2016.10.22

Gedragsproblemen in scholen

Auteur: Kees van der Wolf en Tanja van Beukering (en Theo Veldkamp)
Titel: Gedragsproblemen in scholen
Het denken en handelen van leraren
Succesvol omgaan met gedragsproblemen
Trainingsmateriaal bij Gedragsproblemen in scholen. Het denken en handelen van leraren
Uitgeverij: Acco
Plaats: Leuven|Den Haag
Jaar: 2014
Pagina's: 320 (boek)
170 (trainingsmateriaal)
ISBN-13: 978-90-334-7498-9 (boek)
978-90-334-9538-0 (trainingsmateriaal)
Prijs: € 31,80 (boek)
€ 29,50 (trainingsmateriaal)
€ 55,00 (boek + trainingsmateriaal)


gedragsproblemen in scholen - het denken en handelen van leraren + succesvol omgaan met gedragsproblemen - trainingsmateriaal bij gedragsproblemen in scholen - het denken en handelen van lerarenAf en toe krijg je een boek over een bepaald thema te lezen dat er op een heel positieve manier uitspringt door de manier waarop de auteurs het thema benaderen. Van zodra je dit als lezer doorhebt, weet je meteen dat dit boek al jouw aandacht verdient: hier valt immers veel te leren. Gedragsproblemen in scholen is zo’n boek. Het laat je als leerkracht niet onberoerd. Het doet je diep nadenken over jouw visie, houding, overtuigingen en gevoelens ten opzichte van gedragsproblemen en over de strategieën die je in de klas gebruikt om problemen te voorkomen, in te perken of zelfs helemaal op te lossen. Helemaal mooi wordt het wanneer de auteurs daarenboven zelf trainingsmateriaal ontwikkelen om de leerkrachten en schoolteams te stimuleren om op een probleemoplossende manier te denken en te handelen bij gedragsproblemen.

Gedragsproblemen in scholen is te lezen als een handboek. In het eerste hoofdstuk zetten de auteurs het thema van dit boek op de (school)kaart. Ze hebben het over het voorkomen van gedragsproblemen en de criteria om de ernst van een probleem te bepalen (de criteria van Rutter). Ze tonen ook aan dat gedragsproblemen geen hedendaags fenomeen zijn. Heel boeiend wordt het als ze het hebben over de manieren waarop leerkrachten probleemgedrag verklaren en ze het ecologisch model van Bronfenbrenner en enkele interactiemodellen introduceren.

In het tweede hoofdstuk behandelen de auteurs de verschijningsvormen, de classificatie en de contextuele factoren van gedragsproblemen. Hier leer je als lezer hoe van der Wolf en van Beukering tegen gedragsproblemen aankijken: je moet de kindkenmerken bij de interactionele en transactionele benaderingen van probleemgedrag betrekken. In het derde hoofdstuk positioneren ze de leerkracht als iemand die de situatie in zijn klas moet kunnen lezen en daar snel, flexibel en accuraat moet kunnen op reageren. Een frontliniewerker zonder vastgelegd strijdplan dus. Ze gaan ook in op de verantwoordelijkheid van de leraar. Ze tonen heel concreet aan dat de leerkracht een heel belangrijke rol kan spelen bij het voorkomen en oplossen van probleemgedrag omdat hij als frontliniewerker nu eenmaal enkele voordelen heeft in vergelijking met wat je zou kunnen noemen de eerste- en tweedelijnswerkers.

In het vierde hoofdstuk besteden de auteurs aandacht aan de relatie tussen cognitie, motivatie en emotie. Ze gaan op zoek naar het antwoord op de vraag wat eigenlijk de oorzaken zijn van probleemgedrag. Hun conclusie is belangrijk: er is geen sprake van duidelijke oorzaak-gevolg relaties. Wel belangrijk is hun conclusie dat goed onderwijs (en je leert in dit hoofdstuk wat ze daarmee bedoelen) de meest effectieve preventie biedt voor gedragsproblemen. Ze vullen dit in het vijfde hoofdstuk aan met een aantal pedagogische concepten, richtlijnen en methoden in verband met de preventie van gedragsproblemen.

