2016.11.19

Wijzer in ontwikkelingsstoornissen

Auteur: Séverine Van De Voorde
Titel: Wijzer in ontwikkelingsstoornissen
Een overzicht van theorie en praktijk
Uitgeverij: Acco
Plaats: Leuven|Den Haag
Jaar: 2016
Pagina's: 326
ISBN-13: 978-94-6292-743-8
Prijs: € 29,90

wijzer in ontwikkelingsstoornissen - een overzicht van theorie en praktijkLaat ik het maar meteen toegeven: na het lezen van dit boek was ik jaloers. Jaloers omdat ik het niet geschreven heb. Wijzer in ontwikkelingsstoornissen is een pittige cocktail van handelingsgericht en evidence based-werken bestaande uit een perfect uitgebalanceerd mengsel van theorie, praktijk, recente inzichten en modellen. Een boek zoals het maar zelden geschreven wordt. Met als kers in de cocktail de passie van iemand die oprecht bekommerd is om de kinderen en jongeren met leer- en/of ontwikkelingsstoornissen. Leerboek, naslagwerk, inspiratieboek, … allemaal termen die van toepassing zijn. Kortom, een boek dat wat mij betreft heel wat nadrukken verdient, een boek dat het predicaat naslagwerk met karakter ruimschoots verdient.

Het boek begint met twee hoofdstukken die de lezer tonen hoe het boek moet gelezen en begrepen worden. Séverine Van De Voorde bakent in het eerste hoofdstuk duidelijk af welke terminologie en welke denkkaders gebruikt zijn bij het schrijven. Ze verduidelijkt de modellen die ze gebruikt heeft over het ontstaan van en functioneren met een ontwik-kelingsstoornis. Daarbij zorgt ze er nadrukkelijk voor dat de lezer goed begrijpt wat er bedoeld wordt met de begrippen risico- en beschermende factoren. In het tweede hoofdstuk staat ze stil bij de diagnostiek en begeleiding bij ontwikkelingsstoornissen.

In de hoofdstukken drie tot en met negen geeft ze een overzicht van de ontwikkelingsstoornissen waarbij ze indeling en de criteria van de recent verschenen DSM-5 volgt:

  • Verstandelijke ontwikkelingsstoornis;
  • Communicatiestoornissen;
  • ASS;
  • ADHD;
  • Leerstoornissen;
  • DCD;
  • Ticstoornissen.

Bij elk van deze onderwerpen volgt ze een zeer transparante structuur, waardoor het boek met niet altijd even eenvoudig te begrijpen inhouden al heel snel heel herkenbaar en verwerkbaar wordt:

  • Inleiding;
  • Kenmerken;
  • Diagnostiek;
  • Begeleiding.

De rubriek Inleiding geeft een algemene omschrijving van de stoornis samen met een eenduidige definitie ervan. Waar nodig wordt dit aangevuld met andere noodzakelijke informatie. De rubriek Kenmerken heeft het dan over de primaire en secundaire kenmerken van de stoornis, de verschillende verschijningsvormen, de neuropsychologische kenmerken en de mate waarin de stoornis voorkomt. Ook is er aandacht voor de comorbiditeit van de stoornis met andere stoornissen, het beloop van de stoornis en de prognose. De rubriek Diagnostiek behandelt zowel de onderkennende, verklarende als handelingsgerichte diagnostiek van de stoornis en geeft een overzicht van het te doorlopen diagnostisch proces. Tot slot geeft de rubriek Begeleiding een heel mooi overzicht van alle mogelijke behandelingen gecombineerd met een overzicht van de (redelijke) aanpassingen aan de sociale en fysieke context en een overzicht van mogelijke tips voor ouders en leerkrachten.

Het tiende en laatste hoofdstuk staat nadrukkelijk stil bij het fenomeen van de hoogbegaafdheid. Niet vanuit de visie dat hoogbegaafd zijn op zich problematisch of gestoord is, wel vanuit de bezorgdheid dat hoogbegaafdheid tot veel problemen kan leiden als die niet tijdig onderkend wordt.

Nogmaals: een boek met een pittig karakter, net zoals – en wie haar kent zal het ongetwijfeld met me eens zijn – zijn auteur.

