2013.12.08

Dyslexie en moderne vreemde talen

Auteur: Wim Tops & Gitte Boons
Titel: Dyslexie en moderne vreemde talen
Gids voor leerkrachten, hulpverleners en ouders
Uitgeverij: Garant
Plaats: Antwerpen|Apeldoorn
Jaar: 2013
Pagina's: 138
ISBN-13: 978-90-441-2977-9
Prijs: € 22,90

dyslexie en moderne vreemde talen - gids voor leerkrachten, hulpverleners en ouders

Het leren van een moderne vreemde taal is voor leerlingen met dyslexie uit het basis- en secundair onderwijs lang geen sinecure. Heel veel leerkrachten, hulpverleners en ouders zijn dan ook bijna voortdurend op zoek naar tips, adviezen en hulpmiddelen om deze leerlingen te ondersteunen. Het boek van Wim Tops en Gitte Boons kan op veel van deze vragen een antwoord geven.

In het eerste hoofdstuk geven de auteurs een beknopt en helder overzicht van de recente wetenschappelijke inzichten over dyslexie. Wie vertrouwd is met de literatuur over dyslexie, zal het met mij eens zijn dat dit overzicht vrij accuraat is. In het tweede hoofdstuk beschrijven ze dan weer de verschillen tussen het moedertaalonderwijs en het onderwijs van een vreemde moderne taal. Hierdoor dringen ze snel door tot de kern van het probleem bij het aanleren van moderne vreemde talen. Het meer theoretische deel van dit boek eindigt met een hoofdstuk over het begeleiden van leerlingen met dyslexie. Hier gaan de auteurs op een heel genuanceerde manier in op het toepassen van sticordi-maatregelen. Kort samengevat komt dit laatste er op neer dat ze oog hebben voor zowel de voordelen als de nadelen. In een tijd waarin de discussie over het gebruik van sticordi-maatregelen af en toe op een polarisatie van de  verschillende standpunten dreigt uit te lopen, kan ik dat alleen maar waarderen.

In het tweede deel van dit boek gaan de auteurs heel concreet in op de hulpmiddelen die aan de leerlingen met dyslexie kunnen aangeboden worden bij het aanleren en (sic) (zelfstandig) studeren van moderne vreemde talen. Voor mij mogen de haakjes rond het woord ‘zelfstandig’ weggelaten worden. Juist die zelfstandigheid is voor mij een belangrijk criterium om de waarde van om het even welke sticordi-maatregel aan af te toetsen. In dit tweede deel maken de auteurs een onderscheid tussen kennis en de vaardigheden (luisteren, spreken, lezen en schrijven). Het zou me te ver leiden om al deze tips, adviezen en hulpmiddelen de revue te laten passeren. Laat het volstaan dat ik puntsgewijs aangeef wat ik bijzonder gewaardeerd heb in dit deel:

  • De aandacht voor metacognitieve aspecten
  • De aanzet voor het maken van screeningsinstrumenten
  • De aandacht voor het remediëren van het begrijpend lezen waarbij de auteurs duidelijk rekening houden met de recente wetenschappelijke inzichten op dit vlak
  • De herwaardering van het spellingschrift
  • De fiches voor de metacognitieve vaardigheden

Een boek dat ik heel warm aanbeveel omwille van de frisse en degelijke aanpak van het thema. Ik kan alleen maar hopen dat daar snel een vervolg aan gebreid wordt.

afdrukken

2013.11.17

Woordenschatonderwijs, meer dan woorden leren

Auteur: Tessa de Width, Maartje Visser & Hans Puper
Titel: Woordenschatonderwijs, meer dan woorden leren
Uitgeverij: CPS
Plaats: Amersfoort
Jaar: 2013
Pagina's: 160
ISBN-13: 978-90-6508-654-9
Prijs: € 28,90

woordenschatonderwijs, meer dan woorden lerenMen is het er meer en meer over eens. Het onderwijs mag het aanleren van woordenschat niet langer stiefmoederlijk behandelen. De afgelopen jaren is men heel goed gaan beseffen dat de woordenschatkennis van een kind een belangrijke voorspellende factor is voor zijn of haar succes bij het leren technisch en begrijpend lezen. Het aanbrengen van nieuwe woorden mag dan ook niet langer occasioneel gebeuren. Een structureel verankerde systematiek is hier geboden. Waarom? Omdat er zo veel van afhangt. Leerlingen met een uitgebreide en gedifferentieerde woordenschat communiceren beter en verwerven gemakkelijker nieuwe kennis. Vandaag worden we trouwens allemaal voortdurend met (nieuwe) woorden geconfronteerd. Om in deze kennismaatschappij te blijven functioneren, moeten we ons deze woorden snel en op een goede manier eigen (kunnen) maken. Dit boek wil bij deze opdracht een gids zijn.

De boodschap van de auteurs is je al meteen na het lezen van het eerste hoofdstuk duidelijk: woordenschatonderwijs is zoveel meer dan het uit het hoofd leren van lijstjes van woorden met hun betekenis. Daarbij maakt het aan de limiet niet uit of het nu over Nederlandse woorden gaat of woorden van een vreemde taal. Goed woordenschatonderwijs steunt volgens hen op drie belangrijke pijlers:

  1. nieuwe woorden leren en gebruiken;

  2. strategieën leren om de betekenis van nieuwe woorden te ontdekken;

  3. opmerkzaam zijn voor nieuwe woorden en gemotiveerd zijn om de eigen woordenschat voortdurend uit te breiden.