Aangezien goed onderwijs niet in alle gevallen gedragsproblemen kan voorkomen, bekijken de auteurs in het zesde hoofdstuk met hun lezers wat er kan gedaan worden bij hardnekkig probleemgedrag. Ze staan stil bij thema’s als straffen als pedagogische maatregel, het gericht oefenen van gewenst gedrag en het leren om conflicten te hanteren. Ook de geen-verliesmethode Gordon en de tienstappenaanpak voor leraren van Glasser krijgen hier een plaats. Lees zeker ook het stukje over het samenwerken met collega’s en deskundigen.

De auteurs deden ook een kwalitatief onderzoek. In het zevende hoofdstuk bespreken ze de resultaten ervan in termen van probleemgedragingen, stressreacties en strategieën. Dit laat zich hier niet samenvatten en moet integraal gelezen worden.

Het achtste en laatste hoofdstuk handelt over interpersoonlijke vaardigheden bij gedragsproblemen. Ze beschrijven hoe (zelf)reflectie door de leerkracht een goede interventie kan zijn. Ze doen dat aan de hand van de metafoor van de Zuid-Indische apenval. In het kort komt het hierop neer: het durven loslaten van een door waarden bepaalde kijk op een probleem kan het inzicht geven dat een probleem niet zo groot is als men oorspronkelijk dacht. De auteurs introduceren een aantal instrumenten die beroep doen op de inzichten en reflecties van leraren en schoolteams en het mogelijk maken om op een andere manier naar de eigen praktijk te kijken.

Het boek sluit af met enkele nabeschouwingen die verschillende thema’s uit het boek nog eens kort of soms wat uitgebreider onder de aandacht brengen. Hierdoor wordt een en ander indien nodig nog duidelijker.

Bij dit boek hoort ook het trainingsmateriaal Succesvol omgaan met gedragsproblemen. Hiermee kan men leraren en schoolteams op een professionele manier toeleiden naar de inhoud van het boek Gedragsproblemen in scholen. Ik laat de achterflap van het boek met trainingsmateriaal voor zich spreken:

flaptekst

Een absolute aanrader voor alle scholen die zich als team willen versterken in het voorkomen, verminderen of oplossen van gedragsproblemen.

afdrukken

2016.01.10

ToM-basistraining

Auteur: Mirjam van Campen-Hoekstra
Titel: Tom Basistraining 
Voor kinderen en jongeren met autisme en/of verstandelijke beperking
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen|Apeldoorn
Jaar: 2016
Pagina's: Handleiding en lesmateriaal: 241 + materialen
Werkboek: 108
ISBN-13: Handleiding en lesmateriaal: 978-90-441-3032-4
Werkboek: 978-90-441-3314-4
Prijs: Handleiding en lesmateriaal: € 149,-
Werkboek: € 29,-

tom-basistraining - voor kinderen en jongeren met autisme en-of verstandelijke beperkingTheory of Mind, vaak aangeduid als ToM, is het vermogen om zich een beeld te vormen van het perspectief van een ander en onrechtstreeks ook van zichzelf. Men maakt van dit vermogen gebruik wanneer men beschrijft wat een ander ziet, voelt of denkt vanuit zijn perspectief. Het is dan ook een noodzakelijke voorwaarde om tot empathie te komen, om zich te kunnen verplaatsen in het gevoelsleven van een ander. Net met dit zich kunnen verplaatsen in de gevoelens, emoties en gedachten van een ander hebben veel mensen met een autismespectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking het moeilijk. Wat voor heel veel mensen iets is dat ze als vanzelf bezitten, zal hen moeten aangeleerd worden.

Eerder was er al de training van Pim Steerneman om de sociale interacties en de Theory of Mind in te oefenen. Deze werd door de Nederlandse Mirjam van Campen-Hoekstra, die zelf al jaren werkt met leerlingen met een autisme-spectrumstoornis en/of een verstandelijke beperking, bewerkt tot de training zoals deze hier besproken wordt.

De training bestaat uit een negentwintigtal lessen die zich concentreren rond zeven bouwstenen die de basis van de training vormen en die in opklimmende graad van moeilijkheid aan de deelnemers aan de training aangeboden worden. Deze bouwstenen zijn:

  • Zelfbeeld;
  • Perceptie en imitatie;
  • Emotieherkenning;
  • Doen alsof;
  • Onderscheid maken tussen fantasie en werkelijkheid;
  • Overtuigingen;
  • Begrip van (complexe) humor.

