplomatiek inzicht van hun ouders;
- een flinke portie gezond verstand bij hun ouders.
Ze werken elk van deze noden en behoeften uit en geven duidelijk aan waarom dit belangrijk is. Concrete uitspraken van hoogbegaafde kinderen en jongeren illustreren dit. De aandachtige lezer zal er zich snel bewust van zijn dat daarmee de specifieke kenmerken van hoogbegaafde kinderen en jongeren nog eens de revue passeren. Dit hoofdstuk kun je dan ook lezen als een minicursus over hoogbegaafdheid.
In het tweede hoofdstuk lijsten de auteurs een aantal dingen op die je best niet doet bij de begeleiding van hoogbegaafde kinderen en jongeren. Het zijn er vijfentwintig. Om jullie een voorsmaakje te geven, lijst ik er willekeurig een vijftal op:
- Spreek nooit negatief over school of CLB in aanwezigheid van je kind;
- Vergelijk je kind niet met anderen;
- Vermijd dooddoeners;
- Zit je kind niet voortdurend op de hielen, geef het voldoende vrijheid;
- Beslis niet over je kind, maar samen met je kind.
De auteurs leggen steeds uit waarom je iets beter kunt laten. Daarbij richten ze zich niet alleen op het welzijn van het kind, maar ook op dat van zijn ouders en/of opvoeders.
Wat je eigenlijk wel moet doen om de persoonlijkheidsontwikkeling van hoogbegaafde kinderen en jongeren te stimuleren en begeleiden, vind je in het derde hoofdstuk. Dit laat zich hier niet samenvatten. Voor mij is dit, samen met het vijfde hoofdstuk, de ruggengraat van het boek. Bovendien slagen de auteurs er in alles heel herkenbaar weer te geven.
Het vierde hoofdstuk bevat een selectie van 40 vragen die ouders over hun hoogbegaafde kind of jongere gesteld hebben en de antwoorden daarop. De vragen zijn zo gekozen dat ze de inhoud van de andere hoofdstukken niet overlappen maar aanvullen.
In het vijfde hoofdstuk behandelen de auteurs enkele specifieke vraagstukken uit de sociaal-emotionele ontwikkeling van hoogbegaafde kinderen. Aan bod komen onder andere:
- beloning, straf en aanmoediging;
- pedagogische tact;
- zelfvertrouwen;
- overgevoeligheid voor demotivatie;
- hoogbegaafdheid en puberteit;
- de symbiotische relatie.
Vooral het stuk over de symbiotische relatie bevat een aantal belangrijke inzichten en aanbevelingen.
Als - en dat bedoel ik zeker niet negatief - hoogbegaafde kinderen en jongeren personen zijn "met een handleiding", dan kun je deze handleiding zeker vinden onder de vorm van dit boek. Een aanrader voor ouders, leerkrachten en ieder ander die te maken krijgt met hoogbegaafde kinderen en jongeren.
18:51 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Email dit
| Tags: opvoeding, intelligentie, zelfbeeld, hoogbegaafd, straffen, motivatie, zorg, waarden en normen, belonen, zorgbeleid, opvoedingsondersteuning, cognitieve ontwikkeling, sociale ontwikkeling |
|
2010.04.10
Diagnostiek in de leerlingenbegeleiding
| Auteur: | Karine Verschueren & Helma Koomen (red.) |
| Titel: | Diagnostiek in de leerlingenbegeleiding. Handboek. |
| Uitgeverij: | Garant |
| Plaats: | Antwerpen/Apeldoorn |
| Jaar: | 2008 (tweede druk |
| Pagina's: | 320 |
| ISBN-13: | 978-90-441-2215-2 |
| Prijs: | € 29,- |
Wie in de leerlingenbegeleiding volgens de principes van de handelingsgerichte diagnostiek werkt, weet dat het essentieel is om de specifieke onderwijs- en opvoedingsbehoeften van de leerling in kaart te brengen. Een goed begrip voor de context van de leerling is even belangrijk. Alleen zo kun je de vraag beantwoorden:
Wat heeft deze leerling, in deze situatie op dit moment nodig?