Lezen!

naslagwerk met karakter afdrukken

2016.09.04

Hulpwaaier TOS

Auteur: Jet Isarin
Titel: Hulpwaaier TOS
Tips en strategieën bij de hand
Uitgeverij: Kentalis|Pica
Plaats: Sint-Michielsgestel|Huizen
Jaar: 2016
Pagina's: 92
ISBN-13: -
Prijs: € 14,95

hulpwaaier tos - tips en strategieën bij de handDe prestigieuze reeks hulpwaaiers van uitgeverij Pica heeft er een broertje (of is het een zusje?) bij: de Hulpwaaier TOS.

De Taalontwikkelingsstoornis (TOS) is in het onderwijs recentelijk meer onder de aandacht gekomen. Al te lang werd ervan uitgegaan dat de zorg voor leerlingen met een dergelijke stoornis iets was dat buiten de school door specialisten moest worden aangepakt. Niets is minder waar. Het is een van de grote verdiensten van Jet Isarin om dit onderwerp op een bevattelijke manier naar ouders en leerkrachten en leerlingenbegeleiders gebracht te hebben. Het is de verdienste van uitgeverij Pica om het werk van Jet Isarin in zijn fonds een mooie plaats te hebben gegeven. Eerder besprak ik op deze blog haar Spraaktaal Kids en Spraaktaal voor jongeren. Trouwe lezers van deze blog weten dat ik er erg enthousiast over was. Ik ben dan ook heel blij om nu haar Hulpwaaier TOS voor te kunnen stellen.

Net zoals de andere hulpwaaiers die uitgegeven werden door uitgeverij Pica blinkt deze waaier uit door zijn oerdegelijkheid en toegankelijkheid. Zoals altijd is hij onderverdeeld in verschillende rubrieken met elk een eigen kleurcode:

  • Wat is een taalontwikkelingsstoornis;
  • Gevolgen van TOS;
  • Tips en strategieën voor iedereen;
  • Tips en strategieën voor thuis;
  • Tips en strategieën voor het onderwijs;
  • Tips en strategieën voor stage en werk;
  • Boeken, websites en hulpmiddelen – praktisch en theoretisch.

Maar deze opsomming doet deze rubrieken geen recht. Ze zijn immers veel rijker dan hun titel laat vermoeden. Zo komen bijvoorbeeld de volgende thema’s aan bod in de rubriek Wat is een ontwikkelingsstoornis:

  • Wat is een taalontwikkelingsstoornis;
  • Samenspel van taal en neurocognitie;
  • Signalen;
  • Kenmerken;
  • Meertaligheid, taalachterstand en TOS.
  • Diagnostiek en behandeling;
  • Prevalentie;
  • Oorzaken en prognose.

Elke rubriek bevat een schat aan informatie. Je krijgt niet alleen inzicht in deze stoornis en haar gevolgen, maar ook tips en strategieën op verschillende domeinen. Deze tips en strategieën zijn zo helder aangebracht dat ze door iedereen heel vlug begrepen worden en daardoor maximaal kunnen ingezet worden.

Kinderen en jongeren met een TOS hebben een heel specifieke handleiding. Dankzij Jet Isarin en uitgeverij Pica kunnen ze deze nu in zakformaat met zich meenemen. Zijzelf en hun omgeving worden er beter van. Zeker weten!

afdrukken

2016.02.14

Spraaktaal Kids

Auteur: Jet Isarin
Titel: Spraaktaal Kids
Mijn denk-, doe- en praatmap
Uitgeverij: Kentalis|Pica
Plaats: Sint-Michielsgestel|Huizen
Jaar: 2015
Pagina's: 3 ringmappen
ISBN-13: 978-94-91806-64-3
Prijs: € 135

spraaktaal kids - mijn denk-, doe- en praatmapToen Jet Isarin in 2014 met haar boek Spraaktaal, gids voor jongeren met een taalstoornis de Gehandicaptenzorgprijs van de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland won, besloot ze met deze prijs het programma Spraaktaal Kids uit te werken. Ook dit programma werd voor uitgave voorgelegd aan professionals en uitgetest bij kinderen. Aan deze uitgave, die uit drie ringmappen bestaat, geef ik met plezier het predicaat ‘meesterlijk’ mee. Waarom dit programma zo anders (en toch hetzelfde) is als dat van de jongeren? Ik laat Jet zelf aan het woord:

Spraaktaal Kids is heel anders dan Spraaktaal voor jongeren. Spraaktaal begon en eindigde met TOS; wat het is, hoe het voelt, welke gevolgen het kan hebben en hoe je ermee kunt omgaan. Dat is waar de jongeren behoefte aan hadden, dat is wat ze wilden. Geen poespas, maar recht op het doel af: informatie, psycho-educatie, herkenning en erkenning.