Alle lessen zijn door de auteur volledig uitgeschreven in de handleiding en worden met de benodigde materialen - die trouwens heel mooi en slijtvast zijn uitgewerkt - in een opbergdoos aangeboden. Geen gedoe dus om eerst alles zelf klaar te maken. Voor elke les heeft de auteur dezelfde structuur gebruikt, waardoor het voor de trainer een fluitje van een cent is om zich het programma eigen te maken:

  • Doel;
  • Materiaal;
  • Voorbereiding;
  • Verloop;
  • Huiswerk.

Het moet wel voor iedereen duidelijk zijn dat de trainer kennis moet hebben van autismespectrumstoornissen en ervaring moet hebben met kinderen en jongeren met een verstandelijke beperking. Bovendien moet hij ook bereid zijn om waar nodig voldoende tijd in de voorbereiding van de lessen te steken. Maar dit spreekt eigenlijk voor zich.
De training is bedoeld voor kinderen en jongeren van acht tot en met veertien jaar die een ontwikkelingsleeftijd hebben van 5 tot 10 jaar. Het volledige pakket bestaat uit:

  • Een opbergdoos met daarin de handleiding en de benodigde materialen;
  • Een individueel werkboek voor iedere deelnemer;
  • Een plaats op het Internet waar een aantal verbruiksmaterialen gratis ter beschikking gesteld worden.

Materiaal dat volgens mij op elke school voor buitengewoon onderwijs type 9 (Vlaanderen) of op elke cluster 3 school (Nederland) standaard moet aanwezig zijn. Wat niet wegneemt dat het omwille van het M-decreet in Vlaanderen of het passend onderwijs in Nederland ook op andere scholen heel goede diensten kan en zal bewijzen.

afdrukken

18:45 Gepost door Lieven Coppens in Garant | Permalink | Tags: asperger, ass, autisme, autismespectrum, begeleiding, empathie, ontwikkelingsstoornis, pdd-nos, psycho-educatie, sociale cognitie, theory of mind, training | |

2010.03.27

Goed gedrag kun je leren

Auteur: Annemieke Golly en Jeff Sprague
Titel: Positive Behavior Support - Goed gedrag kun je leren
Uitgeverij: Pica
Plaats: Huizen
Jaar: 2009
Pagina's: 256
ISBN-13: 978-90-7767-131-3
Prijs: € 45,00

positive behavior support - goed gedrag kun je leren - doelmatige strategieën voor in de schoolPositive Behavior Support (PBS) is een wetenschappelijk onderbouwd programma dat veel scholen in de Verenigde Staten met succes inzetten, net als in Canada, Noorwegen, Zweden, Denemarken, IJsland, Duitsland en Chili. Het programma reikt eenvoudige en doeltreffende methoden aan om alle medewerkers op school op één lijn te krijgen wat betreft het omgaan met gedrag op het niveau van de school, de klas en het individu. PBS wil antisociaal gedrag op school van kinderen in de leeftijd van vier tot en met achttien jaar zo vroeg mogelijk aanpakken en ombuigen naar positief gedrag. Jarenlang onderzoekt toonde de effectiviteit van dit programma aan. In dit programma geeft de school ook lessen over (gewenst) gedrag. Naast de traditionele lessen zoals rekenen, taal en aardrijkskunde of biologie. Zoals je kunt vermoeden staat het toenemen van gewenst gedrag en het afnemen van ongewenst gedrag hier centraal. De school bepaalt zelf in welk tempo ze het proces doorloopt.

Het boek bestaat uit vier delen:

  • Deel 1 - Goed gedrag op school
  • Deel 2 - Goed gedrag in de klas
  • Deel 3 - Goed gedrag van de individuele leerling
  • Deel 4 - Goed gedrag thuis

In het eerste deel schetsen de auteurs wat het programma inhoudt. Ze leggen ook uit waarom het een goed middel is om goed gedrag op school te bevorderen. Als lezer kom je meteen ook te weten wat de invoering ervan gaat kosten aan tijd, middelen en inzet van het schoolteam. In de inleiding tot het probleem van het antisociaal gedrag leert de lezer begrijpen waarom het noodzakelijk is om het goed gedrag op school actief te bevorderen. Tegelijk krijgt hij inzicht in de manieren waarop negatief gedrag zich tijdens de schoolcarrière van een leerling ontwikkelt. In de volgende hoofdstukken van dit eerste deel werken de auteurs dan de geïntegreerde benadering om probleemgedrag op school aan te pakken gedetailleerd uit. Aan bod komen onder andere:

  • Het opstellen van gedragsregels op schoolniveau;
  • Het onderwijzen van goed gedrag op schoolniveau;
  • Systemen van waardering en beloning;
  • Het houden van actief toezicht in de gemeenschappelijke ruimtes;
  • Het gebruiken van verwijdering om de behoeften van de leerlingen als groep en individueel te bepalen.