Het antwoord op deze vraag kun je dan formuleren op de manier zoals Noëlle Pameijer het graag heeft:
Deze leerling heeft...
- instructie nodig die...
- opdrachten nodig die...
- leeractiviteiten nodig die...
- feedback nodig die...
- klasgenoten die...
- een leerkracht nodig die...
- ouders nodig die...
Binnen de handelingsgerichte diagnostiek is het belangrijk om antwoorden te geven die de wetenschap ondersteunt. Dit maakt het de handelingsgerichte onderzoeker moeilijk. Het veronderstelt dat hij op de hoogte is van de meest recente wetenschappelijke inzichten. Het Handboek Diagnostiek in de leerlingenbegeleiding voorziet in deze nood. In vier delen brengt het de diagnosticus weer bij de zaak.
In het eerste deel bespreekt niemand minder dan Noëlle Pameijer de rol van de contextfactoren, de veranderbaarheid en de positieve elementen bij het diagnostisch proces in het onderwijs. Wie haar werk kent, zal hier waarschijnlijk weinig nieuws lezen. Toch ligt hier het fundament van het boek. Daardoor kun je dit deel niet overslaan.
Het tweede deel staat in het teken van de diagnostiek van het functioneren van leerlingen. Het is opgesplitst in de volgende hoofdstukken, die elk een functiedomein behandelen:
- rekenen;
- technisch lezen en spellen;
- begrijpend lezen;
- taalontwikkeling en taalproblemen;
- intelligentie en leervermogen;
- aandachtsprocessen;
- motivatie in de klas;
- zelfconcept;
- emotionele en gedragsproblemen;
- studie- en beroepskeuzeprocessen.
Voor de inhoud van elk hoofdstuk staan wetenschappers garant die een domeinexpert zijn. De inhoud is actueel, volledig en wetenschappelijk verantwoord. De hoofdstukken zijn allemaal geschreven met dezelfde structuur in het achterhoofd:
- theoretische en empirisch achtergrond;
- beschrijving van de mogelijke problemen;
- implicaties voor de diagnostiek;
- selectie van diagnostische middelen;
- de aansluiting tussen diagnostiek en behandeling;
- conclusies.
Daarbij kregen de auteurs gelukkig voldoende vrijheid om hun boodschap te brengen op de manier die hen het beste leek. Er trad dan ook geen inhoudelijke verarming op als gevolg van een te strak keurslijf.
In het derde deel bespreken verschillende experts de diagnostiek van de opvoedings- en onderwijscontext. Deze valt uiteen in drie domeinen:
- opvoedingsfactoren en gezinsfunctioneren;
- relaties tussen kinderen op school;
- interacties tussen leerkrachten en leerlingen.
In elk hoofdstuk herkennen we dezelfde ruime structuur als in het tweede deel. Met dezelfde inhoudelijke rijkdom tot gevolg.
Het laatste deel staat in het teken van de diagnostiek van allochtone, mentale zwakkere en hoogbegaafde leerlingen. Bij elke doelgroep nemen experts het woord binnen de intussen gekende ruime structuur.
Zonder in superlatieven te vervallen, kun je wel stellen dat dit boek het standaardwerk is voor wie aan handelingsgericht onderzoek wil doen. Als gebruiker krijg je zowel de noodzakelijke theoretische achtergrond als een kritische kijk op mogelijke onderzoeksinstrumenten mee. Het uitgebreide register maakt dit boek daarenboven tot een sterk naslagwerk.
20:43 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Email dit
| Tags: opvoeding, motivatie, taalontwikkeling, diagnostiek, methodiek, hgd, hgw, handelingsgericht werken, handelingsgerichte diagnostiek, cognitieve ontwikkeling, sociale ontwikkeling, emotionele ontwikkeling, zelfconcept |
|