Kinderen van vier – of zes of tien – zitten niet te wachten op zo’n boek. Voordat je met de kinderen gaat praten over TOS, een stoornis die maakt dat kinderen moeite hebben met taal en communicatie, wil je met ze praten over wie ze zijn, wat ze kunnen, willen, voelen, vinden. Eerst wil je ze taal aanreiken voor het denken en praten over zichzelf, hun lijf, de kleine en wat grotere wereld waarin ze leven, over tijd, verandering, overeenkomsten en verschillen, talenten en verlangens. Eerst wil je de communicatie verbeteren doe door wederzijds onbegrip wordt belemmerd of is vastgelopen. Voordat een kind kan – en wil! – praten en denken over wat het heeft, moet het weten wie het is en wie er om hem of haar geven. Zelfkennis gaat noodzakelijk vooraf aan kennis over de beperking die je hebt, want zelfkennis is zoveel meer dan kennis over dat ene moeilijke stukje van jou. Zelfkennis gaat over wie je bent in jouw kleine en grotere wereld. Het is kennis die kinderen niet in hun eentje kunnen ontwikkelen. Ze hebben er de communicatie met anderen voor nodig.

Daarmee heb je zowel het doel als het opzet van het volledige programma gehad. Omdat er bij kinderen van de basisschool heel wat onderlinge verschillen zijn, is het programma opgesplitst naar drie leeftijdscategorieën:

  • tot 7 jaar;
  • 7 tot 10 jaar;
  • 10 tot 14 jaar;

Voor elke leeftijdscategorie komen dezelfde thema’s aan bod:

  • Ik (Denken en praten over wie het kind is betekent werken aan het vergoten van de zelfkennis en het zelfvertrouwen);
  • Mijn lijf (Denken en praten over het eigen lichaam betekent ook: praten over verandering, groei en grenzen);
  • Ik in mijn wereld (Denken en praten over de anderen die in het leven van het kind belangrijk zijn, geeft het kind zicht op de relaties die het heeft met anderen en op de verschillen tussen die relaties);
  • Mijn tijd (Denken en praten over tijd geeft het kind greep op de structuur van de dagen en de weken en creëert ruimte voor het nadenken over wat moet, wat mag en waarover er te onderhandelen valt);
  • Taal (Denken en praten over taal geeft inzicht in het moeilijke en makkelijke, leuke en minder leuke kanten van taal);
  • Spraaktaal (Denken en praten over spraak, taal en taalontwikkelingsstoornissen helpt kinderen en de volwassenen met wie zij leven zicht te krijgen op dat wat moeilijk is en dat wat kan helpen om ermee om te gaan. Kind en volwassene merken samen dat een communicatieprobleem altijd een gezamenlijk probleem is);
  • Als ik later groot ben (Denken en praten over de toekomst geeft taal aan dromen, wensen en verlangens en aan de weg van nu en straks. Op weg naar de toekomst is er groei, ontwikkeling en leren);
  • Ik in het kort (Samenvatting in beeld en met weinig woorden over wie het kind is).

In het kort komt het dus hierop neer: je kunt pas echt aan psycho-educatie doen als je het kind daar eerst de juiste taal voor aangeleerd hebt.

Ieder map bestaat dus uit dezelfde delen die de leerling samen met een volwassene (ouder, leerkracht, therapeut, …) doorwerkt. Aan de hand van voor de leeftijd van het kind aangepaste opdrachten en vragen worden er zowel inzichten als woordenschat bijgebracht. Tegelijkertijd wordt er gereflecteerd in functie van de belevingswereld van het kind. Dat doorheen de verschillende leeftijdscategorieën de inhoud van iedere module complexer wordt, zal niemand verwonderen. Belangrijk om weten blijft dat men, doordat men samen praat om tot een taal te komen, tegelijk ook werkt aan het sociaal-emotionele welzijn van het kind.