In het tweede deel leggen de auteurs uit hoe men goed gedrag in de klas kan bevorderen. Een heel belangrijk middel daartoe is de organisatie van de klas. Onder deze organisatie vallen zowel de fysieke en materiële inrichting als de procedures en strategieën die een leerkracht kan gebruiken. Daarnaast benadrukken de auteurs het belang van klassenregels die rekening houden met de volgende drie aspecten:

  • Veiligheid
  • Respect
  • Verantwoordelijkheid

De hoofdstukken over preventief optreden en het gebruik van positieve en bijsturende consequenties om gedragingen te veranderen, bulken van de concrete voorbeelden van maatregelen die daarbij helpen.

In het derde deel staat het goed gedrag van de individuele leerling centraal. De lezer krijgt concrete antwoorden op pertinente vragen zoals:

  • Hoe reageer je op escalatie van gedrag en verbale agressie?
  • Hoe doe je een gedragsfunctieanalyse?
  • Hoe ontwikkel je gedragsondersteunende plannen voor leerlingen met probleemgedrag?
  • Hoe pas je het lesprogramma aan om probleemgedrag te voorkomen?
  • Hoe leer je risicoleerlingen om zichzelf te sturen?

Het vierde en laatste deel staat helemaal in het teken van de samenwerking tussen school en thuis. De lezer leert er hoe hij met ouders en/of verzorgers over het gedrag van een leerling kan praten.

Deze uitgave is een trainingshandboek voor schoolteams. Dit blijkt uit de denkopdrachten en de vele schema's die in het boek zijn opgenomen. Het reikt daarenboven ook een pak concrete werkingsmiddelen aan. Via http://www.uitgeverijpica.nl/index.php/gedragsproblemen/1... kun je veel van deze materialen gratis binnenhalen. Het is belangrijk dat schoolteams die hiermee aan de slag willen, zich laten begeleiden door mensen die het invoeringsproces bewaken en zowel het schoolteam als de individuele leerkrachten blijvend ondersteunen.

Een inspiratieboek voor elk schoolteam dat positief gedrag op school actief wil bevorderen. Voor Vlaanderen is dit boek zeker een aanrader voor alle scholen die de GOK-doelstelling sociaal-emotionele ontwikkeling (cluster 3) gekozen hebben.

afdrukken

18:52 Gepost door Lieven Coppens in Pica | Permalink | Tags: training, gedrag, zorg, instrumenten, conflict, methodiek, draaiboek | |

2009.02.22

Samen sterker Terug Op Pad

Auteur: Wim De Mey, Vera Missiaen, Nele Van Hulle, Els Merlevede & Suzy Winters.
Titel: Samen sterker Terug Op Pad. Het STOP 4>7-programma: een vroege interventie voor jonge kinderen met gedragsproblemen.
Uitgeverij: SWP 
Plaats: Amsterdam
Jaar: 2007 (tweede druk)
Pagina's: 520
ISBN-13: 978-90-6665-629-1
Prijs: € 79,00

samen sterker terug op pad. het STOP4>7-programma: een vroege interventie voor jonge kinderen met gedragsproblemenDeze publicatie bevat een programma om gedragsproblemen bij jonge kinderen te voorkomen en aan te pakken. Er is immers uit actueel en sterk onderbouwd wetenschappelijk onderzoek gebleken dat gedragsproblemen het beste kunnen bestreden worden wanneer ze zich manifesteren bij risicogroepen en op jonge leeftijd. Niet meer wachten dus tot de gedragsproblemen onoverkomelijk groot zijn geworden en behandeling maar weinig resultaat meer oplevert, wel proberen om de ontwikkeling die dreigt te mis te lopen zo snel mogelijk weer op het juiste spoor te zetten. Dat alles in nauwe samenwerking met mensen uit de belangrijkste contexten van het jonge kind: het gezin en de school.