Deze drie pijlers worden in het eerste hoofdstuk geïntroduceerd samen met de visie van de auteurs op effectief en opbrengstgericht woordenschatonderwijs. Het begrip opbrengstgericht heeft op zich zijn intrede nog niet gedaan in het Vlaamse onderwijs. Het houdt in dat men systematisch en doelgericht werkt aan het verbeteren van de leerprestaties van de leerlingen. In het tweede hoofdstuk leggen de auteurs uit op welke manier onze hersenen nieuwe woorden leren en onthouden. Ze geven gelijk aan welke gevolgen dit heeft voor de didactiek van het woordenschatonderwijs.

In de hoofdstukken drie tot en met vijf werken de auteurs telkens een van de pijlers van het woordenschatonderwijs uit. Aan de hand van talrijke tips, opdrachten en voorbeelden komt elke pijler op een niet mis te verstane manier tot leven. Wie dit boek met enige terughoudendheid begon te lezen omwille van de ‘theoretische’ titel, zal deze dan ook bij het lezen van deze hoofdstukken heel snel laten varen. Hoe je deze pijlers introduceert, is het onderwerp voor het zesde hoofdstuk.

Het zevende hoofdstuk verdient in deze bespreking een speciale vermelding onder de vorm van een afzonderlijke paragraaf. De auteurs geven immers een ferme aanzet voor de transfer van de drie woordenschatpijlers naar het moderne vreemde talenonderwijs. Hierdoor wordt het boek ook een referentiewerk voor het secundair onderwijs. Dit hoofdstuk zorgt er voor dat het een goed boek werd met een schitterende finale.

Rest me nog het uitgangspunt van dit boek in de verf te zetten: alle leerkrachten in basis- en secundair onderwijs moeten aandacht besteden aan woordenschat en samen zorgen voor een doorgaande lijn in het woordenschatonderwijs. Alleen al door deze uitspraak verdient dit boek het predicaat Naslagwerk met karakter.

naslagwerk met karakter.pngafdrukken

20:14 Gepost door Lieven Coppens in CPS | Permalink | Tags: taal, taalbegrip, taalontwikkeling, taalvaardigheid, taalverwerving, vreemde taal, vreemdetalenonderwijs, woordenschat | |

2013.02.15

Opzoekboekje Engels

Auteur: Ruurdje van Laar
Titel: Opzoekboekje Engels
Uitgeverij: Braams&Partners
Plaats: Deventer
Jaar: 2013
Pagina's: 70 fiches
ISBN-13: -
Prijs:  € 15,00

opzoekboekje engelsHet wordt alleen maar beter. De opzoekboekjes van Tom Braams & Partners hebben er een broertje (of is het een zusje?) bij: het opzoekboekje Engels. Dit opzoekboekje bestaat uit een zeventigtal fiches waarop de basisleerstof Engels uit het voortgezet onderwijs op de inmiddels niet na te volgen geen-onzinmanier van de andere opzoek-boekjes wordt tot leven gebracht. Ik gebruik bewust de term ‘tot leven gebracht’. De auteur, Ruurdje van Laar, heeft immers fiches geschreven die elk aangebracht onderdeel zo duidelijk uitleggen en aan de hand van talloze voorbeelden illustreren dat het echte Engels – dus niet het goedkope popliedjes-Engels – met alle subtiele nuances bijna gemakkelijk lijkt. Je begrijpt het goed: het opzoekboekje Engels is geen verzameling van louter spellingregels. Het is veel meer dan dat. De fiches zijn verdeeld over drie categorieën, elk met hun eigen kleurcode:

  • Werkwoorden (blauw):
    • De verschillende tijden;
    • De meest voorkomende werkwoorden;
    • Het genuanceerd gebruik van de werkwoorden;
  • Woorden (rood):
    • Voornaamwoorden:
    • Meervoudsvormen;
    • Genitief;
    • Het genuanceerd gebruik van woorden en uitdrukkingen;
    • Spelling;
    • Telwoorden;
    • Tijdsbegrippen;
    • Trappen van vergelijking;
    • Het gebruik van bijvoeglijke naamwoorden en/of bijwoorden;
  • Zinnen (groen):
    • Zinsvolgorde;
    • Zinnen vragend maken;
    • Zinnen ontkennend maken;
    • Typische zinsvormen.

Dit opzoekboekje is niet alleen geschikt voor kinderen met dyslexie. Iedereen die het Engels wil beheersen, zal al snel de universele bruikbaarheid van deze fiches erkennen. Je kunt het gebruiken als ondersteuning bij het leren van deze taal, maar even goed als een zeer snel hanteerbaar naslagwerk om op te zoeken hoe een en ander ook weer in elkaar zit. Een naslagwerk met een oerdegelijk ‘Hollands’ karakter. En dat laatste is alleen maar op te vatten als een meer dan gemeend ‘Vlaams’ compliment. Om ‘goesting’ van te krijgen!

naslagwerk met karakter afdrukken

23:31 Gepost door Lieven Coppens in Braams&Partners | Permalink | Tags: compenseren, dispenseren, dyslexie, engels, formularium, leerprobleem, remedieren, secundair onderwijs, stimuleren, taal, vreemde taal | |