In de handleiding voor de volwassen begeleider staat heel duidelijk uitgeschreven hoe hij kan (moet) faciliteren en hoe hij zich kan (moet) oriënteren op de specifieke problematiek van het kind dat hij wil begeleiden.

In de marge van deze bespreking wil ik toch kwijt dat dit programma voor mij heeft aangetoond waarom de psycho-educatie bij andere problemen vaak mislukt: namelijk door het gebrek aan een gemeenschappelijke taal en het te eng focussen op de problematiek alleen.

Een pracht van een programma!

afdrukken

2016.02.07

Spraaktaal

Auteur: Jet Isarin
Titel: Spraaktaal
Gids voor jongeren met een taalstoornis
Uitgeverij: Kentalis|Acco
Plaats: Sint-Michielsgestel|Leuven & Den Haag
Jaar: 2013
Pagina's: 176
ISBN-13: 978-90-334-9181-8
Prijs: € 30,25

.spraaktaal - gids voor jongeren met een taalstoornisEen uitzonderlijk goed psycho-educatief naslagwerk voor jongeren met een taalstoornis, hun ouders en de hun omringende beroepsmensen, dat is wel het minste dat ik over het boek Spraaktaal van Jet Isarin kan neerpennen. Ik kan nog wel een paar andere predicaten bedenken, maar dit lijkt mij veruit het beste. Dergelijke laagdrempelige werken die het informatieve en psycho-educatieve daarenboven zo goed – bijna perfect – integreren, zijn een zeldzaamheid. De ondertitel is heel terecht: het boek is een gids geworden. Maar dan wel een gids in de ruimste zin van het woord: die van wegbereider, begeleider, toelichter, soelaasbieder en mediërende. Zonder betutteling wel te verstaan. Kortom, dit boek heeft een diepe indruk op mij gemaakt.

Dat Jet Isarin vertrouwd is met de leefwereld met de jongeren waarvoor ze schrijft, merk je aan alles in dit boek: ze spreekt de jongeren persoonlijk aan in een zeer toegankelijke taal, de lay-out oogt jong en is duidelijk en aantrekkelijk. De opdrachten op de verschillende werkbladen doorheen het boek doen alles bij de jongere zeer concreet binnen-komen. Ook goed om weten is dat de tekst van het boek voor publicatie voorgelegd is aan jongeren met een taalstoornis, ouders en beroepsmensen wiens commentaren in het boek verwerkt zijn. Voor alle duidelijkheid: de auteur bedoelt met taalstoornis ernstige spraak- en taalmoeilijkheden of ontwikkelingsdysfasie.

Voor mij valt dit boek uiteen in twee delen. Het eerste deel, dat bestaat uit de hoofdstukken 1 tot en met 4, gaat dieper in op de aard en het ontstaan van een taalstoornis en bekijkt heel grondig en met heel veel concrete voorbeelden op welke manier deze taalstoornis zich laat zien tijdens de kindertijd en de puberteit. Aan de hand van verschillende werk-bladen reflecteren de jongeren over hun eigen situatie en gaan ze op zoek naar persoonlijke antwoorden op de gestelde vragen. Hierdoor krijgen ze inzicht in de eigen problematiek. In het tweede deel van het boek gaat men op zoek naar de impact van de taalstoornis op het eigen leven. Hierin staan drie thema’s centraal: vrienden, lotgenoten en bondgenoten, het voortgezet onderwijs en het vinden van werk. De problemen worden niet uit de weg gegaan maar wel op een constructieve en persoonlijke manier aangebracht.

Doorheen het boek loopt er een rode draad van verschillende jongeren die hun persoonlijke verhaal brengen. Zij maken op essentiële plaatsen in het boek de voorgestelde inhoud zeer herkenbaar.

Het boek eindigt met een verklarende woordenlijst en een overzicht van handige websites.

Het hoeft waarschijnlijk geen betoog dat dit boek niet alleen voor de jongere met een taalstoornis, maar ook voor ouders, leerkrachten en andere beroepsmensen die met deze problematiek te maken krijgen verplichte literatuur is.

afdrukken