Het STOP4>7-programma is een protocol voor ouders, leerkrachten en kinderen. Het is een draaiboek waarin de doelstellingen en de methoden duidelijk beschreven staan. Een draaiboek ook dat uitvoerig door de auteurs in de praktijk werd uitgetest alvorens het zijn definitieve vorm kreeg.

Het eerste deel van de map schetst het theoretische kader van waaruit het programma ontstond. Het benadert eerst het antisociaal gedrag vanuit een ontwikkelingspsychopathologisch perspectief waarbij het onder andere stilstaat bij het belang van een aantal beïnvloedende factoren (zowel risico- als beschermende factoren). Verder geeft het een overzicht van behandelingen voor antisociaal gedrag die effectief gebleken zijn. De leer- en gedragstherapie die de basis is voor de STOP-training wordt beknopt uitgelegd, om tot slot te komen tot de beschrijving van de doelgroep van de training en de concrete organisatiie.

Het tweede deel is het draaiboek voor de sociale vaardigheidstraining voor de kinderen. De inleiding geeft duidelijk de doelstellingen aan, beschrijft hoe de training is opgebouwd en schetst het verloop van de bijeenkomsten. Het stelt enkele aandachtspunten voor de trainers voorop in verband met het basisklimaat voor de training en het gebruik van enkele opvoedingsvaardigheden die ook in de trainingen voor ouders en leerkrachten aan bod komen. Tegelijk lijst het alle benodigde materialen op. Tot slot van dit deel worden de tien bijeenkomsten waaruit de kindertraining bestaat gebruiksklaar uitgewerkt.

Het derde deel is het draaiboek voor de oudertraining. De indeling hiervan komt overeen met deze van de kindertraining. In een extra hoofdstukje wordt er wel aandacht besteed aan bepaalde aspecten van de trainershouding die het mogelijk moeten maken dat ouders maximaal voordeel halen uit de aangeboden training. De aandacht richt zich hierbij niet enkel op het aanleren van (nieuwe) vaardigheden maar ook op het bevorderen van het zelfvertrouwen van de ouders. Opnieuw worden de tien bijeenkomsten volledig uitgewerkt.

Het draaiboek van de leerkrachtentraining is in het vierde deel analoog aan dat van de ouders uitgewerkt. Ook hier wordt er in een extra hoofdstukje expliciet aandacht besteed aan die aspecten van de trainershouding die hier belangrijk zijn. Zo richt de aandacht zich niet alleen op de kennisoverdracht maar ook op het versterken van het zelfwaardegevoel van de leerkrachten.

De uitgave bevat bij elk deel een hele reeks bijlagen waarin men alle voor de training noodzakelijke materialen kan terugvinden.

Dit programma richt zich tot professionele hulpverleners die de begeleiding van kinderen met gedragsproblemen en hun ouders en leerkrachten op een doelmatige manier willen aanpakken. Leertheoretische kennis is zondermeer aanbevolen.

Bij wijze van beoordeling citeren we een fragment uit het Woord vooraf uit de map van Professor Veerman van de Radboud Universiteit Nijmegen:

Het STOP 4>7-programma voldoet aan alle kenmerken waar een veelbelovend programma aan dient te voldoen. Het heeft een duidelijke doelgroep, de interventies zijn gericht op versterking van de gezins- en schoolomgeving en op de sociaal-cognitieve ontwikkeling van het kind zelf, er is een helder protocol voor het inrichten van de bijeenkomsten en er zijn duidelijke doelen. Bovendien is bij het ontwerp van het programma zowel gebruik gemaakt van ervaringen van praktijkwerkers als van wetenschappelijke theorievorming. Het programma is letterlijk 'klaar' voor gebruik. Ik verwacht dat het de weg naar de praktijk zeker zal vinden en hoop dat het velen zal inspireren een dreigende schreefgroei in de ontwikkeling van aan hun zorgen toevertrouwde kinderen weer in goede banen te leiden.

De boeken van uitgeverij SWP worden in België verdeeld door uitgeverij Epo.

afdrukken

16:40 Gepost door Lieven Coppens in SWP | Permalink | Tags: ontwikkeling, ouders, opvoeding, draaiboek, training, gedrag, leerkrachten, opvoedingsondersteuning | |